Beste blogs

Hieronder staan mijn favoriete blogs. Twee over de filosofie van Emmanuel Levinas (20 april en 6 mei 2020); een kijkwijze die mij aanspreekt alsof ik hem zelf bedacht heb, één over onze neiging tot feesten (8 september 2018) en een over hèt mankement aan de Euro (7 oktober 2016). Vòòr dat stukje over de euro staat een stukje over twee heren op leeftijd in het Utrechts Hoog Catharijne (28 december 2016) en daarna het indrukwekkende betoog van Zoé Konstantopoulo, toen zij nog voorzitter van het Griekse parlement was (11 september 2015). Ik sluit dit ‘Beste blogs’ af met een citaat van Robert Kennedy. Deze broer van president John F. Kennedy had volgens mij een interessante kanttekening bij onze focus op het bruto binnenlands produkt (bbp) als maat voor wat we economisch per land presteren.

____________________________________________________________

De foto hierboven is gemaakt in Portugal (2016)
De foto op de pagina met blogs is geleend en
gemaakt nabij Melbourne in Australië (2014)

____________________________________________________________
In essentie leert het leven ons genadeloos hoe nederig we stuk voor stuk zijn (20 april 2020)

Nee, dit gaat niet over Covid-19. Dit stukje gaat over Emmanuel Levinas en zijn ideeën. Hem zie ik als een man met bijzonder interessante denkbeelden. Jammer voor hem en mij dat ik daar pas na zijn dood achter kwam. Hij stierf op 25 december 1995 en op 90-jarige leeftijd in Parijs. Ik ontdekte zijn denkbeelden – op aanraden van iemand die mij goed kende – pas een jaar of drie geleden.

Levinas ging ervan uit dat directe en intuïtieve ervaringen met gebeurtenissen onze manier van denken bepalen. Dat denk ik ook. Ik denk ook dat mensen helemaal niet bijzonder rationeel ingesteld zijn. Onze persoonlijke verwerking van gebeurtenissen zal veel meer invloed op onze manier van denken hebben, dan we zouden denken. Ik vermoed zelfs dat de eerste levenservaringen een sterke, zo niet bepalende invloed hebben op nagenoeg alle later opgedane ervaringen, alsof zij de kleur van heel onze ideeënwereld bepalen.

Die indrukwekkende gebeurtenissen moeten van Levinas observeerbaar zijn. Een brand, een wild dier waar je bang voor was, iets groots of kleins uit jouw omgeving dat angst inboezemde of waar je blij van werd, een keer dat je gewond raakte, het kwijt zijn van je moeder of vader, een onverwachte akelige, of misschien juist prettige of teleurstellende gebeurtenis, een streling van een ouderfiguur nadat je verdriet had; iedereen maakt in zijn leven gaandeweg heel veel gebeurtenissen mee. Zelf ‘bepaal’ je onbewust welke daarvan indrukwekkend zijn en welke daarvan als bewuste ervaring of als onbewuste ervaring in je geheugen gegrift blijven. Levinas gaat ervan uit dat we stuk voor stuk proberen uit de essentiële eigenschappen van al dat soort ervaringen de kern van wat we ervaren proberen af te leiden.
Het leven leert ons, volgens Levinas. Daarin staat hij lang niet alleen.

Hij vertrok 6 jaar na de Russische Revolutie op 18-jarige leeftijd uit Litouwen naar Frankrijk om filosofie te gaan studeren. Na het overleven van zijn krijgsgevangenschap tijdens de Tweede Wereldoorlog in Duitsland groeide hij uit tot een van de meest invloedrijke filosofen van de 20ste eeuw; een die heel de Westerse filosofie op z’n kop zette. Daarin stond hij wel alleen. God, of de wereld, waren eeuwenlang volgens hem onterecht als uitgangspunt voor ons denken genomen. In zijn eerste hoofdwerk “Totalité et Infini: essai sur l’extériorité” (1961; in het Nederlands vertaald: “De totaliteit en het Oneindige; essay over de exterioriteit”) onderbouwde hij zijn kritiek op heel veel invloedrijke filosofen en zette hij zijn ideeën uiteen. Mede door moeilijke termen (wat bedoelt hij met ‘exterioriteit’?) en al die wetenschappelijke weerleggingen van wat invloedrijke filosofen te berde gebracht hadden is het voor mij een veel te moeilijk boek. De kern van zijn revolutionaire en misschien tegelijkertijd wel voor de hand liggende filosofie zal ik hier wel proberen te beschrijven.

Ik, de heer en meester (m/v) in de wereld
Bij aanvang van uw (en ieders) mensenleven was uw wereld overzichtelijk. U wist niet beter of u was het middelpunt van de wereld. U was het centrum van alles wat is. Wat u zag was bovendien ook nog eens ‘uw wereld’. U kon alles in de wereld betekenis geven, duiden, negeren of als onbetekenend afdoen en u dat deed ongeremd. In uw wereld was u heer en meester tegelijk.

De Ander, die u uit ‘uw wereld’ verdrijft
Heel uw beleving van de wereld zakte echter op enig moment als een kaartenhuis in elkaar. Dat was zodra u zich ooit bewust werd dat een ander mens verscheen. Die Ander (met een hoofdletter) was geen plaats toe te kennen in ‘uw wereld’. De Ander, die u zag en waarvan u wist dat hij (m/v) u zag, zette heel uw wereld op zijn kop. Er was een ander. Zonder ook maar iets te doen, alleen maar door er te zijn, degradeerde de Ander u van heer en meester tot onderdaan.
Die Ander was, anders dan al het overige in uw voormalige wereld, geen ding. Aan die Ander kon u onmogelijk een betekenis of geen betekenis toekennen. De Ander dwong u – alleen maar door er te zijn – tot bescheidenheid. ‘Uw wereld’ was opgehouden te bestaan.
Misschien is dit de achtergrond van het christelijke verhaal over Adam en Eva, die uit het Paradijs gezet werden; er was een Ander geweest, die gezien had hoe zij omgegaan waren met wat tot dan toe ‘hun wereld’ geweest was en zij wisten dat.

In zijn tweede hoofdwerk “Autrement qu’être ou au-delà de l’essence” (1974; in het Nederlands vertaald: “Anders dan zijn of het wezen voorbij”) maakt Levinas de ‘ik’ mijns inziens terecht verantwoordelijk vanaf het moment dat de Ander hem (m/v) aankijkt. Ons dagelijkse leven, maar zeker ook media als internet en televisie getuigen van plaatsen waar mensen gisteren en vandaag (massaal) protesteerden tegen onrecht dat mensen onze leefomgeving en elkaar overal ter wereld aandoen, tot en met het wrede sterven van enkelingen en honderden tot honderdduizenden door honger, ondervoeding, onnodige ziektes, oorlogshandelingen, verontreiniging en verzet tegen onrecht. Elders op deze website heb ik er een paar jaar getallen over bijgehouden. Verantwoordelijkheid gaat aan u (Adam, Eva en mij) vooraf. Onze verantwoordelijkheid begint bij de Ander, zodra u (en wij) weet van hem (m/v) hebben, en begint niet pas daar waar een van ons zich verantwoordelijk voelt.

