Chomsky III Over de crisis en waar het mis ging

We moeten altijd rekening houden met de realiteit. Ik ben voor een beweging naar een meer rechtvaardige en vrijere samenleving, waarin geproduceerd wordt om de noden van de bevolking te lenigen in plaats van om winst te maken, een samenleving waarin werkende mensen hun eigen leven kunnen bepalen in plaats van zich heel hun wakkere leven te moeten onderwerpen aan hun bazen. Echter, de tijd, die we voor een dergelijke omwenteling nodig hebben, is gewoon te lang om het hoofd te kunnen bieden aan de huidige klimaatcrisis. Bijgevolg moeten we die crisis oplossen bìnnen het kader van de bestaande instellingen. Ook daar zijn verbeteringen mogelijk.

Er wordt zowat overal gedebatteerd over methodes om koolstofdioxide uit de atmosfeer te verwijderen, maar dat zou enorme hoeveelheden biomassa vergen, die verbouwd moeten worden op uitgestrekte oppervlakten. Daardoor zouden ze voornamelijk in landen met lage inkomens en weinig uitstoot een bedreiging vormen voor bestaande ecosystemen en voor hun voedselproductie. Volgens een groep academici, waaronder ethici, is een van de ‘kernprincipes’ van klimaatrechtvaardigheid dat ‘de dringende basisbehoeften van arme mensen en arme landen moeten worden beschermd tegen de gevolgen van klimaatverandering, en ook tegen de maatregelen ter beperking van opwarming van de aarde’. Dat zou voor weldenkende mensen direct een einde maken aan plannen om nu CO2 uit te stoten, en later af te vangen en op te slaan.

Er zijn ook andere voorbeelden van wat ik ‘het imperialisme van de anti-klimaatopwarming’ zou noemen. Bio-energie en koolstofabsorptie zijn volslagen immoreel, maar het staat steeds weer ter discussie, net als atoomenergie. Waar belandt het afval daarvan? Niet in ùw achtertuin, lieve lezer, maar in landen als Somalië, die daar geen verweer tegen hebben. De Europese Unie bijvoorbeeld dumpt al haar atoomafval en andere vervuiling voor de kust van Somalië, wat de lokale industrieën en visgronden daar grote schade toebrengt. Walgelijk!

Hadden we 10 jaar eerder ingegrepen, dan zou het nu veel minder inspanning vergen. Had de VS niet als enig land geweigerd zich te voegen naar het Kyoto Protocol van 1997, dan zou het nu allemaal een stuk makkelijker geweest zijn. Hoe meer we de problemen voor ons uit schuiven, hoe meer we onze kinderen en kleinkinderen verraden. Dit zijn fundamentele keuzes waar we al een lange tijd voor staan. Ik heb niet veel jaren meer tegoed, maar anderen misschien nog wel. De mogelijkheid van een duurzame en rechtvaardige toekomst is haalbaar en we kunnen nog heel wat doen om zo’n vooruitzicht te verwezenlijken voor het te laat is. Er is best veel mogelijk.

We hoeven niet te leven in een politiek systeem waarin de belastingregels zo werden veranderd dat miljonairs minder betalen dan werkende mensen. We hoeven niet te leven in een soort staatskapitalisme waarin de 90% laagbetaalde kostwinners ongeveer $ 50.000.000.000 werd ontfutseld ten voordele van nog niet 1% rijkste mensen.

De blokkades tegen verandering van koers worden momenteel opgeworpen door de banken, de fossiele brandstofindustrie en andere grootbedrijven. Die zijn stuk voor stuk gericht op winstmaximilisatie. Ze trekken zich verder nergens iets van aan. Dat was trouwens de slogan waarmee de neoliberale periode ooit werd aangekondigd. De Amerikaanse econoom en goeroe van een beperkte overheid en het vrijemarktkapitalisme Milton Friedman (1912 – 2006) formuleerde het zo: “Ondernemingen hoeven geen verantwoording af te leggen aan de bevolking of aan de arbeidskrachten, maximale winst voor enkelen moet hun enige bekommernis zijn”.

Economen hebben op basis van neoklassieke theorieën in het begin van de jaren ’80 een grote revolutie veroorzaakt in de mondiale economie. De democratische President Carter (1977-1981) is er mee begonnen, de republikein Ronald  Reagan (1981 – 1989) en conservatief Margaret Thatcher (1979 – 1990) hebben dat proces versneld. De laatste zei dat er niet zoiets bestaat als ‘een maatschappij’; er zouden alleen geatomiseerde individuen zijn, die er op een of andere manier in slagen zich op de markt staande te houden. Je moet daar natuurlijk een kanttekening bij maken: ze vergat te vermelden dat er ‘heel wat maatschappij’ is voor de machtigen en rijken.

Doordat de VS veel meer macht heeft dan welk ander land ook, heeft hun neoliberale aanval op huishoudens, vernietigende gevolgen gehad. Je hoeft geen genie te zijn om tot die conclusie te komen. Hun motto was: ‘De overheid is het probleem’. [Dat motto was wat de republikein Richard Nixon tussen 1969 – 1974 al regelmatig de wereld in slingerde; GjH] Dit was een maatgevend experiment in de economische theorievorming met desastreuze gevolgen voor de afbraak van internationale samenwerking en solidariteit en zelfs voor de aarde als leefomgeving van mensen.

Al deze wijze woorden, dat wil zeggen dat het een verwoording van mijn zorgen is, kwamen onlangs uit de mond van Noam Chomsky. Alleen het expliciet benoemen van atoomenergie in de derde alinea en het laatste deel van de laatste zin voegde ik ter verduidelijking toe. Deze nog steeds niet uitgediende 92-jarige professor heeft talrijke succesvolle politieke werken op zijn naam staan, die vertaald zijn in meerdere talen. Met zijn kritiek op de machthebbers en zijn verdediging van de gewone mensen heeft hij hele generaties activisten en organisatoren geïnspireerd en van steekhoudende argumenten voorzien. Dat de normen, die je andere landen oplegt, dezelfde moeten zijn als die waar jij je als land aan houdt, is de rode lijn in zijn veelomvattend werk. Zijn recentste boeken zijn “Climate Crisis and the Global Green New Deal: The Political Economy of Saving the Planet” (2020) met Robert Pollin en C.J. Polychroniou en “Consequences of Capitalism: Manufacturing Discontent and Resistance” (2021) in samenwerking met Marv Waterstone.

