Waar we niet omheen kunnen, maar toch al jaren omheen gegaan zijn

Op Groenland ligt veel ijs. Als de gehele Groenlandse ijskap zou smelten, zou dat mondiaal voor een zeespiegelstijging zorgen van 7 meter. Zover is het nog niet, maar de afgelopen week heeft Groenland wel een uitzonderlijk grote hoeveelheid ijs verloren. Op dinsdag 27 juli alleen al 8.500.000.000.000 kg; 2x zoveel als gemiddeld in de zomer en het op 2 na grootste ijsverlies op één dag sinds 1950. Denk u in: in één dag zoveel Groenlands smeltwater dat heel Nederland er met ruim 20 cm mee bedekt kan worden. De huidige hoeveelheid ijs, die op Groenland smelt, leidt tot een wereldwijde zeespiegelstijging van 0,7 mm per jaar; ongeveer 25% van de totale hoeveelheid zeespiegelstijging, die rond de 3 mm ligt.

De woensdag daarna werd bij een meetstation aan de Groenlandse kust ook nog eens de hoogste temperatuur ooit gemeten: 19,8ºC.

Vorig jaar concludeerden 89 poolwetenschappers al dat de Groenlandse ijskap sinds 2000 steeds sneller smelt. “Het massaverlies neemt kwadratisch toe met de temperatuurstijging”, beaamt Michiel van den Broeke. Hij is hoogleraar Polaire meteorologie van de Universiteit Utrecht en zou er dus iets vanaf kunnen weten, al zijn er altijd wel mensen, die denken het nog beter te weten. Maar goed, terwijl in de ’90er jaren in Groenland per jaar zo’n 33.000.000.000.000 kg ijs verloren ging, is dat in het afgelopen decennium ruim 7,5 keer zoveel. Sinds 2000 is er geen jaar meer geweest dat daar de netto hoeveelheid ijs toenam. Daar kunnen we niet omheen.

Dat weten ook onze politici, met hun spindocters om kwalijk (onrechtvaardig) beleid te verkopen als de beste of best haalbare maatregels. Ministers worden door hun ministeries vast en zeker goed op de hoogte gehouden van de werkelijkheid. Grote bedrijven in de agro-industrie, de chemie en in de energiesector weten ook al decennia dat hun aanpak tot – onder veel meer – dit soort catastrofes leidt. Nee, mainstream bedrijfsleiders en politici zijn niet dom. Zij dienen gewoon andere belangen dan duurzaamheid, rechtvaardigheid en het voortbestaan van de mensheid. In een economisch systeem, dat enkel winstmaximalisatie als legitiem doel erkent, liefst op zeer korte termijn, kan dat ook niet anders. Dààrin zitten we gevangen.

De drijfveren van degenen, die nu al jaren aan de touwtjes trekken, zijn in elk geval niet mijn welzijn of ons welbevinden. En de verdere commercie, media en publieke opinie zijn in zo’n wereld ‘van nature’ op de hand van de status quo en dus verkoop-om-de-verkoop. Op gesachrijn zit niemand te wachten, dus is de aanhoudende boodschap vanuit de gesubsidieerde nieuwszenders, de traditionele media en de overheid sinds “Grenzen aan de groei” van ‘De club van Rome’ in 1972 tegen beter weten in en steeds luider:

Wij doen alles het beste!!! Laat alles aan de markt over en het bedrijfsleven zorgt ervoor dat alles goed komt!!!

We moesten ons schamen, vind ik. Dat telt niet, omdat ik altijd al dezelfde fundamentele kritiek koester en uitspreek op onze meedogenloos destructieve en verwarde manier van denken en leven. Wanneer iemand een pacifistisch socialistische politiek voorstaat, die zich baseert op mededogen, telt haar of zijn mening nu eenmaal niet. Dat is zogenaamd ‘onrealistisch’. Ons kapitalisme en de bijbehorende winstmaximalisatie vind ik gevaarlijk; privé-personen kunnen er veel te invloedrijk door worden.

Maar de uitdagingen voor het overleven op de wereld zijn inmiddels enorm en we zouden best beter kunnen. De geschiedenis geeft ook daar voldoende voorbeelden van, zoals recent de wereldwijde reactie op covid-19 aantoonde dat ingrijpende veranderingen in onze leefstijl best mogelijk zijn. Door internet kunnen we allemaal steeds meer te weten komen. De enorme betrokkenheid van de jeugd bij de klimaatproblematiek is ook al hoopgevend. Zij voeren hun acties los van de traditionele media en zij geven de bedrijfsleiders en politici een stevig antwoord waar die laatsten nog geen andere raad mee weten dan hen te negeren of verdacht te maken. Niets is echter onmogelijk. De geschiedenis kent ook voldoende voorbeelden van gunstige (rechtvaardige) ontwikkelingen, mentale vooruitgang en verlichting.

En daarmee eindig ik dit stukje na zo’n schokkend nieuwsbericht toch nog positief: ook nu nog is niets onmogelijk. Ook een mondiaal, nationaal en regionaal diervriendelijk beleid gericht op behoud van cultuur en ecosystemen, duurzaamheid, het welbevinden van ieder mens ongeacht geslacht, godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras of wat dan ook, en wereldvrede. Als we dat zouden willen.

Bronnen: “Bijna 20 graden in delen Groenland, warmte leidt tot massaverlies ijskap” door NOS-buitenland op 1 augustus 2021, “Bosbranden en overstromingen? ‘Wij doen gewoon voort’” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 2 augustus 2021 en artikel 1 van de Nederlandse grondwet op 3 augustus 2021.

Wat weten we van de kiezers?

