Waar we niet omheen kunnen, maar toch al jaren omheen gegaan zijn

Op Groenland ligt veel ijs. Als de gehele Groenlandse ijskap zou smelten, zou dat mondiaal voor een zeespiegelstijging zorgen van 7 meter. Zover is het nog niet, maar de afgelopen week heeft Groenland wel een uitzonderlijk grote hoeveelheid ijs verloren. Op dinsdag 27 juli alleen al 8.500.000.000.000 kg; 2x zoveel als gemiddeld in de zomer en het op 2 na grootste ijsverlies op één dag sinds 1950. Denk u in: in één dag zoveel Groenlands smeltwater dat heel Nederland er met ruim 20 cm mee bedekt kan worden. De huidige hoeveelheid ijs, die op Groenland smelt, leidt tot een wereldwijde zeespiegelstijging van 0,7 mm per jaar; ongeveer 25% van de totale hoeveelheid zeespiegelstijging, die rond de 3 mm ligt.

De woensdag daarna werd bij een meetstation aan de Groenlandse kust ook nog eens de hoogste temperatuur ooit gemeten: 19,8ºC.

Vorig jaar concludeerden 89 poolwetenschappers al dat de Groenlandse ijskap sinds 2000 steeds sneller smelt. “Het massaverlies neemt kwadratisch toe met de temperatuurstijging”, beaamt Michiel van den Broeke. Hij is hoogleraar Polaire meteorologie van de Universiteit Utrecht en zou er dus iets vanaf kunnen weten, al zijn er altijd wel mensen, die denken het nog beter te weten. Maar goed, terwijl in de ’90er jaren in Groenland per jaar zo’n 33.000.000.000.000 kg ijs verloren ging, is dat in het afgelopen decennium ruim 7,5 keer zoveel. Sinds 2000 is er geen jaar meer geweest dat daar de netto hoeveelheid ijs toenam. Daar kunnen we niet omheen.

Dat weten ook onze politici, met hun spindocters om kwalijk (onrechtvaardig) beleid te verkopen als de beste of best haalbare maatregels. Ministers worden door hun ministeries vast en zeker goed op de hoogte gehouden van de werkelijkheid. Grote bedrijven in de agro-industrie, de chemie en in de energiesector weten ook al decennia dat hun aanpak tot – onder veel meer – dit soort catastrofes leidt. Nee, mainstream bedrijfsleiders en politici zijn niet dom. Zij dienen gewoon andere belangen dan duurzaamheid, rechtvaardigheid en het voortbestaan van de mensheid. In een economisch systeem, dat enkel winstmaximalisatie als legitiem doel erkent, liefst op zeer korte termijn, kan dat ook niet anders. Dààrin zitten we gevangen.

De drijfveren van degenen, die nu al jaren aan de touwtjes trekken, zijn in elk geval niet mijn welzijn of ons welbevinden. En de verdere commercie, media en publieke opinie zijn in zo’n wereld ‘van nature’ op de hand van de status quo en dus verkoop-om-de-verkoop. Op gesachrijn zit niemand te wachten, dus is de aanhoudende boodschap vanuit de gesubsidieerde nieuwszenders, de traditionele media en de overheid sinds “Grenzen aan de groei” van ‘De club van Rome’ in 1972 tegen beter weten in en steeds luider:

Wij doen alles het beste!!! Laat alles aan de markt over en het bedrijfsleven zorgt ervoor dat alles goed komt!!!

We moesten ons schamen, vind ik. Dat telt niet, omdat ik altijd al dezelfde fundamentele kritiek koester en uitspreek op onze meedogenloos destructieve en verwarde manier van denken en leven. Wanneer iemand een pacifistisch socialistische politiek voorstaat, die zich baseert op mededogen, telt haar of zijn mening nu eenmaal niet. Dat is zogenaamd ‘onrealistisch’. Ons kapitalisme en de bijbehorende winstmaximalisatie vind ik gevaarlijk; privé-personen kunnen er veel te invloedrijk door worden.

Maar de uitdagingen voor het overleven op de wereld zijn inmiddels enorm en we zouden best beter kunnen. De geschiedenis geeft ook daar voldoende voorbeelden van, zoals recent de wereldwijde reactie op covid-19 aantoonde dat ingrijpende veranderingen in onze leefstijl best mogelijk zijn. Door internet kunnen we allemaal steeds meer te weten komen. De enorme betrokkenheid van de jeugd bij de klimaatproblematiek is ook al hoopgevend. Zij voeren hun acties los van de traditionele media en zij geven de bedrijfsleiders en politici een stevig antwoord waar die laatsten nog geen andere raad mee weten dan hen te negeren of verdacht te maken. Niets is echter onmogelijk. De geschiedenis kent ook voldoende voorbeelden van gunstige (rechtvaardige) ontwikkelingen, mentale vooruitgang en verlichting.

En daarmee eindig ik dit stukje na zo’n schokkend nieuwsbericht toch nog positief: ook nu nog is niets onmogelijk. Ook een mondiaal, nationaal en regionaal diervriendelijk beleid gericht op behoud van cultuur en ecosystemen, duurzaamheid, het welbevinden van ieder mens ongeacht geslacht, godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras of wat dan ook, en wereldvrede. Als we dat zouden willen.

