Op 22 oktober jl. bevond ik mij op het Museumplein in Amsterdam om met 6 tot 8.000 anderen te tonen tegen ondertekening van ‘het vrijhandelsverdrag CETA’ te zijn. Een demonstratie heet zoiets. Tevoren had ik nog even met een vriend in de Van Baerlestraat koffie gedronken. Het Museumplein oplopend was overduidelijk dat de Socialistische Partij aanwezig was; dichterbij de massa bleek het een gemêleerd gezelschap van ex-Auschwitz/Birkenau-gevangenen, Foodwatch, Greenpeace, Milieudefensie en vakbonden en van Groenlinks, enkele vertegenwoordigers van de Partij van de Arbeid, de Partij voor de Dieren, als vermeld de Socialistische Partij en enkele politieke partijen die nog niet in de Tweede kamer zitten. En mensen zoals ik die namens zichzelf daar ‘protesteerden’.
“Wat doen die oud-Auschwitz/Birkenau-gevangenen daar?” vraagt u zich misschien af. Zij waarschuwden voor mogelijk kwalijke uitwassen van marktdenken en kapitalisme door er op te wijzen dat het I.G. Farben-industriecomplex Buna indertijd achter de dwangarbeid van de gevangenen zat: tegen de laagst mogelijke kosten, te weten fysiek net in leven gehouden worden en overgeleverd aan volstrekte rechteloosheid en willekeur, leverden de gevangen hun arbeid voor dit bedrijf en andere bedrijven. Deze ex-gevangen zien parallellen met CETA en TTIP, waarin eveneens arbeidsrechten (beloning, ontslagrecht en uitkeringen) omwille van ongebreidelde winsten voor multinationals ingeperkt worden.
Lode Vanoost hekelt de term ‘vrijhandelsverdrag’ voor CETA en TTIP. Een meer accurate omschrijving vindt hij: ‘Verdragen ter bescherming van exclusieve rechten van buitenlandse investeerders tegen elke mogelijke inmenging door openbare overheden, parlementen en maatschappelijke organisaties’.
Dit vast redactielid van De wereld Morgen vindt het ook wel wat lang, maar zo’n titel dekt de lading van de 1.598 pagina’s tekst juister dan een term die riekt naar gemakkelijker handel.
Ik vrees dominantie van grootbedrijven over economie en politiek, doordat overheden hun mogelijkheden opzeggen om arbeiders, dieren, gewone mensen, klimaat, milieu, (tarieven voor medicijnen en binnen de -) gezondheidszorg en de zwakkere mensen in de samenleving tegen knechting, misleiding en uitbuiting te beschermen. Sterker, onder dreiging van miljardenboetes door grootbedrijven, die zelf nauwelijks belasting afdragen, beschermen die bedrijven zich met CETA, TiSA en TTIP tegen wat zij ‘onbetrouwbare overheden’ noemen; maar wat overheden zijn die het – wellicht op basis van voortschrijdend inzicht – opnemen voor wat van ‘algemeen belang’ is. Wanneer die boetes betaald worden, resteert nòg minder geld voor het algemeen belang dan nu al onder het Verdrag van Maastricht mogelijk is.
Veel mensen hebben geen idee over wat CETA, TiSA en TTIP inhouden en laten zich leiden door de misleidende naam die naar vrijhandel verwijst en door de schamele mededelingen over dit soort verdragen via onze media. Net zo min hebben zij een idee erover hoe ons dagelijks leven beïnvloed wordt door het Verdrag van Maastricht (1992) en het Verdrag van Lissabon (2007). Zolang de zon schijnt, smaakt een biertje buiten in de tuin of op het terras lekker.
Ik maak mij zorgen, ondermeer over dit soort onethische verdragen. Ik maak mij zorgen, omdat kennelijk zelfs zulke maatregels door onze volksvertegenwoordigers niet resoluut van de onderhandelingstafel geveegd zijn.
Voor mij is het dus geruststellend dat de Franstalige deelparlementen de afgelopen dagen dwars zijn blijven liggen. Het is de vraag of zij dat tot donderdag, de dag dat het verdrag door ‘Canada’ en ‘de EU’ ondertekend zou worden, volhouden. Steekhoudend leek mij de opmerking van de minister-president van het Franstalige deel van Wallonië Paul Magnette, die het ondemocratisch vindt om zijn regering zo onder druk te zetten. In de ogen van ‘zijn’ minister van Energie, Huisvesting, Lokale Besturen en Steden Paul Furlan is een deadline geen manier van onderhandelen. En het fijne weet ik er natuurlijk ook niet van, maar voor degen die denken dat ‘de Walen’ dan eerder aan de bel hadden moeten trekken: de socialistische regeringspartij PS zegt dat hun vragen over het verdrag al twee jaar onbeantwoord blijven.
Bronnen: “Wallonië en CETA of de neoliberale nachtmerrie van democratische inspraak in de economie” door Lode Vanoost via http://www.dewereldmorgen.be op 21 oktober 2016 en “Walen blijven bij hun ‘nee’ tegen vrijhandelsverdrag” door de buitenlandredactie van de Nederlandse Omroepstichting via de app van http://www.nos.nl op 24 oktober 2016.