Alles wijst er op dat wie 2030 meemaakt in een wereld komt te leven, die wij ons nu nog niet voor kunnen stellen; zo mooi en verantwoord. Zelfs het verlies van dieren en natuur zal dan, als het aan de Verenigde Naties ligt, een halt toegeroepen zijn.

Het is een beetje jammer dat we dit bijvoorbeeld in 1972 niet bedacht hadden. Dat toen ons energieverbruik in 1980 klimaatneutraal moest zijn. Dat dan de mensenrechtenschendingen van de baan moesten zijn. Dat dan racisme tot de verleden tijd behoorde en dat verlies aan natuur een halt was toegeroepen. Als we toentertijd bedacht hadden dat welzijn voor welvaart gaat, en dat het een achterlijk idee is, dat individuele personen zich onbegrensd moeten kunnen verrijken ten koste van ziekmakende arbeidsomstandigheden, flexibele arbeidscontracten, het lijden van volstrekt onschuldige (dieren en) mensen, opwarming van de aarde, stijgende schulden voor huishoudens en het uitsterven van dieren en planten, hadden we nu al 40 jaar in ons Paradijs geleefd. Ik noem 1972 omdat toen de Club van Rome haar eerste en zeer verontrustende rapport publiceerde, dat op politiek niveau aan dovemans oren gericht was. Het stemvee liep achter andere beloften en praatjes aan. Neoliberaal, noem ik die kleur.

Maar nu, anno 2021, stellen we tenminste doelen. Tegen 2030 moet jaarlijks bijvoorbeeld minstens $ 500.000.000.000 aan schadelijke subsidies zijn afgeschaft. Dat de belastingbetaler, en dus niet het belastingontwijkende bedrijfsleven, dat geld jaarlijks bijeen sprokkelde en nog steeds bijeen sprokkelt, is voor de stemgerechtigden geen enkele reden om anders te stemmen.

Maar de wal gaat nu het schip keren. De ontwerptekst ‘First draft of the post-2020 global biodiversity framework’ beschrijft wereldwijde ambities en doelstellingen voor 2030. Zelfs nog voor daarna.

Die tekst ontbeert overigens een concreet actieplan, zeggen critici. “Het gaat louter over doelen zonder een woord te reppen over hoe ze te bereiken” en er is “geen strategie voor daadwerkelijke oplevering” vertelt Li Shuo van Greenpeace Oost-Azië. “Hoewel de doelstellingen sterk aangescherpt zijn, is er nog veel werk aan de winkel”, zegt ook Andrew Deutz, directeur van het globale beleid bij The Nature Conservancy. “We zijn bezorgd dat niet alle bepalingen omtrent implementatie zijn verankerd in het kerndocument. Ook het kader voor monitoring- en rapportage is nog steeds onvolledig.” Deutz zegt dat hij blij was met “het ambitieniveau van de voorgestelde doelen”, en hij wijst op de oproep om tegen 2030 het jaarlijks financieringstekort van $ 700.000.000.000 voor de natuur te dichten. “Aan de andere kant, we zeiden hetzelfde in 2010, toen de wereld de Aichi-doelen aannam”, voegt hij hieraan toe, verwijzend naar de vorige reeks biodiversiteitsdoelen. In 2020 werd duidelijk dat de wereld die doelen niet had behaald.

En wij, de kiezers van onze volksvertegenwoordigers, kijken collectief de andere kant op. We weten dit allemaal niet eens. Het is mij de vraag of het ons interesseert.

Bron: “VN komt met straffe biodiversiteitsdoelen maar ‘stappenplan ontbreekt’” door Chloé Farand van Inter Press Service via DeWereldMorgen op 15 juli 2021.

Een instructief vakantieboek

In tegenstelling tot wat jongeren soms denken, zijn de huidige klimaatbewegingen allesbehalve nieuw. Actievormen en mediatechnologie zijn wel veranderd, maar het verzet tegen klimaatvernietiging duurt al 50 jaar. Na de eerste protestmarsen tegen kerncentrales en de zure regens in het Duitsland van de jaren ’60 is er geen jaar voorbijgegaan zonder betogingen, campagnes, meetings en petities. Ondertussen boomt de industrie, ook die van de fossiele brandstoffen, als nooit tevoren; extreme droogteperiodes wisselen daardoor nu af met zware overstromingen, de vervuiling van bodem, lucht en water is spectaculair te noemen, winters worden kouder, de zeespiegels stijgen, de zomers worden heter, …

De eerste klimaatconferentie COP1 was in 1995; 26 jaar geleden. Sindsdien is de totale CO2-emissie met 60% gestegen. Wereldwijd werden sindsdien nieuwe installaties en pijpleidingen voor gas- en olie gebouwd. Sinds die COP1 in Berlijn delfde Duitsland nog 200.000.000 ton bruinkool. Dat is de meest vervuilende van alle fossiele brandstoffen. Ook werden sindsdien duizenden kilometers autowegen gebouwd en/of verbreed. De luchtvaart steeg exponentieel. Zeeschepen varen met steeds meer en nog steeds op vette diesel, bijna ongeraffineerde aardolie, die elk schip tot een roetfabriek maakt.

Dankzij haar geweldloosheid en oprechtheid, geholpen door extreem weer ìn Westerse landen, wonnen de klimaatbewegingen de sympathie van miljoenen mensen. En wat deed het kapitalistisch systeem ondertussen? Verder bouwen, verder uitbreiden. Kapitalisme is als een haai, die niet kan stoppen met zwemmen. Investeerders zien de toekomst van hun sector nog altijd zonnig tegemoet. De pijpleidingen, die momenteel gebouwd worden, moeten nog 40 jaar meegaan om er de geplande winsten uit te halen.

