De meest geciteerde levende academicus ter wereld

Noam Chomsky (1928 – heden) is de meest geciteerde levende academicus ter wereld. Hij is bekend als scherpzinnig analist van het politieke bestel, het buitenlands beleid en de massamedia van de Verenigde Staten van Amerika. Nog steeds is hij een moreel baken van gezond verstand, die de beweerde mythes van mainstream media en machthebbers doorprikt.

Zijn grootste verdienste is wel dat hij aanzet tot kritisch nadenken over de media, over de politiek en over de wereld; niet alleen in de VS, maar overal ter wereld. Ook al zijn andere landen minder machtig dan de VS; dezelfde mechanismen werken ook daar en zelfs hier te lande: media met eenzijdige berichtgeving, politici die niet worden aangesproken op de onloochenbare tegenstellingen tussen hun beslissingen en uitspraken, een bevolking die grotendeels wordt gedesinformeerd of helemaal niet wordt geïnformeerd over de werkelijke gang van zaken. Chomsky lezen en beluisteren, nu meer op sociale media, maar ook nog steeds in zijn artikelen, boeken en lezingen is inspirerend. Hij is niet de man met een of andere kant en klare oplossing; hij is de man die analyse en inzicht biedt. Hij zegt: “Mensen moeten doorgronden wat er echt gebeurt en waarom, alvorens in actie te schieten. Dat zie ik als mijn taak.

Wie met ons is, kan overal mee wegkomen;
wie tegen ons is, zal het voelen.

In 1957 publiceerde hij zijn doctoraatsthesis “Syntactic Structures”, waarin hij zocht naar een gemeenschappelijke basisstructuur van alle talen. Het werd het begin van zijn wetenschappelijke faam. Als jonggehuwde twintiger was Chomsky een overtuigd links zionist, maar aanvankelijk hield hij zich ver van de politiek. Hun verblijf in een kibboets in Israël (1958-1959, nog voor de bezetting van geheel Palestina) bleek een ontnuchterende ervaring en minder dan een jaar later keerde hij met zijn vrouw terug naar de VS. Het contrast tussen de beweerde socialistische idealen van het zionisme en de discriminerende, vernederende manier waarop het Palestijnse personeel werd uitgebuit, stootte hen tegen de borst. Zijn eerste politieke essay “The Responsibility of Intellectuals” schreef hij op 39-jarige leeftijd, wat hem onmiddellijk banvloeken van intelligentsia en media opleverde. In 1969 verscheen van zijn hand “Peace in the Middle East?”, een verzameling essays die wat betreft de werkelijke drijfveren van het beleid van de VS nog steeds actueel is; wat Israël en de VS het ‘vredesproces’ noemen, is in werkelijkheid de bestendiging van de bezetting, de repressie van het verzet tegen die bezetting en de uitbreiding van de koloniale nederzettingen.

In 1983 schreef hij zijn voornaamste boek over Palestina “The Fateful Triangle – The United States, Israel and the Palestinians”. Daarin beschrijft hij het zogenaamde vredesproces aan de hand van officiële overheidsdocumenten en publicaties van de Amerikaanse massamedia in een zeer gedetailleerd en lijvig relaas. Hij vergelijkt de voorstellen die de Palestijnen doen, met het antwoord dat Israël en de VS daarop geven en hij toont de systematische verdraaiing aan die de Palestijnse voorstellen in de massamedia krijgen. Het is een actueel, onmisbaar historisch naslagwerk over het Midden-Oosten. De VS zijn namelijk nooit bemiddelaars in het Midden-Oosten geweest. Hun doelstelling is al evenmin het verwezenlijken van een éénstaat- of tweestatenoplossing. Wat Israël en de VS willen, is de derde optie; die van het status quo van apartheid, bezetting, blokkade en kolonisatie en last but not least de controle over de rest van het Midden-Oosten. Er is volgens Chomsky in dit alles geen sprake van een tweeslachtige morele standaard. Integendeel, dit is ‘consistent beleid’: wie met ons is, kan overal mee wegkomen; wie tegen ons is, zal het voelen.

