Robert Skidelsky

Ons kabinet stelt de laatste tijd consequent ‘dat we ons uit de crisis moeten investeren’. John Maynard Keynes, die ik hoog heb zitten, zou het hier roerend mee eens zijn geweest. Net als Robert Skidelsky (81), emeritus professor politieke economie aan de Universiteit van Warwick, een plaats in de buurt van Birmingham. Het laatste van de 5 boeken, die Skidelsky over Keynes publiceerde, had de treffende titel “The Return of the Master”. Het verscheen in 2009 en zal afgelopen tijd veelvuldig zijn herlezen. Sneller dan tijdens de crisis van 2008 wendden regeringsleiders zich deze corona-maanden voor oplossingen na de economische stagnatie tot Keynes. Toen destijds de ergste storm leek overgewaaid en de economie weer enigszins opkrabbelde, verdwenen de ideeën van de Britse econoom echter weer op de plank. Wat volgde was een bezuinigingsbeleid dat resulteerde in een onnodig langzaam herstel van de Europese economieën.

Voor een duurzaam, nieuw economisch verhaal moeten we nadenken over de relatie tussen monetair beleid en fiscaal beleid, over de rol van centrale banken; hoe kunnen we fiscaal beleid verankeren in het systeem?“, stelt Skidelsky. Keynes geloofde dat economieën niet automatisch een natuurlijk punt van volledige werkgelegenheid bereiken, een voorwaarde voor brede welvaart. Om deze gaten in de markt op te vullen, dienen overheden een actieve rol te spelen in de economie. Na de Tweede Wereldoorlog opteerden de meeste landen voor het keynesiaanse model en deze periode wordt nu wel eens omschreven als ‘de gouden jaren van het kapitalisme’: de economie groeide gestaag en de hele samenleving profiteerde mee. Het was de tijd van ‘Spreiding van kennis, macht en inkomen’ (1973-1977). Maar in de jaren zeventig ontstond er ruis op de lijn. Stijgende inflatie zorgde voor onrust. Het keynesiaanse gedachtegoed werd als schuldige aangewezen en “de conservatieven zochten naar een manier om hun belang, het belang van de kapitaalbezitters, weer voorop te stellen”, zegt Skidelsky, “Inflatie gaf ze een perfect excuus om dit te doen. Inflatie was de vlag, waaronder de kapitaalbezitters zeilden, maar het doel was om de staat terug zijn hok in te sturen.” Nu is het hoog tijd voor een nieuw economisch model, waarin niet de markt, maar mens en natuur centraal staan. “De economie moet humanistisch zijn en niet efficiëntie als einddoel nemen”, vindt hij.

Het nieuwe narratief – dat vind ik een geschikter woord dan paradigma – moet een combinatie zijn van wat goed was aan het keynesiaanse model èn een toekomstgerichte filosofie, een ethisch gedachtegoed. De ethiek is weggesneden uit de economie en dit moet teruggedraaid worden. Economen moeten zichzelf steeds afvragen: wat willen we bereiken? Waar willen we heen? Willen we waarde creëren of welzijn? Want die twee doelen vragen om heel ander beleid.

Hij vervolgt: “De orthodoxe economie pretendeert een bepaalde zekerheid te bieden over de loop van de economie, maar dit is een schijnzekerheid. Kijk naar de impact van het coronavirus. Niemand weet hoe dit zich zal ontwikkelen. Daarom moet je vooropstellen dat we in een onzekere wereld leven. En deze onzekerheid als basis nemen, zoals Keynes deed. Om deze onzekerheid heen kunnen we een systeem creëren dat redelijk voorspelbaar werkt. De markt verandert van dag tot dag, dus kan ze geen voorspelbaarheid bieden. De overheid is langzamer, als een deinend schip op zee, en is daarom veel geschikter voor een sturende rol.

Over hoe deze sturende rol eruit zou moeten zien, heeft Skidelsky verschillende ideeën. “Eén mogelijkheid is het omvormen van de overheid tot de werkgever of last resort. Iedereen, die geen baan kan vinden in de private sector, krijgt er een van de overheid. Dat vind ik een belangrijk idee, want het zorgt automatisch voor balans: als de economie goed draait, zijn overheidsinvesteringen niet nodig en zal het aantal publieke banen afnemen. Wanneer de economie slecht draait heeft zij behoefte aan overheidsinvesteringen en neemt het aantal publieke banen vanzelf toe. Daarbij komt het geld direct terecht bij de mensen die het snel weer zullen uitgeven, het grote minpunt van monetair beleid. Stel je voor, voor het eerst sinds de industriële revolutie zal er geen werkloosheid meer zijn.

Keynes vond dat economie een middel moet zijn om een goed leven te leiden, en geen doel op zich. Anders doe je niets anders dan rondjes rennen, zoals een muis dat ook in een rad kan doen. Het hele punt van ‘genoeg hebben’, is dat je een keer stopt. Het coronavirus ziet Skidelsky daarmee een test voor onze manier van leven. Je moet niet stoppen omdat je wordt gedwongen door de grenzen van de aarde, je zou moet stoppen omdat je bereikt hebt een voldaan en goed leven te kunnen leiden.

Bron: “De ethiek moet terug in de economie” door Diederik Baazil in DeGroeneAmsterdammer op 14 september 2020.

Publicaties van Robert Skidelsky:

1967 : Politicians and the Slump

1969: English Progressive Schools

1975: Oswald Mosley

1983: John Maynard Keynes: Hopes Betrayed, 1883-1920

1992: John Maynard Keynes: The Economist as Savior, 1920-1937

1993: Interests and Obsessions: Historical Essays (Macmillan)

1995: The World After Communism: A Polemic for our Times (Macmillan)

1996: Keynes (Oxford University Press: Past Masters)

2000: John Maynard Keynes: Fighting for Britain, 1937-1946

2009: Keynes: The Return of the Master

2012 met zijn zoon Edward Skidelsky: Hoeveel is genoeg? Geld en het verlangen naar een goed leven

Julian Paul Assange; journalist, programmeur & internetactivist

Haast iedereen zal wel iets weten van Julian Assange. De een zal zelfs sympathie voor hem opbrengen vanwege zijn bijdrage om geheime informatie over de oorlog in Irak – via WikiLeaks – te publiceren, sommigen zullen hem zelfs een held vinden vanwege de integere manier waarop hij dat gedaan heeft. De ander zal hem zien als een ondermijner van het gezag. Beiden hebben volgens mij gelijk. De vraag lijkt mij of we onze regeringen zò vertrouwen dat ze er van ons geheimen op na mogen houden, ook als die geheim zijn omdat ze de banaliteit van het kwaad, dat onze regeringen begaan, blootleggen. Dan zijn er ook nog mensen die hem zien als een staatsgevaarlijke terrorist, die mensen op belangrijke posities in gevaar brengt, of als een verkrachter, maar dat zijn mensen die volgens mij de aantoonbaar onjuiste verhalen van trollen zijn gaan geloven.