U (en wij) zijn zodoende altijd te laat. Alleen maar door te weten dat die Ander er kennelijk is en u (Adam, Eva of mij) gezien heeft, bleven we stuk voor stuk achter met niets dan vragen over onze plaats en wat ons te doen staat in de wereld die we kennelijk delen met Anderen. Vragen waarop geen afdoende antwoorden mogelijk zijn.

Lof der onzekerheid
Andere Anderen bevestigden hooguit wat u al wist, te weten dat uw ‘mijn wereld’ niet bestaat en nooit bestaan heeft.

In de erkenning niets meer over uw plaats te weten, leefde(n) u (Adam, Eva en ik) tot vandaag verder en ontfermden ons al die tijd over de restanten van wat voor elk van ons eens ‘mijn wereld’ geweest was. U besefte dat ‘mijn wereld’ helemaal niet bestaat en wellicht alleen bestaan zou kunnen als u zonder iemand uit te zonderen alle Anderen zou doden, al was het maar in symbolische zin door ieder Ander te ontmenselijken. Dat wil zeggen zijn (m/v) waarde als medemens, die objectief gezien waarschijnlijk gelijk is aan de uwe, niet langer mee te wegen in uw benadering van (een deel van) uw medemensen. Alleen dan zou u ‘mijn wereld’ misschien kunnen herscheppen.
Wellicht is dit de achtergrond van het christelijke verhaal over de 2 zonen van Adam en Eva: Abel en Kaïn, waarvan de tweede de eerste op enig moment doodt.
Echter, wat zou u er nu nog aan hebben in ‘uw wereld’ weer heer en meester te worden? Het is zeer de vraag of de hulpeloosheid en verwarring werkelijk ooit beëindigd kunnen worden. U bent sinds die Ander verscheen te gast in een voor u onbevattelijke wereld waarin zowel u als Adam, Eva en ik vooralsnog worden gedoogd.

Zelfs door uzelf blijkt u na enig doordenken te worden gedoogd, want wie is de ‘ik’ die zich bang, bedroefd, blij of boos voelt? Door het verschijnen van die Ander beseft u bewust of onbewust dat u zelfs van uw eigen ‘ik’ niets weet. U, Adam, Eva en ik zijn overal vreemdelingen geworden zonder enige zekerheid. U blijkt zelfs bij uzelf te gast.

Alleen wanneer u deze onzekerheden over de wereld en over wie u zelf bent op een of andere manier weet te omarmen, wordt een fundamenteel ontspannen leven bij tijd en wijle mogelijk.

In gesprek met die Ander
Hoe belangrijk zal het zijn, nu we vreemdelingen geworden zijn die in de wereld en zelfs bij onszelf te gast zijn, om een serieus gesprek te voeren met elkaar. Volgens Levinas is dat ontzettend belangrijk; alles bepalend zelfs. Het gesprek, dat Levinas alles bepalend vindt, is een gesprek waarbij u ‘er helemaal kunt en probeert te zijn’.

Spannend is dat gesprek wel, want vooraf is niet te bepalen wat er in het gesprek gebeuren zal. Het is geen vrijblijvend gesprek. Echter, zonder zo’n gesprek is er volgens Levinas geen menselijkheid mogelijk, geen rechtvaardigheid en geen waarheid.

Tot slot
Levinas ging er dus niet vanuit dat we in staat zijn tot objectiviteit, of dat we vrij van theorieën kunnen zijn die verschijnselen causaal met elkaar in verband kunnen brengen, of dat het zinvol is uit te gaan van een of meer – al dan niet religieuze – vooronderstellingen. Het leven leert ons genadeloos in essentie nederigheid, omdat de Ander er onomstotelijk is, net als u, Adam, Eva en ik. Daarbij is nog wel vermeldenswaard dat ‘nederigheid’ niet verward moet worden met ‘gebrek aan zelfwaardering’.

Zou er een mooier realistisch perspectief zijn om vanuit te leven? Ik denk het niet, ook al zullen velen het van Levinas’ beginselen benauwd krijgen. Daar staat voor hen dan wel weer tegenover dat Levinas ‘zintuiglijk genieten’ als hoogste doel van ons leven zag, maar dat is pas ‘Levinas voor gevorderden’.

________
De ander, dat ben ik (6 mei 2020)
De denkbeelden van de moderne Westerse filosoof Emmanuel Levinas (1906 – 1995) spreken mij aan en raken mij onder mijn huid. Op 20 april jl. heb ik hier de kern, het uitgangspunt van het denken van deze man proberen samen te vatten. Dat deed ik onder de titel “In essentie leert het leven ons genadeloos hoe nederig we stuk voor stuk zijn”. Nu ga ik de uiterste consequentie van zijn denken proberen te beschrijven.

Een uiterst gevolg van zijn filosofie is, dat niet wat ik denk beslissend is, maar wat ik doe.
Dat is nogal wat. Levinas biedt geen uitweg aan intellectuele dagdromerij of aan kamergeleerdheid. Hij overrompelt mij. Het lijkt erop dat mijn motieven er in eens niet meer toe doen omdat wat ik gedaan heb en naliet beslissend is. Dat vraagt om wat meer context.

Vrede is elk moment mogelijk

De filosoof Levinas beseft al te goed dat alles wat een filosoof vindt, ‘taal’ is. Daar begint het al mee. Wat hem betreft moeten we het daar eerst maar eens over hebben, want aan taal kleeft de eigenschap dat zij veelvuldig misbruikt wordt. Overal. Ook binnen de filosofie. Grond, lucht, rivieren en zeeën zijn vergiftigd, maar over dat gif wordt pas gesproken wanneer het aangetoond wordt. Zo is ook taal vaak het laatste dat ter sprake komt, terwijl het juist om taal gaat.
Taal is nodig en nuttig volgens Levinas. Het is de ‘samenhang tussen mensen’ en het is nodig omdat er zonder gesprek geen menselijkheid mogelijk is, geen rechtvaardigheid en geen waarheid. Dat vraagt om wat meer context.