Bronnen: “Bijna 20 graden in delen Groenland, warmte leidt tot massaverlies ijskap” door NOS-buitenland op 1 augustus 2021, “Bosbranden en overstromingen? ‘Wij doen gewoon voort’” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 2 augustus 2021 en artikel 1 van de Nederlandse grondwet op 3 augustus 2021.

Wat weten we van de kiezers?

Alles wijst er op dat wie 2030 meemaakt in een wereld komt te leven, die wij ons nu nog niet voor kunnen stellen; zo mooi en verantwoord. Zelfs het verlies van dieren en natuur zal dan, als het aan de Verenigde Naties ligt, een halt toegeroepen zijn.

Het is een beetje jammer dat we dit bijvoorbeeld in 1972 niet bedacht hadden. Dat toen ons energieverbruik in 1980 klimaatneutraal moest zijn. Dat dan de mensenrechtenschendingen van de baan moesten zijn. Dat dan racisme tot de verleden tijd behoorde en dat verlies aan natuur een halt was toegeroepen. Als we toentertijd bedacht hadden dat welzijn voor welvaart gaat, en dat het een achterlijk idee is, dat individuele personen zich onbegrensd moeten kunnen verrijken ten koste van ziekmakende arbeidsomstandigheden, flexibele arbeidscontracten, het lijden van volstrekt onschuldige (dieren en) mensen, opwarming van de aarde, stijgende schulden voor huishoudens en het uitsterven van dieren en planten, hadden we nu al 40 jaar in ons Paradijs geleefd. Ik noem 1972 omdat toen de Club van Rome haar eerste en zeer verontrustende rapport publiceerde, dat op politiek niveau aan dovemans oren gericht was. Het stemvee liep achter andere beloften en praatjes aan. Neoliberaal, noem ik die kleur.

Maar nu, anno 2021, stellen we tenminste doelen. Tegen 2030 moet jaarlijks bijvoorbeeld minstens $ 500.000.000.000 aan schadelijke subsidies zijn afgeschaft. Dat de belastingbetaler, en dus niet het belastingontwijkende bedrijfsleven, dat geld jaarlijks bijeen sprokkelde en nog steeds bijeen sprokkelt, is voor de stemgerechtigden geen enkele reden om anders te stemmen.

Maar de wal gaat nu het schip keren. De ontwerptekst ‘First draft of the post-2020 global biodiversity framework’ beschrijft wereldwijde ambities en doelstellingen voor 2030. Zelfs nog voor daarna.

Die tekst ontbeert overigens een concreet actieplan, zeggen critici. “Het gaat louter over doelen zonder een woord te reppen over hoe ze te bereiken” en er is “geen strategie voor daadwerkelijke oplevering” vertelt Li Shuo van Greenpeace Oost-Azië. “Hoewel de doelstellingen sterk aangescherpt zijn, is er nog veel werk aan de winkel”, zegt ook Andrew Deutz, directeur van het globale beleid bij The Nature Conservancy. “We zijn bezorgd dat niet alle bepalingen omtrent implementatie zijn verankerd in het kerndocument. Ook het kader voor monitoring- en rapportage is nog steeds onvolledig.” Deutz zegt dat hij blij was met “het ambitieniveau van de voorgestelde doelen”, en hij wijst op de oproep om tegen 2030 het jaarlijks financieringstekort van $ 700.000.000.000 voor de natuur te dichten. “Aan de andere kant, we zeiden hetzelfde in 2010, toen de wereld de Aichi-doelen aannam”, voegt hij hieraan toe, verwijzend naar de vorige reeks biodiversiteitsdoelen. In 2020 werd duidelijk dat de wereld die doelen niet had behaald.

En wij, de kiezers van onze volksvertegenwoordigers, kijken collectief de andere kant op. We weten dit allemaal niet eens. Het is mij de vraag of het ons interesseert.

Bron: “VN komt met straffe biodiversiteitsdoelen maar ‘stappenplan ontbreekt’” door Chloé Farand van Inter Press Service via DeWereldMorgen op 15 juli 2021.

Een instructief vakantieboek

In tegenstelling tot wat jongeren soms denken, zijn de huidige klimaatbewegingen allesbehalve nieuw. Actievormen en mediatechnologie zijn wel veranderd, maar het verzet tegen klimaatvernietiging duurt al 50 jaar. Na de eerste protestmarsen tegen kerncentrales en de zure regens in het Duitsland van de jaren ’60 is er geen jaar voorbijgegaan zonder betogingen, campagnes, meetings en petities. Ondertussen boomt de industrie, ook die van de fossiele brandstoffen, als nooit tevoren; extreme droogteperiodes wisselen daardoor nu af met zware overstromingen, de vervuiling van bodem, lucht en water is spectaculair te noemen, winters worden kouder, de zeespiegels stijgen, de zomers worden heter, …

De eerste klimaatconferentie COP1 was in 1995; 26 jaar geleden. Sindsdien is de totale CO2-emissie met 60% gestegen. Wereldwijd werden sindsdien nieuwe installaties en pijpleidingen voor gas- en olie gebouwd. Sinds die COP1 in Berlijn delfde Duitsland nog 200.000.000 ton bruinkool. Dat is de meest vervuilende van alle fossiele brandstoffen. Ook werden sindsdien duizenden kilometers autowegen gebouwd en/of verbreed. De luchtvaart steeg exponentieel. Zeeschepen varen met steeds meer en nog steeds op vette diesel, bijna ongeraffineerde aardolie, die elk schip tot een roetfabriek maakt.