Dit is deel 3 van 4 delen; deel 4 had ik eerder al gepubliceerd en deel 2 publiceer ik binnenkort.

Bron: “Chomsky: ‘We staan voor de keuze: een leefbare toekomst voor ons of totale vernietiging door de grote bedrijven’” door Stan Cox via de vertaaldesk van DeWereldMorgen op 3 november 2021. Klik hier om het te lezen.

Chomsky (92) liet alwèèr van zich horen

De mogelijkheid van een rechtvaardige en duurzame toekomst is reëel”, zegt Noam Chomsky, “en we kunnen nog heel wat doen om haar te verwezenlijken voor het te laat is”. In de voorbije tientallen jaren was Amerikaans filosoof, mediacriticus, politiek activist en taalkundige Noam Chomsky een van de krachtigste en meest overtuigende stemmen tegen de door de mens veroorzaakte bedreiging van de beschaving en de planeet, ongelijkheid en onrechtvaardigheid. En hij heeft onlangs weer gesproken, dit keer met een zeker Amerikaans auteur en klimaatactivist Stan Cox mede naar aanleiding van zijn meest recente publicaties ‘Consequences of Capitalism: Manufacturing Discontent and Resistance’ in samenwerking met Marv Waterstone en ‘Climate Crisis and the Global Green New Deal: The Political Economy of Saving the Planet’ met Robert Pollin en C.J. Polychroniou.

Klik hier voor dit interessante Nederlandstalig artikel met de heldere inzichten van deze man.

Over de betaalbaarheid van… Pensioenen

Ik ben ‘met pensioen’ zoals dat heet. Voor mij en voor veel mensen maakt de duur van hun loopbaan en de hoogte van hun pensioen het verschil tussen lichamelijke gezondheid, ontspanningsmogelijkheden, psychisch welzijn en de mate van stress.

Een constante in het politieke debat over pensioenen is dat het vernauwd wordt tot de betaalbaarheid ervan. En wanneer politici het woord ‘betaalbaarheid’ laten vallen, spreken zij nooit over investeringen in megalomane projecten, infrastructuur en software, ons koningshuis, onze deelname aan militaire interventies of de rijkelijke subsidies voor ondernemingen. Nee, wanneer ze over betaalbaarheid spreken gaat het over de olie van onze samenleving: onze gezondheidszorg, de ondersteuning van daaraan behoeftigen, onderwijs, de politie of uitkeringen zoals pensioenen.

Wie onze geschiedenis kent, weet dat pensioenen nooit het onderwerp van louter debat zijn geweest, maar de inzet van een lang volgehouden politieke en sociale strijd. Toen de Duitse rijkskanselier Otto von Bismarck in 1889 het eerste wettelijke staatspensioenfonds op poten zette was dat niet uit liefdadigheid, maar om het oprukkende socialisme een halt toe te roepen.

Arbeidersbewegingen en mensen als Domela Nieuwenhuis ijverden voor een recht op onderwijs, een verbod op kinderarbeid, gegarandeerde vervangingsinkomens bij ziekte, een wettelijke beperking van het aantal arbeidsuren, en dus ook voor een degelijk pensioenstelsel. Dàt vonden zij beschaving. Die heel verschillende eisen vertrokken van een zelfde, gemeenschappelijke bezorgdheid, te weten het terugdringen van de marktwerking uit het leven van arbeiders en de minst bedeelden; kom er nog maar eens om. Een leven lang overgeleverd zijn aan de grillen van de arbeidsmarkt, werd ooit als niet verenigbaar geacht met de mogelijkheid om een levenswaardig, vrij en zelfstandig leven te leven. En wat mij betreft terecht natuurlijk.

De vraag naar pensioenen zou niet losgekoppeld mogen worden van de vraag naar welk leven we hier met elkaar willen leiden.

Al die betaalbaarheidsdiscussies zijn inclusief pensioenhervormingen niets anders dan aanvallen op de posities van werkenden, die afhankelijk zijn van loon. Des te meer loon-afhankelijken er zijn, des te lager kunnen de lonen en slechter de secondaire arbeidsvoorwaarden van werkenden. Dus wordt langer doorwerken gepropageerd. Ze treffen in de praktijk vooral vrouwen, die – op de een of andere manier – veelal opdraaien voor de zorg voor echtelieden, kinderen en mantelzorg voor familieleden en ouders, waar betaalde krachten – om die zorg voor het leeuwendeel te verrichten – laag betaald worden, als ze al niet wegbezuinigd zijn. Daardoor ontvangen vrouwen vaak na hun arbeidzame leven ook nog eens een zeer laag pensioen.

Eén van de belangrijkste misvattingen is het idee dat we steeds ouder worden. We verwarren hierbij het gemiddelde (de levensverwachting) met de biologische houdbaarheidsdatum van de menselijke soort. Pensioenfondsen stellen hun uitkeringen voor de uitbetaling van het opgebouwde pensioen in op het bereiken van de 90-jarige leeftijd. In de afgelopen anderhalve eeuw zijn we erin geslaagd om steeds meer vroegtijdige sterfte uit te schakelen, waardoor de gemiddelde leeftijd gestegen is. Echter, de levensverwachting van een negentigjarige nu verschilt nauwelijks van die van een negentigjarige 150 jaar geleden. De mensen van vandaag zijn biologisch niet verschillend van de mens 100 of 1.000 jaar geleden. De maatschappij is veranderd. Onze leef- en werkomstandigheden zorgen voor gezondere mensen en betere overlevingskansen, maar de biologisch haalbare leeftijd is dezelfde gebleven. Evolutionaire processen hebben veel langere periodes voor aanpassingen (zoals ‘veroudering’) nodig.