Zodra ik de Ander zie en waarneem dat hij (m/v) mij ziet, ben ik verantwoordelijk [zie mijn stukje van 20 april jl.]. De ware religie, stelt Levinas, is niet een beweging omhoog, maar dat is de aanvaarding van de andere mens als de Ander (met een hoofdletter) in wiens gelaat (haar of zijn aanwezigheid, gezicht, ogen) God zichtbaar wordt. God openbaart zich in de vernederde als ‘de overstijgende’, zoals ook in de weduwe en in de wees met wie – zo zou je het kunnen zeggen – God een geheim verbond heeft. De inzet van de zorg voor de Ander is geen ‘gevolg’ van het geloof, zoals vaak beleden wordt. Die inzet is ‘het geloof’, zegt Levinas. Mij doet dit schudden.
Internet en televisie hebben de wereld daarmee een onmogelijke plek gemaakt om te leven, want ik ben van veel lijden en onrecht – van veel vernederden, weduwen en wezen – op de hoogte en voor hen ben ik verantwoordelijk [zie de laatste alinea van dit stukje]. Ik ben altijd te laat, want het gaat erom of ik het juiste gedaan heb of het juiste heb nagelaten te doen. Dat vraagt wederom om wat meer context.

Levinas is opgegroeid in een Joodse traditie. Daar lag de nadruk op ontwikkeling van verantwoordelijkheid. Ik ben opgegroeid in een Calvinistische traditie, waar verantwoordelijkheid als een niet te dragen last om ieders nek hangt. Om verantwoordelijkheid te kunnen dragen, is volgens Levinas nodig tot inzicht te kunnen komen. Inzicht kan ik alleen verwerven door studie, door vraag & antwoord en door mezelf steeds nieuwe vragen te stellen. Ik kan alleen het goede of het juiste doen, wanneer ik weet heb van het goede en het juiste.
Ieder mens zal fouten maken, dus ik ook. Daar heeft ieder mens – dus ik ook – recht op. Maar dan heeft ieder mens er ook recht op te weten wat fout is en waarom. Bovendien bieden fouten een valkuil: wie zich almaar bezig houdt met zijn (m/v) fouten (en ze te verbeteren), met schuld, zou zich opsluiten in een kleine wereld en loopt het risico het goede, dat hij (m/v) (wel) kan doen, uit het oog te verliezen.
Levinas aarzelt niet te schijven dat vrede (heil, shalom) elk moment mogelijk is.

De Westerse filosofie is een uitdrukking van geweld

‘Vrede’; dat vraagt om wat meer context, waarmee we bij de crux van zijn denken komen. Volgens Levinas is anti-semitisme meer dan een randverschijnsel. De holocaust, de shoah, was volgens hem meer dan het gevolg van anti-semitisme. Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog heeft het bloed immers niet opgehouden te vloeien. Imperialisme, racisme en uitbuiting zijn ook nadien meedogenloos gebleven. Mensen en volkeren hebben knechting, leed en vernietiging te vrezen.
Volgens Levinas legt de holocaust de wortels bloot van de Westerse cultuur, die geobsedeerd is door het marginale en het marginale tegelijk met alle geweld ontkent. De Westerse filosofie is daarmee voor hem een uitdrukking van geweld.
Zo, het hoge woord is eruit: de Westerse filosofie is een uitdrukking van geweld. Dit is wat mij gevoelsmatig aanspreekt en wat mij tegelijk onder mijn huid raakt. Geweld is dus niet een dierlijk trekje van mensen. Het is volgens Levinas het weerzinwekkend resultaat van de menselijke rede (van zijn rationaliteit, van zijn redelijkheid, van zijn verstandelijke vermogens).
De Westerse filosofie maakt zichtbaar hoe de rationaliteit het machtsmisbruik mede via de taal (!) verbergt. Een machtsmisbruik dat werkzaam is in de kerk, in de ontplooiing van de mens, in het kolonialisme, in de politiek en in de staat. Let wel: een niet-geweld-dadige samen-leving is onmogelijk.
Tegen alle geweld en tegen alle redelijke rechtvaardiging daarvan in, neemt Levinas het lijden van de mens op elk moment ernstig. Dat vraagt om nog een klein beetje context, maar mij spreekt dit aan alsof ik het zelf bedacht heb.

Ik ben de Ander

Zolang rechtvaardigheid afhankelijk is van de mens, is een niet-gewelddadige wereld onmogelijk.
Om menselijk te leven hebben mensen volgens Levinas eindeloos veel minder nodig dan de prachtige beschavingen, waarin ze leven.
In de beslissende uren, waarin zoveel waarden niet geldend blijken, stelt hij, bestaat de waardigheid van de mens uit hoop; hoop dat ‘eens de tijd zal aanbreken dat…’ Echter, in de uren dat alles toegestaan is, is het de hoogste plicht zich in daden verantwoordelijk te weten tegenover de ‘waarden van de vrede’.
Ook wanneer het er in alle opzichten op lijkt dat de wereld een grote chaos is, komt het er volgens Levinas op aan om zo te leven en zich zo te gedragen (te handelen, te doen) alsof de wereld niet enkel uiteenvallende verbrokkeling is. Het komt uiteindelijk aan op een innerlijk leven.
Het komt erop aan jezelf zo te ontwikkelen dat je met je buik weet wat betekenis heeft en wat geen betekenis heeft. In elke wereld, hoe chaotisch die ook is, hebben we altijd een eigen stem. Die stem kan zich – zoekend naar wat juist is – verzetten tegen elk onrecht, waarbij de spreker de gevolgen van zijn spreken op zich neemt.
Een goede bedoeling is nooit de garantie geweest voor daadwerkelijke verbetering. Het geweld kan alleen veranderen wanneer iemand uitzondering wil zijn; iemand die buiten het gangbare patroon gaat staan.
We kunnen over rechtvaardigheid spreken om te achterhalen wat het is. Daar leent de taal zich voor; om de samenhang tussen mensen bloot te leggen. We kunnen achterhalen wat het recht omvat, wat het onrecht en het recht van mij vragen te doen. Zolang er nog maar één vreemdeling niet welkom is, zijn wij niet welkom, zegt Levinas, en dan kan ik evenmin mijn huis in. Wat de vreemdeling overkomt, overkomt mij; overkomt ons. Tenslotte vraagt dit om nog iets meer context.

Levinas graaft zijn onderwerpen minutieus uit en daagt tegelijk zijn lezers uit zijn ‘textes’ te doorvoelen, erover na te denken, ze ter harte te nemen, ze te proeven en erover te spreken; wellicht zelfs om ze te weerleggen, in plaats van ze naar Westers gebruik te rationaliseren

Alles begrijpen, doorzien en kennen veronderstelt een totale en volledig toegankelijke aanwezigheid van alles. Dat veronderstelt dat alles voor het ‘ik’ even aanwezig is als ‘mijn wereld’, waarin we stuk voor stuk bij aanvang leefden [zie mijn stukje van 20 april jl.]. Het veronderstelt ook dat er geen Ander is, geen ander mens, want het veronderstelt dat mensen geen onderlinge verschillen hebben. Het veronderstelt dat het marginale niet bestaat. Precies de Ander, die u degradeerde van heer & meester tot onderdaan, maakt glashelder dat ik niets begrijp, niets doorzie en niets ken. De aanwezigheid van de Ander breekt volgens Levinas de eenheid van plaats en tijd, die gebaseerd was op het ‘ik’ en het ‘mijn’. De Ander blijft in alles de uitzondering. Hij (m/v) maakt zich los, is niet zoals al het andere in ‘mijn wereld’ en doet om die reden een beroep op mijn betrokkenheid, medelijden en rechtvaardigheidsgevoel.
Ik ben verantwoordelijk voor wat ik met dat gegeven doe. Niet wat ik denk is beslissend, maar wat ik doe, wat ik gedaan en nagelaten heb. De consequentie van Levinas’ denken is zodoende de vraag te durven stellen:
Kan ik tegen de Ander zeggen: “Hier ben ik!”?