De neoliberale aanval op de welvaartsstaat, die nu ook al 40 jaar voortduurt, heeft de slagkracht van de klassieke sociale bewegingen – zoals coöperaties en vakbonden – aanzienlijk aangetast en ook het idee van revolutionaire actie zelf is in diskrediet gebracht. Helaas leert de geschiedenis ons echter: tegengeweld tegen gebouwen, infrastructuur en andere ‘dingen’ is soms de enige methode om revolutionaire verandering af te dwingen. Fossiele brandstoffen kunnen voor weldenkende mensen, net als bijvoorbeeld de slavernij ooit, toch geen onderwerp meer zijn van compromissen? Niemand heeft indertijd overwogen om slavernij met 40 of 60% te reduceren. Niet alleen maken de superrijken, bijgestaan door onze overheden, de levens van velen onder ons miserabel, ze zijn hard bezig het leven voor een deel van de mensheid te beëindigen.

Veiligheidsdiensten maken zich inmiddels druk over het potentieel van gewelddadig klimaatprotest. Vreemd genoeg hebben die diensten nooit vragen gesteld bij de vernietigende impact van gaswinning, kerncentrales, oliepijpleidingen, … Veiligheidsdiensten zijn alleen toegerust voor het bestrijden van fenomenen die de status quo bedreigen. Het geweld van die status quo is voor hen een blinde vlek, ook al is dat structurele industriële en politieke geweld vaak juist de aanleiding en oorzaak van tegen-geweld.

We hebben een strategie nodig om te verwezenlijken wat in het belang van de leefbaarheid van onze planeet voor de mensheid nodig is; misschien wel een andere aanpak dan de tot nu toe gehanteerde. Nu de urgentie prangend is, is het de vraag of de klimaatbewegingen braaf en vreedzaam moeten blijven. Mensen, die over zo’n strategie willen nadenken, zouden “How to Blow Up a Pipeline” van academisch onderzoeker, klimaatactivist en Zweeds auteur Andreas Malm – uitgegeven door Verso Books – eens kunnen lezen. In de 208 pagina’s van dat boek met ISBNnummer 1-839-76025-7 vinden zij overigens geen handleiding hoe een pijpleiding op te blazen.

Bron: “‘Hoe een pijplijn opblazen’ en andere suggesties voor de klimaatbeweging”; een boekrecensie door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 7 juli 2021.

De (verwaarloosde) taak van intellectuelen

Het is de verantwoordelijkheid van de intellectuelen om de waarheid te zeggen en om de leugens te ontmaskeren.” Dat zei Noam Chomsky al in 1967 en nog steeds zegt hij dat. Het is inmiddels geen norm meer in de Westerse Wereld waarin zonder zelfkritiek een wij-tegen-zij-denken de dekmantel is van een expansief kapitalisme zonder weerga. Ja, we zijn allemaal tegen wil en dank ondernemer geworden en we moeten onophoudelijk op onze qui-vive zijn om alleen aan te schaffen wat we werkelijk nodig hebben en ons daarbij niet te laten bedonderen, terwijl mensenrechten en principes op internationaal niveau wijken wanneer we ons daarmee materieel in de vingers snijden. Sterker nog, we verklaren China en Rusland graag de (handels-)oorlog opdat het militair-industrieel complex het geld opslokt dat zo goed gebruikt zou kunnen worden om de wereld gezonder te maken. Coöperatief handelen en mededogen staan haaks op kapitalisme en haar neoliberale politiek. Zelfs op 92-jarige leeftijd blijft Chomsky een essentiële stem voor de anti-kapitalistische bewegingen die al jaren in zijn kritische analyses inspiratie vonden.

Geld regeert altijd en overal. Het grootste deel van de middenklasse en de werkende klasse wordt inmiddels fundamenteel niet vertegenwoordigd op de plaatsen waar de politieke besluiten genomen worden. Als een volksvertegenwoordiger, zoals een fractievoorzitter of minister, op de juiste manier stemt, heeft die een knusse toekomst in het vooruitzicht. Kijk naar waar zij terecht komen na hun politieke loopbaan. Bovendien zijn de contacten tussen kamerleden en bedrijfslobbyisten nagenoeg altijd veel intensiever en warmer dan die met hun eigen achterban en wie zij vertegenwoordigen.

Verder vertelt Chomsky dat de denktank RAND Corporation enkele maanden geleden een studie presenteerde over wat zij “overdracht van rijkdom” noemt; de neoliberale aanval op huishoudens, ofwel de leegroof van de bevolking, die rond 1980 startte. Haar inschatting over hoeveel rijkdom verschoven is van de lagere 90% van de inkomensschalen naar de hoogste top is $ 47.000.000.000.000” (47 triljoen dollar).

De grote vergissing die telkens weer in de geschiedenis gemaakt wordt, vertelt Chomsky, is het geloof in de mooie woorden van zich democratisch of links noemende machthebbers (Barack Obama, Bill Clinton, Joe Biden, Wim Kok) en te denken dat zij voor de bevolking opkomen, terwijl die machthebbers net als conservatieve, liberale, populistische, rechtse en republikeinse machthebbers hun oren laten hangen naar grootbanken en grootbedrijven. Wat wij te horen krijgen is het verhaal van spindokters die neoliberaal beleid verkopen als het best haalbare of zelfs als progressief beleid. Critici (Edward Snowdon, Julian Assange) en politici (Bernie Sanders, Jeremy Corbyn) worden ‘onschadelijk gemaakt’ zodra zij de status quo voor het grote geld bedreigen.