Bovendien komen pensioenen meteen opnieuw in de economie terecht. Bij de arts, de bakker, de boekhandel en de groentenwinkel. Dat is absoluut niet het geval met de € 172.000.000.000 (ongeveer 1/3 van het totale bruto binnenlands product) die in 2019 officieel vanuit België naar belastingparadijzen weggesluisd werd. Het Nederlands equivalent daarvan heb ik niet paraat, maar wanneer we het over onbetaalbaarheid hebben zou ik hier misschien wel het eerst aan denken. De Nederlandse politici niet, want die zijn al decennia een notoire dwarsligger in ‘Europa’ om dit aan te pakken.

Sommigen stellen het pensioendebat ook nog eens voor als een tegenstelling tussen wie met pensioen is en wie werkt, maar de meeste gepensioneerden hebben net als ik hun hele leven gewerkt, waarbij zij hun pensioen opbouwden, en de meeste werkenden gaan ook ooit met pensioen. Wie het voorstelt alsof de pensioenen onbetaalbaar worden, draait de mensen een rad voor de ogen.

Nee, de concentratie aan rijkdom neemt al ruim 40 jaren toe en de onderlinge ongelijkheid groeit al die tijd. Tot mijn al-die-tijd-aanhoudende-verbazing stemmen we daar met elkaar voor. CDA, D66, Groenlinks, PvdA, VVD; wat dit betreft is het één pot nat. Het taartdeel voor de minst vermogenden wordt zo steeds kleiner. Dat is een maatschappelijke evolutie; een politieke keuze die dwars door de generaties heen loopt. De geleidelijke afbraak van een progressief belastingstelsel heeft daar ook aan bijgedragen. Het verdwijnen van de hoogste belastingschijven is uiteraard alleen die inkomens ten goede gekomen, die zo hoog waren dat ze op dat niveau belasting moesten betalen. En zo is het ook met het bezuinigen op onderwijs, welzijn en zorg, en het privatiseren van energie- en andere nutsvoorzieningen zoals in de zorg. In dezelfde tijd ontvangen private grootbedrijven allerlei subsidies, die uiteindelijk ten goede komen aan de aandeelhouders en eigenaren, die – godbetert – hun opgebouwde vermogen onmogelijk gedurende de rest van hun leven kunnen opsouperen.

De discussie gaat dus volgens mij helemaal niet over ‘betaalbaarheid’, maar gewoon zoals altijd over politieke prioriteiten; conservatieve, (vanwege de PvdD diervriendelijke,) neoliberale, populistische of socialistische.

Ondertussen ben ik blij met mijn goed toereikend pensioen. Gisteren genoot ik nog in het Amsterdams Concertgebouw van een concert-uitvoering door het Groot Omroepkoor en het Radio Philharmonisch Orkest. Zij speelden met een aantal solisten onder leiding van de gedreven dirigent Giampaolo Bisanti “Fedora”; een opera die de Italiaan Umberto Giordano in 1898 schreef. “Het was een zee van klanken, emoties en vervoering”, appte ik naar een broer. Echter, dat neemt niet weg dat de strijd tegen al het onrecht dat de machtigen de meutes aandoet wat mij betreft gestreden moet blijven worden en – nog steeds – politieke welgebekten behoeft.

Bronnen: “Het pensioendebat verdient beter dan versleten oneliners” door Patrick Deboosere en “Langer werken dan 65 is absurd, irrationeel en destructief” door Thomas Decreus via DeWereldMorgen op respectievelijk 9 en 10 september 2021.

Wegwijzer Afghanistan

Vandaag las ik een artikeltje dat mij de broodnodige achtergrond verschafte bij alles wat momenteel in Afghanistan gaande is*.

Omwille van olie werd een strijdmakker van de Verenigde Staten van Amerika een gedoodverfde vijand.

Toen de wapenbroeder nog hetzelfde belang in de regio had als de VS werden de grove mensenrechtenschendingen, die zij beging, – zoals ook vaak met andere verfoeilijke regimes die de VS kan gebruiken voor haar invloedssfeer en machtstoename – door de VS onder het tapijt geveegd. Als vijand werd haar onmenselijkheid (terecht) uitvergroot. En nu het financiële belang kennelijk vervalt, worden alle beperkingen voor de bestredene opgeheven. Het gaat niet om mensen, maar och, lees zelf maar door hier te klikken.

____________

* Apart toch, dat ik zo’n verhaal niet in onze mainstreammedia vind.

Wat weten we van de kiezers?

Alles wijst er op dat wie 2030 meemaakt in een wereld komt te leven, die wij ons nu nog niet voor kunnen stellen; zo mooi en verantwoord. Zelfs het verlies van dieren en natuur zal dan, als het aan de Verenigde Naties ligt, een halt toegeroepen zijn.

Het is een beetje jammer dat we dit bijvoorbeeld in 1972 niet bedacht hadden. Dat toen ons energieverbruik in 1980 klimaatneutraal moest zijn. Dat dan de mensenrechtenschendingen van de baan moesten zijn. Dat dan racisme tot de verleden tijd behoorde en dat verlies aan natuur een halt was toegeroepen. Als we toentertijd bedacht hadden dat welzijn voor welvaart gaat, en dat het een achterlijk idee is, dat individuele personen zich onbegrensd moeten kunnen verrijken ten koste van ziekmakende arbeidsomstandigheden, flexibele arbeidscontracten, het lijden van volstrekt onschuldige (dieren en) mensen, opwarming van de aarde, stijgende schulden voor huishoudens en het uitsterven van dieren en planten, hadden we nu al 40 jaar in ons Paradijs geleefd. Ik noem 1972 omdat toen de Club van Rome haar eerste en zeer verontrustende rapport publiceerde, dat op politiek niveau aan dovemans oren gericht was. Het stemvee liep achter andere beloften en praatjes aan. Neoliberaal, noem ik die kleur.