Het gaat over serieuze zaken van leven en dood, recht en vrijheid. WikiLeaks is sinds 2007 een klokkenluiderssite. Erop staan allerlei geheime berichten over contacten tussen regeringen en hun ambassades of tussen regeringen onderling. Daarmee willen de mensen achter WikiLeaks aantonen dat er veel gebeurt waarvan gewone mensen bewust onwetend gehouden worden vanwege een verborgen agenda van regeringen. In oktober 2010 publiceerde WikiLeaks zo’n 400.000 documenten over de oorlog in Irak. Op één van de films is ondermeer te zien dat het Amerikaanse leger Irakese burgers en journalisten doodt. Dit filmpje schokte de wereld en dit feit was voor publicatie via The Guardian, en ik meen me te herinneren ook The New York Times, en WikiLeaks niet bekend gemaakt.

Ik behoor, door wat ik in de loop van de tijd gelezen heb, tot de beide eerste groepen. Al ben ik geen rechter, de integere werkwijze van Assange, waarmee hij desondanks onder meer het staatsgezag van Nederland en de Verenigde Staten van Amerika ondermijnde, maken hem wat mij betreft tot een sympathieke held, die direct vrijgelaten moet worden.

Best actueel allemaal, want op 7 september beginnen in Londen de zittingen waar het Brits gerecht zal vonnissen of gehoor gegeven zal worden aan het uitleveringsverzoek, dat de Verenigde Staten van Amerika over Assange aan de Britse regering deed.

Afgaande op de eenzame opsluiting, die Assange in Belmarsh Prison ondergaat, een maximaal beveiligde gevangenis voor terroristen en zware misdadigers, en de manier waarop het Britse gerecht de voorbereidende zittingen heeft geleid, moet ervan worden uitgegaan dat er geen sprake zal zijn van een rechtszaak waar de rechten van de verdediging worden gerespecteerd. Assange heeft immers geen toegang tot zijn eigen dossier en kan in Belmarsh slechts sporadisch overleg plegen met zijn advocaten. Sinds begin maart 2020 heeft hij geen enkel privé-contact meer gehad met zijn advocaten. Tijdens de voorbereidende hoorzittingen voor de organisatie van de rechtszaak werd Assange achter glas geplaatst, waar hij niet kon meeluisteren met de zitting en zijn advocaten niet rechtstreeks kon spreken. Een Spaans veiligheidsbedrijf blijkt bovendien jarenlang audio- en video-opnames van alle bewegingen en gesprekken van Assange in de ambassade van Ecuador in Londen te hebben gemaakt, waaronder dus ook de gesprekken met zijn advocaten. Deze opnames zijn doorgegeven aan de Amerikaanse inlichtingendiensten CIA en FBI.

Een goedkeuring van het uitleveringsverzoek is nagenoeg zeker en dat zou volgens mij een onrecht zijn, waar alle journalisten voor moeten uitkijken. Of ze nu in het zogenaamd Vrije Westen werken en wonen of in een ander land. De rechtspraak in de onvolprezen VS zal voor Assange evenmin volgens het recht verlopen.

Leve de grondwet!

Leve onze verworven rechten!

Leve de eerlijke rechtspraak vrij van politieke invloed!

Hier is een link naar https://wikileaks.org/ om er zelf eens te kijken.

Bronnen: “Brits gerecht oordeelt vanaf 7 september over voortbestaan onafhankelijke onderzoeksjournalistiek” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 1 september 2020 en “WikiLeaks: wat is WikiLeaks eigenlijk?” via MensEnSamenleving op 3 september 2020.

Onze band met Egypte

Egypte is een mooi land langs de vruchtbare Nijl met archeologische bijzonderheden, piramiden, de Sfinx en met dreigende oorlogsconflicten met buurlanden, een gemuilkorfde pers, duizenden politieke gevangenen, een militaire regime en onvrije verkiezingen. Het Egyptische regime heeft een permanente noodtoestand uitgeroepen. Critici en tegenstanders worden door civiele of militaire rechtbanken in massaprocessen veroordeeld; doodstraffen worden veelvuldig uitgesproken. Ook tegen minderjarigen. Er zijn talloze meldingen van geweld door de Egyptische kustwacht en marine tegen vluchtelingen. Aan de landsgrenzen wordt zelfs regelmatig met scherp op vluchtelingen geschoten. Omdat er geen opvangcentra zijn, worden gearresteerde vluchtelingen opgesloten in gevangenissen, kazernes en politiebureaus waar ze geen perspectieven hebben en de omstandigheden slecht zijn.

Na de staatsgreep van legerleider Abdul Fatah al-Sisi in 2013 en het daarop volgende geweld tegen de oppositie in Egypte kwam de Europese Unie tot een niet-bindend besluit om wapenexportvergunningen op te schorten voor materieel dat kan worden gebruikt bij interne repressie, en om andere wapenexport en militaire samenwerking te ‘heroverwegen’.

Dit jaar waren er nog bronnen, die melding maakten van Egyptische deelname aan de zeeblokkade. Het Britse Oxfam en de Duitse omroep Deutsche Welle meldden dat Egypte oorlogsschepen had gestuurd om te helpen met een door Saoedi-Arabië geleide zeeblokkade van Jemen. De Nederlandse regering heeft desondanks de wapenhandel naar Egypte onlangs versoepeld, omdat Egypte niet meer actief betrokken zou zijn bij de maritieme blokkade van Jemen.

Juli jl. liet de Nederlandse regering het parlement zelfs weten toestemming te hebben gegeven voor het exporteren van militaire commando-, communicatie- en controlesystemen en militaire radar naar de Egyptische marine. Een wapenleverantie met een omvang van een omvang van € 114.038.400. Hoewel de Nederlandse overheid geen bedrijfsgevoelige informatie wil geven, is inmiddels bekend dat deze militaire technologie is bedoeld voor een Duits MEKO-fregat. De technologie wordt geleverd door de Nederlandse tak van het Franse Thales-concern. Omdat er mogelijk nog 5 van dezelfde schepen zullen volgen, kan de order uiteindelijk uitkomen op een totaalbedrag van ruim € 660.000.000.

Thales is een bijzonder bedrijf in Nederland. Samen met Damen en Fokker vormt het de top-3 van militaire bedrijven. Het maakt ook apparatuur voor kustwachtschepen, die de buitengrenzen van Europa afgrendelen voor vluchtelingen en had in 2019 een omzet van € 459.000.000, een winst van € 39.000.000 en 66% van de totale verkoop was export.

Egypte is een militaire partner van Saoedi-Arabië. Tussen 2014 en 2018 was Egypte in omvang na Saoedi-Arabië en India de 3de wapenimporteur van de wereld. Vanuit de Verenigde Staten van Amerika ontvangt het land rond de $ 1.300.000.000 per jaar aan Foreign Military Financing, uit te geven aan de Amerikaanse wapenindustrie. Maar Egypte bestelt zijn militaire leveranciers tegenwoordig ook in China, Europese landen en Rusland.