Dankzij haar geweldloosheid en oprechtheid, geholpen door extreem weer ìn Westerse landen, wonnen de klimaatbewegingen de sympathie van miljoenen mensen. En wat deed het kapitalistisch systeem ondertussen? Verder bouwen, verder uitbreiden. Kapitalisme is als een haai, die niet kan stoppen met zwemmen. Investeerders zien de toekomst van hun sector nog altijd zonnig tegemoet. De pijpleidingen, die momenteel gebouwd worden, moeten nog 40 jaar meegaan om er de geplande winsten uit te halen.

De neoliberale aanval op de welvaartsstaat, die nu ook al 40 jaar voortduurt, heeft de slagkracht van de klassieke sociale bewegingen – zoals coöperaties en vakbonden – aanzienlijk aangetast en ook het idee van revolutionaire actie zelf is in diskrediet gebracht. Helaas leert de geschiedenis ons echter: tegengeweld tegen gebouwen, infrastructuur en andere ‘dingen’ is soms de enige methode om revolutionaire verandering af te dwingen. Fossiele brandstoffen kunnen voor weldenkende mensen, net als bijvoorbeeld de slavernij ooit, toch geen onderwerp meer zijn van compromissen? Niemand heeft indertijd overwogen om slavernij met 40 of 60% te reduceren. Niet alleen maken de superrijken, bijgestaan door onze overheden, de levens van velen onder ons miserabel, ze zijn hard bezig het leven voor een deel van de mensheid te beëindigen.

Veiligheidsdiensten maken zich inmiddels druk over het potentieel van gewelddadig klimaatprotest. Vreemd genoeg hebben die diensten nooit vragen gesteld bij de vernietigende impact van gaswinning, kerncentrales, oliepijpleidingen, … Veiligheidsdiensten zijn alleen toegerust voor het bestrijden van fenomenen die de status quo bedreigen. Het geweld van die status quo is voor hen een blinde vlek, ook al is dat structurele industriële en politieke geweld vaak juist de aanleiding en oorzaak van tegen-geweld.

We hebben een strategie nodig om te verwezenlijken wat in het belang van de leefbaarheid van onze planeet voor de mensheid nodig is; misschien wel een andere aanpak dan de tot nu toe gehanteerde. Nu de urgentie prangend is, is het de vraag of de klimaatbewegingen braaf en vreedzaam moeten blijven. Mensen, die over zo’n strategie willen nadenken, zouden “How to Blow Up a Pipeline” van academisch onderzoeker, klimaatactivist en Zweeds auteur Andreas Malm – uitgegeven door Verso Books – eens kunnen lezen. In de 208 pagina’s van dat boek met ISBNnummer 1-839-76025-7 vinden zij overigens geen handleiding hoe een pijpleiding op te blazen.

Bron: “‘Hoe een pijplijn opblazen’ en andere suggesties voor de klimaatbeweging”; een boekrecensie door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 7 juli 2021.

Niets nieuws. Jammer!

Ooit hing”, vertelde een broer van mij gisteren, “in de Engelbewaarder in Amsterdam een overdenking van Bert Schierbeek: ‘Zeg, het is erger dan je denkt. Als je denkt, is het nog erger.’” Voor hem is dat een ‘leidraadje’ in zijn leven want, zo redeneert deze broer, wel iets verwachten, maar voorbereid op dat het tegenvalt, dan valt het soms weer mee. Gewoon twee keer lezen, dan begrijpt u dat wel.

Als fossiel pacifist ben ik natuurlijk helemaal niet blij met de laatste verkiezingsuitslag. En ook niet met de voorlaatste, de voorvoorlaatste en de voorvoorvoorlaatste en zo. Met de verkiezingsuitslagen in de West-Europese landen komt vrede, binnenlandse en mondiale, al decennia elke keer verder buiten bereik.

Wellicht is ooit heel even gehoor gegeven aan de roep van John Lennon en Yoko Ono in 1969 tijdens hun bed-in: “All we are saying, is give peace a chance”. Maar daarna was het afgelopen en werd alles erop ingezet dat de rijksten zich ongehinderd verder konden verrijken, terwijl het volk, voorzien van brood en spelen, akkoord ging met loonstops, versoepeling van het ontslagrecht, tegenprestaties om hun bevroren uitkering te krijgen en zo meer. De taart voor het volk werd allengs kleiner, de rijksten gingen in 9 nullen denken in plaats van 6 en het populisme nam omgekeerd evenredig toe. En nu zitten we voor 4 jaar vast aan de door de kiezer vastgestelde zetelverdeling.

Even vestigde ik mijn hoop er op dat de nieuwe Tweede Kamer de stellig verzekerde onwaarheid van de fractievoorzitter van de VVD over de inhoud van zijn gesprek met de verkenners dit keer niet zou dulden. Echter, strategisch werd in allerijl door de fractieleider van D66 een ‘motie van afkeuring’ naast de door de fractieleider van de PVV ingediende ‘motie van wantrouwen’ in stelling gebracht, waardoor die motie van wantrouwen geen meerderheid kreeg. Zo blijft alles bij het nieuwe oude en kan de alles weglachende VVD-fractievoorzitter na pasen verder lachen.