Ik houd niet van dit systeem, zegt Chomsky, jij vast ook niet, maar het bestaat en we moeten binnen dit systeem verder. We kunnen niet zeggen: “Ik wil dit niet. Laat we vanuit een ander systeem verder gaan als dat niet bestaat”. We kunnen enkel een nieuw systeem opbouwen door druk van binnenuit en van buitenaf uit te oefenen. Zo is er geen enkele reden om niet te ijveren voor een alternatief politiek en sociaal kader, bijvoorbeeld door het starten van een nieuwe politieke partij of van coöperatieven en ondernemingen in handen van de werkende bevolking. Van mij mag de Pacifistisch Socialistische Partij weer uit de dood herrijzen. Het punt is in elk geval dat er een hele waaier aan opties voor ons open ligt, en we moeten al die mogelijkheden nastreven.

Ik denk dat de mensen ongeduldig aan het worden zijn door hun gebrek aan invloed op onze wetgevers. En, zo memoreert Chomsky: “Wel, het gebrek aan invloed gaat in de Verenigde Staten van Amerika terug tot ongeveer 250 jaar geleden. Zo kunnen we beginnen bij de Grondwet, die uitdrukkelijk werd opgesteld op basis van het principe van het voorkomen van democratie. Er werd daar toen geen geheim van gemaakt.” En Chomsky memoreerde en verhaalde 10 juni jl. nog veel meer wat mij aanspreekt over de geschiedenis van de VS en de daaruit voortvloeiende toestand van de huidige wereld en ik hier niet allemaal ga herhalen. Maar wanneer u daarin ook geïnteresseerd bent, klik dan hier om het hele interview te lezen. Daar staat ook duidelijker wat Chomsky zei, zonder mijn associaties.

Toch vind ik het wel jammer dat veel intellectuelen hun taak verwaarlozen door de publieke zaak en zelfs de waarheid de rug toe te keren; ooit op kosten van veel gemeenschapsgeld omhoog geschoten om vervolgens alleen nog zichzelf te verrijken.

Bron: “Noam Chomsky: ‘Elites voeren altijd een gemene klassenoorlog’”; Ana Kasparian en Nando Villa interviewen Noam Chomsky voor het Amerikaanse links socialistische tijdschrift Jacobin via DeWereldMorgen op 29 juni 2021.

Het door Chomsky aangehaalde onderzoek van de RAND Corporation vindt u hier.

De waakhond blaft, wie luistert?

Vanzelfsprekend is het van alle tijden dat de graaf, gravin, heer, hertog, hertogin, keizer, koning, koningin, zoals ook de huidige wetgever, zich niet aan zijn (haar) eigen wetten houdt. Daar moeten we niet van opkijken. Natuurlijk wordt op ieder niveau gesjoemeld. Dan stap je soms naar de rechter en dan lijkt er voor even weer iets opgelost. Laten we die zwendel maar mens-eigen noemen en overgaan tot de orde van de dag. Echter, de waakhond is aangeslagen en dat heeft – zoals zo vaak – het gangbare nieuws niet bereikt.

Ik heb het over de watchdog-organisatie Corporate Europe Observatory (CEO) en haar op een na laatste rapport “Conquering EU courts? Big business lobbies in secret for new legal privileges in the EU”: Meerdere Europese organisaties voor de bedrijfswereld blijken voor een apart arbitragesysteem in de Europese Unie te lobbyen. Zij willen dat grote bedrijven nationale rechtbanken en wetten mogen negeren als dat zo uitkomt. Zo willen zij EU-lidstaten dwingen tot enorme financiële compensaties voor het verlies dat ze zouden leiden aan investeringen en winsten door regelgeving op het vlak van loon en werkomstandigheden, op het vlak van rechten voor consumenten en (leef-)milieuverplichtingen. Zo verzekeren grootbedrijven zich van hun inkomsten, is het niet uit handel, dan is het uit claims. In beide gevallen betalen wij.

Het blijkt te gaan om de arbitrage-methodiek ‘Investor State Dispute Settlement’ (ISDS), die ik van vrijhandelsverdragen ken. De methodiek waarvan ik vind dat de EU, toen dat in onderhandelingen ter sprake kwam, had moeten zeggen dat dat ononderhandelbaar is; Ben je nou helemaal bezopen. De EU reageerde daarentegen met begrip en een mooie regelgeving om nationale parlementen en rechtbanken van de 27-lidstaten, toen nog 28, buiten werking te zetten.

Geld regeert en het lijkt mij dat we ons er steeds beter van bewust zijn dat ook onze regeringen van de afgelopen 40 jaar meer medeleven hebben (en hebben gehad) met grootaandeelhouders en grootbedrijven, dan met huishoudens en werkenden. Èn dat de belofte, dat ons dat ten goede zou komen, loos is. Maar zonder informatie van wat er werkelijk gaande is, hebben wij geen idee welke gevaren en voorspoed er momenteel voor ons in het verschiet liggen. CEO kon de interne voorbereidende documenten van de Europese Commissie inzien. Daaruit blijkt dat de Commissie dit idee zeer genegen is. Terwijl deze Commissie jarenlang de vragen om minimale sociale standaarden op Europees niveau voor werkende mensen hebben genegeerd, worden klachten van investeerders over hùn ‘gebrek aan bescherming’ onmiddellijk door de Commissie aangepakt en serieus genomen.

Laten we er geen wetsregel van maken om onze oren alleen en ècht alleen te laten hangen naar het grote geld en wetgevers, die winst voor enkelen boven welzijn voor allen stellen. Dat hebben we de afgelopen decennia al veel te vaak laten gebeuren met hulp van wie zichzelf ‘links’ noemden. En daar zijn al veel te veel brokken van gekomen.

De eventuele gang naar een rechter is en blijft broodnodig om onrecht te bestrijden.

Bron: “Big business lobbyt voor privileges die democratische rechtstaat neutraliseren” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 28 juni 2021.

