Ook het anti-terrorisme-haakje zit aan de binnenkant

De wreedheden in Jemen zijn misschien wel het ergste wat op het ogenblik in de wereld aan het gebeuren is, maar ons sociaal bewustzijn maalt er niet om. Wanneer de media hun werk zouden doen, zou dat anders zijn. Dan zou de toestand in Jemen dagelijks prominent vooraan en in het centrum van onze aandacht staan. Australië, Canada, Frankrijk, Groot-Brittannië, Saoedi-Arabië, de Verenigde Staten van Amerika en alle andere naties, die de verschrikkelijke massale wreedheden in Jemen mogelijk maken, zijn de medeplichtigen van al dat lijden in Jemen en – jammer maar helaas – wij zijn hun handlangers. We vernemen hier niets van, omdat dit hechte wereldwijde Westerse militaire verbond een terroristische organisatie is, zoals de wereld nooit eerder gekend heeft en waarvoor onder de bevolking absoluut geen draagvlak is.

Er is een gemakkelijke manier om het terrorisme te stoppen: stop ermee.

Een conservatieve berekening van de Verenigde Naties stelt dat in de oorlog tussen de Houthi’s en de door de VS gesteunde coalitie onder leiding van de Saoedi-Arabië ongeveer 233.000 Jemenieten gedood werden. Het grootste deel hiervan is te wijten aan ‘indirecte oorzaken’, zoals honger en ziektes. VN-secretaris-generaal Antonio Guterres noemt dit de “ergste hongersnood die de wereld in tientallen jaren gekend heeft”. Die hongersnood in Jemen is geen natuurramp, maar een geweldsmiddel. Bewuste blokkades, die door de Saoedi-coalitie opgeworpen worden om te voorkomen dat hulpmiddelen de slachtoffers onder de burgerbevolking bereiken, gecombineerd met luchtaanvallen op boerderijen, centra voor de behandeling van cholera, markten, vissersboten en voedselopslagplaatsen. Daarmee wordt beoogd gebieden in Jemen, die onder Houthi-controle staan, zodanig te verzwakken dat de Houthi’s er aan ten onder gaan.

Met andere woorden: de VS en zijn bondgenoten helpen Saoedi-Arabië om bewust en massaal kinderen en volwassen burgers te doden en uit te hongeren met politieke doeleinden, te weten om in Jemen de heerschappij van Washington te garanderen. Volgens Wikipedia is dat niets anders dan terrorisme: ‘Terrorisme (van het Latijnse terror, paniek) is het zonder wettige grond plegen van ernstig geweld, of ernstige dreiging daarmee, met een politiek of religieus doel. In de meeste opvattingen over wat terrorisme is, moet het om illegaal geweld gaan, doorgaans gekoppeld aan burgers als slachtoffers.’

De inmiddels 92-jarige Amerikaans filosoof, mediacriticus, politiek activist en taalkundige Noam Chomsky, die ik hier vaker citeer, zei eens: “Er is een gemakkelijke manier om het terrorisme te stoppen: stop ermee.” Op de misdaden, die in onze naam worden begaan, hebben we de grootste invloed. Overigens lijkt mij zonder die eerste stap onze morele verontwaardiging over de misdaden van anderen (waar ook ter wereld) ongeloofwaardig en schijnheilig.

Ergo, help mensen zich te realiseren dat hun perceptie van de werkelijkheid voortdurend door de machthebbers van deze wereld vervormd en verwrongen wordt. Ontmasker het blinde vertrouwen van mensen in de mainstream-media, die weigeren ons inzicht te geven van wat de machtigen op aarde aan te wrijven is. Verzet je tegen elk imperialisme, ook dat van de VS. Voer druk uit op de toekomstige Amerikaanse president Joe Biden om de belofte van zijn campagne over het beëindigen van deze oorlog in Jemen, die begon tijdens de regering Obama-Biden, waar te maken.

Bronnen:“Wij zijn de terroristen” door Caitlin Johnstone via DeWereldMorgen en trefwoord “Terrorisme” op Wikipedia; beide op 21 december 2020.

Een poging de wereld waarin wij leven te doorgronden

Proberen de wereld op een politieke manier te begrijpen kan lastig zijn. Ik doe dat door te proberen de rol van de staat in zijn kapitalistische context te begrijpen. De staat is er vast niet in de eerste plaats om democratische rechten en waarden in stand te houden, of om de stem van haar burgers te vertegenwoordigen; zij is in ‘de strijd van allen tegen iedereen’ een instrument dat de concentratie van macht en rijkdom in handen van slechts enkelen afdwingt. Zo was het en zo is het nog altijd; helaas ook in onze Westerse democratieën.

Er was een tijd waarin koningen de klasse van de kerkelijke clerus prezen, omdat ze de bevolking er toe aanzette passief haar uitbuiting te accepteren via de doctrine van het goddelijke recht. De hedendaagse ‘mainstream’ media hanteren exact hetzelfde principe. Ze bestaan om ons ervan te overtuigen dat de accumulatie van immer groeiende rijkdom door een kleine elite, externe kosten die de planeet verwoesten, kapitalisme, postkapitalisme en het winstmotief niet meer zijn dan een natuurlijke gang van zaken, en dat onze samenleving het best denkbare maatschappelijke (lees ‘economische’) systeem is.