Dit is de gevaarlijkste organisatie op aarde.

Of het betrokken land democratisch is, structureel mensenrechten schendt – zoals Bahrein, Qatar, Saoedi-Arabië en de Verenigde Emiraten – of niet, is daarbij van geen enkel belang. Chomsky wijst er op dat de machthebbers in Washington geen principiële tegenstanders zijn van democratie. Democratie stelt hen echter voor een praktisch probleem, te weten dat democratisch verkozen leiders de neiging hebben de belangen van de eigen bevolking een hogere prioriteit te geven dan de economische/ militaire/ politieke belangen van de VS, zoals toegang tot grondstoffen en spotgoedkope arbeid. “Het kleinste kind dat een beetje om zich heen kijkt kan de schijnheiligheid van de beweerde principes doorprikken. Intellectuelen, commentatoren en politici kunnen dat niet. Die hebben te lang gestudeerd om dat te kunnen. Principes zijn echter universeel. Wie ze selectief inzet, past geen principes toe.

Chomsky ziet in het buitenlands beleid van Donald Trump vooral continuïteit met alle voorafgaand beleid. Het gaat nog steeds om hetzelfde: controle over de oliestaten, geopolitieke belangen, onvoorwaardelijke steun voor Israël en militaire dominantie. Waar Trump het verschil maakt, is slechts de stijl en de retoriek. Barack Obama deed inhoudelijk precies hetzelfde, maar zei het met veel mooiere woorden. Obama zou bijvoorbeeld nooit Jeruzalem als hoofdstad van Israël hebben erkend, maar tekende wel even grote defensietoelagen en wapencontracten voor Israël. Trump is daarom voor de massamedia en de traditionele machthebbers vervelend, omdat hij het Amerikaanse beleid te openlijk en ongenuanceerd verdedigt. De mainstream media, die hem nu verguizen, hebben hem gemaakt. Tijdens de voorverkiezingen kreeg Trump meer zendtijd dan alle andere Republikeinse en Democratische kandidaten samen – gratis – want Trump garandeerde kijkcijfers met zijn belachelijke uitspraken en idiote maniertjes. Een groot verschil met Trumps voorgangers zit hem ook nog in de hardnekkigheid waarmee het traditionele beleid nu wordt voortgezet. De Republikeinse entourage rond Trump is zo radicaal fanatiek dat een kernoorlog volgens Chomsky weer tot de mogelijkheden hoort. De huidige Republikeinse Partij is een gevaar voor de mensheid, ook vanwege haar rabiate verwerping van enig degelijk klimaatbeleid. “Dit is de gevaarlijkste organisatie op aarde.

Bron: “Noam Chomsky zet je aan tot kritisch nadenken” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 15 maart 2019.

Mediakritiek

Ik ken mensen, zelfs in mijn vriendenkring, die zo mogelijk altijd naar het Journaal kijken om ‘op de hoogte te blijven van het wereldgebeuren’. Ik heb dat altijd wat bevreemdend gevonden. Als er één nieuwsmedium is, waar we niet wijzer van worden, is het dat Journaal, vind ik.

Mijn redenering daarbij is dat wanneer we het wereldgebeuren van vandaag met al haar achtergronden eens op een stapel zouden kunnen zetten, wat wordt ons daarvan dan in het Journaal voorgeschoteld? En hoe (vooringenomen)? Voor gisteren doen we hetzelfde: Wat was er allemaal en waar werd in het Journaal gewag van gemaakt? En hoe? “Bedroevend”, vind ik het al vanaf mijn studententijd, toen ik mijn TV wegdeed, omdat ik het niveau ook in 1976 al jammerlijk vond.