Maar nu, anno 2021, stellen we tenminste doelen. Tegen 2030 moet jaarlijks bijvoorbeeld minstens $ 500.000.000.000 aan schadelijke subsidies zijn afgeschaft. Dat de belastingbetaler, en dus niet het belastingontwijkende bedrijfsleven, dat geld jaarlijks bijeen sprokkelde en nog steeds bijeen sprokkelt, is voor de stemgerechtigden geen enkele reden om anders te stemmen.

Maar de wal gaat nu het schip keren. De ontwerptekst ‘First draft of the post-2020 global biodiversity framework’ beschrijft wereldwijde ambities en doelstellingen voor 2030. Zelfs nog voor daarna.

Die tekst ontbeert overigens een concreet actieplan, zeggen critici. “Het gaat louter over doelen zonder een woord te reppen over hoe ze te bereiken” en er is “geen strategie voor daadwerkelijke oplevering” vertelt Li Shuo van Greenpeace Oost-Azië. “Hoewel de doelstellingen sterk aangescherpt zijn, is er nog veel werk aan de winkel”, zegt ook Andrew Deutz, directeur van het globale beleid bij The Nature Conservancy. “We zijn bezorgd dat niet alle bepalingen omtrent implementatie zijn verankerd in het kerndocument. Ook het kader voor monitoring- en rapportage is nog steeds onvolledig.” Deutz zegt dat hij blij was met “het ambitieniveau van de voorgestelde doelen”, en hij wijst op de oproep om tegen 2030 het jaarlijks financieringstekort van $ 700.000.000.000 voor de natuur te dichten. “Aan de andere kant, we zeiden hetzelfde in 2010, toen de wereld de Aichi-doelen aannam”, voegt hij hieraan toe, verwijzend naar de vorige reeks biodiversiteitsdoelen. In 2020 werd duidelijk dat de wereld die doelen niet had behaald.

En wij, de kiezers van onze volksvertegenwoordigers, kijken collectief de andere kant op. We weten dit allemaal niet eens. Het is mij de vraag of het ons interesseert.

Bron: “VN komt met straffe biodiversiteitsdoelen maar ‘stappenplan ontbreekt’” door Chloé Farand van Inter Press Service via DeWereldMorgen op 15 juli 2021.

De (verwaarloosde) taak van intellectuelen

Het is de verantwoordelijkheid van de intellectuelen om de waarheid te zeggen en om de leugens te ontmaskeren.” Dat zei Noam Chomsky al in 1967 en nog steeds zegt hij dat. Het is inmiddels geen norm meer in de Westerse Wereld waarin zonder zelfkritiek een wij-tegen-zij-denken de dekmantel is van een expansief kapitalisme zonder weerga. Ja, we zijn allemaal tegen wil en dank ondernemer geworden en we moeten onophoudelijk op onze qui-vive zijn om alleen aan te schaffen wat we werkelijk nodig hebben en ons daarbij niet te laten bedonderen, terwijl mensenrechten en principes op internationaal niveau wijken wanneer we ons daarmee materieel in de vingers snijden. Sterker nog, we verklaren China en Rusland graag de (handels-)oorlog opdat het militair-industrieel complex het geld opslokt dat zo goed gebruikt zou kunnen worden om de wereld gezonder te maken. Coöperatief handelen en mededogen staan haaks op kapitalisme en haar neoliberale politiek. Zelfs op 92-jarige leeftijd blijft Chomsky een essentiële stem voor de anti-kapitalistische bewegingen die al jaren in zijn kritische analyses inspiratie vonden.

Geld regeert altijd en overal. Het grootste deel van de middenklasse en de werkende klasse wordt inmiddels fundamenteel niet vertegenwoordigd op de plaatsen waar de politieke besluiten genomen worden. Als een volksvertegenwoordiger, zoals een fractievoorzitter of minister, op de juiste manier stemt, heeft die een knusse toekomst in het vooruitzicht. Kijk naar waar zij terecht komen na hun politieke loopbaan. Bovendien zijn de contacten tussen kamerleden en bedrijfslobbyisten nagenoeg altijd veel intensiever en warmer dan die met hun eigen achterban en wie zij vertegenwoordigen.

Verder vertelt Chomsky dat de denktank RAND Corporation enkele maanden geleden een studie presenteerde over wat zij “overdracht van rijkdom” noemt; de neoliberale aanval op huishoudens, ofwel de leegroof van de bevolking, die rond 1980 startte. Haar inschatting over hoeveel rijkdom verschoven is van de lagere 90% van de inkomensschalen naar de hoogste top is $ 47.000.000.000.000” (47 triljoen dollar).

De grote vergissing die telkens weer in de geschiedenis gemaakt wordt, vertelt Chomsky, is het geloof in de mooie woorden van zich democratisch of links noemende machthebbers (Barack Obama, Bill Clinton, Joe Biden, Wim Kok) en te denken dat zij voor de bevolking opkomen, terwijl die machthebbers net als conservatieve, liberale, populistische, rechtse en republikeinse machthebbers hun oren laten hangen naar grootbanken en grootbedrijven. Wat wij te horen krijgen is het verhaal van spindokters die neoliberaal beleid verkopen als het best haalbare of zelfs als progressief beleid. Critici (Edward Snowdon, Julian Assange) en politici (Bernie Sanders, Jeremy Corbyn) worden ‘onschadelijk gemaakt’ zodra zij de status quo voor het grote geld bedreigen.

Ik houd niet van dit systeem, zegt Chomsky, jij vast ook niet, maar het bestaat en we moeten binnen dit systeem verder. We kunnen niet zeggen: “Ik wil dit niet. Laat we vanuit een ander systeem verder gaan als dat niet bestaat”. We kunnen enkel een nieuw systeem opbouwen door druk van binnenuit en van buitenaf uit te oefenen. Zo is er geen enkele reden om niet te ijveren voor een alternatief politiek en sociaal kader, bijvoorbeeld door het starten van een nieuwe politieke partij of van coöperatieven en ondernemingen in handen van de werkende bevolking. Van mij mag de Pacifistisch Socialistische Partij weer uit de dood herrijzen. Het punt is in elk geval dat er een hele waaier aan opties voor ons open ligt, en we moeten al die mogelijkheden nastreven.