De meesten onder ons zijn inmiddels zo door de media geïndoctrineerd dat zij zich nauwelijks een functionerende wereld zonder kapitalisme kunnen voorstellen. In de afwezigheid van kapitalisme zijn hun gedachten ingesteld om meteen aan een soort Chinese of Sovjet-achtige maatschappij te denken. Een samenleving met controle, dwang, lange wachtrijen voor de verdeling van brood, of zelfs te denken dat ons niets anders rest dan een evolutionaire terugval waarbij we weer in grotten wonen. Die gedachten verlammen hen, waardoor ze niet in staat zijn te bedenken wat er eventueel inherent onduurzaam of verkeerd is aan de manier waarop we momenteel leven; om in te zien naar welke suïcidale toekomst we op weg zijn.

Oorlog is de ultieme industrie om economische groei teweeg te brengen

Oorlog is de ultieme industrie om economische groei teweeg te brengen. Die hobby wordt echter ingeperkt door het vermogen van burgers om hen ervan over nieuwe dreigingen en vijanden te overtuigen. Oorlogen bieden – openlijk of verborgen – de kans om zwakkere en zich verzettende maatschappijen, zoals Irak, Jemen, Libië en Syrië te hervormen. Daarbij neemt het bereik van de bedrijfselite toe, worden grondstoffen in beslag genomen en worden ‘economische markten’ uitgebreid. Oorlog en plunderingen – zelfs als ze verhuld worden als brenger van democratische waarden, ‘verdediging’ of in de naam van een of andere ‘vrede’ – blijven telkens de kern van Westerse missies. Tegelijk heeft het Westen meer bedreigende, grotere en meer permanente vijanden nodig dan Irak en Syrië. Gelukkig is de vage term ‘terrorisme’ daarbij een handig hulpmiddel, aangezien ‘terrorisme’ precies de voorspelbare reactie op de Westerse oorlogsmachine is: hoe meer bruine mensen het Westen vermoordt, hoe meer bruine mensen door Westerse landen legitiem kunnen worden gedood aangezien ze zich achter ‘Terrorisme tegen het Westen’ scharen.

Trumps amateuristische isolationisme, waarmee hij de elite geen goede dienst bewees, verbleekte het voorbije decennium in vergelijking met 2 veel grotere dreigingen voor de oorlogsmachine. Ten eerste was er het gevaar van informatielekken – in onze digitale, onderling verbonden wereld – die dreigden het masker van de Amerikaanse democratie, het masker van Amerika als ‘baken van hoop’, weg te rukken en zo de onderliggende, wansmakelijke realiteit bloot te leggen. Julian Assange en zijn WikiLeaks, dat juist die realiteit bloot legde, vormden dat gevaar. De mainstream media hebben hun werk om Assange’s imago te beschadigen met succes serieus opgevat en er verder zoveel mogelijk het zwijgen toe gedaan. Voor zover ik weet, gaven alleen DeWereldMorgen, InterPressService en WorldSocialistWebSite onderbouwde kritiek op zijn aanklachten en procesgang.

Hun verborgen agenda van een Europese exit was bedoeld om Groot-Brittannië verder te integreren in de Amerikaanse imperialistische oorlogsmachine

Met de benoeming van Jeremy Corbyn tot leider van de Britse Labour Party deed zich het afgelopen decennium een minstens even serieuze dreiging voor de oorlogsindustrie voor. Hij vertegenwoordigde een net zo uitzonderlijk probleem als Assange. Voordat Corbyn ten tonele kwam had Labour nog nooit de dominante positie van het militair-industriële complex in Groot-Brittannië uitgedaagd (ook al werd de oorlogssteun in de jaren 60 en 70 enigszins afgezwakt door het toenmalige sociaal-democratisch beleid). Corbyn was een van de oprichters van de ‘Stop the War-coalitie’, die opkwam als reactie op de ‘War on terror’. Hij eiste expliciet een einde aan Israëls rol als prominente speler in de imperialistische oorlogsindustrie. Corbyn ondervond tegenstand binnen zijn eigen partij en werd beschuldigd van het ondermijnen van de ‘nationale veiligheid’. Toch bleef hij strijden voor een openbaar debat over de afschrikking, die het defensie-establishment claimde als voorwendsel voor het programma van de Trident-kernonderzeeërs die effectief onder de controle van de Verenigde Staten van Amerika staan. Corbyns socialistische agenda maakte ook duidelijk dat hij, mocht hij de macht krijgen, de vele miljarden die momenteel naar 145 legerbases in 42 landen gaan, zou herinvesteren in binnenlandse sociale programma’s.

Er was geen enkel bewijs voor de beweringen dat deze prominente antiracistische volksvertegenwoordiger een opstoot van antisemitisme in de Labour Party had veroorzaakt, maar desondanks begon toch de laster – die in de media schromelijk vergroot werd – snel een eigen leven te leiden. De aantijgingen vloeiden over in bredere – en transparanter opgezette – opvattingen dat Corbyns kritiek op het kapitalisme en zijn socialistische platform eveneens antisemitisch waren. Geholpen door de mainstream media hebben Boris Johnson en Dominic Cummings het debat teruggebracht tot simplistische beweringen dat het einde van de Europese banden Groot-Brittannië cultureel, economisch en sociaal zou bevrijden. Hun verborgen agenda zag er anders uit: een Europese exit was bedoeld om Groot-Brittannië verder te integreren in de Amerikaanse imperialistische oorlogsmachine. Dit is precies een van de redenen dat Johnson in het berooide Groot-Brittannië momenteel £ 16.500.000.000 ( € 18.200.000.000) extra belooft te reserveren voor defensie.

De rol van het kapitalistisch, imperialistische project is geweld in te zetten als instrument om steeds meer rijkdom te verwerven en naar de zakken van een kleine elite te dirigeren

Aangezien Joe Biden twijfelt, zullen zijn adviseurs op basis van een grondige evaluatie focussen op wie het best de oorlogsmachine kan verkopen aan een publiek, dat oorlogsmoe is.