Dat kan ik vinden en u kunt het daarmee eens en niet eens zijn, maar vandaag kwamen vanuit de Verenigde Staten van Amerika wat cijfers boven drijven; koren op de molen van mijn mediakritiek. U moet hiervoor weten dat de oorlog in Jemen sinds begin vorig jaar door de Verenigde Naties èn door onafhankelijke hulporganisaties – met zo’n 360.000 kinderen die op dit moment aan extreme ondervoeding lijden, met 20.000.000 Jemenieten die niet in staat zijn zichzelf en hun gezin te voeden en met bijna 10.000.000 mensen die op de rand van honger staan – de “ergste humanitaire ramp in de wereld” wordt genoemd. Deze oorlog kreeg in de VS in totaal gedurende heel 2018 slechts 20 minuten aandacht in het bij elkaar opgetelde avondnieuws van de TV-zenders ABC, CBS en NBC. Daarvan gingen 13 minuten over de dood van Washington Post-columnist Jamal Khashoggi in het Saoedische consulaat in Istanboel. In een jaar tijd werden nog geen 10 minuten ingeruimd voor de penibele toestand van bijna de helft van de bevolking van het armste Arabische land.

Diezelfde zenders besteedden samen op weekdagen in totaal 100 minuten aan de redding van een twaalftal jonge voetballers, die vastzaten in een Thaise grot, en 71 aan de Britse koninklijke bruiloft. Zò worden meer dan 22.000.000 huishoudens ‘s-avonds op de hoogte gehouden van het wereldgebeuren.

Ook voor dè internationale crisis waar de hele wereld mee te maken heeft, ik heb het over klimaatverandering, was weinig aandacht. Symptomen daarvan als natuurbranden en orkanen kwamen wel prominent in het nieuws, maar dan ging het alleen om deze fenomenen in de VS, en niet over de wereldwijde gevolgen van klimaatverandering.

Ook Israël bleef min of meer in de schaduw. Ondanks honderden Palestijnse slachtoffers door Israëlische kogels in de Gazastrook, daalde de aandacht voor de Israëlisch-Palestijnse kwestie vorig jaar, van ABC, CBS en NBC samen opgeteld, van 42 minuten in 2017 (toen al een laagterecord) naar 29 minuten in 2018.

Zuid-Amerika en Afrika ten zuiden van de Sahara – samen goed voor 2.000.000.000 inwoners – kwamen niet in beeld. Aandacht voor de opkomst van autoritaire bewegingen in Europa ontbrak eveneens, net als Zuid- en Zuidoost-Azië; los van de redding uit de grot. En ondanks de miljarden die de VS in de afgelopen 20 jaar besteedde aan haar militaire ingrijpen in het Midden-Oosten, was ook deze regio – met uitzondering van het staartje van de campagne tegen de Islamitische Staat – amper terug te zien bij de grote netwerken. Irak, waarheen de VS sinds de invasie in 2003 meer dan een 1.000.000 militairen stuurde, kwam niet eens voor in de top 30 van nieuwsverhalen in 2018.

En dan zie ik in mijn gedachten dat u denkt dan het Journaal niet te vergelijken is met ABC, CBS en NBC. Daarin geef ik u natuurlijk gelijk. Echter, wat het Journaal gemeen heeft met deze zenders is dat het nieuws altijd zo gebracht moet worden dat het veel kijkers trekt. Kijkcijfers (kwantiteit) tellen wel, en inhoud (kwaliteit) telt niet bij de beoordeling. Ik meen dat te zien wanneer ik per ongeluk eens een Journaal zie. Ga maar lekker slapen want van het Spaanse ‘verpleeghuis’, dat een ‘horrorverpleeghuis’ mag worden genoemd, zijn 6 van de 15 verdachten aangehouden, waaronder Markus en Estrella zelf.