Ik hoor premier Rutte straks al zeggen: “Ik vind het ook rotmaatregels, maar de taart voor jullie moet echt kleiner. Voor adequate Europese belastingharmonisaties om belastingontduiking, sorry, ontwijking tegen te gaan of een landelijk klimaatbeleid hebben we helaas geen tijd. En de overheid moet machtelozer, maar ik vertrouw op jullie verantwoordelijkheidsgevoel om de chaos die ik organiseer binnen de perken te houden. Laten we maar ingaan op de suggesties van de fossiele energiebedrijven om met rode waterstof hun toekomst (goed voor de werkgelegenheid) veilig te stellen. En op elke potentiële plek voor een kerncentrale moeten we, doordat ik al 10 jaar gods klimaatwater over gods akkers laat stromen, er maar een gaan zetten. Dan hebben we er 3 en daar kunnen we niet omheen als we door willen blijven feesten zonder onze ecologische voetafdruk in te perken.” Om achter de hand in het oor van minister Kaag te fluisteren: “Eerst zag ik na mijn premierschap een toekomst bij mijn voormalige werkgever Unilever, maar Essent biedt me nu het dubbele.

Nee, ik kan me wel vinden in de uitspraak van Bert Schierbeek, maar interpreteer hem anders dan mijn broer: “Ik, met het idealisme van een uitgestorven vogel, denk al dat het erger is, maar het zal vast nòg erger zijn dan ik denk.

Voor wie meer over de bed-in wil weten, klik hier. De weg er naar toe en vanaf 51’24” begint het genoemde nummer met de roep vrede een kans te geven.

Over een stralende toekomst

Op 11 maart 2011 vond met kerncentrales één van de zwaarste ongevallen ooit plaats. Ons werd tot die datum voorgehouden dat een ongeval zo zwaar als in Tsjernobyl, 25 jaar eerder, in onze hoogstaande beschaving onmogelijk was; ook al was het 7 jaar vòòr Tsjernobyl, op Three Miles Island in de Verenigde Staten van Amerika, ook al ernstig misgegaan. Bij Fukushima smolt de nucleaire brandstof in 3 kernreactoren en een gevaarlijke brand trof de 4de reactor. Rond Fukushima vielen meer dan 2.000 evacuatiedoden ten gevolge van gebrek aan medische zorg, stress en andere factoren. Nadien nam daar het aantal kankerpatiënten beduidend toe. Eerst schildklierkankers, als gevolg van de inname van radioactief jodium, gevolgd door andere kankers toen ook andere radioactieve elementen, zoals radioactief Cesium, hun tol begonnen te eisen. Fukushima zit nu na 10 jaar nog steeds in haar eerste fase van toename van kankergevallen; meestal onder kinderen.

Maar in de actualiteit aan deze kant van de wereldbol heeft de aandacht voor de gevolgen van Fukushima, Three Miles Island en Tsjernobyl plaats gemaakt voor heel andere onderwerpen. Zoals ik op een bushalte in Leuven in koeienletters las: “Dankzij HUMO staat hier geen andere onzin. HUMO” Zo is het ook met alles wat de media ons voorschotelt: “Wat zouden de onderwerpen zijn ingeval de corona-uitbraak aan ons voorbij was gegaan?”, vraag ik mij dan af, “De gevolgen van genoemde rampen? Halfgevulde bladzijden? Lege pagina’s? ” We weten het niet. Wat we wel weten is, dat wanneer we ergens niet meer van op de hoogte gehouden worden, het voor ons ophoudt te bestaan.

Hier te lande is de tijd dus rijp om kernenergie weer te propageren, dit keer als antwoord op het klimaatprobleem; er is nog wel een plekje bij Borssele, aan de Eemhaven of op de Maasvlakte. ‘Oh, toch maar niet in Groningen, want die willen kennelijk niet.’ Van dat niveau. In de Eemhaven gaan ‘ze’ namelijk met waterstof aan de gang, opdat de financiële belangen voor de fossiele industrieën voorlopig veilig gesteld blijven. Wel jammer dat daarmee het transitiepaard weer achter de klimaatwagen gespannen wordt, maar goed voor de korte termijnwinsten en de werkgelegenheid.

In de huidige plannen van verkiesbare politieke partijen in Nederland mis ik een drastische uitbreiding van niet idioot-hoge windmolens, zonnecollectoren en zonnepanelen, die geëxploiteerd kunnen worden door bewoners en gemeenten. En ik mis het plan van aanpak om per hoofd van de bevolking minder energie te gaan gebruiken. Het is alsof het belastinggeld, in de nabije toekomst verdiend met subsidies op energie-opwekking, naar een paar ongrijpbare rijke aandeelhouders en ceo’s moet stromen.