De rol van het kapitalistisch, imperialistische project is geweld in te zetten als instrument om steeds meer rijkdom te verwerven en naar de zakken van een kleine elite te dirigeren – of het nu grondstoffen zijn, die in het buitenland worden gestolen, of de gemeenschappelijke welvaart van de eigen binnenlandse Westerse bevolking. Deze machtsoefening wordt heimelijk uitgevoerd, zodat geen noemenswaardige weerstand wordt opgeroepen. Daarnaast bieden de mainstream media haar publiek vermakelijke onderwerpen, die de aandacht afleiden van wat ons welzijn werkelijk bedreigt.

Bron: “De planeet kan niet genezen zolang we de Westerse oorlogsmachine niet ontmaskeren” door Jonathan Cook via het vertaalbureau van DeWereldMorgen op 11 december 2020.

Strijd tegen een socialistisch platform

Het rapport van de Britse overheidscommissie voor mensenrechten, de ‘Equalities and Human Rights Commission’ (EHRC), stelt op 5 november jl. geen institutioneel antisemitisme vast binnen Labour en pleit Jeremy Corbyn vrij. Dit was anders dan wat de mainstream media verkondigden.

Jonathan Cook behoort tot het zeldzaam wordend soort journalisten dat zelf rapporten leest alvorens er over te schrijven. Zelfs de EHRC blijkt – weliswaar impliciet en niet expliciet – toe te geven dat de voorbije 5 jaren een aanval tegen Corbyn waren voor zijn standpunt dat ook Palestijnen recht op mensenrechten hebben.

Uiteindelijk kon de commissie slechts 2 gevallen van onwettig antisemitisme signaleren waarvoor de partij verantwoordelijk kon worden gesteld. Volgens het rapport waren er 18 ‘grensgevallen’, waarvoor “echter niet genoeg bewijsmateriaal bestond om uit te maken of Labour al dan niet wettelijk verantwoordelijk was voor deze individuele gedragingen.” Het valt op dat de EHRC vermeed de verantwoordelijkheid voor de tekortkomingen van de partij bij de behandeling van klachten over antisemitisme – de ernstigste aanklacht die op tafel lag – te koppelen aan de naam van een Labour-lid. Die beslissing maakt het mogelijk de schuld ervan toch bij voormalige Labour-leider Jeremy Corbyn te leggen.

Het rapport is onsamenhangend

Peter Oborne en Richard Sanders, collega’s van de auteur bij Middle East Eye, hebben de betreffende formuleringen ‘ironisch’ genoemd. Het gaat namelijk over die partij-ambtenaren, die zichzelf in een gelekt rapport als “klokkenluiders” manifesteerden, die als ‘klachtencommissie’ door de EHRC juist verantwoordelijk geacht worden voor de grootste tekortkomingen binnen Labour. Met andere woorden, het waren de boosdoeners zelf die Corbyn en zijn intimi als boosdoener verdacht hadden gemaakt.

De overigens door de commissie genegeerde ‘olifant in de kamer’ is dat er voor iedereen in de partij een “vijandige omgeving” was ontstaan. Joodse en niet-Joodse Labour-leden, die beschuldigd werden van antisemitisme, voelden zich gestigmatiseerd en opgejaagd. Zij werden vaak na het bekritiseren van het doen en laten van de staat Israël van antisemitisme beschuldigd, of nadat ze waarnamen dat er pogingen waren om links uit de partij te verdrijven ‘onder het mom van beschuldigingen van antisemitisme’.

Diep begraven in het rapport staat de verbazingwekkende bekentenis van de commissie dat zij in de 70 onderzochte zaken “bezorgdheid over eerlijkheid” vonden van 42 Labour-leden die waren onderzocht voor antisemitisme. Met andere woorden, het waren degenen die van antisemitisme beschuldigd werden en niet degenen die de beschuldigingen uitten, die door de partij slecht behandeld werden; hetzij door de disciplinaire eenheid die Corbyn vijandig gezind was, hetzij door Corbyns medewerkers in hun ijver om de lopende zaken snel op te lossen.

Het rapport blijkt ‘onsamenhangend’. Zo stelt de commissie dat Ken Livingstone, voormalig burgemeester van Londen, “onwettige pesterijen” had begaan. Tegelijkertijd verwijt de commissie het team van Corbyn dat het geprobeerd had strenger tegen Livingstone op te treden.

Hun doel was hem ervan te weerhouden een socialistisch platform te implementeren

Artikel 10 in het Europees Verdrag tot de Bescherming van de Rechten van de Mens – bescherming van de vrije meningsuiting, dat ook in de Britse wet is verankerd – voert aan dat een politieke partij alleen onderzocht moet worden als zij de antiracismewetgeving op ‘flagrante en systematische wijze overtreedt’. Het rapport van EHRC toont aan dat aan die voorwaarde bij lange na niet voldaan werd. De commissie maakt dit punt in het verslag; wellicht onbedoeld. Zij stelt dat het beschermende artikel 10 van toepassing is, zelfs als er beledigende en provocerende opmerkingen gemaakt worden, en dat deze bescherming vooral geldt voor verkozen politici. Het rapport voegt daar aan toe: “Artikel 10 zal de leden van Labour beschermen, die bijvoorbeeld legitieme kritiek uiten op de Israëlische regering of hun mening geven over interne partijzaken zoals de omvang van het antisemitisme binnen de partij”. Vervolgens negeert de commissie deze bescherming in haar eigen rapportage. En met haar schorsing van Corbyn negeert het partijbestuur van Labour deze regelgeving op dezelfde manier. [Een schorsing die overigens enkele uren na publicatie van dit blog zou zijn ingetrokken (er is vast geen oorzakelijk verband), maar daarna toch van kracht bleef; GjH 18/11/2020].