Egypte levert wapens aan Libië, maar de marine is daar niet bij betrokken. In Egypte worden op grote schaal mensenrechten geschonden, maar fregatten worden bij dat geweld niet gebruikt. Egypte steunt de Saoedische oorlogscoalitie in Jemen politiek en zou dat officieel niet meer militair doen. En er bestaat volgens de Nederlandse regering ook geen risico dat de MEKO-fregatten gaan worden ingezet in agressief buitenlands beleid of bij territoriale claims. Dus volgens de Nederlandse regering hoeft – met uitzondering van de vluchtelingen – niemand zich zorgen te maken en zijn de economische voordelen van deze wapenleveranties en werkgelegenheid ook belangrijk. En volgens de Nederlandse regering zou ook niemand zich zorgen hoeven maken over een toenemend militair geweld in die regio en in de wereld. Gaat u maar lekker slapen.

Bron: “Brutaal repressief regime Egypte beschikt vrij over Nederlands (en Belgisch) wapentuig” door Wendela de Vries en Martin Broek via DeWereldMorgen op 28 augustus 2020.

Een groot politiek falen van Westerse democratieën

Het nieuwe coronavirus is de ernstigste bedreiging voor de volksgezondheid door een ademhalingssysteemvirus sinds de Spaanse griep van 1918. Om de 15 seconden sterft er iemand aan COVID-19, zoals COrona VIrus Disease afgekort wordt. ‘Disease’ is het Engelse woord voor ziekte en ‘19’ slaat op het jaar 2019, waarin het virus ontdekt werd. Wereldwijd zijn er nu bijna 800.000 doden door dit virus geteld.

Het is een catastrofe, die volgens Richard Horton vermeden had kunnen worden. Horton is nu 25 jaar hoofdredacteur bij The Lancet, een medisch tijdschrift dat door wetenschappers uit de sector beschouwd wordt als een van de meest toonaangevende wetenschappelijke tijdschriften. Hij is dus niet de eerste de beste en hij is uiterst kritisch over de aanpak van de coronacrisis in het Westen. Hij heeft het in zijn laatste boek “The COVID-19 Catastrophe. What’s gone wrong and how to stop it happening again” over “gemiste kansen en ontstellend verkeerde inschattingen, die geleid hebben tot de vermijdbare dood van tienduizenden burgers”. De onnodig vele doden ziet hij als het “bewijs van systematisch wangedrag van de overheid, roekeloze nalatigheden, die een inbreuk vormen op de plichten van openbare gezagsdragers”. Hij onderbouwt zijn aanklacht met de tijdlijn van de ontwikkeling van de pandemie:

30 december 2019: in de Chinese provinciehoofdstad Wuhan worden stalen genomen van de longen van een patiënt met een mysterieuze longontsteking. Het blijkt om een coronavirus te gaan. Diezelfde dag alarmeert een oogarts zijn directe collega’s over het bestaan van dit nieuwe SARS-virus.

31 december: De lokale overheden lanceren een gezondheidswaarschuwing. Die melden ze ook aan de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).

1 januari: De markt van Wuhan wordt als ‘vermoedelijke bron van besmetting’ gesloten. De WHO zet een taskforce op om de lokale uitbraak in Wuhan te onderzoeken.

4 januari: De WHO waarschuwt de wereld via Twitter over het nieuwe coronavirus in Wuhan.

5 januari: De WHO verspreidt een meer formele officiële melding van de corona-uitbraak.

10 januari: De WHO werkt technische richtlijnen uit over het opsporen van het virus, het testen en de aanpak van patiënten met symptomen.

12 januari: Chinese wetenschappers isoleren het virus en brengen het genoom ervan in kaart. Die kennis publiceren ze onmiddellijk. Op dat moment gaat men er nog van uit dat het virus alleen van dier op mens wordt overgedragen en niet van mens op mens.

13 januari: De WHO waarschuwt dat er mogelijke besmette patiënten in andere landen kunnen opduiken en vraagt de landen om dit goed in de gaten te houden.

22 op 23 januari: Tedros Adhanom Ghebreyesus, directeur-generaal van de WHO, probeert op een spoedbijeenkomst een internationale medische noodsituatie (PHEIC) uit te roepen. De 193 landen, die lid zijn van de organisatie, worden het daarover niet eens.

23 januari: Wuhan gaat in quarantaine.

24 januari: Wetenschappers uit Hong Kong publiceren een onderzoek waaruit blijkt dat het virus overgedragen kan worden van mens op mens. De Lancet publiceert zijn eerste artikel over het nieuwe virus (2019-nCoV). Op basis van ervaringen met het SARS-virus staan er aanbevelingen in ter preventie. De eerste klinische beschrijving van de ziekte die het virus veroorzaakt – later COVID-19 genoemd – wordt ook gepubliceerd.

29 januari: China publiceert een rapport over de eerste 99 gehospitaliseerde coronapatiënten. Daaruit blijkt dat 33% moet worden opgenomen op de Intensive Care en dat de sterftegraad maar liefst 11% bedraagt. Daardoor gealarmeerd starten de Chinezen in Wuhan de bouw van nieuwe ziekenhuizen met een capaciteit van 16.000 bedden. Uit de eerste studies blijkt ook dat vooral ouderen het hoogste risico lopen om zwaar ziek te worden en te sterven.

30 januari: De WHO kondigt alsnog de internationale medische noodtoestand af.

31 januari: Wetenschappers aan de universiteit van Hong Kong waarschuwen dat het virus een wereldwijde epidemie kan worden als er niets ondernomen wordt. Om een pandemie te voorkomen, kunnen volgens hen drastische maatregels nodig zijn die de mobiliteit beperken in besmette gebieden: indien nodig zal menselijk contact sterk moeten worden gereduceerd: geen massabijeenkomsten, sluiten van bedrijven en scholen, werken vanuit huis, … .

Februari: In het begin van de maand duiken in de Westerse landen de eerste coronagevallen op. In België was dat op 3 en in Nederland op 27 februari jl.. In de loop van de maand wordt het duidelijk dat Italië af te rekenen heeft met een ongemeen felle uitbraak van het virus. In Wuhan worden de spiksplinternieuwe ziekenhuizen met 16.000 bedden voor COVID-19 patiënten in gebruik genomen. Westerse regeringen daarentegen beschouwen het coronavirus nog steeds als een ‘griepje’. In België schrijft viroloog Marc Whatelet in een open brief op 28 februari dat België te weinig doet om zich voor te bereiden op een mogelijke corona-pandemie.

De tijdlijn spreekt voor zichzelf: De signalen waren duidelijk genoeg. De regeringen waren voldoende gewaarschuwd, maar legden de vroege waarschuwingen naast zich neer. Alarmkreten vanuit de virologische wereld werden zelfs belachelijk gemaakt. Minister De Block bestempelde viroloog Marc Whatelet als een ‘dramaqueen’. Trump zette Fauci, zowat de meest gerenommeerde immunoloog van de Verenigde Staten van Amerika, weg als ‘onruststoker’, maar reeds in februari hadden de Westerse regeringen alle aanbevelingen, zoals die op 31 januari vanuit Hong Kong, ook kunnen opvolgen, aldus Horton.