Natuurlijk begrijpt iedereen dat er geen enkele industriële installatie zonder risico’s bestaat. Het type risico voor een kerncentrale is echter van een andere orde dan alle andere installaties, zelfs al erken ik direct mijn groot geluk om niet in een Nederlands aardbevingsgebied te wonen. Bij kernenergie hebben we van doen met extreem lang-levende stoffen, die chemisch toxisch èn heel lang radioactief zijn. Wanneer kernreactoren sluiten, zullen de hoog-radioactieve afdelingen nog meerdere jaren door moeten blijven werken om de brandstofstaven uit de gesloten reactoren nog in speciaal daartoe bestemde baden te koelen (over opwarming van de aarde gesproken!) en dat is ook al niet zonder risico’s. Daarna volgen nog vele decennia van passieve koeling van diezelfde brandstofstaven, totdat ze voldoende gekoeld zijn om in speciale containers verder af te koelen. Wie kernenergie een optie vindt, zadelt ons nageslacht dus gedurende generaties op met haar of zijn weloverwogen besluit, dat tegen die tijd dan natuurlijk volgens de politici van dan ‘geen schoonheidsprijs’ verdient.

Maar goed, voor vandaag geldt dat het beleid rond ‘goedkope’ kernenergie bij ongelukken er tot nu toe verantwoordelijk voor is dat het de betrokken arbeiders en hun families duur kwam te staan. Bovendien werden natuurlijk wel de eigen werknemers, hulpdiensten en de werknemers van onderaannemingen het eerst getroffen door stralingsziekten. En in een straal tot 30 km rond de 2 laatst verongelukte centrales moesten de burgers evacueren. Hetgeen natuurlijk niet wil zeggen dat op 31 km afstand de kust veilig zou zijn. Bewoners, die terugkeren, dreigen een ‘stralende toekomst’ tegemoet te gaan. Dat dan weer wel.

Bron: “Geen Fukushima aan de Schelde: Werknemers verongelukte kerncentrale altijd eerste slachtoffer” door de 11 maart-beweging via DeWereldMorgen op 11 maart 2021.

Voor wie meer wil weten over het hoe en waarom van een wèl sociaal rechtvaardige en gedragen overgang van kernenergie naar duurzame hernieuwbare energie is door de 11 maart-beweging het boek “Investeer in Doel 5; naar een sociaal rechtvaardige en klimaatpositieve energietransitie” geschreven. Hier vindt u daarover meer informatie.

Een frisse wind? Was het maar zo…

3 Dagen achtereen maakte ik deze week flinke wandelingen. Rond Loenen (bij Apeldoorn), rond het Naardermeer en in ’t Twiske. Uit de frisse wind picknicken kon nog best, maar van al te lang stilzitten werd ik koud als de wolken voor de zon langstrokken. Dan kreeg ik al snel de aandrang om maar weer in de benen te gaan.

Dat was in september wel anders; wat een topmaand voor mij als wandelaar in deze regionen en wat een ernstige her-her-herbevestiging dat het ernstig mis is met het klimaat hier. Èn, wanneer ik me er een beetje in verdiep, dat het ernstig mis is over heel de wereld.

De voorbije maand september blijkt de warmste sinds het begin van de metingen in 1880. Daarmee zijn de records van september 2015 en 2017 gesneuveld. De 10 warmste septembermaanden ooit blijken bovendien allemaal gemeten te zijn na 2005. En de laatste 7 septembermaanden zijn ook nog eens de 7 warmste ooit. De gemeten temperaturen zijn gemiddelden voor het hele aardoppervlak.

In Europa was de afgelopen septembermaand maar liefst 2,33ºC warmer dan normaal. De periode vanaf januari tot nu is in Europa ook al de warmste sinds het begin van de metingen in 1880.

Nou ja, dit is maar een onbenullig voorbeeld van een tijdelijk individueel voordeel dat een ernstige-ontwikkeling-voor-ons-allemaal mij in september opleverde. Er is volgens mij een echt frisse wind nodig in de mondiale aanpak van de klimaatproblematiek. Bijvoorbeeld een antwoord op de vraag van Greta Thunberg aan onze wereldleiders bijeen op een top van de Verenigde Naties: “How dare you?” Liever toch maar geen ’s zomerse wandelingen van maart tot september (en graag weer een paar weken schaatsen hartje winter).

Bron: “September 2020 is warmste ooit gemeten” door Inter Press Service via DeWereldMorgen op 15 oktober 2020.

Over kernenergie en een nieuw vrijhandelsverdrag

Het lijkt een aantrekkelijke second best-oplossing om kernenergie van stal te halen, nu onze overheden al decennia te kort schieten bij het vormgeven aan de snel benodigde energietransitie. Echter, kernenergie ìs geen oplossing, want investeren in zowel kernenergie als in duurzame hernieuwbare energiebronnen leidt tot een moeilijk huwelijk, omdat de twee strategieën nu eenmaal niet samengaan.

Kernenergie vraagt een gecentraliseerd stroomnet om de opgewekte elektriciteit vanuit één locatie te verdelen, en zo’n net is veel minder geschikt voor de gefragmenteerde energieproductie door aardwarmte, getijden-energie, windkracht en zonnecellen overal in het land. De twee strategieën hebben ook heel andere financieringsmechanismen nodig en een sterk verschillend wetgevend kader.