De aanspraken van pro-Israëlische groeperingen kregen enkel politieke aandacht omdat Corbyn, in gemeenschappelijk overleg, het doelwit werd van een neoliberale gelegenheidscoalitie. Dat betrof de Blair-vleugel binnen zijn eigen partij, de Conservatieve Partij en media. Zij wilden met elkaar voorkomen dat Corbyn Eerste minister zou worden. Hun doel was Corbyn in diskrediet te brengen in de ogen van de Britse kiezers en hem er zo van te weerhouden een socialistisch platform te implementeren; een platform dat de belangen van de gevestigde orde frontaal zou uitdagen. Uiteindelijk bleek ‘antisemitisme’ de meest doeltreffende verdachtmaking.

Bron: “Schorsing Corbyn na rapport antisemitisme veroorzaakt interne burgeroorlog in Labour” door Jonathan Cook via DeWereldMorgen op 16 november 2020.

Julian Paul Assange; journalist, programmeur & internetactivist

Haast iedereen zal wel iets weten van Julian Assange. De een zal zelfs sympathie voor hem opbrengen vanwege zijn bijdrage om geheime informatie over de oorlog in Irak – via WikiLeaks – te publiceren, sommigen zullen hem zelfs een held vinden vanwege de integere manier waarop hij dat gedaan heeft. De ander zal hem zien als een ondermijner van het gezag. Beiden hebben volgens mij gelijk. De vraag lijkt mij of we onze regeringen zò vertrouwen dat ze er van ons geheimen op na mogen houden, ook als die geheim zijn omdat ze de banaliteit van het kwaad, dat onze regeringen begaan, blootleggen. Dan zijn er ook nog mensen die hem zien als een staatsgevaarlijke terrorist, die mensen op belangrijke posities in gevaar brengt, of als een verkrachter, maar dat zijn mensen die volgens mij de aantoonbaar onjuiste verhalen van trollen zijn gaan geloven.

Het gaat over serieuze zaken van leven en dood, recht en vrijheid. WikiLeaks is sinds 2007 een klokkenluiderssite. Erop staan allerlei geheime berichten over contacten tussen regeringen en hun ambassades of tussen regeringen onderling. Daarmee willen de mensen achter WikiLeaks aantonen dat er veel gebeurt waarvan gewone mensen bewust onwetend gehouden worden vanwege een verborgen agenda van regeringen. In oktober 2010 publiceerde WikiLeaks zo’n 400.000 documenten over de oorlog in Irak. Op één van de films is ondermeer te zien dat het Amerikaanse leger Irakese burgers en journalisten doodt. Dit filmpje schokte de wereld en dit feit was voor publicatie via The Guardian, en ik meen me te herinneren ook The New York Times, en WikiLeaks niet bekend gemaakt.

Ik behoor, door wat ik in de loop van de tijd gelezen heb, tot de beide eerste groepen. Al ben ik geen rechter, de integere werkwijze van Assange, waarmee hij desondanks onder meer het staatsgezag van Nederland en de Verenigde Staten van Amerika ondermijnde, maken hem wat mij betreft tot een sympathieke held, die direct vrijgelaten moet worden.

Best actueel allemaal, want op 7 september beginnen in Londen de zittingen waar het Brits gerecht zal vonnissen of gehoor gegeven zal worden aan het uitleveringsverzoek, dat de Verenigde Staten van Amerika over Assange aan de Britse regering deed.

Afgaande op de eenzame opsluiting, die Assange in Belmarsh Prison ondergaat, een maximaal beveiligde gevangenis voor terroristen en zware misdadigers, en de manier waarop het Britse gerecht de voorbereidende zittingen heeft geleid, moet ervan worden uitgegaan dat er geen sprake zal zijn van een rechtszaak waar de rechten van de verdediging worden gerespecteerd. Assange heeft immers geen toegang tot zijn eigen dossier en kan in Belmarsh slechts sporadisch overleg plegen met zijn advocaten. Sinds begin maart 2020 heeft hij geen enkel privé-contact meer gehad met zijn advocaten. Tijdens de voorbereidende hoorzittingen voor de organisatie van de rechtszaak werd Assange achter glas geplaatst, waar hij niet kon meeluisteren met de zitting en zijn advocaten niet rechtstreeks kon spreken. Een Spaans veiligheidsbedrijf blijkt bovendien jarenlang audio- en video-opnames van alle bewegingen en gesprekken van Assange in de ambassade van Ecuador in Londen te hebben gemaakt, waaronder dus ook de gesprekken met zijn advocaten. Deze opnames zijn doorgegeven aan de Amerikaanse inlichtingendiensten CIA en FBI.

Een goedkeuring van het uitleveringsverzoek is nagenoeg zeker en dat zou volgens mij een onrecht zijn, waar alle journalisten voor moeten uitkijken. Of ze nu in het zogenaamd Vrije Westen werken en wonen of in een ander land. De rechtspraak in de onvolprezen VS zal voor Assange evenmin volgens het recht verlopen.

Leve de grondwet!

Leve onze verworven rechten!

Leve de eerlijke rechtspraak vrij van politieke invloed!

Hier is een link naar https://wikileaks.org/ om er zelf eens te kijken.

Bronnen: “Brits gerecht oordeelt vanaf 7 september over voortbestaan onafhankelijke onderzoeksjournalistiek” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 1 september 2020 en “WikiLeaks: wat is WikiLeaks eigenlijk?” via MensEnSamenleving op 3 september 2020.