Bron “Koninklijk huwelijk kreeg drie keer meer zendtijd dan Jemen in 2018” door Jim Lobe via DeWereldMorgen en “Geraffineerd en gewetenloos: het verhaal achter het Spaanse horrorverpleeghuis” door Online redacteur Etienne Verschuren van NOS; beide op 8 maart 2019

Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst

Wie kent de uitspraak in de titel van dit stukje niet? In de crèche, in de dans- en muziekklas, op school, aan het sportveld, zelfs in het kinderziekenhuis kom je hem tegen. Niet gehinderd door ons gebrek aan kennis denken veel Nederlanders dat het een typisch Nederlands spreekwoord is. Ik schreef hem toe aan Golda Meir, die van 1969 tot 1974, premier van Israël was. Inmiddels weet ik dat dit een pijnlijke vergissing was.

Weinigen zullen weten dat de uitspraak een geestelijke vader heeft van geheel niet-onbesproken gedrag. Letterlijk zei deze ijzervreter: “Alleen wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Mijn lessen zullen hard zijn. Zwakheid zal eruit geslagen worden. Een agressief actieve, dominerende, harde jeugd, daar ben ik op uit!”. Was getekend, Adolf Hitler.

Maar goed, dezer dagen worden we dankzij de Zweedse Greta Thunberg geconfronteerd met een geheel nieuwe, pijnklijke, want ons onwelgevallige inhoud van dit gezegde voor degenen die de 40-jarige leeftijd gepasseerd zijn. Klik hier voor haar laatste ons-confronterende actie in het openbaar tot nu toe. En wanneer u de 25-jarige leeftijd allang gepasseerd bent en zich durft te laten confronteren met een nog pijnlijker zelfinzicht, klik dan hier voor de motieven een nationale noodtoestand uit te roepen.

Bronnen: “Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst” door Daily Pam via Humanistische alliantie op 12 juni 2014, “Greta Thunberg bij Youth for Climate in Brussel: ‘Ik zou de waarheid zeggen over de ernst van de situatie’” door Helenka Spanjer en Elena Parton en “Klimaat: Afkondiging van ‘nationale noodtoestand’?” door Pol Dhuyvetter, beide via DeWereldMorgen op 22 februari 2019.

Wel of niet over het graf heen regeren?

De plaats van handeling was onlangs in The LivingRoom op de eerste etage van het Babylon Hotel in Den Haag. De een had via SocialDeal 3 couverts gereserveerd. De ander had mij nog net op tijd uitgenodigd. Ik was, na een concert en een middagje op de Schevingse Pier, in dat restaurant voor mij uit gaan zitten staren, totdat de eerste twee kwamen opdagen.

Degene die vanuit Duitsland moest reizen precies op de afgesproken tijd en – zoals het altijd gaat – degene die het dichts bij woont wat later.
Kon je het niet vinden? Ik had er ook moeite mee.
Wat een opvallend prettige bediening hier.
Hoe is het met jou?

We kwamen te praten over hoe we onze uitvaart zouden willen. De een, die van de SocialDeal, had er precieze ideeën over: gelegenheid tot ontmoeten, muziek, ‘vier het afscheid en het leven’. En ook: “Ik wil mijn nabestaanden niet opzadelen met onbekendheid hoe ìk mijn uitvaart had gewild”. De ander, die die het dichts bij woont en het oudst van ons drieën is, had er nog nooit over nagedacht. Ik denk daar af en toe wel over na en bespreek dat ook met mijn kinderen en wie mij verder lief is.

Mijn idee is dat het nou net mij niets uitmaakt hoe mijn uitvaart zal zijn. Zelfs als er geen uitvaart voor mij is, zal mij dat vast niets deren. Ik zal daar namelijk volgens mij eventueel louter en alleen lijfelijk bij aanwezig zijn. Maar ik kàn het verkeerd hebben.