Ik denk dat de mensen ongeduldig aan het worden zijn door hun gebrek aan invloed op onze wetgevers. En, zo memoreert Chomsky: “Wel, het gebrek aan invloed gaat in de Verenigde Staten van Amerika terug tot ongeveer 250 jaar geleden. Zo kunnen we beginnen bij de Grondwet, die uitdrukkelijk werd opgesteld op basis van het principe van het voorkomen van democratie. Er werd daar toen geen geheim van gemaakt.” En Chomsky memoreerde en verhaalde 10 juni jl. nog veel meer wat mij aanspreekt over de geschiedenis van de VS en de daaruit voortvloeiende toestand van de huidige wereld en ik hier niet allemaal ga herhalen. Maar wanneer u daarin ook geïnteresseerd bent, klik dan hier om het hele interview te lezen. Daar staat ook duidelijker wat Chomsky zei, zonder mijn associaties.

Toch vind ik het wel jammer dat veel intellectuelen hun taak verwaarlozen door de publieke zaak en zelfs de waarheid de rug toe te keren; ooit op kosten van veel gemeenschapsgeld omhoog geschoten om vervolgens alleen nog zichzelf te verrijken.

Bron: “Noam Chomsky: ‘Elites voeren altijd een gemene klassenoorlog’”; Ana Kasparian en Nando Villa interviewen Noam Chomsky voor het Amerikaanse links socialistische tijdschrift Jacobin via DeWereldMorgen op 29 juni 2021.

Het door Chomsky aangehaalde onderzoek van de RAND Corporation vindt u hier.

De waakhond blaft, wie luistert?

Vanzelfsprekend is het van alle tijden dat de graaf, gravin, heer, hertog, hertogin, keizer, koning, koningin, zoals ook de huidige wetgever, zich niet aan zijn (haar) eigen wetten houdt. Daar moeten we niet van opkijken. Natuurlijk wordt op ieder niveau gesjoemeld. Dan stap je soms naar de rechter en dan lijkt er voor even weer iets opgelost. Laten we die zwendel maar mens-eigen noemen en overgaan tot de orde van de dag. Echter, de waakhond is aangeslagen en dat heeft – zoals zo vaak – het gangbare nieuws niet bereikt.

Ik heb het over de watchdog-organisatie Corporate Europe Observatory (CEO) en haar op een na laatste rapport “Conquering EU courts? Big business lobbies in secret for new legal privileges in the EU”: Meerdere Europese organisaties voor de bedrijfswereld blijken voor een apart arbitragesysteem in de Europese Unie te lobbyen. Zij willen dat grote bedrijven nationale rechtbanken en wetten mogen negeren als dat zo uitkomt. Zo willen zij EU-lidstaten dwingen tot enorme financiële compensaties voor het verlies dat ze zouden leiden aan investeringen en winsten door regelgeving op het vlak van loon en werkomstandigheden, op het vlak van rechten voor consumenten en (leef-)milieuverplichtingen. Zo verzekeren grootbedrijven zich van hun inkomsten, is het niet uit handel, dan is het uit claims. In beide gevallen betalen wij.

Het blijkt te gaan om de arbitrage-methodiek ‘Investor State Dispute Settlement’ (ISDS), die ik van vrijhandelsverdragen ken. De methodiek waarvan ik vind dat de EU, toen dat in onderhandelingen ter sprake kwam, had moeten zeggen dat dat ononderhandelbaar is; Ben je nou helemaal bezopen. De EU reageerde daarentegen met begrip en een mooie regelgeving om nationale parlementen en rechtbanken van de 27-lidstaten, toen nog 28, buiten werking te zetten.

Geld regeert en het lijkt mij dat we ons er steeds beter van bewust zijn dat ook onze regeringen van de afgelopen 40 jaar meer medeleven hebben (en hebben gehad) met grootaandeelhouders en grootbedrijven, dan met huishoudens en werkenden. Èn dat de belofte, dat ons dat ten goede zou komen, loos is. Maar zonder informatie van wat er werkelijk gaande is, hebben wij geen idee welke gevaren en voorspoed er momenteel voor ons in het verschiet liggen. CEO kon de interne voorbereidende documenten van de Europese Commissie inzien. Daaruit blijkt dat de Commissie dit idee zeer genegen is. Terwijl deze Commissie jarenlang de vragen om minimale sociale standaarden op Europees niveau voor werkende mensen hebben genegeerd, worden klachten van investeerders over hùn ‘gebrek aan bescherming’ onmiddellijk door de Commissie aangepakt en serieus genomen.

Laten we er geen wetsregel van maken om onze oren alleen en ècht alleen te laten hangen naar het grote geld en wetgevers, die winst voor enkelen boven welzijn voor allen stellen. Dat hebben we de afgelopen decennia al veel te vaak laten gebeuren met hulp van wie zichzelf ‘links’ noemden. En daar zijn al veel te veel brokken van gekomen.

De eventuele gang naar een rechter is en blijft broodnodig om onrecht te bestrijden.

Bron: “Big business lobbyt voor privileges die democratische rechtstaat neutraliseren” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 28 juni 2021.

Voor wie het artikel over dat rapport wil lezen is hier een link.

Over de machtigen op aarde

Minder dan een handjevol megacorporaties domineert vandaag de dag onze levens op ieder aspect. Zo komen onze voedingsmiddelen haast allemaal uit een van de volgende 11 bedrijven: Associated British Foods plc, The Coca-Cola Company, Danone S.A., General Mills Inc., Hellogg’s, Kraft & Heinz, Mars, Mondèz International, Nestlé, Pepsico en Unilever. Zij vullen met elkaar onze supermarkten.