Nieuw in het nieuws

Ons nieuws gaat – naast oranjevrouwen en voetbal – al een tijdje over de brexit, het coronavirus, de grandslam in Australië waar ook buitengewoon veel natuurbranden woeden, hitte heerst en noodweer onder meer overstromingen veroorzaakt, impeachment, Kobe Bryant, vuurwerk en Nederlandse warmterecords. Allemaal natuurlijk belangrijk, hoewel het me niet allemaal interesseert. Maar ik heb steeds het gevoel belangrijker nieuws, dat me ook interesseerd, te missen en kijk dus ook elders; bijvoorbeeld op internet. En soms vind ik wat:

Wist u bijvoorbeeld dat in 2018 in Armenië een geweldloze revolutie heeft plaatsgevonden? Ik niet. Ik las het pas deze week. Geïnspireerd door wat Mahatma Gandhi met zijn zoutmars in India teweeg gebracht had, is Nikol Pashinyan dat jaar ook van huis op stap gegaan. Uiteindelijk heeft hij zo’n beetje in zijn eentje een kwart van de inwoners van de Armeense hoofdstad Jerevan op de been gebracht. Hij eiste met zijn aanzwellende achterban het vertrek van de onrechtmatig aanblijvende president Serzj Sarkisan, uiteindelijk met succes en een democratische verkiezing bracht hem en zijn Alliance-partij op 9 december 2018 met 70% van de stemmen aan de regeringsmacht.

In Burkina Faso, Burundi, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Eritrea, Ethiopië, Noord-Korea, Kenia, Madagaskar en Zambia en rond het Tsjaadmeer (Kameroen, Niger en Nigeria en Tsjaad) zijn bij elkaar ruim 40.000.000 mensen dagelijks in ernstige nood. Zij lijden aan chronische honger, die bij jonge kinderen vaak een groeiachterstand tot gevolg heeft. De oorzaken zijn net als in Australië rampen als droogte, hitte of overstromingen, maar ook nog escalerend of voortdurend oorlogsgeweld en/of ziektes. Of ze zijn op de vlucht geslagen voor dit soort ellende. Geen van deze problemen in genoemde landen krijgt aandacht in onze media. Zij vormen tezamen een toptien van gemist nieuws, las ik.

Mijn vraag is dan waarom we Auschwitz herdenken, maar de hulpelozen van nu negeren? We worden over hun omstandigheden niet eens ingelicht. Zij hebben er toch ook niets aan, net zo min als de Joden, homo’s, krijgsgevangenen, politieke gevangenen, Roma, Sinti en verzetsstrijders van toen, wanneer over 75 jaar hun namen plechtig tijdens een gepaste ceremonie uitgesproken worden?

Bronnen: “Stap voor stap; Revolutie in Armenië” op 8 februari te zien in de Balie (Amsterdam) tijdens het Human Rights Weekend; een bijdrage van Diederik Baazil aan de GroeneAmsterdammer op 29 januari 2020 en “Deze tien crisissen halen de krantenkoppen niet” door Inter Press Service via DeWereldMorgen op 30 januari 2020.

Er ging een schouder door de laan

Terwijl het spook van de honger voor velen allang geen spook meer is en terwijl dat andere van de klimaatcrisis rondwaart,
terwijl de wereld op veel plaatsen in brand staat,
terwijl oorlogen gevoerd worden en corrupte leiders minderheden onderdrukken, of zo’n beetje heel hun bevolking,
terwijl overal in de wereld vrouwen behandeld worden als tweederangs-burgers, of als vee,
terwijl overheden falen bij het streng onder controle houden van burgers die naar de ideeën van de machtigen een afkeurenswaardig gedrag vertonen,
terwijl moties van afkeuring nooit gesteund worden door volledige coalitiepartijen terwijl ook iedereen in een regeringspartij vrij zou zijn om ‘voor’ of ‘tegen’ zo’n motie te stemmen
modderen we met elkaar door alsof er niets bijzonders aan de hand is.

1. ING sluit 150 servicepunten in winkels
2. Natuurfotograaf Lanting wil geen instagrammers in kwetsbare natuur
3. Jarige Amalia krijgt vanaf haar achttiende jaarlijks anderhalf miljoen
4. Corruptieschikking kost Ericsson ruim 1 miljard dollar
5. Zo veranderde het imago van vuurwerk
6. Bouterse toch in beroep tegen vonnis Decembermoorden
7. Werknemer loopt warm voor nieuwe ‘fiets van de zaak’
8. Aflossingsgoud Oranje en zilver voor Schulting op 500 meter in Shanghai
9. Schippersechtpaar op intensive care door giftig gas in lading
10. Vijf voor twaalf bij PSV: ‘Vooral laten merken dat je de baas blijft’
Dit zijn op moment van schrijven de tien eerste artikelkoppen bij NOS.nl

Ik begrijp, als het erop aankomt, niets van de wereld en van mensen en wat hen beweegt.

Zelf ben ik geen haar beter. Ik deed vanmorgen mijn muziekoefeningen, dronk koffie met een gezin uit India, dat bij mij logeert, en ik ontving vanmorgen een timmerman, die binnenkort bij mij een raam gaat repareren. Verwarrend vind ik het dat er volgens mijn waarneming juist ook zo ongelooflijk veel goed gaat in het sociale verkeer tussen mensen. Nee, van mijzelf snap ik ook niet veel. Kortom:

Er ging een schouder door de laan.
Daar zaten rug noch benen aan.
Hij had geen mond om mee te praten,
Geen buik of borst of ledematen
En ieder die de schouder zag
Zei medelijdend “Goedendag”.