Mij was het vanaf het begin onduidelijk waarom wij hier RIVM-maatregels opstelden, die anders waren dan die welke de WHO voorstelde. Ik vond het onbegrijpelijk dat elk land, dat lid is van de WHO, zijn eigen anti-coronaverspreidingsbeleid invulde. De eerste verantwoordelijkheid van een regering is haar zorgplicht tegenover de burgers. Daarom is de aanpak van de coronacrisis volgens Horton “het grootste politieke falen van de Westerse democratieën sinds de Tweede Wereldoorlog”. Maar, deze boodschap van incompetentie is niet welkom in de Westerse media en in medische en politieke kringen. “Het is in strijd met een geopolitiek verhaal dat China bestempelt als een land dat negatieve en destructieve invloed uitoefent op de internationale relaties”. Helaas is het begrijpelijk dat de Westerse landen hun eigen falen bagatelliseren en op zoek zijn gegaan naar een zondebok. Zo mank is het vaker in de geschiedenis van de mensheid gegaan. En zo gaat het dus nog steeds; ook (of juist?) in landen met een Westerse beschaving.

Horton toont in zijn boek met heel wat concrete voorbeelden aan dat de meeste Westerse regeringen aanvankelijk met tegenzin maatregels namen om het zeer besmettelijke virus te bestrijden. Daardoor werd volgens hem kostbare tijd verloren. De verspreiding van een virus is exponentieel, hoe vroeger men optreedt hoe minder het de kans krijgt om zich te vermenigvuldigen. In de beginfase van de eerste golf, vóór er maatregelen werden genomen, had het virus amper 10 dagen nodig om zichzelf te vermenigvuldigen met 10. Deze fenomenale vermenigvuldigingssnelheid was eind januari al zichtbaar in de gepubliceerde Chinese statistieken. Dat wil zeggen dat indien de overheden in het Westen 10 dagen eerder hadden ingegrepen, het besmettingsniveau 10x lager was geweest en dat geldt ook voor het aantal doden achteraf. En indien de overheden 20 dagen eerder hadden ingegrepen, was het besmettingsniveau en het aantal doden 100x lager geweest, en 30 dagen eerder 1.000x minder van beide*. In China hadden ze dat met hun alarmgeroep, de bouw van nieuwe ziekenhuizen en hun maatregels tegen verspreiding van het nieuwe virus kennelijk direct begrepen.

Verder is volgens Horton COVID-19 niet ‘een gebeurtenis’, maar ‘het begin van een nieuw tijdperk’. Hij citeert Arundhati Roy, die het virus beschrijft als “een portaal; een poort tussen de ene wereld en de volgende”. Er is geen weg terug. Onze omgang met COVID-19 heeft een kwetsbaarheid van onze beschaving aan het licht gebracht. Het idee van vooruitgang zal vanaf nu een nieuwe invulling krijgen. Horton denkt dat COVID-19 heel wat zal veranderen: regeringen zullen hun leiderschap proberen te verbeteren en zullen meer op internationaal en regionaal vlak gaan samenwerken. De staat zal heruitgevonden moeten worden, net als de gemeenschap (‘community’). De volksgezondheid zal erdoor versterkt worden en het welzijn van de gezondheidswerkers zal meer au sérieux genomen worden. Ook de medische wetenschap zal nu een zet omhoog krijgen. Ik hoop dat hij daarin gelijk krijgt.

* Maar wanneer er 1.000x minder besmettingen geweest waren en even zoveel minder doden en ernstig zieken, zou iedereen zich natuurlijk beklaagd hebben over ‘een overmatig ingrijpen van de overheid voor een griepje’. Dat hoor je zelfs nu we kunnen weten wat er te weten valt.

Bron: “COVID-19 en de schuldige nalatigheid van de Westerse regeringen; een boekbespreking van ‘The COVID-19 Catastrophe. What’s gone wrong and how to stop it happening again’ (18 juni 2020) door Richard Horton, uitgegeven door Polity Press” door Floor Peeters via DeWereldMorgen op 27 augustus 2020.

Vrijheid van gebrek en vrees

Als ik het allemaal goed begrepen heb, werd na de Tweede Wereldoorlog in vooruitstrevende kringen van de Westerse Wereld gestreefd naar vier vrijheden:

  1. De vrijheid van meningsuiting
  2. De vrijheid van godsdienst
  3. De vrijheid van gebrek
  4. De vrijheid van vrees

Belangrijk motief hierbij was de nieuwe wereld te vrijwaren van fascisme en communisme. In Nederland maakten met name de premiers Willem Drees en Joop den Uyl van de Partij van de Arbeid zich hier sterk voor en dat leverde Den Uyl bij verkiezingen in 1977 voor de PvdA 52 zetels op; meer dan eenderde van heel de Tweede Kamer. Maar tegelijk behaalden andersdenkenden (conservatiever, linkser en rechtser) bijna tweederde van de Tweede Kamer. Dries van Agt van het Christen-democratisch Appèl werd premier en ging met de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie regeren.

Ruud Lubbers, een volgende fractievoorzitter van het CDA die premier werd, had met de zijnen sinds 1982 een nauwere opvatting van het begrip vrijheid, te weten

  1. De vrijheid zo rijk mogelijk te worden

Een vrije markt-economie en zo min mogelijk bemoeienis van overheden. Een kleine, tandenloze overheid. Die vrijheid zou volgens Lubbers en de zijnen, met name de econoom en secretaris-generaal van het Ministerie van Economische Zaken Frans Rutten en directeuren van de grootbedrijven van toen, iedereen ten goede komen. Een van Lubbers’ wapenfeiten is het Verdrag van Maastricht dat begrotingsdiscipline aan alle EU-landen oplegt.

In een later kabinet met Wim Kok als premier, de fractievoorzitter van de PvdA, werd vanaf 1994 de macht van vakbonden gebroken, want hij was na een vakbondscarrière ook geïnspireerd door het neoliberalisme, dat hebzucht als een maatschappelijke vrijheid opvat.

En nu streven we al decennia naar de vrijheid zoveel mogelijk hebzucht ten toon te spreiden en zijn we collectief de vrijheden van gebrek en van vrees vergeten. Daarbij ontnemen we onze kindskinderen ook nog eens de vrijheid op een bloeiende, leefbare planeet te wonen. En er is geen hond in de politiek die zich afvraagt wat economie eigenlijk is, hoe goed het is als die groeit, en voor wie die groei dan goed zou zijn. Zolang ‘de economie’ groeit heeft het kabinet goed werk geleverd. Wanneer die groei vooral voortkomt uit het afknijpen van werkenden, financiële speculaties, reclame-opbrengsten of wapenleveranties maakt dat niet uit; de regering leverde goed werk want het bruto binnenlands product groeide. Nou, ja, de Partij voor de Dieren heeft hier in het kader van zuinig zijn met grondstoffen en tegengaan van klimaatverandering als enige politieke partij kanttekeningen bij.

Het is achteraf een cruciaal momentum in onze vaderlandse geschiedenis geweest dat Den Uyl in 1977 niet met de linksere partijen (CPN, EVP, PPR en PSP) een coalitie kon vormen. Hij kwam in de oppositiebankjes terecht.