Omdat ik er van uitga dat er net zo min iets is na mijn leven als daarvoor heb ik het idee dat boosaards, die bijvoorbeeld eerst hun familie en dan zichzelf vermoorden, of eerst hun kwelgeest om het leven brengen en dan zichzelf, of eerst iemand verkrachten voordat zij hun slachtoffer en zichzelf om het leven brengen, een principieel verkeerde volgorde van handelen kiezen. Omdat er mijns inziens niets meer is na iemands overlijden kan iemand de genoegdoening over zijn omgang met machteloosheid, wraak of ‘genot’ toch in zijn graf meenemen. Wanneer je niet verder kunt leven door de consequenties van je handelen, handel dan anders of ga nog vòòr je slachtoffers maakt in therapie! Wanneer je dan toch jezelf van jouw leven beroofd, begin daar dan mee en laat anderen met rust. Dat uitgangspunt heeft gevolgen voor mijn idee over de gewenstheid van mijn invloed op mijn uitvaart, die naar ik mag hopen per definitie plaatsvindt als ik dood ben.

Mijn adagium is ‘Leven en laten leven’, of zelfs nog liever: ‘Geniet zoveel als mogelijk en help zoveel mogelijk anderen eveneens te genieten’.

Wat mij betreft is het, wanneer we in ‘natuurlijke volgorde’ het leven laten, bovenal aan mijn kinderen hoe zij mijn uitvaart vorm willen geven; zij moeten met de herinneringen aan de uitvaart van hun vader verder met hun leven. Tot aan mijn overlijden kan ik iets van de toekomst vinden, maar zodra mijn doek gevallen is, is het (‘hoogst waarschijnlijk’) alleen nog aan jullie allemaal hoe verder te gaan in jullie levens.

Ik hoop nog een tijd gezond als een vis verder te leven. Maar als we het over mijn uitvaart willen hebben, zijn jullie gewaarschuwd: houd maar geen rekening met mij, want ik kom niet!

Onbaatzuchtige toewijding

Ik heb armoede meegemaakt. Op de Lagere school werd bijvoorbeeld gevraagd om onze ouders geld te vragen zodat Bep, dat ene meisje waarmee ik vanwege haar kapotte jas nooit mee speelde, mee kon met het jaarlijkse schoolreisje. Ik speelde bij vriendjes waar de stoelen kapot waren, waar het stonk, waar ik alleen mocht doortrekken als ik gepoept had. Nee, niet om door water te besparen onze ‘voetafdruk’ zo klein mogelijk te houden; dat was toen nog niet.

Ik heb vooruitgang meegemaakt. Achter elke voordeur kwam een bankstel, een televisie en een wasmachine, voor elk huis kwam een auto. Op vakantie gaan werd iets voor iedereen. Volksbuurten werden opgeknapt. Het ene Nederlandse kabinet na het andere viel over de grootte van het begrotingstekort, maar ik kreeg van diezelfde overheid wel net te weinig geld om toch nog rond te komen wanneer ik even geen werk had; er was even mee te leven.

Ik heb meegemaakt dat we allemaal ondernemer moesten worden. Juist wanneer onze overheid zich zou beperken tot haar kerntaken en een flink deel van haar dienstverlening zou commercialiseren, zou dat iedereen ten goede komen, was het idee. De op winst beluste banken, bejaardenhuizen, buurtvoorzieningen, energiebedrijven, hulpverleners, ondersteuners, scholen, spoorwegen, waterbedrijven, ziekenhuizen en zorgverzekeraars zouden gaan strijden om prijs en kwaliteit. Wanneer de overheid hen alle vrijheid gaf om te ondernemen, zou iedereen daarvan profijt hebben. Waar even geen rekening mee werd gehouden, is dat aandeelhouders er met de buit vandoor zouden gaan, dat bedrijven bedrijven zijn in plaats van een nutsvoorziening en dat sommige bedrijven te invloedrijk werden dat hun eventuele faillissement desastreuze gevolgen voor iedereen zou hebben.