Wij denken misschien dat deze producten in de schappen van de winkels met elkaar concurreren, maar dat gaat wat genuanceerder. Voor een deel komen de producten namelijk uit dezelfde voedselfabriek. Maar de werkelijkheid maakt van het concurreren een klucht. De grootste institutionele beleggers van deze 11 bedrijven, blijken dezelfde te zijn, te weten de Bank of America Corporation, Bank Of New York Mellon Corporation, Blackrock Inc., Inc.Franklin Resources, LLC Geode Capital Management, JP Morgan Chase & Company, Northern Trust Corporation, State Street Corporation, The Inc.Vanguard Group en de LLP Wellington Management Company. Voor deze beleggers maakt het niets uit welk product de concurrentiestrijd in de winkels wint, want hun risico op winst of verlies is gespreid, zoals dat heet. Zolang de omzet stijgt, strijken ze de winsten op. Ze investeren immers in alle met elkaar concurrerende voedselfabrieken, zoals een beetje grootbedrijf in de Verenigde Staten van Amerika zowel de democratische als de republikeinse kanshebber op het presidentschap financiert om daarna iets terug te verlangen.

Binnen de technologische industrie domineren Alphabet (Android, Google & YouTube), Apple Inc., Facebook (Facebook, Instagram & WhatsApp), Microsoft (Bing, Microsoft, Office, Windows & XBOX) en Twitter. De grootste institutionele beleggers van deze bedrijven, blijken dezelfde te zijn als die in de voedingsmiddelenindustrie domineren. En diezelfde beleggers investeren ook dominant in alle andere bedrijven, die de technologische industrie domineren met computers, huishoudelijke apparatuur, smartphones en televisies. Zo komen we keer op keer dezelfde institutionele beleggers in een hoofdrol tegen.

Wanneer we bijvoorbeeld op vakantie willen, kijken we op onze Apple of Microsoft-computer en zoeken via Expedia, Trip.com of Skyscanner een goedkope vlucht van AirFrance KLM, American Airlines, Delta Air Lines, Lufthansa, United Airlines of Transavia. Het toestel, waarmee we vliegen is een Airbus of Boeing. We zoeken een verblijfsplaats via AirBnB, Booking.com of Groupon en na aankomst laten we via Tripadviser een reactie achter. Alle hier genoemde bedrijven delen dezelfde grootste institutionele beleggers met de technologische en voedingsmiddelenindustrie, inclusief de oliemaatschappijen, die de kerosine voor het vliegtuig leverden, en de mijnbouwbedrijven, die de metalen wonnen waarvan het vliegtuig gemaakt is. Zij domineren ook deze primaire industrieën. Dat geldt ook voor de agrarische bedrijven, die de wereld domineren, zoals ADM, Bayer (moederbedrijf van Monsanto), Cargill en John Deere, en de verwerkingsbedrijven Lululemon, Reliance IL, Inc.TJX Companies, VF en Zalando. Hetzelfde geldt voor de talloze kledingmerken van Adidas tot Zara. Of we nu ’s werelds grootste olieraffinaderijen nemen, de pharma-industrie, de tabaksproducenten of de zonnepanelenproducenten; de aandelen zijn grotendeels in handen van dezelfde institutionele beleggers, zoals dat ook geldt voor de dominerende auto-, electronica-, vliegtuig- en wapenindustrieën, de banken, bouwbedrijven, cosmeticamerken, online marktplaatsen, restaurantketens, telefoon- en verzekeringsmaatschappijen en de grote warenhuizen. Tenslotte geldt dit ook nog eens voor onze betaalmiddelen als American Express, Mastercard, PayPal, Visa en Western Union.

Nu blijkt als klap op de vuurpijl ook nog eens dat deze institutionele beleggingsmaatschappijen elkaars aandelen bezitten. De ‘kleinere’ supergrote beleggers en de grotere zijn daardoor in de praktijk in bezit van nog grotere. De top van deze piramide blijkt in handen van BlackRock Inc. en The Inc.Vanguard Group. Deze 2 institutionele beleggers hebben een wereldmonopolie. Zij beschikken naar verwachting van Bloomberg in 2028 over $ 20.000.000.000.000, waardoor zij praktisch alles op aarde bezitten, inclusief de centrale of federale banken en hun computersystemen. De grootste aandeelhouder van BlackRock Inc. blijkt uiteindelijk The Inc.Vanguard Group te zijn. Wie deze incorporate, een Amerikaanse bedrijfsvorm te vergelijken met een naamloze vennootschap bij ons, bezit is helaas niet uit gepubliceerde rapportages te achterhalen.

De machtigste 1% mensen op aarde, ontving in 2017 volgens Oxfam 82% van de verhandelde waarde. De rijkste 0,001%, af te lijden uit jaarrapporten zoals The Forbes, blijken net meer dan 2.000 miljardairs te zijn, waarvan 2/3 hun kapitaal verwerven door erfenissen en monopolies. De rijkste families hiervan behoorden al tot de rijksten van de aarde voordat de industriële revolutie plaatsvond, zoals een aantal koninklijke families. En dan zijn er bijvoorbeeld de families Bush, Du Pont, Morgan, Orsini, Rockefelleler, Rothschild en Vanderbilt. Zij zijn hun ooit verworven macht nooit kwijt geraakt, maar hebben die hoogstwaarschijnlijk door te investeren via institutionele beleggers behouden. Deels zouden zij dat doen via privé-fondsen en non-profitorganisaties, die de schakel blijken te zijn tussen het bedrijfsleven, de media en de politiek en waarin honderden miljoenen dollars rondgepompt en witgewassen worden. Genoemde families verdienen hun kapitaal zo ongezien mogelijk.

De 3 belangrijkste foundations, die nagenoeg alle industrieën van de wereld verder met elkaar verbinden, blijken de Bill & Melinda Gates Foundation, de Clinton Foundation en de Open Society Foundations (van George Soros).

Ook de media zijn voor 90% in handen van bedrijven als de Bertelsman, CBS Corporation, News Corporation, General Electric, Sony Corporation, Time Warner, Viavom CBS, Vivendi en The Walt Disney Company. Of we nu denken aan Amazon, at & t, Fox corporation, Netflix, Prime Video of Warner Bros; zij maken niet alleen documentaires, films en andere programma’s, maar bezitten ook de kanalen waarop ze uitgezonden worden en zijn grotendeels in handen van dezelfde invloedrijke institutionele beleggers van de hierboven al genoemde industrieën. Daarmee blijkt ook de informatiestroom over wat er in de wereld gebeurt in handen te zijn van dezelfde groep investeerders. In Nederland gaat het om Bertelsmann, Mediahuis en de Persgroep, voor het leeuwendeel in handen van dezelfde institutionele beleggers, die alle mainstreammedia in handen hebben.