C’est le ton qui fait la musique
De teksten van Levinas dringen onmiddellijk tot de kern van zijn onderwerp en vragen als het ware daarin te graven, te tasten en te verwijlen; eerder naar het Franse woord ‘texte’, dan naar het Nederlandse woord ‘tekst’. Immers, ‘onze’ teksten zijn wij gewoon te interpreteren, waarmee we er aan de haal gaan. Levinas daarentegen graaft zijn onderwerpen minutieus uit, en nodigt zijn lezers vervolgens uit ze ontbloot te aanschouwen. J.C.M. Engelen [zie bron] wijst erop dat Levinas in zijn Joodse achtergrond juist gewoon geworden was teksten te bestuderen, in plaats van te twisten over mogelijke interpretaties, zoals niet-Joden gewoon (zouden) zijn te doen. Misschien wel daarom ken ik niemand, die zo precies schrijft als Levinas. Het gaat bij hem niet om ‘teksten’, maar om het Franse ‘textes’, waarmee de filosoof Levinas zijn lezers eerder uitdaagt zijn uiteenzettingen te doorvoelen, erover na te denken, ze ter harte te nemen, ze te proeven en erover te spreken; wellicht zelfs om ze te weerleggen, dan om ze naar Westers gebruik te rationaliseren.

Bron: “Het gelaat: hij die mij aanziet” (1987) van pagina 66 tot en met 120 door J.C.M. Engelen; uitgegeven door Gooi en Sticht te Hilversum.

________
Feestelijk nieuws over ongemakkelijke zaken

De wegbermen en stedelijke plantsoenen in Nederland beginnen gelijkenis te vertonen met die van mijn kindervakanties in Zuid-Europa. In deze tijd van langdurige droogte en aanhoudende warmte, waarbij regelmatig ‘hitterecords’ gebroken worden, lijkt elke toespeling op klimaatverandering en de urgentie daar iets tegen te ondernemen not done. Dus dat zullen we maar laten. De energie om aan dode paarden te trekken is immers spreekwoordelijk vergeefse moeite.

Wel besteed ik aandacht aan een verwant onderwerp waarbij, als nagenoeg altijd wanneer ik dat na ga, hetgeen het nieuws bereikt anders is dan hetgeen gerapporteerd is.

De boodschap van NOS: mensen feest lekker verder!

Wat gerapporteerd is komt neer op een wetenschappelijk antwoord op de vraag òf er een drempelwaarde is voor opwarming van de aarde en zo ja waar die drempelwaarde ligt en wat we kunnen verwachten wanneer die drempelwaarde overschreden wordt? Het antwoord op deze vragen is “Ja, er zijn hoogstwaarschijnlijk drempelwaarden die bijvoorbeeld betrekking hebben op het Amazone regenwoud, de Russische permafrost en het Zuidpoolijs. Als een van die drempels wordt overschreden, zal dit waarschijnlijk leiden tot een veel hogere globale gemiddelde temperatuur dan in het interglaciaal van de afgelopen 1.200.000 jaren en tot een aanzienlijk hogere zeespiegel dan ooit in het Holoceen.”.
Vervolgens wordt veronderstelt dat de waarde ligt om en nabij 2 graden opwarming ten opzichte van voor het industriële tijdperk. Wat bij overschrijding van de drempelwaarden in werking treedt, is een zichzelf versterkend effect van opwarming waartegen niets meer te ondernemen is tot de 4 à 5 graden opwarming bereikt is. Al met al zal dit zichzelf versterkende effect zo’n 2 eeuwen duren. Dat zal ingrijpende invloeden hebben voor nagenoeg alle menselijk leven. De overige natuur zal zich wel aanpassen, vul ik op eigen houtje aan, omdat sommige planten en dieren gewoon uitsterven en de overige planten en dieren een onvoorstelbaar aanpassingsvermogen aan veranderende omstandigheden hebben. Ofwel: wanneer het ons niet lukt beneden de laagste drempelwaarde te blijven, ligt er een beangstigende toekomst voor veel mensen vast.

Momenteel is onze globale temperatuur 1 graad hoger dan voor de industrialisering, meldt NOS hierover. De temperatuur stijgt verder met 0,17 graad per decennium. In het klimaatverdrag van Parijs staan wereldwijde maatregelen om de opwarming van het klimaat tegen te gaan. Het streven daarvan is dat de temperatuur maximaal 1,5 tot 2 graden stijgt, waardoor het kantelpunt niet bereikt wordt. Dat de Parijse plannen vrijblijvend ingevuld zijn en dat de Verenigde Staten van Amerika er al helemaal afstand van genomen hebben, meldt NOS niet. We weten inmiddels al dat als we vandaag zouden stoppen met bijdragen aan klimaatverandering – hetgeen alleen theoretisch kan; onmogelijk in de weerbarstige praktijk – er van een langdurig naijl-effect sprake zal zijn. Ook dat laat NOS onvermeld, maar ze voegt als klap op de vuurpijl wel aan haar berichtgeving toe dat als we de klimaatdoelen van Parijs kunnen halen, ‘we ons niet druk hoeven te maken’. Alsof de huidige staat van de wereld met bosbranden, aanhoudende droogte, terugtrekkende gletsjers, verdampende meren, mislukte oogsten en temperaturen van 40, 50°C op dit moment voor niemand iets is om zich druk over te maken.

Maar ik snap het wel. Met ‘we’ wordt natuurlijk de verwende rijke egocentrische onverantwoordelijk levende Nederlander bedoeld, die recht denkt te hebben op 130 km/uur rijden, schoon water, zijn goed betaalbare eten, allerhande hebbedingen met name uit arme landen en zijn vliegvakanties. Voor hen is de boodschap van NOS: mensen feest lekker verder!

Een naar mijn idee betere weergave van de bevindingen in het rapport “Trajectories of the Earth System in the Anthropocene” dan de samenvatting van NOS kunt u hier vinden.

Bronnen: “Trajectories of the Earth System in the Anthropocene” door Will Steffen et al. bewerkt door William C. Clark, Harvard University, Cambridge en gepubliceerd door Proceedings of the National Academy of Sciences op 6 augustus 2018 en “Wereldwijde ‘hittetijd’ dreigt, zeggen onderzoekers” door de redactie Binnenland van NOS op 7 augustus 2018.