We hebben het geweten, want dat allemaal was niet alleen een Nederlandse aangelegenheid. Ik maak mee dat mensen regionaal, nationaal en internationaal tegen elkaar opgezet worden, dat verknipte persoonlijkheden, net als Adolf Hitler in 1933, democratisch aan de macht gekomen zijn en ‘hun’ democratieën, net als Hitler indertijd, als een dictator besturen; dat argumenten niet meer tellen en dat opposities het nakijken hebben als ze al niet vernietigd worden. Dat publieke diensten in zoveel landen zwaar ondergefinancierd of geprivatiseerd zijn, dat – bijvoorbeeld – over heel de wereld 262.000.000 kinderen niet naar school kunnen; dat 10.000 mensen jaarlijks sterven omdat ze geen toegang hebben tot betaalbare gezondheidszorg. Vrouwen en meisjes zijn de grootste slachtoffers, maar ook ik kijk wel uit mijn ‘eigen risico’ aan te spreken.

Ik maakte onlangs nog mee dat er mondiaal tussen 2017 en 2018 om de 2 dagen een nieuwe miljardair bijkwam. En ik maak mee dat multinationals en superrijken lager belast worden dan in voorgaande decennia. Zo daalde het hoogste tarief van de inkomstenbelasting in rijke landen van 62% in 1970 tot 38% in 2013. Het gemiddelde tarief in armere landen is 28%. Het gemiddelde tarief voor de vennootschapsbelasting daalde in rijke landen van 49% in 1981 naar 26% in 2015. Slechts 4 cent van elke dollar aan belastinginkomsten, die in 2015 wereldwijd werd geïnd, kwam nog voort uit belastingen op vermogen, zoals eigendom of erfenissen. Ik maakte vorig jaar mee dat het vermogen van miljardairs met 12% toenam, een gemiddelde van $ 2.500.000.000 per dag, en dat het vermogen van de 3.800.000.000 mensen, die de armste helft van de wereldbevolking uitmaken, in datzelfde jaar 2018 met 11% afnam.

Ik weet nu dat de armste burgers het meest te lijden hebben wanneer publieke diensten worden verwaarloosd; met name vrouwen en meisjes. Arme meisjes worden het eerst van school gehaald als er onvoldoende geld beschikbaar is en vooral vrouwen en meisjes zorgen voor zieke familieleden als de gezondheidszorg faalt. De economische waarde van de onbetaalde zorg die vrouwen en meisjes wereldwijd uitoefenen, komt uit op $ 10.000.000.000 per jaar; 43 keer de omzet van Apple.

Toch fijn dat vrouwen en meisjes zorgtaken wel onbaatzuchtig op zich nemen, is het niet?

Bron: “Vermogen miljardairs in 2018 toegenomen met 2,5 miljard dollar per dag” door Oxfam – Solidariteit, via DeWereldMorgen op 21 januari 2019.

Rep en roer in de UK

De bal ligt bij Groot-Brittannië”, wordt in de hoofdkwartieren van de Europese Unie voor microfoons gezegd, maar is dat wel zo? Was de Britse prime minister in december al niet langs geweest om een politiek haalbaardere deal te sluiten? En werd zij toen niet met alle egards ontvangen om vervolgens op een muur van ontoegevendheid te stuiten? Hoezo ligt de bal nu bij Groot-Brittannië?

Ik was overigens wel blij voor de Britten dat the deal met de Europese Unie eergisteren door het Britse parlement van tafel geveegd werd. Dat ruim een tweederde meerderheid tegen the deal was, zegt op zijn minst dat ik niet alleen sta in mijn blijdschap. Ik volgde een en ander rechtstreeks via de BBC, die dezelfde pulp levert als de Nederlandse TV; 95% betweterige duiding en 5% nieuws. Maar terug naar dit politieke scharnierpunt in de moderne Europese geschiedenis: als Brit zou ik voor lief nemen dat de Brexit nu echt een Brexit wordt.