Alleen een boer die varkens voedde
Riep in een vlaag van vrome woede:
Hoe waagt een schouder rond te gaan
Alleen en zonder kleren aan?
Waarop zijn varkens somber knorden:
Wat moet er van de wereld worden?
Daan Zonderland (Daniel van der Vat; 1909-1977)

The GNYTW, waar iedereen wel een mening over heeft

Zoals bekend willen beeld van de werkelijkheid en de werkelijkheid zelf – wat dat ook wezen mag – nog wel eens uit elkaar lopen. Zo las ik pas geleden een stukje dat alle ophef over WikiLeaks, de kwestie waarmee Julian Assange wereldbekend en voor een deel van de mensheid berucht werd, niet bestaat. Nou ja, anders gedefinieerd zou moeten worden, te weten als de kwestie The Guardian/The New York Times/WikiLeaks, kortweg The GNYTW. Ik las namelijk dat wel 2 uur nadat deze kranten op internet over de WikiLeaks-documenten gepubliceerd hadden, de documenten pas bij WikiLeaks online bekeken konden worden.

Mark Davis, een Australische onderzoeksjournalist en regisseur van de film “Inside WikiLeaks”, was in 2010 aanwezig bij de productie van de gezamenlijke publicatie van de Afghaanse Oorlogslogboeken door The Guardian, The New York Times en WikiLeaks. Op 8 augustus 2019 liet hij weten dat beide redacties onmogelijk de door hen verspreide informatie van WikiLeaks gehaald kunnen hebben, omdat zij 2 uur voordat WikiLeaks de duizenden documenten online zette al een artikel daarover hadden gepubliceerd.

Assange heeft volgens Davis beide redacties gevraagd om meer tijd, want hij wilde namen uit de documenten verwijderd hebben. Beide redacties zouden zijn verzoek geweigerd hebben; zelfs elke medewerking om namen te verwijderen zou geweigerd zijn. Daarop heeft Assange zich 3 dagen een slag in de rondte gewerkt en ook een nacht doorgewerkt om zo’n 10.000 namen te verwijderen. Echter, toen puntje bij paaltje kwam was er een technische storing op de website van WikiLeaks. WikiLeaks kon daardoor de afspraak niet waarmaken de documenten als eerste te publiceren. The Guardian en The New York Times zetten hun publicatieplannen door. De primeur van WikiLeaks ligt dus bij The Guardian met in haar kielzog The New York Times.

Assange wordt door Davis geschetst als de enige binnen dit project die gewetensvol te werk ging en de enige die zich bewust was van de mogelijke impact van de publicatie. De redactie van met name The Guardian was volgens Davis alleen uit op publiciteit en wel op zo’n manier dat achteraf juridisch Assange alle blaam zou treffen. Dat laatste heeft gewerkt, althans tot deze onthulling.

Waar zitten de redacties van The Guardian en The New York Times naast Assange in het verdachtenbankje van de WikiLeaks-affaire, die dus The Guardian, The New York Times and the WikiLeaks affair zou moeten heten?

Bron: “Journalist onthult hoe Guardian en New York Times met Julian Assange samenwerkten en hem daarna lieten vallen” door Oscar Grenfell op 10 augustus 2019 op wsws.org via DeWereldMorgen op 13 augustus 2019.

De Brexit en het nieuws

Nee, ik heb helemaal niets op met de Britse politicus Alexander Boris de Pfeffel Johnson (19 juni 1964). Ik wil hier een heel ander punt maken.

Na maanden en maanden framing blijkt de werkelijkheid nu heel anders.

Alle maanden van onderhandelingen binnen het Britse Lagerhuis werd de indruk gewekt als zouden de Britten geschrokken zijn van de consequenties van hun met nipte meerderheid verkozen Brexit. De interne strijd in het Lagerhuis en binnen de Conservative Party over wel of niet uittreden, en zo ja onder welke afspraken met de Europese Unie zou blijk geven van spijt en besluiteloosheid. De boodschap was dat het beter is om in de EU te blijven als je er deel van uitmaakt.

Echter, op het moment dat de 27ste Conservatieve partijleider Theresa Mary Brasier May vervangen gaat worden, blijkt dat gedurende heel de voorverkiezingen de uitgesproken Brexiteer Boris Johnson ruime voorsprong heeft op alle andere genomineerden.

Hoe zit dat nu met die framing?
Hoe zit het met de deskundigheid van al onze nieuwsduiders en opiniemakers?
Ik had er al niet zo’n hoge pet van op, en zie de voorsprong van Boris Johnson op zijn rivalen inclusief de enig overgebleven rivaal Jeremy Richard Streynsham Hunt (1 november 1966) als ondersteuning van mijn opvatting over de wijze waarop in Nederland nieuws door de mainstream media gebracht wordt: hyperig, onevenwichtig en vooringenomen.

Mocht Boris Johnson toch aan Jeremy Hunt de eer moeten laten om de 28ste partijleider van de Conservative Party te worden, dan is dat niet vanwege zijn Brexit-ideologie, tenzij de Brexit-opvattingen van de partij en haar leden mijlenver uit elkaar liggen.

Polarisering is de laatste decennia helemaal niet toegenomen

Is de polarisering in onze samenleving gedurende de laatste decennia toegenomen? Ja, dat wil zeggen, we hebben wel de indruk dat meningen verscherpen en dat mensen van verschillende ideologische kampen steeds minder met elkaar in dialoog treden. Maar is het waar?