________
Achterover leunen of aan het werk?

Op een feestje is het niet zo handig met andere gasten opgewekt wat nare eigenschappen van de gastheer of gastvrouw te bespreken. Laat staan zoiets aanvallend of met veel nadruk te doen. Het is zelfs sowieso niet handig nare dingen op een feestje te bespreken; daar is het een feestje voor.

En we beschouwen in dit tijdsgewricht alles als een feestje. Met stomme verbazing merken we soms dat in andere delen van de wereld andere normen en waarden heersen, die we dan – zonder ons in zo’n cultuur te verdiepen – prompt ‘achterlijk’ vinden, want wij – voorheen een samenleving van katholieken en protestanten die in elk subgroepje dachten de waarheid gepacht te hebben – kunnen nog steeds niet bedenken dat we nagenoeg niets weten, laat staan dat ‘de waarheid’ gelaagd en in die gelaagdheid tegenstrijdig kan zijn. Waar in deze contreien ooit ‘goed’ en ‘prettig’ volstond, goeden dag, prettige reis, moet nu alles ‘fijn’ of ‘leuk’ zijn.
Ga je gang, heb plezier
Koop je klaar in drie kwartier
Alles kan, alles mag
Morgen is er weer een zondag
.

Mensen met kritiek op de status quo worden alleen geapprecieerd wanneer zij in staat zijn hun bezwaren constructief of humoristisch onder woorden te brengen. ‘We’ mijden boete en schuld en zijn doodsbenauwd voor slecht nieuws. Vandaar dat termen als ‘moeten’ en ‘Pas op’ aversie oproepen; beter is vandaag de dag: ‘Wellicht wilt u eens bij gelegenheid de mogelijke consequenties in overweging nemen zoals eventueel…’. Bij een dwangmatiger woordgebruik worden slecht nieuws-brengers weggezet als ‘boetepredikende dominees’; kortweg ‘dominees’, zeuren of zwartkijkers. Zelfs onze kinderen wordt als ze 10 zijn gevraagd om rond 21 uur eens in overweging te nemen het playstation weg te leggen en naar bed te gaan (waarop die kinderen bijdehand antwoorden dat ze in bed verder kunnen gamen, want het woord ‘spelen’ is uit de gratie).

Nee, kom op ons vrije mensenfeestje niet met onaangename boodschappen! “Niet alles wat ‘waar’ lijkt, behoeft aandacht”, lijkt het nieuwe paradigma.

Daarentegen verklaart de Amerikaanse emeritus-hoogleraar ecologie, evolutiebiologie en natuurlijke hulpbronnen aan de Universiteit van Arizona Guy McPherson* op basis van onjuiste aannames toch dat de mensheid op korte termijn zal uitsterven. Dat wil zeggen vòòr 2030. Als ‘we’ het jaar 2100 halen, mogen we volgens McPherson in onze handjes knijpen.

De Britse kosmoloog, natuurkundige en wiskundige Stephen Hawking* verwacht sinds dit jaar eveneens dat er door inslaande asteroïden, kernoorlogen, catastrofale klimaatveranderingen, genetisch gemodificeerde virussen en nog een handvol andere rampen vòòr 2117 een einde zal komen aan de menselijke soort.

Bedenk hier op aarde met elkaar – naast het nadenken over wat de mensheid vermag – hoe we het op deze aarde zo gaan rooien dat we géén andere planeet nodig hebben.

Daarvòòr verwachtte Hawking het einde van menselijk leven binnen 1.000 jaar. In beide gevallen begint de tijd dus te dringen en in beide gevallen adviseerde Hawking ‘ons’
om alvast de kosten van ruimtevluchten dramatisch terug te dringen,
om goed uit te zoeken hoe we kunnen overleven op planeten als Mars,
om nieuwe planeten te ontdekken die beter bewoonbaar zijn dan de planeten die we nu al kennen en
om nieuwe technologieën te ontwikkelen die ons verder en sneller het universum in dragen.
Hij wijst Mars alvast aan als de planeet die we vooralsnog het best kunnen koloniseren.

Ik zou ons adviseren maar verder na te denken over de menselijke soort die zo machtig is en tegelijk zo weerloos. Zo intelligent en zo in tunnelvisies verstrikt. Zo coöperatief met en vijandig naar elkaar. Zo humaan en zo wreed. Het is voor mij moeilijk voor te stellen dat ‘we’ de problemen, die ‘we’ op aarde veroorzaken, niet mee zullen nemen naar zo’n verre planeet. In de ruimteschepen zullen niet alleen kerngezonde mensen plaatsnemen, maar ook dragers van aids, cholera, hiv en Q-koorts. Hoe gaan ‘we’ ervoor zorgen dat òf Emile Roemer, òf Geert Wilders òf Mark Rutte meereist, dat de geleerden, die meereizen, geen buisje genetisch gemodificeerde virussen in hun bagage mee-smokkelen en dat Donald Trump en Vladimir Poetin hun kernwapens op aarde achterlaten?

Nee, als we dan toch in dit immense universum een steen willen verleggen, stuur dan wat robotten naar Mars, die er daar dan een echt feest van gaan maken en bedenk hier op aarde met elkaar – naast het nadenken over wat de mensheid vermag – hoe we het op deze aarde zo gaan rooien dat we géén andere planeet nodig hebben. Ook al worden daarmee de feestjes, die ideologen, religieuzen en vrije mensen nu elk op hun manier aan het vieren zijn, vast en zeker verstoord.

Bronnen: “Wijs is hij die somber is; Apocalypse when?” door Ralf Bodelier in De Groene Amsterdammer op 16 augustus 2017, “Lokkend ligt” door Joop Visser uit het album ‘Voor zieken en zeevarenden’(2009), naar “De Steen” door Bram Vermeulen uit het album ‘Rode wijn’(1988) en wikipedia op 21 augustus 2017.
__________________
* Een interessante samenvatting van onze uiteenlopende zwartkijkers vindt u in het boek “Het einde van de wereld. Een geschiedenis” (november 2016) door Steven Stroeykens, Uitgeverij Polis in Antwerpen, 336 pagina’s, Nederlandstalig, ISBN 9789463100854; klik hier voor een boekbespreking ervan door André Horlings op Historiek.

Nawoord van de schrijver
Ik heb dit blog bij wijze van uitzondering eens niet in ‘Jip en Janneke-taal’ geschreven. Het gebruik van ‘gewone’, maar voor sommigen wat moeilijke woorden in dit blog doet volgens mij recht aan de inhoud ervan.
GjH

________
Twee heren op leeftijd 28 december 2016

Er zijn veel mooiere plekken in Utrecht, maar regelmatig wandel ik rond 8 uur vanaf het Vreeburg, tegenwoordig Vredenburgplein, Hoog Catharijne binnen. En wanneer men iets op vaste tijden doet, ontdekt men andere mensen die daar ook op dat moment zijn. Twee oudere heren, daarover gaat dit stukje. De een bedrijvig en morsig, de ander bebrild, lang en vriendelijk ogend.