Nieuwsmedia gebruiken nieuws van persbureaus als ANP en Thomson Reuters, die respectievelijk in handen zijn van John de Mols’s Talpa en de Thomsonfamilie. Het European Journalism Centre financiert, leidt op, biedt stageplaatsen en verzorgt studiemateriaal. Het werkt nauw samen met Facebook en Google en wordt gefinancierd door de Bill & Melinda Gates Foundation, ons ministerie van Buitenlandse Zaken, Facebook, Google, ons ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Open Society Foundations. Voor politieke analyses maken 500 mainstreammedia in 150 landen, waaronder Nederland, gebruik van de internationale media-organisatie Project Syndicate, waardoor veel nieuws als het ware wereldwijd gesynchroniseerd wordt. De financiers van Project Syndicate zijn de Bill & Melinda Gates Foundation, het European Journalism Centre en de Open Society Foundations.

De Bill & Melinda Gates Foundation, BlackRock Inc., The Coca-Cola Company, Facebook, JP Morgan Chase & Company, Mastercard, de Open Society Foundations, Pepsico, Unilever en Visa zijn weer de grootste financiers van het World Economic Forum, dat onder meer CEO’s van mondiaal de grootste bedrijven, politici en staatshoofden jaarlijks in het Zwitserse Davos samenbrengt om… Ja, waarvoor? Ze laat weten dat het gaat om de grote wereldproblemen te bespreken, maar wat bespreken ze nog meer? In elk geval worden er blijkens dezelfde teksten uit verschillende monden van regeringsleiders in Davos neuzen dezelfde richting opgezet.

Vanuit het verleden weten we dat de neoliberale ideologie met name aan bevolkingen wordt opgedrongen na ‘shocks’; gebeurtenissen zoals natuurrampen en oorlogen. De bevolking is verward en niet in staat zich te verzetten tegen economische ‘hervormingen’ of zelfs zich bezig te houden met politiek. Ze heeft al haar energie nodig om te overleven. En terwijl de bevolking nog in verwarring is, of blij met versoepelingen na de pandemie die de wereld momenteel in zijn greep heeft, kunnen bijvoorbeeld publieke voorzieningen in rap tempo worden geprivatiseerd; de shockdoctrine, zoals de Canadese journaliste Naomi Klein dat noemt. Kijk maar uit, en al helemaal wanneer er geen speld tussen bovenstaande over de onevenwichtige machtsverdeling op aarde te krijgen is.

Bron: Monopoly Het totaalplaatje van the Great Reset, een film van Tim Gielen en “Shockdoctrine” via Wikipedia voor de laatste alinea.

Hier is de film van Tim Gielen te bekijken. In bovenstaand blog heb ik de aannames en suggestieve verbanden, die ook in de film aan de orde komen, weggelaten. Ik heb hier slechts de verifieerbare feiten en één ‘hoogstwaarschijnlijk’ samengevat.

Overigens werken mijn computers op de open source van Linux om te ontkomen aan de dwang van Apple of Microsoft, koop ik altijd al zoveel mogelijk bij ondernemers en zo min mogelijk bij filialen om te voorkomen dat mijn uitgegeven geld belastingontwijkend in Ierland belandt en om ervoor te zorgen dat het een voor mij herkenbaar persoon ten goede komt, oriënteer ik mij voor wat er in de wereld gebeurt zoveel mogelijk op onafhankelijke media omdat ik mainstreammedia ervaar als teveel hypes makend en als te weinig informatief entertainment om er mijn tijd mee door te brengen, en ben ik wars van de oppervlakkigheid en het opdringerige ‘geschreeuw’, die de televisie te bieden had toen ik jaren geleden nog wel keek. Maar voor de rest verdienen de institutionele beleggers van hierboven net zo goed aan mij. Helaas.

Een gedachten-experiment (Deel II: Mijn antwoord)

Nog voordat de eerste verkenners aangesteld waren, had minister van Staat Herman Tjeenk Willink een plan dat mij aansprak. In plaats van na te gaan wie met wie een coalitie zou kunnen vormen met voldoende zetels in de Eerste en Tweede Kamer, stelde hij voor eerst aan de partijen in de nieuwe Tweede Kamer te vragen welke problemen zij zien en hoe zij die problemen definiëren. De achterliggende gedachte van hem was dat wanneer dààr overeenstemming over is, de uitvoeringsdetails geen hindernis zullen vormen om een regeerakkoord te schrijven.

Mijn opzetje voor het definiëren van de grote problemen, waar wat mij betreft de Tweede Kamer meteen mee aan de slag moet om (een begin te maken om) die op te lossen, zijn:

1. Oorlogsrecht: oorlogen en gebrek aan veiligheid om te beginnen met het geweld waar Nederland actief of door wapenleveranties medeplichtig aan is.

1a Nederland voert alleen defensieve wapens uit.

1b Nederland neemt voor oefeningen alleen deel aan puur defensieve oorlogen.

2. Verdrag van de Rechten van de Mens: ieder mens heeft recht op een menswaardig bestaan en erop zijn of haar mening te uiten.

2a Armoede bestrijden: 1 op de 7 wereldburgers heeft een chronisch gebrek aan voedsel.

2b Opheffen van ongelijkheid in gender, kleur, leeftijd, nationaliteit(en), ras, sociale achtergrond, seksuele voorkeur.

2c Elk institutioneel ‘racisme’ wordt actief bestreden; strafrechtelijke vervolging van wie zich er schuldig aan maakt.