Deze wijsheden komen voort uit een onlangs gepubliceerd onderzoek van de Universiteit van Sussex, waarin de energieproductie en uitstoot van 123 landen in de voorbije 25 jaar zijn geanalyseerd. Uit dit onderzoek blijkt dat landen met grootschalige kernenergie géén significante vermindering van de uitstoot halen, en dat nucleaire programma’s in armere landen zelfs de uitstoot deden toenemen. “De resultaten tonen duidelijk aan dat kernenergie om de uitstoot te beperken de minst efficiënte is van de twee strategieën”, zegt Benjamin Sovacool, hoogleraar Energiebeleid aan die Universiteit. In sommige grote landen blijkt het verband tussen CO2-beperking en hernieuwbare stroomproductie tot 7x effectiever dan die van kernenergie.

En als we het dan toch over te kort schietende overheden hebben: in een overkoepelend verdrag voor de vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en Mercosur, een douane-unie tussen Argentinië, (Bolivia,) Brazilië, Paraguay, Uruguay en Venezuela, staan de voorwaarden waaronder een partij sancties kan opleggen aan een andere, of de overeenkomst kan opschorten. In tegenstelling tot vereisten rond mensenrechten of de verspreiding van massavernietigingswapens worden klimaat- en milieubescherming in de concepttekst niet als een “essentieel element” beschouwd.

Gezien de huidige vernietiging van het Amazone-regenwoud in Brazilië, de Pantanal-draslanden in Bolivia, Brazilië en Paraguay en andere waardevolle ecosystemen in Latijns-Amerika lijkt de vrees gerechtvaardigd dat het nieuwe zogenaamde ‘vrijhandelsakkoord’ de productie van soja en vlees in de regio verder zal aanzwengelen en daarmee ook de schade aan het klimaat en het milieu. “De deal kan de vernietiging van de Amazone versnellen, klimaatchaos ontketenen en talloze soorten vernietigen”, zegt Jürgen Knirsch, handelsexpert bij Greenpeace Duitsland, dat de gelekte concepttekst in handen kreeg, “Het weglaten van sanctioneerbare toezeggingen om de klimaatcrisis aan te pakken en natuurvernietiging te stoppen, toont aan hoe weinig aandacht [de mensen achter; GjH] dit akkoord hebben voor de existentiële uitdagingen waarmee we [momenteel als mensheid; GjH] worden geconfronteerd”.

Zou dit te kort schieten een gevolg zijn van de hechte banden die onze bestuurders in Nederland en Europa hebben met het grootbedrijfsleven, of gaat het om vergissinkjes en hebben ze werkelijk het beste met de aarde en iedereen voor?

Bronnen: “Onderzoek in 123 landen: kerncentrales en hernieuwbare energie gaan niet samen” en “Gelekt vrijhandelsakkoord met Brazilië: geen milieu- of klimaatgaranties”, beide door Inter Press Service en via DeWereldMorgen op 9 oktober 2020.

Roekeloos

Nergens hoorde ik er iets over, maar de dag dat we mondiaal meer aan grondstoffen verbruiken en aan afval produceren, dan dat de aarde in een jaar kan herproduceren en zuiveren is inmiddels alweer 3 dagen geleden. Dankzij de ingrijpende maatregels om zo’n beetje overal op de wereld het verspreiden van Covid-19 tegen te gaan, viel deze datum dit jaar 3 weken later dan in 2019, maar toch nog in augustus, de 8ste maand van het jaar.

Het begin van de overschrijding van ons mondiaal verbruik en onze mondiale afvalproductie over wat de aarde terug kan leveren en zuiveren begon in 1970 en is daarna met golvende bewegingen steeds verder toegenomen. Inmiddels zouden we jaarlijks (!) 1,6 Aarde nodig hebben om in balans te blijven. In 2020 is de totale ecologische voetafdruk ten opzichte van 2019 met een historische 9% gedaald als direct gevolg van de maatregelen die wereldwijd zijn genomen tijdens de COVID-19-pandemie. Daardoor nam bijvoorbeeld de CO2-uitstoot af (-15%) en de mondiale houtkap (-8%). Toch zijn ook deze verbeteringen van onze ecologische voetafdruk veruit onvoldoende om ons een duurzame toekomst in het vooruitzicht te stellen. Bovendien ontbrak het daarbij aan een gerichtheid om in balans te komen met wat de aarde kan om er als totale mensheid op den duur te kunnen overleven, want overal blijkt economie (om preciezer te zijn: economische groei die enkelingen ten goede komt) voor te gaan op dierenwelzijn, duurzaamheid en natuur en hier en daar zelfs op milieu, voedselveiligheid en volksgezondheid.

Als wat ‘tot nu toe dit jaar in België gebeurde’ de mondiale norm geweest was, zou de mensheid al op 5 april jl. meer verbruikt en vervuild hebben dan de aarde in een jaar terug kan leveren en zuiveren. Wanneer de ecologische voetafdruk van wat ‘tot nu toe dit jaar in Nederland heeft plaatsgevonden’ in heel de wereld de norm was geweest, zou dat vanaf 3 mei jl. het geval geweest zijn. Kortom en voor u vast geen nieuws: we leven met elkaar op het vlak van verbruiken en vervuilen naar wat de aarde kan terugleveren en zuiveren op veel te grote voet.

En wanneer we nergens aandacht besteden aan de gevolgen van ons gezamenlijk gedrag in relatie met de grenzen aan wat de aarde ons te bieden heeft, kunnen we ons er ook niet druk over maken en zelfs gewetensvol doorgaan met te doen wat we doen (en ons eventueel druk maken over datgene waaraan onze media wel aandacht besteden). “Vrijheid” noemen we deze roekeloosheid.