Zij waren rond die tijd steeds in druk gesprek aan tafels in het Godebaldkwartier of stonden daar, de een druk gebarend, of waren onderweg richting Vredenburg; tegenwoordig Vredenburgplein. Altijd in druk gesprek. Ik begon hen te groeten en zij mij. Ik houd wel van zulke mannen en moet mij inhouden hier niet ‘mannetjes’ te schrijven.

Altijd waren ze daar, zoals de schoonmaker en de hooggehakte dame. Eerder dit jaar was er slechts de een. Soms alleen en soms geanimeerd in gesprek met andere vaste bezoekers. Ik vroeg hem naar de ander.
Die is 2 weken op vakantie in Spanje met zijn zus.
Of hij die ander miste?
Welnee. En de tijd vliegt.

Daarna zag ik ze steeds weer samen in druk gesprek in het Godebaldkwartier of onderweg richting Vredenburg. Of Vredenburgplein. En we groetten elkaar weer als vanouds.

Op een gegeven moment kwam de ander op mij af. Ik weet niet waar vandaan. De een was overleden. Een hartstilstand.
Hij had niet naar mij geluisterd”, vertelde hij vriendelijk. “Hij had naar de dokter moeten gaan, maar heeft dat niet gedaan.
Of hij die ene mistte?
Welnee.
Verbaasd legde ik hem voor dat ze altijd geanimeerd in druk gesprek waren.
Nee hoor, hij was in gesprek, maar ik niet. Ik hoorde hem aan. Bovendien vertelde hij altijd hetzelfde. Hij hield nooit op. Nee, ik mis hem niet en heb vanmorgen mijn krantje gehaald, de Metro op het Centraal Station, en mijn kopje koffie gedaan bij dat cafetaria vlakbij het Centraal. En zo direct ga ik naar de koffiekring. Nee hoor, daar heb ik hem allemaal niet bij nodig.

________
Tegengif

(…) ik las gisterenavond met rode oortjes dat CDA-minister van Financiën Onno Ruding in 1992 op de vooravond van het Verdrag van Maastricht zei: “Als we een economische en monetaire unie hebben, kan een land als Nederland niet meer vrijelijk de begrotingstekorten naar eigen genoegen opfokken (sic!). Brussel gaat opleggen wat kan en niet kan. Sommigen betreuren dat je die vrijheid kwijtraakt. Ik niet, ik juich dat toe. Natuurlijk versterkt dat de positie van de minister van Financiën. Je kunt Brussel gebruiken om ministers en parlement in het begrotingsgareel te houden.” Ofwel concurrentieverschillen kunnen in een Europese muntunie niet langer worden opgevangen door de munt te devalueren, maar vereisen verlaging van de arbeidskosten door de arbeidsmarkten te flexibiliseren, de rechts­bescherming van werknemers te ontmantelen en de verzorgingsstaat af te breken.

Het doel van de euro lijkt een geheime agenda te zijn waarin een kleinere overheid met een geringere rol in de economie is opgenomen. Dit althans is de analyse van de gelauwerde Amerikaanse Nobelprijswinnaar econoom Joseph Stiglitz.

Hoewel de Britse econoom John Maynard Keynes in zijn magnum opus uit 1936, ‘The General Theory of Employment, Interest and Money’, al omstandig had uitgelegd dat salarissen, uitkeringen en zekerheid niet alleen een kostenpost zijn, maar ook koopkracht en dus consumptie en groei, lijkt ‘Europa’ dat vergeten. Stiglitz schrijft in zijn meest recente boek ‘De euro’: “De grondleggers van de euro werden geleid door ideeën over hoe economieën functioneren die weliswaar in de mode maar desalniettemin overduidelijk verkeerd waren. Zij geloofden heilig in de heilzame werking van markten maar hadden geen benul van hun beperkingen en wat er nodig is om markten goed te laten functioneren.” Waarbij ‘goed’ verwijst naar ‘goed voor iedereen’, in plaats van naar ‘goed voor het grootbedrijf’.

In 1919 zette het desastreuze Verdrag van Versailles een kettingreactie in gang die in 1933 leidde tot de machtsovername door de nazi’s en in 1939 tot de inval in Polen.

In twee woedende hoofdstukken laat Stiglitz in ‘De euro’ geen spaan heel van de 3 programma’s die de trojka Griekenland sinds mei 2010 heeft opgelegd. Volgens Stiglitz heeft de trojka zo ongeveer alles fout gedaan wat ze maar fout kon doen: procyclische bezuinigingen, verkeerd ontworpen lastenverzwaringen, noodfinanciering die in het Noorden werd geframed als steun voor ‘luie’ Grieken maar die in werkelijkheid terechtkwam bij ‘verwende’ Duitse en Franse bankiers, potsierlijke privatiseringsprogramma’s die de staat kostbare inkomsten scheelden, wel snijden in pensioenen en niet in de aanschaf van peperdure Duitse duikboten en te late en te geringe schuldafwaardering. “Doormodderen” is volgens Stiglitz “een uiterst gevaarlijk scenario waar hoge kosten aan zijn verbonden, zowel economisch, politiek als sociaal. In ‘De euro’ waarschuwt hij op het eind: “Ik heb een hervormingsagenda geformuleerd voor de structuur van de eurozone en voor het economische beleid dat de eurozone dient te volgen zodra een van haar leden in crisis verkeert. Deze hervormingen zijn economisch niet ingewikkeld; noch zijn ze institutioneel lastig te realiseren. Maar zij vereisen wel een modicum [lees: ‘een klein beetje’; GjH] aan Europese solidariteit – het soort solidariteit dat fundamenteel anders is dan het zelfmoordpact waar sommige Europese leiders om roepen.

Stiglitz is een kleinkind van de “Grote Depressie” in de jaren ’30 van de 20e eeuw. Daardoor is het zijn angst voor populistische fragmentatie, waarmee de dwingende kracht van de omstandigheden is omgeven, die hem heeft ingefluisterd met zijn ‘De euro’ een laatste poging te wagen Europese politici als PvdA-minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem op te roepen te luisteren naar hun betere zelf voor het te laat is.

We weten nu dat de roep van John Maynard Keynes in 1919 en 1936 vergeefs was. Het is een open vraag of dat nu anders zal zijn.