2d Investeren in weer op pijl krijgen van de onafhankelijke (!) rechtspraak

3. Breken van de macht op de media, de politiek en de samenleving van grootbanken en grootbedrijven.

3a Zij worden door Europese harmonisaties gedwongen – willen zij binnen de Europese Unie actief blijven – om belastingen over grondstoffen, vermogen en winsten te betalen en die belastingen gaan progressief omhoog zodat bedrijven met de sterkste schouders naar rato bijdragen aan de publieke voorzieningen.

3b Geen enkel verdrag kan zaken boven de nationale grondwet overeenkomen. CETA, TiSA en TTIP gaan dus ook voor dat deel de prullenmand in.

4. Alles wat de EU invoert, voldoet aan dezelfde productie- en winningseisen zoals arbeidsomstandigheden, relatief loon en toegestane milieudruk/vervuiling als geldend voor binnen de EU, opdat er mondiaal eerlijk geconcurreerd gaat worden.

4a Alleen nog fair-trade en gekeurmerkte producten in de winkels.

5. ‘Streven naar welvaart’ wordt verruild door ‘Streven naar welzijn’.

5a Arbeidsloon

5b Investeren in cultuur, toegankelijk voor een breed publiek

5c Gezondheidszorg

5d Onderwijs en Wetenschap onafhankelijk en onafhankelijk van sociale achtergrond toegankelijk voor iedereen

5e Psychologische hulp, Welzijn en Zorg

5f Secondaire arbeidsvoorwaarden

5g Voedselveiligheid

6. ‘Parijse klimaatdoelen halen’ wordt heilig verklaard.

7. Behoud van goede infrastructuur en verbetering van Openbaar Vervoer (met name een snelle railverbinding tussen Den Haag en Groningen)

8. Voor elk probleem worden structurele in plaats van pragmatische oplossingen gezocht. Zo wordt de Covidpandemie bestreden door te sturen op 0 besmettingen per regio, in plaats van op ziekenhuisopnames en IC-capaciteit.

9. Betaalbare huur- en particuliere woningen

10 Alle geratificeerde VN-verdragen worden naar de geest van die tekst nageleefd. Zo worden voor zover passend bij onze klimaatgebieden en landschapszones biodiversiteit en dierenwelzijn nagestreefd.

Wat ben ik nu nog vergeten? O, ja, Groningen. Dat past natuurlijk onder 8: snelle ruimhartige vergoeding van aardbevingsschades, die te maken hebben met mijnbouw, en verhalen van die vergoedingen op diezelfde mijnbouw.

Op naar claimen wat je claimen kunt

Nederland heeft investeringsverdragen met 75 landen. Onderdeel daarvan is stevast een speciale clausule, die bedoeld is om Nederlandse investeerders te beschermen tegen ‘willekeur’ van de overheden in andere landen. “Op die manier kunnen bedrijven de nationale rechtbanken omzeilen”, zegt onderzoeker Bart-Jaap Verbeek van Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO). Een internationaal arbitragetribunaal behandelt de zaken, die via investeringsverdragen worden aangespannen. “Zo’n tribunaal is bedacht om op te komen voor rechten van investeerders. De kans op een schadevergoeding is daar veel groter.

Afgelopen 4 jaar maakten 22 buitenlandse bedrijven gebruik van deze Nederlandse investeringsverdragen om claims te leggen bij overheden van andere landen. Het merendeel van die 22 bedrijven is alleen met een brievenbusmaatschappij aanwezig in Nederland.

Alleen de Verenigde Staten van Amerika is populairder als thuisland vanwege dit soort investerings- of vrijhandelsverdragen. Wat deze bedrijvigheid de Nederlandse staat aan banen en belasting oplevert, is nihil.

Ongeveer 3/4 van de ‘Nederlandse’ claims tussen 1968 en 2016 kwamen van brievenbusmaatschappijen, want door een ruime definitie van wat een investeerder is, kunnen ook buitenlandse bedrijven, die hier alleen een brievenbusmaatschappij hebben, de Nederlandse verdragen daarvoor gebruiken. In een enkel geval lijkt de brievenbusfirma zelfs speciaal opgericht voor de claim: het Indiase Arka Energy bijvoorbeeld, die pas in 2019 is opgericht op het adres van een Amsterdamse flexwerkplek, eiste in 2020 een schadevergoeding van Albanië. “Arka is hier alleen geregistreerd. Er werkt hier niemand van dat bedrijf fysiek“, zegt een medewerker van Amsterdam Coworking.

Alleen al het bestaan van brievenbusmaatschappijen is wat mij betreft van hetzelfde laken een pak als belastingontwijking, c.q. belastingontduiking. Dat onze overheid dat ooit toegestaan heeft, is in mijn ogen al een schande, maar dat dat nog steeds praktijk is, vind ik ronduit beschamend. Zo kunnen we ons geen beschaafd land meer noemen. En dan is er die speciale clausule om nationale rechtbanken te ontwijken om de winsten van multinationals veilig te stellen ten koste van… het belastinggeld van een staat. Het geld, bijeengebracht uit inkomstenbelasting omdat multinationaals met kunstmatige constructies nationale belastingen ontwijken, moet aangewend worden om diezelfde multinationals te spekken. Als klap op de vuurpijl moet ik vaststellen dat, door het stemgedrag van de Nederlanders in maart, de deur nu wijd openstaat om net zulke vrijhandelsverdragen met Canada en de Verenigde Staten van Amerika te ratificeren: CETA en TTIP. En of dat niet genoeg is ook nog het nog staatsrecht-vijandiger TiSA.

Het Nederlandse parlement kan na die ratificatie(s) alleen nog praten over wat ‘ethische kwesties’ genoemd worden, maar beleid om arbeidsomstandigheden, oneerlijke concurrentie, klimaat, lonen, milieu of (voedsel-)veiligheid aan te pakken, zal miljardenclaims tot gevolg hebben, omdat de winstprognoses van multinationals naar beneden bijgesteld moeten worden. En juist die toekomstige winsten worden in die ‘vrijhandelsverdragen’ veilig gesteld. Dat is dus de praktijk in onze wereld. Leve de claimcultuur!

Bron: “Nederland nog steeds claimparadijs voor buitenlandse bedrijven” door de economieredactie van NOS op 25 maart 2021.