Als het over polarisering gaat, wordt vaak gewezen op de bepalende rol van ‘de media’ en in het bijzonder de sociale media. Platformen als Facebook en Twitter zouden ervoor zorgen dat mensen enkel nog geconfronteerd worden met meningen en mensen in hun bubbles, die hun overtuigingen bevestigen. Maar is dat waar?

Amerikaanse wetenschappers zochten het uit aan de hand van een immense analyse van datastromen in de periode voor en na verkiezing van Donald Trump en bundelden hun bevindingen in het boek “Network Propaganda: Manipulation, Disinformation, and Radicalizaion in American Politics”.

Als we aan maatschappelijke en politieke polarisering denken, dan gaan we vaak uit van twee of meer groepen, die elk in tegengestelde richting van een denkbeeldig centrum afdrijven. Polarisering wordt daarmee altijd gezien als een proces waar minstens twee partijen evenveel aandeel in hebben. Maar juist dit denkbeeld is wat de auteurs van “Network Propaganda” ontkrachten: als het Amerikaanse medialandschap onder de loep wordt genomen, dan kan volgens hen niet anders vastgesteld worden dan dat vooral de rechterzijde een heel eigen media-ecosysteem heeft uitgebouwd van Breitbart, Fox News, New York Post of Washington Examiner omgeven door een netwerk van kleinere kranten, radiostations, televisiekanalen, vloggers en websites, en dat dit geen gelijke kent aan de linkerzijde van het politieke spectrum. Waarvan akte.

Binnen deze rechtse bubbel wordt journalistiek bedreven die zich bedient van beledigingen, sterke hyperbolen en heftige taal gericht op het creëren van sterke emoties zoals angst, haat of woede. De linkse media zijn pluralistischer en de gebruikers ervan komen wèl in aanraking met veel verschillende standpunten; heel anders dan gebruikers die zich bevinden in de rechtse media-bubbel: “De prominente spelers aan de linkerzijde en in het centrum vertonen eenvoudigweg geen zelfde parallelle structuur en niet dezelfde inhoud of heftige verontwaardiging die we aan de rechterzijde waarnemen.

Radicalisering is een gevolg van politieke initiatieven en door politiek aangedreven institutionele wijzigingen

De wortels voor de polarisering in het mediapolitieke landschap moeten gezocht worden in de politiek, zo wordt in “Network Propaganda” aangetoond. Er vond in de eerste plaats een radicalisering plaats onder politici; niet onder de bevolking! Rechtse radicalisering is geenszins een uiting van een sociaal proces dat zich vervolgens politiek vertaalt; het is andersom, volgens “Network Propaganda”.

Het lijkt vandaag haast ondenkbaar, maar in de jaren ’60 en ’70 kenmerkten Amerikaanse media zich door degelijkheid, ook ter rechterzijde. Dat begon te veranderen onder de liberalisering toen een deregulering in het uitreiken van medialicenties plaatsvond in de jaren ’70. In de jaren ’70, ’80 en ’90 viel een steile opgang waar te nemen van ultraconservatie en rechtse radiozenders en van ‘televangelisme’. Daar bleek een grote markt voor. De Amerikaanse publieke sfeer was dus al gepolariseerd vóór de komst van sociale media. De rechtse bubbel is een gevolg van een mediatieke en politiek-institutionele evolutie die veel ouder is dan Facebook en Twitter.

De Democraten en de linkerzijde zijn er nooit in geslaagd om een mediapolitiek ecosysteem uit te bouwen, dat even homogeen en krachtig was als dat aan de rechterzijde.

“Network Propaganda” biedt ook ons enkele belangrijke handvatten om tot een kritische en minder simplistische analyse van het mediapolitieke landschap in onze contreien te kijken: de observatie dat polarisering bijvoorbeeld een strikt eenzijdig proces kàn zijn, is belangrijk. Een andere belangrijke les, die “Network Propaganda” ons zou kunnen leren, is dat we de oorzaak van polarisering en radicalisering niet eenvoudig kunnen toeschrijven aan de introductie van nieuwe communicatietechnologieën. Radicalisering is een gevolg van politieke initiatieven en door politiek aangedreven institutionele wijzigingen. Het ontstaan van bubbels en radicaliseringsprocessen op sociale media blijken daarmee eerder een symptomatisch gevolg van politiek maatschappelijke ontwikkelingen, dan de oorzaak daarvan.

Lastig hè…

Bron: “Als het over polarisering gaat, zijn sociale media niet de hoofdschuldige” door Thomas Decreus via DeWereldMorgen op 10 april 2019.

De meest geciteerde levende academicus ter wereld

Noam Chomsky (1928 – heden) is de meest geciteerde levende academicus ter wereld. Hij is bekend als scherpzinnig analist van het politieke bestel, het buitenlands beleid en de massamedia van de Verenigde Staten van Amerika. Nog steeds is hij een moreel baken van gezond verstand, die de beweerde mythes van mainstream media en machthebbers doorprikt.

Zijn grootste verdienste is wel dat hij aanzet tot kritisch nadenken over de media, over de politiek en over de wereld; niet alleen in de VS, maar overal ter wereld. Ook al zijn andere landen minder machtig dan de VS; dezelfde mechanismen werken ook daar en zelfs hier te lande: media met eenzijdige berichtgeving, politici die niet worden aangesproken op de onloochenbare tegenstellingen tussen hun beslissingen en uitspraken, een bevolking die grotendeels wordt gedesinformeerd of helemaal niet wordt geïnformeerd over de werkelijke gang van zaken. Chomsky lezen en beluisteren, nu meer op sociale media, maar ook nog steeds in zijn artikelen, boeken en lezingen is inspirerend. Hij is niet de man met een of andere kant en klare oplossing; hij is de man die analyse en inzicht biedt. Hij zegt: “Mensen moeten doorgronden wat er echt gebeurt en waarom, alvorens in actie te schieten. Dat zie ik als mijn taak.