En dan nog wat tegengif voor economisch optimisme: uit de nieuwe editie van de jaarlijkse Global Competitiveness Index door het World Economic Forum (WEF) uit Davos blijkt dat Nederland de beste economie heeft van de Europese Unie en wereldwijd de 4de plaats inneemt. Dat lijkt voor iedereen goed nieuws maar is het niet. Het WEF meet slechts de gastvrijheid van landen voor multinationals. Gekeken wordt naar de kwaliteit van het onderwijs, de infrastructuur en het rechtsstelsel; hetgeen belastingbetalers mogelijk maken. Het kijkt naar de flexibiliteit van de arbeidsmarkt, want u en ik moeten gemakkelijk ontslagen en opgeroepen kunnen worden en de laagst mogelijke lonen moeten afgedwongen kunnen worden. Het kijkt naar de competitiviteit van het belastingstelsel, want slecht een ééncijferig percentage aan belastingen willen multinationals aan de fiscus afdragen. En het kijkt naar de omvang van het innovatiebeleid, hetgeen gaat over subsidiemogelijkheden die u en ik weer als belastingbetalers bijeen brengen.

Wanneer er een economisch vergelijkend rapport verschijnt over de stand van zaken in verschillende landen met als variabelen armoede, private schulden, de hoogte van salarissen, de leefbaarheid van uitkeringen, afhankelijkheid van voedselbanken, de kwaliteit en kwantiteit van werk en werkloosheid, het relatief aantal zelfmoorden en toegankelijkheid van de zorg scoort Nederland vast en zeker een stuk slechter. En dit zijn de variabelen waar u en ik dagelijks mee te maken hebben, tenzij lezers van dit blog leven van de aandelen in multinationale ondernemingen.

Bronnen: “Overal vingerafdrukken van het grootbedrijf, Joseph Stiglitz’ antiserum tegen het neoliberalisme” en “Tijdgeest, de economiecolumn”, beide door Ewald Engelen in De groene amsterdammer van 5 oktober 2016. Klik hier voor het artikel of hier voor de column van Engelen.

Klik hier om het deel van de TV-uitzending “Buitenhof” van 2 oktober jl. terug te kijken waarin Pieter Jan Hagens spreekt met Joseph Stiglitz.

________
Hoe een democratie werd geschonden 11 september 2015

Op 3 september jl. gaf Zoé Konstantopoulou, voorzitter van het Griekse parlement, een toespraak in de plenaire zaal van de VN-Algemene Vergadering. Daarin legt zij uit hoe de Griekse democratie werd geschonden door de trojka van Internationaal Monetair Fonds (IMF), Europese Commissie en Europese Centrale Bank (ECB) tot voordeel van Duitse en Franse privé-banken. Hier onder volgt de gehele tekst van haar toespraak die eindigt met een oproep. Daarna volgt nog wat nadere informatie en een link:
______________________
Dames en heren, Voorzitters van de parlementen van de wereld,
bij de 70ste verjaardag van de VN, die tevens 70 jaar einde van de Tweede Wereldoorlog betekent,

Op deze 4e Wereld Conferentie van de Interparlementaire Unie [1], waar wij democratie ten dienste stellen van vrede, duurzame ontwikkeling en een wereld bouwen die de mensen willen, sta ik hier voor u en tussen u, als Voorzitter van het onlangs ontbonden Parlement van Griekenland. Ik richt me tot u met een oproep tot solidariteit met het Griekse volk en met Griekenland, de plaats waar democratie is ontstaan en waar die nu brutaal wordt aangevallen en geschonden [2].

Griekenland en zijn bevolking werden de voorbije 5 jaar het slachtoffer van een beleid dat zogezegd een duurzame oplossing voor de overmatige schuldenlast en een weg uit de economische crisis zou bieden.

Dit beleid zit vervat in de akkoorden genaamd “Memoranda of Understanding”. Het werd afgesloten door de Griekse regeringen en een trio van internationale instellingen (het IMF, de Europese Commissie en de ECB) bekend als de ‘trojka’ die zich gedragen als de schuldeisers van Griekenland. Dit beleid heeft geleid tot ernstige schendingen van de mensenrechten, in het bijzonder van sociale rechten, van fundamentele vrijheden en van de rechtstaat.

Wat werd voorgesteld werd als bailout-leningsovereenkomsten [3], heeft geleid tot ellende, ongekende werkloosheid van 72 % bij jonge vrouwen en 60 % bij jonge mannen, honderdduizenden emigrerende jongeren, een explosie van zelfmoorden, de marginalisering van jongeren, ouderen, zwakkeren, armen, immigranten en vluchtelingen.

De helft van de kinderen in Griekenland leeft onder de armoedegrens, een situatie die gelijkgesteld kan worden met een humanitaire crisis en gedocumenteerd werd in het VN-rapport van de Onafhankelijke Experts over Schuld en Mensenrechten en in openbare verklaringen, alsook in een reeks van internationale rechterlijke beslissingen en bevindingen.

Op 25 januari 2015, slechts 7 maanden geleden, gaf het Griekse volk door algemene verkiezingen zijn regering en parlement een duidelijk en ondubbelzinnig mandaat om een einde te maken aan dit moorddadig beleid. Onderhandelingen begonnen.

Een speciale Parlementscommissie werd opgericht, die de “Waarheidscommissie over de Openbare Schuld” werd genoemd. Die kreeg de opdracht een audit uit te voeren en een juridische beoordeling van de schuld te geven. Zij heeft in juni een voorlopig rapport afgeleverd.

Dat rapport stelde vast dat de soevereine schuld van de Griekse staat illegaal, onwettig, kwaadaardig en onhoudbaar is. Het stelde vast dat de soevereine schuld aangegaan werd door middel van procedures die de grondwet, de vereiste parlementaire procedures en de fundamentele mensenrechten en vrijheden, gegarandeerd door het internationale recht, grof overtraden wat de annulering van die schuld rechtvaardigt. Deze Commissie stelde vast dat de schuldeisers ter kwade trouw hadden gehandeld en bewust het land met onhoudbare leningen hadden opgezadeld om Franse, Duitse en Griekse private banken te redden.

Ondanks deze vaststellingen eisten de schuldeisers van Griekenland dat het mandaat van het volk zou worden genegeerd.

Op 25 juni werd de Griekse regering een ultimatum van 48 uur opgelegd om een aantal maatregelen te aanvaarden, die tegen dat volksmandaat ingaan. Deze maatregelen ontmantelen de arbeidswetgeving, schaffen sociale zekerheidsgaranties en wettelijke bescherming van de burgers af, die onder zware schulden gebukt gaan, terwijl ze op hetzelfde moment de uitverkoop vereisen van de meest dierbare openbare eigendommen en overheidsbedrijven, waaronder ook de grote zeehavens, luchthavens en de openbare infrastructuur.

Allemaal om verkocht of weggegeven te worden om een onhoudbare en kwaadaardige schuld af te lossen.

Het Helleense Parlement aanvaardde het voorstel van de regering om een referendum te houden over het ultimatum. Het Griekse volk verwierp met een grote meerderheid van 62 % deze maatregelen.