Voor wie het artikel over dat rapport wil lezen is hier een link.

Wat wij uitdragen is – helaas – waar wij voor staan

Terwijl de regering van de Verenigde Staten van Amerika er alles aan doet om de Peruaanse verkiezingsuitslag te beslechten in het nadeel van de democratisch gekozen linkse kandidaat en in het voordeel van een rechtse kandidaat, beschuldigt de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie China en Rusland ervan ‘de eerlijke en transparante werking van de wereldeconomie te ondermijnen’. Het vinden van argumenten was wellicht problematisch, maar een nieuwe linksom of rechtsom geprovoceerde Koude Oorlog is nu eenmaal nodig; voor economische groei ten gunste van grootaandeelhouders, denk ik daar achteraan.

Het taalgebruik in de slotverklaring van de NAVO en de uitspraken van de Amerikaanse president Joe Biden lieten dezelfde gefundeerde èn ongefundeerde aantijgingen herleven die onder de vorige Amerikaanse regering van voormalig president Donald Trump al in stelling waren gebracht. In reactie op de bijeenkomst merkte de Chinese ambassade in Groot-Brittannië op dat elke kwestie van mondiale aangelegenheden besloten zou moeten worden in overleg met alle betrokken naties in overeenstemming met de “basisnormen van internationale betrekkingen op basis van de beginselen en doelstellingen van het Handvest van de Verenigde Naties, en niet volgens de zogenaamde regels zoals die door een klein aantal landen worden geformuleerd”. En met dat eerste kunnen veel of weinig wereldburgers het wel eens zijn, maar dat laatste is de praktijk.

Terwijl de Westerse mainstreammedia kritiekloos en ongefilterd, zelfs zonder commentaar, de verklaringen van G7 en NAVO verspreiden, kijken sociale en vredesbewegingen in de Europese Unie, Groot-Brittannië, de VS en over heel de wereld totaal anders naar deze gevaarlijke escalatie binnen de G7 en de NAVO. En met die alternatieve kijk kunnen veel of weinig wereldburgers het wel eens zijn, maar die hebben onvoldoende politieke invloed om hun visies van invloed te laten zijn op de loop der dingen. Rechts neoliberalisme is in de wereld aan de macht; afstemming, coöperatie en samenwerking zijn verleden tijd.

Het conflict dat China en Rusland wordt opgedrongen, leidt af van de vele dringende problemen waarmee we worden geconfronteerd, zoals het covid-19-virus en de economische ineenstorting die daarvan het gevolg is.

Intussen komen hier en daar sociale en vredesbewegingen samen om zich te verzetten tegen deze jongste tegen-beter-weten-in-opgevoerde-spanningen door Westerse grootmachten. Op een openbare bijeenkomst van woensdag 16 juni jl. startte bijvoorbeeld de campagne ‘No Cold War Britain’. Die actiegroep wil zich verzetten tegen de ‘steeds agressievere acties en verklaringen van de VS tegenover China’. De organisatoren van die bijeenkomst omschreven deze nieuwe vormgegeven Koude Oorlog met China als “een hinderpaal voor de mensheid om succesvol de zeer ernstige gemeenschappelijke problemen aan te pakken waarmee zij geconfronteerd wordt”, en denkt daarbij aan beheersing van pandemieën, economische ontwikkeling, klimaatverandering en racistische discriminatie. Kom dààr maar eens om in de media of in de politiek: “in plaats van miljarden ponden te verspillen aan massavernietigingswapens en de militaire opbouw van de VS tegen China te steunen, zou Groot-Brittannië moeten streven naar oprechte dialoog en wereldwijde samenwerking met China om de immense problemen aan te pakken waarmee de mensheid wordt geconfronteerd”. De Britse regering stuurt daarentegen momenteel haar grootste oorlogsbodem, de HMS Queen Elizabeth, samen met andere oorlogsschepen naar de Zuid-Chinese Zee om daar deel te nemen aan grootschalige marine-oefeningen van de NAVO. Die oefeningen zijn bedoeld om daar ‘strategische dominantie’ ten opzichte van China te verwerven.

Bronnen: “Inmenging VS in verkiezingen Peru bedreigt democratisch resultaat” door Lode Vanoost en “Van G7 tot NAVO: ontkennen is bevestigen, dit is een tweede Koude Oorlog” door Anish R. M. & Peoples Dispatch; beide via DeWereldMorgen op 25 juni 2021.

Waarom ik mijn lidmaatschap van het CDA opzeg

Na meer dan 50 jaar lidmaatschap van het CDA en zijn voorloper KVP is mijn afscheid van de partij onvermijdelijk geworden, laat Dries van Agt weten, om te vervolgen met: De onbarmhartigheid van het CDA jegens het Palestijnse volk kan ik niet langer verdragen.

Eind mei van dit jaar stemde de CDA-fractie in de Tweede Kamer opnieuw tegen belangrijke moties, ingediend ter ondersteuning van Palestina en als handreiking aan het noodlijdende Palestijnse volk. In elf gevallen was de stem van die fractie doorslaggevend voor verwerping van die moties. De moties gingen onder meer over erkenning van de Palestijnse staat, het koloniseren en annexeren van Palestijns grondgebied door Israël in strijd met het internationale recht, het veroordelen van het dodelijke geweld van Israël tegen de bevolking van Gaza, en beëindiging van de Israëlische blokkade van Gaza.

In recente rapporten hebben de gezaghebbende mensenrechtenorganisaties Human Rights Watch en het Israëlische B’Tselem vastgesteld dat Israël in de bezette gebieden een systeem van apartheid hanteert. Toch werd de motie ter veroordeling van apartheid ook al niet door het CDA gesteund.