En nu zitten alle mensen, die met werken in plaats van met geld hun inkomen bij elkaar moeten schrapen, met de gebakken peren: lagere lonen en slechtere arbeidsvoorwaarden zodat winst maken voor bedrijven geoptimaliseerd wordt; afwaarderen van de progressieve inkomstenbelasting, loonmatiging en verlagen van vennootschapsbelastingen. Alsof bedrijven geen belang hebben bij een goed functionerende publieke sector moeten de belastingen maar vooral bij huishoudens opgehaald worden via de BTW, de verminderd progressieve inkomstenbelasting, de onroerendezaakbelasting en het verlagen van toelagen en uitkeringen. En de bedrijfswinsten gaan dan naar aandeelhouders en Chief Executive Officers, die meer geld voor zichzelf bij elkaar harken dan zij bij een lang leven kunnen uitgeven. Die plukken dus wel de vruchten van de vrijheden van gebrek en vrees. De andere 99% zoekt het maar uit.

Bron: “Fantoomgroei, Waarom we steeds harder werken voor steeds minder” door Sander Heijne en Hendrik Noten, sinds 9 juni 2020 uitgegeven door Business Contact met ISBN13-nummer 9789047013242 en 256 pagina’s dik.

Kiezen of delen

Ik ben geen premier, en geen minister. Ook nooit geweest. Maar wanneer ik nu in de schoenen van de Italiaanse premier Giuseppe Conte stond, zou ik met de Spaanse Pedro Sánchez en de Portugese António Costa een list verzinnen waar de Nederlandse Mark Rutte en zijn vrekkige of zuinige bondgenoten, het is maar hoe je ze waardeert, een puntje aan zouden zuigen. Ik heb er al een bedacht.

Op 11 mei schreef ik hier al waarom volgens mij de “Dag van Europa” geruisloos voorbij ging. De Nederlandse premier en minister van financiën vertelden daarvoor tot verbijsterende woede van de volksstemming in zuidelijke landen een half verhaal over het corona-herstelfonds en de geldstromen in de Europese Unie (EU).

De Franse president Emmanuel Macron heeft inmiddels druk gezet op de hulp die de EU moet gaan bieden bij de economische wederopbouw na de coronacrisis. Hij vindt dat er in juli overeenstemming moet zijn over het herstelplan en over de Europese meerjarenbegroting: „Dit is onze hoogste prioriteit. Wachten zal de zaken niet gemakkelijker maken”. Dat lijkt mij ook, willen we als unie onze grip op de wereld niet weer verliezen door onze onderlinge verdeeldheid in onze etalage te zetten. Net nu de Chinese overheid in HongKong laat zien de vrijheid van meningsuiting te beknotten. En met zo’n leugens verspreidende, door en door niet-deugende en onbetwist onbekwame president in de Verenigde Staten van Amerika. “Pak dit momentum in de wereldgeschiedenis”, zou ook ik zeggen. Laat de euro de standaard van de wereldhandel worden en stoot de Amerikaanse dollar van de kroon, nu het kan.

De Duitse bondskanselier Angela Merkel hoopt eveneens dat de leiders van de EU tijdens de komende top over de nieuwe begroting en het corona-herstelfonds op 17 & 18 juli a.s. tot een akkoord komen: „Er moeten nog ontelbare gesprekken worden gevoerd”, schetste ze in juni de situatie. „We hopen dat we een oplossing kunnen vinden, ook al is er een lange weg te gaan.

Wanneer de opstelling van de vrekkige of zuinige premiers halstarrig blijft, zou ik als Italiaanse premier op de avond van de 17de juli laten weten dat er kennelijk niets anders op zit dan een volksraadpleging uit te schrijven of – naar de mening van het Italiaanse volk – het lidmaatschap van de EU gecontinueerd moet worden. Waarna Sánchez zou laten weten dit idee, gezien de ontstane beeldvorming van de voorliggende problematiek binnen de EU, ook in Spanje te overwegen en Costa vervolgens eveneens zou zeggen een volksraadpleging over het continueren van het EU-lidmaatschap in Portugal te willen uitschrijven.

Messen op tafel, en liever uit zo’n unie dan me erdoor te laten gijzelen. Nooit de rampzalige weg inslaan, die Griekenland in 2015 door Jeroen Dijsselbloem en Angela Merkel gedwongen werd op te gaan. Ook niet een klein stukje.

Mijn irrelevante opinie inzake de EU is dus samen te vatten als: toon je een wereldmacht of val uit elkaar. Misschien ben ik daarom zelfs nooit staatssecretaris geworden.

Bron: “Macron en Merkel willen in juli akkoord over herstelplan EU” door het Reformatorisch Dagblad via TheWorldNewsNet op 29 juni 2020.

Het lot van de mensheid is in handen van wereldverbeteraars

Het in de steek laten van zo’n beetje alle Afrikanen, armoede, belasting-ontwijking door aan onze overheid gelieerde bedrijven, gefaciliteerde belasting-ontwijking in Nederland, beleidsmacht die door grootbedrijven in Nederland en in de Europese Unie wordt uitgeoefend in weerwil van democratische principes, het onrecht dat het neoliberale D’66 mensen pleegt aan te doen, gebrek aan menslievend beleid binnen het al even neoliberale CDA, CETA, de boter op het hoofd van de coalitie, geweld & onrecht dat wij – door het veilig stellen van ons feestje hier te lande – anderen elders in de wereld aandoen, honger, onrecht in het algemeen, het apartheidsbeleid van de Israëlische regeringen sinds 1948, het asociale gehalte van de neoliberale PvdA, TiSA, TTIP, Trump, voedselbanken in rijke landen, de minister-president en zijn immorele en neoliberale VVD, welvaart in relatie tot welzijn. Dat zijn onderwerpen die hier regelmatig door mij aan de orde gesteld worden.

Wanneer we willen dat een ongedefinieerd wij zich handhaaft

Een terecht verwijt aan mijn stukjes is wellicht dat ik weinig aandacht schenk aan de geneugten, die ik (en wij) dagelijks genieten door ons gedrag dat zich niet gebaseerd weet op ethiek maar op een overvloedige mate van zelfbehoud. Met dat waarschijnlijk terechte verwijt kan ik weinig, omdat ik mij als inwoner van Nederland ondanks allerlei bevoorrechting juist daardoor vaak medeplichtig weet aan wan-gedragingen van een samenleving die in mijn ogen op een aantal essentiële punten niet deugt. Knechting, machtsmisbruik en uitbuiting van anderen waardoor we ons tot een van de meest materieel rijkste samenlevingen op aarde kunnen rekenen, al is onze rijkdom dankzij 40 jaar neoliberalisme – met dank aan het CDA, D’66, de PvdA en de VVD – ook onderling steeds onrechtvaardiger verdeeld. Arm in onze moraal, maar het is hier best veilig wanneer je je weet te handhaven. “Je maintendrai” staat passend geschreven onder de Nederlandse leeuw.

Toch zou ik liever deel uitmaken van een geestelijk hoogstaandere samenleving, bestaande uit mensen die omkijken naar elkaar en zich zorgend opstellen voor vreemden die (ook) lijden onder corruptie, de elementen, maatschappelijk onrecht, oorlogs- en/of natuurgeweld. Als kind had ik al sympathie voor primitieve Indiaanse stammen wanneer die volgens mij ethisch hoogstaand met elkaar en met hun vijanden probeerden om te gaan.