Gedurende de week voorafgaand aan dit referendum poogden internationale en buitenlandse regeringen om het resultaat van het referendum te beïnvloeden door verklaringen af te leggen die de Griekse bevolking terroriseerden.

Het referendum ging door terwijl banken gesloten waren en kapitaalbeperkingen werden opgelegd ten gevolge van de weigering van de ECB om baargeld te voorzien vanaf de aankondiging van het referendum.

Democratie had desondanks gezegevierd. Het Griekse volk sprak zich duidelijk uit en zei met 62 % “NEEN” tegen deze moorddadige maatregelen.

Wat hierop volgde is een nachtmerrie voor ieder democratisch geweten en een schande:

De schuldeisers weigerden rekening te houden met het resultaat van het referendum. Ze eisten, met de dreiging een faillissement van de banken en een humanitaire ramp uit te lokken, nog hardere maatregelen dan die welke waren verworpen.

De regering werd gedwongen te aanvaarden dat het parlement wetten bij hoogdringendheid zou goedkeuren op basis van honderden pagina’s voorheen reeds geschreven teksten, zonder enig debat en op data die op voorhand werden opgelegd. Ondertussen bleven de banken gesloten. Deze afpersing werd omgedoopt tot “voorafgaande voorwaarden” voor een overeenkomst. Het parlement werd gedwongen wetten af te schaffen die het nog maar net in de voorbije 4 maanden had goedgekeurd en werd verboden nog enig wetgevend initiatief te nemen zonder voorafgaande goedkeuring van de schuldeisers.

Een wet van 100 pagina’s werd opgesteld in één artikel en goedgekeurd op 15 juli in minder dan 24 uur.
Een wet van 1000 pagina’s werd opgesteld in 3 artikels en goedgekeurd op 22 juli in minder dan 24 uur.
Op 14 augustus passeerde nog een wet van 400 pagina’s eveneens in 24 uur.
Drie maal keurde het parlement zo wetten goed onder dwang en afpersing.

Dit gebeurde terwijl werd vastgesteld dat een groot deel van de parlementsleden van de regerende meerderheidspartij, waaronder de Voorzitter van het parlement, weigerden deze wetgeving goed te keuren. Het parlement werd vervolgens onaangekondigd ontbonden om een ‘meer stabiele meerderheid’ te garanderen, die zou uitvoeren wat het Griekse volk verworpen heeft.

Dames en heren,
Soevereine staatsschuld wordt gebruikt tegen het Griekse volk en het Helleense Parlement om de democratie af te bouwen. Democratie is echter een ultieme waarde. Parlementen mogen niet worden teruggebracht kunnen worden tot gewillige stempelaars die opgelegde normen goedkeuren, terwijl die werden verworpen door het volk, en die werden opgezet om samenlevingen en komende generaties te vernietigen.

Ik doe een oproep aan de parlementariërs van de wereld om onze eis voor democratie en parlementaire soevereiniteit tegenover schuldafpersing te ondersteunen. Ik vraag ook uw steun voor de initiatieven van de Algemene Vergadering van de VN en van de Griekse Waarheidscommissie over de Openbare Schuld, evenals voor de initiatieven van de onafhankelijke VN-experten over schuld en mensenrechten.

Sta niet toe dat de democratie wordt vernietigd op de plaats waar ze is geboren. Sta niet toe dat eender welk parlement wordt gedwongen om tegen de wil van zijn bevolking te stemmen en tegen het mandaat van zijn volksvertegenwoordigers. Sta niet toe dat mensenrechten, mensenlevens, menselijke waardigheid en de meest waardevolle principes van de VN worden vernietigd om het bankensysteem te redden.

De wereld, die de mensen willen, kan niet worden gebouwd zonder de mensen van die wereld.
______________________
De uitgeschreven tekst van deze toespraak in het Engels (Zoe Konstantopoulou’s speech at the United Nations Headquarters in New York) in de plenaire zaal van de VN-Algemene Vergadering op 3 september 2015 werd gepubliceerd door de organisatie Comité pour l’Annulation de la Dette du Tiers Monde (CADTM). De tekst hierboven werd vertaald door Bavo Vanoost en Lode Vanoost. Eindredactie Gerardus Horlings.

Zoé Konstantopoulou is een advocaat die gespecialiseerd is in mensenrechten. Op 27 januari 2015 werd zij verkozen op de lijst van Syriza en werd vervolgens door het parlement tot voorzitter verkozen op 6 februari 2015. Als eerste Griekse vrouwelijke parlementsvoorzitter werd zij met 235 van de 300 uitgebrachte stemmen verkozen met de grootste meerderheid ooit in de Griekse geschiedenis. Zij is nu kandidaat voor Laïkí Enótita (“Volksunie”), een nieuwe partij rond 25 ex-parlementsleden van Syriza.

[1] De Interparlementaire Unie (IPU) is opgericht in 1889 en verenigt 143 nationale en 7 regionale parlementen. Sinds 2002 heeft de IPU een waarnemersstatus bij de VN. Sindsdien is dit de 4de IPU-Wereldconferentie bij de VN, die plaatsvond van 31 augustus tot 3 september 2015 in New York.
[2] Het woord ‘democratie’ is afgeleid van de Griekse woorden ‘demos’ (volk) en ‘kratos’ (macht).
[3] Letterlijk betekent ‘bailout’ vrijheid op borgtocht. In de VS kan men een aanhouding in voorlopige hechtenis in afwachting van een proces afkopen met een geldbedrag als borgtocht. Hier gaat het over contracten om bedrijven, banken of staten van de financiële ondergang te redden.

Om Zoé Konstantopoulou de toespraak te zien houden, klik hier.

Bron: “Sta niet toe dat democratie wordt vernietigd waar ze is ontstaan” door Zoé Konstantopoulou, voorzitter van het Griekse parlement via http://www.dewereldmorgen.be op 10 september 2015.

________

“Het bruto binnenlands product omvat de vernietiging van de cederwouden en de dood van Lake Superior. Het neemt toe met de productie van napalm en raketten en kernkoppen. Het houdt geen rekening met de gezondheid van onze gezinnen, de kwaliteit van het onderwijs of het genoegen dat we aan spelen beleven.
Het is net zo onverschillig voor de properheid van onze fabrieken als voor de veiligheid van onze straten. Het telt niet de schoonheid van onze poëzie mee of de kracht van onze huwelijken, noch de intelligentie van het publieke debat of de integriteit van ambtenaren… het meet kortom alles, behalve dat wat het leven de moeite waard maakt.”

Citaat uit de mond van Robert Kennedy, broer van de 35e en jongst gekozen Amerikaanse president John F. Kennedy, dat hier te beluisteren is (met dank aan DeCorrespondent).

Bron: “Breed” door Aukje van Roessel in de vaste rubriek ‘Den Haag’ in De Groene Amsterdammer van 19 mei 2016. Klik hier voor de gehele rubriek.