Het stemgedrag van de CDA-fractie is mij rauw op het dak gevallen. Voor mij is het onbegrijpelijk dat het CDA het hoofd blijft afwenden van het immense leed dat het Palestijnse volk wordt aangedaan, en zich bovendien geen snars aantrekt van onze eigen Grondwet die verplicht tot eerbiediging van de internationale rechtsorde. Even onbegrijpelijk is dat onze parlementariërs als het erop aankomt stemmen tegen de christelijke inspiratie die de partij in zijn vaandel voert, en ook tegen zijn eigen politieke standpunten zoals de kwalificatie van de kolonisering van Palestijns land als illegaal.

Ik heb de hoop verloren dat het CDA de kant van het recht, de rechtvaardigheid en de solidariteit met mensen in verdrukking zal kiezen. Ik voel me dan ook vervreemd van mijn partij en me er niet meer thuis, en kan nu niet anders meer doen dan mijn lidmaatschap opzeggen.

Keer op keer heb ik geprobeerd het CDA ervan te doordringen wat er werkelijk gaande is. Telkens weer heeft het CDA ervoor gekozen Palestina en het Palestijnse volk in de steek te laten. Even was er hoop. In juni 2013 trok de CDA-fractie bij monde van zijn toenmalige buitenlandwoordvoerder een rode lijn, voor het eerst. Israël mocht op straffe van sancties, zoals opschorting van het EU-Israël Associatieverdrag, geen nieuwe nederzettingen stichten, geen ‘buitenposten’ met terugwerkende kracht autoriseren, en geen activiteiten ontplooien in het strategische E1-gebied, ten oosten van Jerusalem. Maar toen Israël deze lijn toch overschreed, en ver zelfs, stemde het CDA in 2017 tegen een motie die de regering opriep om in EU-verband te bepleiten dat verdrag op te schorten. Ook toen was de tegenstem van het CDA doorslaggevend voor de verwerping van de motie.

Helaas is het mij niet gelukt het CDA tot inzicht te brengen en zijn hart te openen. De opstelling van het CDA is en blijft een sta-in-de-weg voor een Nederlands beleid gericht op een rechtvaardige en bestendige oplossing voor Palestina en het vertrapte volk aldaar, het beleid dat voorts in overeenstemming zou zijn met het internationale recht. Met een zwaar gemoed verlaat ik de partij waarvan ik sinds de oprichting een toegewijd lid ben geweest.

Op 20 en 25 mei werd in de Tweede Kamer gestemd over een vracht van moties over Israël/Palestina. Die stemming is dramatisch verlopen. De CDA-fractie heeft voor geen enkele motie gestemd die aanstuurde op maatregelen tegen de krachtens het internationaal recht illegale nederzettingen in bezet Palestijns gebied. Let wel: die kolonisering is een oorlogsmisdadig beleid, zowel volgens de Conventies van Genève alsook het Statuut van Rome, en maakt bovendien de ook door Nederland steeds bepleite en door het CDA gewenste tweestatenoplossing volstrekt illusoir. De CDA-fractie heeft het (anders dan D66, toch ook een redelijke middenpartij) zelfs zo bont gemaakt te stemmen tegen moties die oproepen tot eerbiediging van de internationale rechtsorde! Waarom die extravagantie? Waarschijnlijk omdat die moties werden opgevat als terechtwijzingen aan de schenders van die rechtsorde, Israël in het bijzonder.

Kwalijk is het voorts dat de Tweede Kamer met instemming van het CDA het geweld van de zijde van Hamas heeft veroordeeld, en tevens de rol van Iran, Qatar en Turkije, maar geen kritisch woord heeft uitgebracht over Israël, dat wederom enorme schade heeft berokkend aan het overbevolkte Gaza en daar heel veel slachtoffers heeft gemaakt. Ook voor die ongebalanceerde uitkomst heeft het CDA zich door zijn stemgedrag beslissend verantwoordelijk gemaakt.

Voorafgaand aan de debatten in de Tweede Kamer heeft de stichting The Rights Forum in Amsterdam een analyse gegeven van de veelheid van oorzaken van al het geweld in de bezette gebieden. Die analyse is neergelegd in een brief aan de minister van buitenlandse zaken d.d. 18 mei j.l. Veel moties in de Kamer waren op die brief gebaseerd, maar geen ervan heeft het gered vooral door de stugge tegenstand door het CDA.

Het gedrag van de CDA-fractie heeft mij diep teleurgesteld en gegriefd. Ik zeg u vaarwel in treurnis.

Dries van Agt

Nooit had ik verwacht dat ik een (opinie-)stuk van Dries van Agt over zou nemen, maar dat gebeurt vandaag dan toch. Ik herken mijzelf er helemaal in, maak me druk over hetzelfde onrecht en ik heb er niets aan toe te voegen.

Bron: “Waarom ik mijn lidmaatschap van het CDA opzeg” door Dries van Agt via DeWereldMorgen op 22 juni 2021.

Chappeau, Lale Gül!

In Schotland lopen mannen in rokken, dat is de uitzondering die de regel bevestigt. Elders op de wereld lopen mannen in broeken, is het idee. Vrouwen kunnen hier in rokken, jurken, en nadat mijn moeder de broek ooit uitprobeerde, ook in broeken rondlopen zonder aanstoot te geven.

Echter daar blijven de verschillen tussen aanstootgevend gedrag tussen mannen en vrouwen niet bij, als ik “Ik ga leven” lees; de autobiografische debuutroman van Lale Gül (in 1997 geboren te Amsterdam). Met plezier las ik haar aanklacht tegen wat haar als meisje aangeleerd is en wat er van haar verwacht werd, al is ‘plezier’ hier niet het juiste woord. Allereerst valt mij haar grote woordenschat op. Haar inzichten maken mij duidelijk dat deze jonge vrouw kaf van koren kan onderscheiden en weet waarover zij het heeft.