Hoopgevend is mij lange tijd het gegeven geweest dat veel landen de Universele Verklaring van de rechten van de mens in 1948 (en daarna) hebben ondertekend. Nog steeds draag ik de Verenigde Naties een warm hart toe en het verdriet me dat haar invloed beperkt blijft tot de bedragen die we bereid zijn aan haar projecten te doneren. Bedragen die altijd ontoereikend zijn om de koeien echt bij hun horens te pakken.

Wanneer we ons als mensheid willen handhaven

Ik vermoed een besef dat de wereldorde verandert, wanneer de gekoeioneerden en rechtelozen van nu behandeld zouden gaan worden als naasten. Mij doet dat verdriet, al zouden de gevolgen van mijn gewenste pacifistisch socialistische aanpak voor ons misschien wel desastreus zijn. Hoewel, ik ben helemaal niet tegen zelfbehoud, maar ik zie de wereld en onze benadering ervan als zoektocht altijd het juiste te doen, met het besef dat we tekort zullen schieten. Dat we ons dus blijvend zouden moeten beijveren zelfs het onrecht, dat we met de beste bedoelingen plegen, te beperken tot het werkelijk onvermijdelijke. Ik zou haast zeggen ‘het hoognodige onrecht’.

Helaas leef ik daarentegen in een wereld waar men het onrecht, waarmee ik dit stukje begon, onder het tapijt pleegt te vegen. Helaas blijven de meesten hier graag dansen op de voor zovelen ondergaande planeet. Is het niet door natuurkrachten, dan wel door wat anderen en met name ook wij hen gewetenloos – en soms zelfs met best menselijke bedoelingen maar met onmenselijke gevolgen – direct en indirect aandoen.

Wanneer we het belangrijker blijven vinden dat een ongedefinieerd ‘wij’ zich ten koste van wat het kosten moet handhaaft, zal het helaas waarschijnlijk wel blijven gaan zoals het altijd al gaat.

Ik, daarentegen, vind het fijn dat er nog altijd idealisten zijn, die onrecht aan de kaak stellen en op grotere schaal en/of op kleinere schaal de wereld wèl mooier proberen te maken; die proberen om steeds het moreel-juiste te doen. Wanneer we ons als mensheid willen handhaven, is het lot in handen van deze wereldverbeteraars.

Chomsky schreef weer een nieuw boek

De geschiedenis toont ons dat machtssystemen nooit uit zichzelf veranderen en nooit uit zichzelf hun interne tegenstrijdigheden erkennen. Dat gebeurt alleen door de publieke opinie. Aan het woord is de 91-jarige Noam Chomsky, wiens scherpzinnige inzichten ik hier wel vaker deel.

Hij kijkt in zijn nieuwe 101 pagina’s tellende boek “Internationalism or Extinction” naar de continuïteit van het beleid van Amerikaanse regeringen sinds 1945. En hij onderbouwt erin dat die onveranderd is gebleven, te weten gericht op de instandhouding van een volledige dominantie over de wereld: economisch, militair en politiek. Wie om de 4 jaar president wordt, maakt daarbij weinig verschil. Donald Trump is als 45ste Amerikaanse president geen abnormaliteit volgens Chomsky, geen afwijking van de norm, maar op de keper beschouwd een logische consequentie van een maatschappelijk systeem dat niet in staat is uit zichzelf te veranderen en nu dit gevaarlijke monster heeft gebaard.

Ofwel we behoeden democratieën voor zelfvernietiging,
èn we stoppen de klimaatverandering,
èn we beperken het risico van een allesvernietigende kernoorlog tot het uiterste,
ofwel we beschouwen onze zelfvernietiging als een fait accompli

Echter, wanneer dat beleid nu niet fundamenteel verandert, wacht ons mogelijk door toedoen van de Verenigde Staten van Amerika de vernietiging van menselijk leven op aarde (extinction). De Republikeinse Partij noemde hij ook eerder al de gevaarlijkste organisatie, die de mensheid heeft voortgebracht.
Een voorbeeld: in de jaren ’80 hebben, na een wereldwijde beweging tegen kernwapens, de 2 grote kernmachten van toen afspraken gemaakt over dialoog en inperking van hun kernwapenarsenalen. Afspraken die werden vervat in de ABM, INF en START-verdragen. Deze 3 verdragen worden nu door Trump op de helling gezet. Dat maakt de dreiging van een kernoorlog nu weer net zo actueel als in de jaren ’80.
Nog een voorbeeld: het grootste deel van de Amerikaanse verkiezingen is ‘gekocht’. Alleen de campagnes van Bernie Sanders zijn hierop een uitzondering.
Laatste voorbeeld: door gebruik van fossiele brandstoffen – kolen uit Ohio en schaliegas – op steeds grotere schaal draagt de Federale Regering (en met name de Republikeinse Partij) op een onverantwoordelijke wijze bij aan wereldwijde temperatuurstijging en het Verdrag van Parijs met de clausules voor milieubescherming werd in 2016 door de Republikeinen verhinderd.
Chomsky roept daarom in zijn nieuwste boek op tot activisme, want hij stelt dat de mensheid voor een cruciale keuze staat:
ofwel we behoeden democratieën voor zelfvernietiging, èn we stoppen de klimaatverandering, èn we beperken de kans op een allesvernietigende kernoorlog tot het uiterste,
ofwel we beschouwen onze zelfvernietiging als een fait accompli; iets waar niets tegen te doen valt.

Wat hij eerder voorspelde is inmiddels bewaarheid geworden

Chomsky is, anders dan bovenstaande wellicht doet vermoeden, geen vlotte spreker. Hem beluisteren vergt een nogal gedisciplineerde concentratie, want hij heeft ook al geen oratorische kunsten te bieden. Sterker nog, zijn lezingen zijn voorspelbaar, want in feite zegt hij al heel zijn productieve leven hetzelfde. Je weet zodoende wat je van hem kunt verwachten. Maar de actuele context actualiseert hij voortdurend met feiten, die anderen en mij nogal eens zijn ontgaan (of die er een betekenis aan toekenden in lijn met de commentatoren in de media).
Zijn boeken zijn allesbehalve vlotte literatuur. Ook Chomsky lezen vergt een gedisciplineerde concentratie. Maar ook die inspanning loont altijd de moeite.
Chomsky kan iets wat weinigen gegeven is: hij zet je met actuele gebeurtenissen, die meestal aan de aandacht van de mainstream media ontsnapt zijn, aan het denken en je weet weer wat je te doen staat.

Wat hij eerder voorspelde, bijvoorbeeld over de toekomstige negatieve effecten van vrijhandelsverdragen of hoe naargeestig de wereld er uit gaat zien wanneer Donald Trump president van de Verenigde Staten van Amerika zal worden, is inmiddels bewaarheid geworden. Het discours van Chomsky is diametraal aan wat mainstream commentatoren ons dagelijks vertellen, en ook dat stelt hij aan de kaak. Zijn zienswijze onderbouwt hij altijd stevig met feiten en in goed gekozen woorden. Dat maakt hem voor bezorgde mensen als ik zo aantrekkelijk. En ik ben niet de enige; geen enkele andere hedendaagse intellectueel kan tippen aan de aantrekkingskracht en het charisma van Chomsky, schrijft Lode Vanoost, de bronleverancier van dit stuk, waar hij verschijnt, blijft hij bomvolle zalen trekken.