Wie met ons is, kan overal mee wegkomen;
wie tegen ons is, zal het voelen.

In 1957 publiceerde hij zijn doctoraatsthesis “Syntactic Structures”, waarin hij zocht naar een gemeenschappelijke basisstructuur van alle talen. Het werd het begin van zijn wetenschappelijke faam. Als jonggehuwde twintiger was Chomsky een overtuigd links zionist, maar aanvankelijk hield hij zich ver van de politiek. Hun verblijf in een kibboets in Israël (1958-1959, nog voor de bezetting van geheel Palestina) bleek een ontnuchterende ervaring en minder dan een jaar later keerde hij met zijn vrouw terug naar de VS. Het contrast tussen de beweerde socialistische idealen van het zionisme en de discriminerende, vernederende manier waarop het Palestijnse personeel werd uitgebuit, stootte hen tegen de borst. Zijn eerste politieke essay “The Responsibility of Intellectuals” schreef hij op 39-jarige leeftijd, wat hem onmiddellijk banvloeken van intelligentsia en media opleverde. In 1969 verscheen van zijn hand “Peace in the Middle East?”, een verzameling essays die wat betreft de werkelijke drijfveren van het beleid van de VS nog steeds actueel is; wat Israël en de VS het ‘vredesproces’ noemen, is in werkelijkheid de bestendiging van de bezetting, de repressie van het verzet tegen die bezetting en de uitbreiding van de koloniale nederzettingen.

In 1983 schreef hij zijn voornaamste boek over Palestina “The Fateful Triangle – The United States, Israel and the Palestinians”. Daarin beschrijft hij het zogenaamde vredesproces aan de hand van officiële overheidsdocumenten en publicaties van de Amerikaanse massamedia in een zeer gedetailleerd en lijvig relaas. Hij vergelijkt de voorstellen die de Palestijnen doen, met het antwoord dat Israël en de VS daarop geven en hij toont de systematische verdraaiing aan die de Palestijnse voorstellen in de massamedia krijgen. Het is een actueel, onmisbaar historisch naslagwerk over het Midden-Oosten. De VS zijn namelijk nooit bemiddelaars in het Midden-Oosten geweest. Hun doelstelling is al evenmin het verwezenlijken van een éénstaat- of tweestatenoplossing. Wat Israël en de VS willen, is de derde optie; die van het status quo van apartheid, bezetting, blokkade en kolonisatie en last but not least de controle over de rest van het Midden-Oosten. Er is volgens Chomsky in dit alles geen sprake van een tweeslachtige morele standaard. Integendeel, dit is ‘consistent beleid’: wie met ons is, kan overal mee wegkomen; wie tegen ons is, zal het voelen.

Dit is de gevaarlijkste organisatie op aarde.

Of het betrokken land democratisch is, structureel mensenrechten schendt – zoals Bahrein, Qatar, Saoedi-Arabië en de Verenigde Emiraten – of niet, is daarbij van geen enkel belang. Chomsky wijst er op dat de machthebbers in Washington geen principiële tegenstanders zijn van democratie. Democratie stelt hen echter voor een praktisch probleem, te weten dat democratisch verkozen leiders de neiging hebben de belangen van de eigen bevolking een hogere prioriteit te geven dan de economische/ militaire/ politieke belangen van de VS, zoals toegang tot grondstoffen en spotgoedkope arbeid. “Het kleinste kind dat een beetje om zich heen kijkt kan de schijnheiligheid van de beweerde principes doorprikken. Intellectuelen, commentatoren en politici kunnen dat niet. Die hebben te lang gestudeerd om dat te kunnen. Principes zijn echter universeel. Wie ze selectief inzet, past geen principes toe.

Chomsky ziet in het buitenlands beleid van Donald Trump vooral continuïteit met alle voorafgaand beleid. Het gaat nog steeds om hetzelfde: controle over de oliestaten, geopolitieke belangen, onvoorwaardelijke steun voor Israël en militaire dominantie. Waar Trump het verschil maakt, is slechts de stijl en de retoriek. Barack Obama deed inhoudelijk precies hetzelfde, maar zei het met veel mooiere woorden. Obama zou bijvoorbeeld nooit Jeruzalem als hoofdstad van Israël hebben erkend, maar tekende wel even grote defensietoelagen en wapencontracten voor Israël. Trump is daarom voor de massamedia en de traditionele machthebbers vervelend, omdat hij het Amerikaanse beleid te openlijk en ongenuanceerd verdedigt. De mainstream media, die hem nu verguizen, hebben hem gemaakt. Tijdens de voorverkiezingen kreeg Trump meer zendtijd dan alle andere Republikeinse en Democratische kandidaten samen – gratis – want Trump garandeerde kijkcijfers met zijn belachelijke uitspraken en idiote maniertjes. Een groot verschil met Trumps voorgangers zit hem ook nog in de hardnekkigheid waarmee het traditionele beleid nu wordt voortgezet. De Republikeinse entourage rond Trump is zo radicaal fanatiek dat een kernoorlog volgens Chomsky weer tot de mogelijkheden hoort. De huidige Republikeinse Partij is een gevaar voor de mensheid, ook vanwege haar rabiate verwerping van enig degelijk klimaatbeleid. “Dit is de gevaarlijkste organisatie op aarde.

Bron: “Noam Chomsky zet je aan tot kritisch nadenken” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 15 maart 2019.