Ik las haar boek als een – mijns inziens terechte – aanklacht over wat meisjes in zo’n beetje elke opvoeding aan vrouwbeelden bijgebracht wordt, en wat jongens aan manbeelden meekrijgen voordat zij op eigen benen staan. En ook las ik haar boek als een aanklacht tegen het overgeleverd zijn aan familieleden, gezinsleden, klasgenootjes, ouders, vrienden en vriendinnen van alle kinderen, zolang zij afhankelijk zijn. Een lange eerste periode van ons leven kunnen we het treffen, maar kan ons in de fases van baby tot adolescent net zo goed veel rampspoed overkomen; ellende en ellendige wereldbeelden bijgebracht worden, die onze levens vervolgens tekent.

Gül, die in het boek met ‘Büsra’ aangesproken wordt, vertelt over haar ervaringen en zielenroerselen vanuit haar perspectief, maar volgens mij heeft zij het over min of meer alle opgroeiende meisjes. Net als Jan Siebelink ook voor mij herkenbaar heeft geschreven over zijn indringende opgroei-ervaringen in zijn veel extremere nestje dan dat van mij, schrijft Gül vast voor velen herkenbaar over de hare. Ik vermoed dat alle mensen gelijksoortige ervaringen hebben, en vind haar debuut daarom voor velen een aanrader. Een verschil met Siebelink is dat hij kon wachten met publicatie, terwijl het voor Gül steeds ingewikkelder wordt toe te geven aan de groepsdruk van haar leefomgeving totdat zij een poging doet ook openlijk haar eigen weg te kiezen. Gül weet uitdrukking te geven aan het moment in ieders leven waarop ‘Ik moet wel’ plaats maakt voor ‘Moet ik wel?’.

Wat de gevolgen voor Gül ook zijn; dit boek moest volgens mij ooit geschreven worden. Gül beschikte over het intellect en het inzicht om dat te doen. Chappeau! Haar dubbel-aanklacht dwingt bij mij niets dan respect af. Voor mij was het daarnaast ook aangenaam, leerzaam en verijkend om over haar ideeën en levenswandel tot nu toe te lezen.

Wellicht denken we soms dat onze samenleving bijna af is; lees dat boek dan maar eens u voortdurend afvragend in hoeverre het feitelijk exceptioneel is wat Gül schrijft.

Ik weet een betere naam!

Wij, van lawaai, willen meer lawaai. Daaraan moet ik denken wanneer ik zie wat de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) nu weer heeft bekokstooft. In het NAVO-rapport ‘NAVO 2030; verenigd voor een nieuwe tijdperk’ staat niet hoe slecht het gesteld is met de democratie in een aantal NAVO-lidstaten (Hongarije, Polen, de Verenigde Staten van Amerika) of in hun buitenlandse betrekkingen. Nee, de ‘fundamentele waarde van democratie’ wordt daarentegen juist geïnstrumentaliseerd om een politiek van confrontatie met China en Rusland te verantwoorden. Deze landen staan in het rapport te boek als ‘systemische rivalen’ alsof van anders zijn dan kapitalistisch een bedreiging uitgaat (tenzij het om Saoedi-Arabië gaat).

Vanuit Chinees en Russische perspectief pleegt de NAVO provocatie na provocatie. Ze is dit voorjaar gestart met nieuwe grootschalige manoeuvres ‘Steadfast Defender 2021’, die zich voor een groot deel concentreren in de Oostzee en de Zwarte Zee om daar, in de woorden van oud-VS-generaal Ben Hogdes, ‘strategische dominantie’ ten opzichte van Rusland te verwerven. De huidige NAVO-secretaris-generaal Jens Stoltenberg sprak over het ‘strategisch belang’ van de Zwarte Zee. Aan de Russische machtsontplooiing aan de Oekraïense grens van enkele maanden geleden, die wel in ons nieuws kwam, ging de Oekraïense wetswijziging (januari 2021) vooraf om de komst van 11.000 NAVO-militairen op Oekraïens grondgebied mogelijk te maken, die ons nieuws niet bereikte. Diezelfde maand opereerden er 2 VS-oorlogsbodems in de Zwarte Zee aan de zijde van de Oekraïense marine. Bovendien kondigde Oekraïne de bouw aan van 2 marinebases met financiële steun van Groot-Brittannië. En de 7e Vloot van de Verenigde Staten van Amerika controleert ondertussen de Zuid-Chinese Zee met zijn vliegdekschepen, vergezeld van tientallen oorlogsbodems, nucleair bewapende strategische onderzeeërs en provocerende luchtverkenningen tot vlakbij de Chinese kust. In deze laatste regio zijn zo’n 50 grote Amerikaanse militaire bases gevestigd, die China in een wijde boog omringen.

Het non-proliferatieakkoord vraagt de kernwapenstaten al meer dan 50 jaar om werk te maken van ‘algemene en volledige’ kernwapen-ontwapening.

In essentie wordt Europa door de NAVO meegesleurd in de pogingen van de VS om zijn hegemonie wereldwijd te beschermen. In naam van de democratie, stabiliteit en vrede wordt de confrontatie en het vijandschap opgedreven. In onze nieuwsvoorziening horen we slechts de andere kant van het verhaal en niets over wat in onze naam misdaan en geprovoceerd wordt. Mijn profetische verwachting is dat op basis van het nieuwe NAVO-rapport in onze nieuwsvoorziening de vijandigheid jegens China en Rusland opgevoerd gaat worden.