Alleen in De Wereld Morgen las ik er een stukje over: Bron: “Earth Overshoot Day valt op 22 augustus: een historische, maar ontoereikende daling van onze ecologische voetafdruk” door het Wereldnatuurfonds België, via DeWereldMorgen op 21 augustus 2020.

Op zonvakantie naar… Siberië

In sommige delen van Siberië klom het kwik vorige week boven de 30 graden Celsius. “Dat is warmer dan in veel delen van Florida in de Verenigde Staten”, zegt woordvoerster Claire Nullis van de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO). In de Russische stad Verkhoyansk werd op 20 juni een temperatuur van 38°C geregistreerd en in andere delen van Siberië werd het in de week van 19 juli opnieuw meer dan 30°C. De temperaturen in Siberië gedurende de eerste helft van 2020 lagen meer dan 5°C boven het gemiddelde en in juni tot 10°C boven het gemiddelde. Het noordpoolgebied warmt meer dan 2x zo snel op als het wereldgemiddelde. Dat heeft gevolgen voor de lokale bevolking, voor ecosystemen en voor de rest van de wereld. Die extreme hitte “zou volgens de analyse van een team van klimatologen bijna onmogelijk zijn geweest zonder de invloed van door de mens veroorzaakte klimaatverandering”, aldus Nullis, maar dat is nu natuurlijk mosterd na de maaltijd.

Een van de gevolgen is bijvoorbeeld dat er nu zware bosbranden woeden. Satellieten “laten dramatische beelden zien”, zegt Nullis. “De meest actieve brand woedt momenteel slechts 8 kilometer van de Noordelijke IJszee.” Op 22 juli waren er in Siberië zo’n 188 brandhaarden. De rook van bosbranden geeft een breed scala aan verontreinigende stoffen af, zoals koolmonoxide, en vermindert de capaciteit van de bossen om verontreinigende stoffen zoals vaste aerosolen, vluchtige organische stoffen en stikstofoxiden op te nemen. In juni kwam door de branden naar schatting 56.000.000 ton CO2 vrij in de atmosfeer. Dat is nog meer dan de 53.000.000 ton van de Siberische bosbranden in juni van het vorig jaar.

Deskundigen vrezen dat het smelten van het ijs vooral in de maanden augustus en september tot een groot verlies aan zoet water zal leiden. Bovendien komt door het smelten van het ijs en het ontdooien van de permafrost (immer bevroren grond) methaan vrij; een broeikasgas. Dat heeft ook weer een negatieve impact op ecosystemen en op de infrastructuur in de hele regio. De WMO heeft ook meldingen ontvangen van een snelle daling van het zee-ijs langs de Russische kust.

Wat er in het [haast, op wat ijsberen na, uitgestorven; GjH] noordpoolgebied gebeurt, blijft niet in het noordpoolgebied. De polen beïnvloeden het klimaat en de klimatologische omstandigheden op de lagere breedtegraden, waar honderden miljoenen mensen wonen”, benadrukt Nullis.

Bron: “Hittegolf doet Siberië opnieuw branden” door InterPressService via DeWereldMorgen op 27 juli 2020.

Chomsky schreef weer een nieuw boek

De geschiedenis toont ons dat machtssystemen nooit uit zichzelf veranderen en nooit uit zichzelf hun interne tegenstrijdigheden erkennen. Dat gebeurt alleen door de publieke opinie. Aan het woord is de 91-jarige Noam Chomsky, wiens scherpzinnige inzichten ik hier wel vaker deel.

Hij kijkt in zijn nieuwe 101 pagina’s tellende boek “Internationalism or Extinction” naar de continuïteit van het beleid van Amerikaanse regeringen sinds 1945. En hij onderbouwt erin dat die onveranderd is gebleven, te weten gericht op de instandhouding van een volledige dominantie over de wereld: economisch, militair en politiek. Wie om de 4 jaar president wordt, maakt daarbij weinig verschil. Donald Trump is als 45ste Amerikaanse president geen abnormaliteit volgens Chomsky, geen afwijking van de norm, maar op de keper beschouwd een logische consequentie van een maatschappelijk systeem dat niet in staat is uit zichzelf te veranderen en nu dit gevaarlijke monster heeft gebaard.

Ofwel we behoeden democratieën voor zelfvernietiging,
èn we stoppen de klimaatverandering,
èn we beperken het risico van een allesvernietigende kernoorlog tot het uiterste,
ofwel we beschouwen onze zelfvernietiging als een fait accompli