Met de Griekse schuldencrisis, toen Syriza in 2015 aan de macht gekomen was, gunde ik de Grieken ook uit liefde een verlaten van de Europese Unie, het liefst nog met terugwerkende kracht tot 2009. Dan was Griekenland failliet gegaan en waren een stel Noord-Europese banken, die medeplichtig waren aan de Griekse schuldentragedie, ‘omgevallen’. En ik vind dat de geschiedenis mij gelijk heeft gegeven. Sterker nog, ik vind het maar niets met mijn land in een unie te leven, die als cadeautje aan Jeroen Dijsselbloem bij de Griekse regering afgedwongen heeft de datum van verse melk op te rekken tot 7 dagen, zodat Nederlandse boeren hun melk in Griekenland kunnen verkopen alsof het verse melk is en waardoor Griekse boeren failliet gingen. Om maar een tipje van de onrecht-sluier op te lichten van het vele onprofijtelijke onrecht dat de Grieken door de EU in mijn ogen is aangedaan.

Ik mag van harte hopen dat Groot-Brittannië na een eerste mogelijk chaotische periode over 5 jaar spekkoper blijkt.

Het idee van een samenwerkende Europese Unie spreekt mij overigens bijzonder aan, maar deze unie misbruikt zonder parlementaire controle overal binnen en buiten de Unie haar macht om met name het (groot-)bedrijfsleven te spekken, is als het op handelen aankomt absoluut niet democratisch, schendt structureel mensenrechten binnen en buiten de EU en bekommert zich ook niet of nauwelijks om gewone brave ingezetenen. Toen de financiële crisis hier onlangs op zijn hoogtepunt was, heeft de afgesproken beperking van het begrotingsoverschot ons veel schade berokkent omdat de Nederlandse overheid van de EU niet mocht investeren. Om maar weer een voorbeeldje van beschamend EU-beleid te noemen. De EU produceert zoveel beleid om boos van te worden dat zelfs D66 het nodig vond ons het referendum af te pakken.

Overal in Europa worden anti-EU-geluiden steeds luider en wat wil je? Binnen afzienbare tijd wordt CETA ons door de strot gedrukt, waardoor Amerikaanse multinationals via Canada als het nodig is ook onze schatkist kunnen plunderen om gegarandeerd rendabel te worden. Immers, voor nieuw nationaal beleid, zoals verhoging van (minimum) lonen, beperken van milieuschade, veiliger werken, kunnen multinationals compensatie bij nationale overheden afdwingen. Na een anti-rook campagne kan een overheid onder CETA een miljardenclaim opgelegd worden (Philip Morris in Australië). En dat terwijl het bedrijfsleven slechts 7% bijdraagt aan het vullen van diezelfde Nederlandse schatkist, omdat de winsten nou net gemaakt worden in landen waar de belastingdruk het laagst is. Tegelijk is voor ons de BTW omhoog gegaan. In het Verenigd Koninkrijk schijnt 20% van de werkende bevolking tot de armen gerekend te worden; de working poor. Door sinds Margareth Thatcher in Groot-Brittannië onrust te zaaien, kan binnenkort de verwachtte storm geoogst worden, want zelfs spreekwoordelijk maken katten-in-het-nauw nu eenmaal rare sprongen.

De bal ligt bij de Britten”, roepen ze in Brussel in koor, terwijl ze daar achter de hand fluisteren: “Waar ze ook mee komen; wij doen geen water bij de wijn; alleen voor de bühne geven wij een krimp.” Volgens mij zit daarachter dat met de Brexit een zo afschrikwekkend mogelijk voorbeeld gesteld moet worden wat er gebeurd bij het verlaten van de EU; bij the deal was het vooralsnog nauwelijks verandering met verlies van medezeggenschap, nu met no deal wordt het verwarring op korte termijn omdat alle douane-passages (mensen, geld en goederen) opnieuw ingesteld moeten worden. Dat laatste is mijns inziens de politieke macht in Groot-Brittanië wel te verwijten, want 31 maanden voorbereiden om 2 maanden voor uittreding met slechts één optie te komen, is haar strategie geweest.