Stoltenberg laat niet na om voortdurend te benadrukken dat de NAVO-lidstaten – ondanks de covid-19-pandemie – hun militaire budgetten moeten blijven verhogen, terwijl het bondgenootschap nu al verantwoordelijk is voor mèèr dan de helft van de wereldwijde militaire uitgaven. Ook kiest de NAVO ervoor om de nucleaire ‘afschrikking’ te ‘versterken’, zoals de installatie van nieuwe zogenaamde ‘inzetbare kernbommen’ in Europese landen en de ‘revitalisering’ van de nucleaire taakverdeling. Ondanks het gegeven dat er op internationaal vlak – met 122 landen die het Verdrag voor een Verbod op Nucleaire Wapens ondertekenden – nog nooit een groter draagvlak was voor een kernwapenvrije wereld, blokkeren de NAVO-staten dit engagement. Zelfs klimaatveranderingen, die de schaarste aan hulpbronnen zullen doen versnellen en die zullen leiden tot een toename van migratiestromen, worden door de NAVO louter in termen van militaire bedreigingen benaderd. Ook het Verenigd Koninkrijk kondigde aan om het aantal kernkoppen te verhogen. En dat alles in weerwil van het non-proliferatieakkoord dat de kernwapenstaten al meer dan 50 jaar vraagt om werk te maken van ‘algemene en volledige’ kernwapen-ontwapening.

Het Ministerie voor Amerikaans Britse Belangenbehartiging

Deze aan de tijdgeest aangepaste koudeoorlogspolitiek biedt mijns inziens geen antwoord op de èchte huidige veiligheidsuitdagingen voor mens en planeet. Wat we nodig hebben, is internationale samenwerking om gemeenschappelijke uitdagingen beter aan te pakken: de klimaatnoodtoestand, de pandemie en sociale ongelijkheid; we ontberen een wereldwijde solidariteit. Echte veiligheid is alleen mogelijk door in te zetten op diplomatie, duurzame ontwikkeling en ontwapening. Dat bereiken we niet met deze oorlogspolitiek en oorlogsretoriek van de NAVO. De naam ‘defensie’ doet al sinds de val van de muur in 1989 wat vreemd aan. Laten we er bij naleving van dit nieuwe NAVO-rapport eerlijkheidshalve gewoon het ‘Ministerie voor Amerikaans Britse Belangenbehartiging’ van maken nu versterking van de Verenigde Naties – in 1945 is opgericht om “komende geslachten te behoeden voor de gesel van de oorlog” – verleden tijd is. Wij, van lawaai, willen meer lawaai!

Bronnen: “NAVO bespreekt het recept voor Koude Oorlog 2.0” door Ludo De Brabander en “Meer dan 400 activisten protesteren tegen NAVO-top: #YestoPeace #NotoNato” door vrijwilligersbeweging Intal; beide via DeWereldMorgen op 14 juni 2021.

Een beschamende geste

De 10 rijkste landen bezitten ongeveer 80% van alle covid-vaccins. Door het onwaarschijnlijke hamstergedrag van de rijke landen – in strijd met afspraken die binnen de WHO gemaakt zijn voordat er vaccins waren – hebben wij op dit moment een gezamenlijk overschot (!) van liefst 2.500.000.000 vaccins.

De doelstelling van de Wereldgezondheidsorganisatie WHO is om binnen het jaar tenminste 70% van de wereldbevolking te vaccineren. Om dat doel te bereiken zijn 11.000.000.000 vaccins nodig. “We gaan de wereld helpen om uit deze pandemie te komen door samen te werken met onze wereldwijde partners”, zei de president van de Verenigde Staten van Amerika Joe Biden bij de start van de driedaagse bijeenkomst van de G7. De 7 landen beloofden 1/11 van de benodigde vaccins aan de armste landen te schenken en deden alsof dat een groots gebaar is. Secretaris-generaal van de Verenigde Naties Antonio Guterres reageerde dat als mensen in ontwikkelingslanden niet snel worden ingeënt, het virus verder kan muteren en resistent kan worden tegen de nieuwe vaccins. “We hebben een globaal vaccinatieplan nodig. We moeten handelen met een logica, met een gevoel van urgentie en met de prioriteiten van een oorlogseconomie, en daar zijn we nog ver van verwijderd.

Patenten en geopolitiek

Om de mensen in de armere landen voldoende snel te kunnen vaccineren is dit jaar amper $ 38.000.000.000 nodig, maar zelfs dat krijgen we niet bij elkaar. De G7-leiders zijn niet bekommerd om het lot van de mensen in arme landen. Op dit moment is nog maar de helft van het bedrag geleverd. Dat is amper 0,3% van de $ 5.600.000.000.000 die de rijke landen naar aanleiding van covid-19 in hun eigen economieën pompten.

Vooreerst is dit besluit een afleidingsmanoeuvre om de fundamentele en belangrijke discussie over de patenten onder de mat te vegen. Een tweede motief is van geopolitiek aard. Met lede ogen ziet het Westen dat China, Cuba en Rusland als winnaars uit de bus komen bij de verspreiding van vaccins. Ten minste 70 landen of regio’s hebben de Chinese vaccins goedgekeurd of overeenkomsten gesloten om vaccins uit China te ontvangen. Meer dan 30 landen kwamen overeen om het Russische vaccin Spoetnik V te kopen of te produceren. De beschamende geste van de G7 om 40% van hun overschot te leveren moet dus naast het verzekeren van winsten voor de farmaciereuzen dienen om een beetje mee te doen met die ‘vaccinatiediplomatie’.

Bron: “Wist je dat de vaccinbelofte van de G7 de farce van het jaar is?” door Marc Vandepitte via DeWereldMorgen op 14 juni 2021.