We overtuigen door de feiten te tonen èn door te wijzen op de mogelijkheden die er nog altijd zijn

Activisme zou het verschil kunnen maken. Alles is door mensen gemaakt en kan door mensen veranderd worden, constateert Chomsky nuchter.

De hamvraag, die bij zijn lezingen telkens weer terugkomt, is: “Hoe overtuigen we de mensen die vandaag niet met ons in de zaal zaten?”. En Chomsky’s antwoord daarop is: “We overtuigen de mensen door ze de feiten te tonen èn door ze te wijzen op de mogelijkheden die er wel degelijk nog altijd zijn. (…) Om de toenemende destructieve autocratische* en hypernationalistische** tendensen aan te pakken moeten we eerst de oorzaken doorgronden. Een substantieel element zijn de neoliberale bezuinigingen van de voorbije generatie. Die hebben alle welvaart geconcentreerd in enkele handen, de functionerende democratie ondermijnd, de bevolking opzij geschoven, wat tot begrijpelijke weerzin en woede heeft geleid, die soms pathologische*** vormen aanneemt en mensen een prooi maakt voor demagogen****.” Chomsky levert informatie, feitenmateriaal en de analyse daarvan ook in zijn 91ste levensjaar nog steeds als geen ander.
Uitleg van moeilijke woorden
* de ongelimiteerde vernietigende macht wordt uitgeoefend door één partij of door één persoon
** gewoonte om andere landen en/of volkeren buiten te sluiten
*** ziekelijke
**** hier doelt Chomsky op: mensen die politieke macht verwerven door angst te zaaien

De uitgevers hebben naast zijn nieuwste boek ook een video gemaakt, die hier te bekijken is
of klik hier voor een interview met Chomsky van 13 april jl. over het boek “Internationalism or Extinction” (2020) en over de Corona-pandemie.

Bron>“Noam Chomsky: ‘De mensheid staat voor de keuze: internationale samenwerking of uitsterven’” Boekrecensie over ‘Noam Chomsky, “Internationalism or Extinction” (2020, edited by Charles Derber, Suren Moodliar and Paul Shannon). Routledge in New York, ISBN 978 0 367 43058-0’ door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 11 mei 2020.

Geruisloos ging dit jaar de Dag van Europa voorbij

Burgers binnen de Europese Unie (EU) hebben in ongelijke mate profijt van wat de interne Europese markt genoemd wordt. Een relatief klein, sterk van de export afhankelijk EU-land als Nederland heeft relatief veel voordeel. Burgers van zuidelijke lidstaten veel minder.
· Nederlandse burgers profiteren gemiddeld voor € 1.500 per jaar van de EU.
· Het welvarende (en door Covid-19 meest getroffen) Noorden van Italië komt niet verder dan € 1.000 per jaar; inwoners van de rest van Italië profiteren aanzienlijk minder van de EU.
· Spanjaarden profiteren gemiddeld voor € 590 per jaar van de EU,
· Portugezen voor € 500 per jaar en de
· Grieken voor € 400 per jaar.

Door belastingparadijs Nederland lopen andere EU-lidstaten bovendien via brievenbusfirma’s op de Zuidas in Amsterdam in totaal € 10.000.000.000 per jaar aan vennootschapsbelasting mis:
· Frankrijk loopt via de Zuidas € 2.700.000.000 per jaar mis,
· Italië € 1.500.000.000,
· Duitsland € 1.000.000.000 en
· Spanje loopt via de Zuidas bijna € 1.000.000.000 per jaar mis.
En als Nederland er nou rijk van werd, dan zou je het nog als handige roof kunnen zien; of supermodern ‘slimme aanpak’, maar Nederland vangt er ‘slechts’ € 2.200.000.000 van; bijna € 8.000.000.000 ‘lekt via de Zuidas weg’ naar weer andere belastingparadijzen.

In Italië en Spanje wordt de financiële steun door de EU ervaren als een emotionele noodzaak om met elkaar verder te kunnen. Mij lijkt dat een politieke realiteit: als de EU nu een bondgenoot in de hoogste nood niet helpt-zonder-vragen, dan zullen de anti-Europese krachten daar ongetwijfeld van profiteren.

En vergelijk het mislopen van vennootschapsbelastingen door Italië en Spanje nu met de € 1.000.000.000 die Mark Rutte en Wopke Hoekstra eenmalig wilden schenken als coronafooi, nadat Zuid-Europa te hoop was gelopen tegen de suggestie van Hoekstra dat eerst moest worden uitgezocht hoe het kwam dat sommige lidstaten (lees: die in Zuid-Europa) hun boekhouding niet op orde hadden. Dan begrijpt u misschien meer van de irritaties over de Nederlandse opstelling. Ook vraag ik me af welk christen-democratisch appèl Hoekstra daarmee aan zijn uniebroeders deed.

Daarnaast hebben we allemaal gezien hoe de ‘redding’ van Griekenland vanaf 2015 vooral de banken uit Duitsland, Frankrijk en Nederland ten goede kwam en desastreus uitpakte voor de Griekse bevolking, die moedig maar zonder enig succes ‘tegen’ gestemd had. Onder leiding van de zichzelf sociaal-democraat noemende Nederlandse minister Jeroen Dijsselbloem werden door de Eurogroep bijvoorbeeld de volgende maatregels genomen:
· Afdwingen dat de datum van verse melk van 3 naar 7 dagen verlengd werd zodat Nederlandse boeren hun melk sindsdien als verse melk in Griekenland kunnen verkopen,
· Een wet van 100 pagina’s in één artikel opstellen en afdwingen dat die op 15 juli 2015 in minder dan 24 uur werd goedgekeurd,
· Een wet van 1.000 pagina’s in 3 artikels opstellen en afdwingen dat die precies een week later eveneens in minder dan 24 uur werd goedgekeurd en
· op 14 augustus 2015 passeerde nog een wet van 400 pagina’s, die ook al in 24 uur moest worden goedgekeurd.
Is dit democratie of Piketty?

Financiële steun onder dergelijke voorwaarden zien de Italianen en Spanjaarden natuurlijk niet als een goed economisch recept.
En nu noemde ik Hoekstra en Rutte, maar zij handelden achteraf met de steun van een ruime meerderheid in onze Tweede Kamer. Dit onthult volgens mij opnieuw dat het Nederlandse debat over de Europese Unie zich grotendeels in voor ons winstgevende euro’s afspeelt en niet over ethiek gaat. De BV Nederland is gewoon een sprinkhaankapitalist, terwijl het anderen de les leest over deugdzaamheid.

Mij zou het geen verkeerde ontwikkeling lijken wanneer de Nederlandse EU-opstelling-in-Coronanood tot gevolg krijgt dat Italië een uittreding uit de EU gaat overwegen. Hoe moeten we anders een EU krijgen, die er voor de burgers is? Hoe moeten we anders de huidige realiteit stoppen dat met EU- en nationale overheidsprivileges grootbedrijven steeds maar groter en machtiger worden (en direct bij de staat aankloppen als er een ondernemingsrisico verkeerd ingeschat blijkt)?

Hoewel ik op straat (op anderhalve meter afstand) verneem dat we het in Nederland goed doen rondom Covid-19, is het niets meer of minder dan Piketty in de praktijk. We moesten ons – wat mij betreft – schamen (ik was daar al een tijd geleden mee begonnen).