Ik wens de Britten het beste. Ik mag van harte hopen dat Groot-Brittannië, na een eerste mogelijk chaotische periode over 5 jaar spekkoper blijkt; dat met name de armste Britten er weer bovenop komen. Jammer alleen dat wij van z’n lang zal ze leven de kans niet zullen krijgen om de Britten eventueel naar de EU-uitgang te volgen. Zo democratisch is Nederland ook weer niet sinds het door CDA, CU, D66, PvdA en VVD bestuurde Nederland, even met gedoogsteun van de PVV, is omgetoverd tot een democratie zonder medezeggenschap van het volk. En een echte BV is geworden met een bevolking die óf rijk is óf schulden heeft.

Een weer-balans over 2018

Algemeen mag bekend worden verondersteld dat klimaatverandering gepaard gaat met opwarming van de aarde, opwarming van de oceanen en weer-extremen, waarvan er mondiaal elk jaar meer te tellen zijn. En omdat in de politiek louter en alleen ‘prijskaartjes’ en ‘koopkrachtplaatjes’ tellen, in plaats van welzijn voor mensen en dieren en een gezonde leefomgeving, beperk ik mij tot de belangrijkste geldbedragen die weer-extremen de mensheid in 2018 gekost hebben. Daarmee hoop ik ook ‘uw taal’ te spreken.

Herverzekeraar Munich Re telde vorig jaar 29 natuurrampen, die stuk voor stuk meer dan een miljard dollar aan schade veroorzaakten. Europa kreunde in 2018 onder een ernstige aanhoudende droogte met bosbranden en landbouwschade tot gevolg. De totale schade daarvan is gekomen op zo’n $ 3.900.000.000. Daarvan werd minder dan 1%, te weten $ 280.000.000, gedekt door verzekeringen omdat Europese boeren zich doorgaans niet tegen droogte verzekeren.

De duurste natuurrampen vonden plaats in de Verenigde Staten van Amerika:
* de ‘Camp-bosbrand’ in Californië veroorzaakte voor $ 16.500.000.000 aan schade, waarvan $ 12.500.000.000 verzekerd was,
* orkaan ‘Michael’ kostte $ 16.000.000.000, waarvan $ 10.000.000.000 gedekt werd door verzekeringen.

Tropische stormen kostten bij elkaar $ 57.000.000.000, met name door de genoemde orkaan ‘Michael’ en door de orkaan ‘Florence’ in de VS en de tyfoons ‘Jebi’ en ‘Mangkhut’ in Azië.

Over de hele wereld betaalden verzekeringsmaatschappijen vorig jaar samen $ 80.000.000.000 aan schadeclaims ten gevolge van natuurrampen, hetgeen dus beduidend minder is dan de werkelijk geleden materiële schade. Toch is het verzekerde bedrag minder dan de $ 140.000.000.000 aan verzekerde schade in het recordjaar 2017, maar wel ruim het dubbele van het gemiddelde in de voorbije decennia.

Als aan het begin vermeld ga ik het hier niet hebben over alle menselijk leed dat hiermee gepaard is gegaan. Ook niet over het menselijk leed dat veroorzaakt werd door de natuurrampen die minder dan een miljard dollar gekost hebben. Ik zeg ook niets over alle dierenleed ten gevolge van deze weer-extremen of over de ziektes ten gevolgen daarvan. Nee, dat mag u allemaal zelf bedenken, net als ik. Vrede op aarde en in de mens een welbehagen.

Bron: “Prijskaartje extreem weer: 160 miljard dollar in 2018” door Inter Press Service via De Wereld Morgen op 11 januari 2019.