Echter, wanneer dat beleid nu niet fundamenteel verandert, wacht ons mogelijk door toedoen van de Verenigde Staten van Amerika de vernietiging van menselijk leven op aarde (extinction). De Republikeinse Partij noemde hij ook eerder al de gevaarlijkste organisatie, die de mensheid heeft voortgebracht.
Een voorbeeld: in de jaren ’80 hebben, na een wereldwijde beweging tegen kernwapens, de 2 grote kernmachten van toen afspraken gemaakt over dialoog en inperking van hun kernwapenarsenalen. Afspraken die werden vervat in de ABM, INF en START-verdragen. Deze 3 verdragen worden nu door Trump op de helling gezet. Dat maakt de dreiging van een kernoorlog nu weer net zo actueel als in de jaren ’80.
Nog een voorbeeld: het grootste deel van de Amerikaanse verkiezingen is ‘gekocht’. Alleen de campagnes van Bernie Sanders zijn hierop een uitzondering.
Laatste voorbeeld: door gebruik van fossiele brandstoffen – kolen uit Ohio en schaliegas – op steeds grotere schaal draagt de Federale Regering (en met name de Republikeinse Partij) op een onverantwoordelijke wijze bij aan wereldwijde temperatuurstijging en het Verdrag van Parijs met de clausules voor milieubescherming werd in 2016 door de Republikeinen verhinderd.
Chomsky roept daarom in zijn nieuwste boek op tot activisme, want hij stelt dat de mensheid voor een cruciale keuze staat:
ofwel we behoeden democratieën voor zelfvernietiging, èn we stoppen de klimaatverandering, èn we beperken de kans op een allesvernietigende kernoorlog tot het uiterste,
ofwel we beschouwen onze zelfvernietiging als een fait accompli; iets waar niets tegen te doen valt.

Wat hij eerder voorspelde is inmiddels bewaarheid geworden

Chomsky is, anders dan bovenstaande wellicht doet vermoeden, geen vlotte spreker. Hem beluisteren vergt een nogal gedisciplineerde concentratie, want hij heeft ook al geen oratorische kunsten te bieden. Sterker nog, zijn lezingen zijn voorspelbaar, want in feite zegt hij al heel zijn productieve leven hetzelfde. Je weet zodoende wat je van hem kunt verwachten. Maar de actuele context actualiseert hij voortdurend met feiten, die anderen en mij nogal eens zijn ontgaan (of die er een betekenis aan toekenden in lijn met de commentatoren in de media).
Zijn boeken zijn allesbehalve vlotte literatuur. Ook Chomsky lezen vergt een gedisciplineerde concentratie. Maar ook die inspanning loont altijd de moeite.
Chomsky kan iets wat weinigen gegeven is: hij zet je met actuele gebeurtenissen, die meestal aan de aandacht van de mainstream media ontsnapt zijn, aan het denken en je weet weer wat je te doen staat.

Wat hij eerder voorspelde, bijvoorbeeld over de toekomstige negatieve effecten van vrijhandelsverdragen of hoe naargeestig de wereld er uit gaat zien wanneer Donald Trump president van de Verenigde Staten van Amerika zal worden, is inmiddels bewaarheid geworden. Het discours van Chomsky is diametraal aan wat mainstream commentatoren ons dagelijks vertellen, en ook dat stelt hij aan de kaak. Zijn zienswijze onderbouwt hij altijd stevig met feiten en in goed gekozen woorden. Dat maakt hem voor bezorgde mensen als ik zo aantrekkelijk. En ik ben niet de enige; geen enkele andere hedendaagse intellectueel kan tippen aan de aantrekkingskracht en het charisma van Chomsky, schrijft Lode Vanoost, de bronleverancier van dit stuk, waar hij verschijnt, blijft hij bomvolle zalen trekken.

We overtuigen door de feiten te tonen èn door te wijzen op de mogelijkheden die er nog altijd zijn

Activisme zou het verschil kunnen maken. Alles is door mensen gemaakt en kan door mensen veranderd worden, constateert Chomsky nuchter.

De hamvraag, die bij zijn lezingen telkens weer terugkomt, is: “Hoe overtuigen we de mensen die vandaag niet met ons in de zaal zaten?”. En Chomsky’s antwoord daarop is: “We overtuigen de mensen door ze de feiten te tonen èn door ze te wijzen op de mogelijkheden die er wel degelijk nog altijd zijn. (…) Om de toenemende destructieve autocratische* en hypernationalistische** tendensen aan te pakken moeten we eerst de oorzaken doorgronden. Een substantieel element zijn de neoliberale bezuinigingen van de voorbije generatie. Die hebben alle welvaart geconcentreerd in enkele handen, de functionerende democratie ondermijnd, de bevolking opzij geschoven, wat tot begrijpelijke weerzin en woede heeft geleid, die soms pathologische*** vormen aanneemt en mensen een prooi maakt voor demagogen****.” Chomsky levert informatie, feitenmateriaal en de analyse daarvan ook in zijn 91ste levensjaar nog steeds als geen ander.
Uitleg van moeilijke woorden
* de ongelimiteerde vernietigende macht wordt uitgeoefend door één partij of door één persoon
** gewoonte om andere landen en/of volkeren buiten te sluiten
*** ziekelijke
**** hier doelt Chomsky op: mensen die politieke macht verwerven door angst te zaaien

De uitgevers hebben naast zijn nieuwste boek ook een video gemaakt, die hier te bekijken is
of klik hier voor een interview met Chomsky van 13 april jl. over het boek “Internationalism or Extinction” (2020) en over de Corona-pandemie.

Bron>“Noam Chomsky: ‘De mensheid staat voor de keuze: internationale samenwerking of uitsterven’” Boekrecensie over ‘Noam Chomsky, “Internationalism or Extinction” (2020, edited by Charles Derber, Suren Moodliar and Paul Shannon). Routledge in New York, ISBN 978 0 367 43058-0’ door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 11 mei 2020.