En dit allemaal naar aanleiding van 9 mei jl.; de Dag van Europa. Omdat die dag, precies 70 jaar geleden, de Franse minister Robert Schuman een ambitieuze verklaring aflegde waarin hij voor een organisatie pleitte om Franse en Duitse productie van kolen en staal onder gemeenschappelijk beheer te plaatsen. Dat zou de kans op een nieuwe Europese oorlog minimaliseren. Dat beheer werd het aller eerste begin van de EU, zoals die nu vormgegeven is.

Bronnen: “Nederland leest anderen de les over deugdzaamheid maar gedraagt zich als sprinkhaankapitalist” door Marc Chavannes via DeCorrespondent april 2020, “Staatssteun aan KLM stroomt naar oliehandelaren en Iers belastingparadijs” door Ties Joosten op 6 april 2020 via FollowTheMoney en “Sta niet toe dat democratie wordt vernietigd waar ze is ontstaan” door Zoé Konstantopoulou, voorzitter van het Griekse parlement via DeWereldMorgen op 10 september 2015.

Indachtig Hendrik Colijn

$ 1.917.000.000.000 werd in 2019 wereldwijd aan militarisme uitgegeven. In de wereld gaven we er met elkaar nooit eerder zoveel aan uit. Gemiddeld 2,2% van onze bruto binnenlandse producten (BBP) ging naar militaire uitgaven. Het is een stijging van 3,6% in vergelijking met 2018. Het is de grootste jaarlijkse toename sinds 2010, en dan te weten dat 2018 ook al een beschamend recordjaar was.

Omgerekend gaven we in 2019 met elkaar $ 249 per wereldburger uit aan militarisme, terwijl in datzelfde jaar 734.000.000 mensen moesten/ 10% (!!!) van de wereldbevolking moest rondkomen van minder dan $ 1,9 per dag.

Dit zijn geen onvoorziene uitgaven

De top 5 op basis van bedragen aan militaire uitgaven
1a. $ 1.035.000.000.000. Dat is het bedrag dat de 29 NAVO-lidstaten in 2019 samen uitgaven aan wat nog steeds verhullend ‘Defensie’ genoemd wordt; ‘goed’ voor 54% van het totale bedrag wat in 2019 wereldwijd aan militarisme uitgegeven werd. Nou ja, met een grote vriend als de Verenigde Staten van Amerika in de gelederen gaat het snel. We gaan per land kijken:
1b. $ 732 miljard: VS besteedde 3,4% van het BBP aan militarisme; 5,3% meer dan in 2018; droeg 38% bij aan het mondiale totaal.
2. $ 261 miljard: China besteedde 1,9% van het BBP aan militarisme; hetzelfde percentage als in 2018; droeg 13% bij aan het mondiale totaal.
3. $ 71 miljard: India besteedde 4,5% meer aan militarisme dan in 2018; droeg 4% bij aan het mondiale totaal.
4. $ 65 miljard: Rusland besteedde 4,6% meer aan militarisme dan in 2018; droeg 3% bij aan het mondiale totaal.
5. $ 62 miljard: Saoedi-Arabië besteedde 16% minder aan militarisme dan in 2018; droeg ook 3% bij aan het mondiale totaal.

en wij?
17. $ 12 miljard: Nederland is in 2019 van de 19de plaats gestegen naar plaats 17 door 12% meer aan militarisme te besteden dan in 2018; droeg 0,6% bij aan het mondiale totaal.
39. $ 5 miljard: België bevindt zich op plaats 39, een stijging van 3,4% ten opzichte van 2018; droeg 0,26% bij aan het mondiale totaal.

En wat zegt dat allemaal?
$ 1.917.000.000.000; $ 249 per menselijke wereldbewoner; $ 54 minder dan het gemiddelde jaarinkomen in Zuid-Soedan, het armste land ter wereld. Als ik al deze bedragen lees, realiseer ik me een beetje hoe het afdwingen van toegang tot grondstoffen zich gênant verhoudt tot het bestrijden van armoede. En tot andere zaken die het welzijn van mensen wereldwijd bevorderen. Al is ‘zich toegang verschaffen tot’ deels hetzelfde als ‘in armoede houden’.

Ik bedenk hierbij dat dit geen onvoorziene uitgaven zijn, zoals de uitgaven aan materiële schade vanwege een storm of een virus. Dit zijn haast allemaal uitgaven die in meerjarenbegrotingen en jaarbegrotingen staan, zoals het per 1 januari 2024 ‘op peil’ brengen van onze eigen agressie-begroting conform eerder gemaakte NAVO-afspraken.

’t Is nog een cynisch ‘geluk’ dat extreem weer en natuurrampen in 2019 3x meer mensen tot migratie dwongen, met alle daarmee gepaard gaande persoonlijke ellende, dan alle oorlogsgeweld samen. Waarmee ik maar wil zeggen dat gelukkig slechts een deel van al deze militaire uitgaven in 2019 daadwerkelijk gebruikt is om mensen te vernietigen en hun werk- en woonomgeving te ruïneren. Wel om mee te dreigen, natuurlijk. En zeker om mee te kùnnen dreigen of verzet te kunnen breken. Ook vaak verzet tegen degenen, die het hun bezetters of overheden met hun belastinggeld mogelijk maakten zich te laten onderdrukken. Zo gaat het altijd al sinds onze voor-voor-voorouders geld bedachten. Ja, we creëren met elkaar altijd al een wonderlijke wereld van schoonheid en verderf.

Volgens de Wereldbank zal de huidige Covid-crisis er bovendien voor zorgen dat mondiaal de meest extreme armoede sterk zal stijgen. In deze vreemde wereld willen we kennelijk leven. Of zien we in alle democratisch bestuurde landen geen kans te stemmen tegen geweld, mondiale en nationale ongelijkheid en onrechtvaardigheid? Zo dat het geval is, hoe zou dàt dan komen?

Nee, zoals Hendrik Colijn op 16 maart 1936 tegen uw voorouders zei, zeg ik na het laten bezinken van deze uitgaven tegen u, moderne lezer dezes, inmiddels uitgerust met internet en vast ook met telecommunicatie en televisie:
Ik verzoek den luisteraars dan ook om wanneer ze straks hunne legersteden opzoeken, even rustig te gaan slapen als ze dat ook andere nachten doen. Er is voorshands nog geen enkele reden om werkelijk ongerust te zijn.
En daarmee, geachte luisteraars, laat ik u over aan de verpozing die de radio u pleegt te bieden. Goedenavond.

Bronnen: “Grootste stijging van wereldwijde militaire uitgaven in het afgelopen decennium; Opinie” door Ludo De Brabander via DeWereldMorgen op 27 april 2020 (omdat deze bron verwijderd blijkt: de bron van deze bron is “Global military expenditure sees largest annual increase in a decade—says SIPRI—reaching $1917 billion in 2019; SIPRI for the media: sipri.org op 27 april 2020) en “Extreme weather and natural disasters displaced three times more people than war in 2019” door Lillo Montalto Monella en Marta Rodríguez Martínez via EuroNews op 28 april 2020.