Goed geregeld (op papier)

Begaan met het Tropisch Regenwoud hebben we de houtimport in België en Nederland goed op orde. Wat zeg ik; in Europa! Voordat hout gekapt mag worden, moet er een bosbeheerplan zijn. Wanneer kap binnen dat beheerplan verantwoord is, mag er pas gekapt worden en naar de Europese Unie geëxporteerd; en dus ook naar België en Nederland.

In zo’n beheerplan wordt het volume aan verschillende boomsoorten opgenomen. In de staat Pará in het Braziliaanse Amazonewoud worden de volumes van ipé, een commercieel waardevolle boomsoort waardoor het winstgevend is om voor het ‘winnen’ van die boom diep in het regenwoud door te dringen, nou, de volumes van ipé worden in de bosbeheerplannen structureel vèèl te hoog geschat. Daarvan kunnen dus heel wat bomen gekapt worden, want dan blijven er nog genoeg andere over. Vervolgens wordt het overbodig volume aan zogenaamde spookbomen gekapt. Dat heeft grote, nadelige gevolgen voor het hele Tropisch Amazonewoud en de daar levende lokale gemeenschappen. Daarna kan iedereen met een gerust hart gaan slapen:
De Braziliaanse overheid, want een ‘iets te hoge inschatting behoort tot de bedrijfsrisico’s. Je kunt onmogelijk heel exact de volumes gaan meten’.
De illegale houtkapper, want hij heeft op papier heel wat ipé’s laten staan.
De Belgische en Nederlandse overheden, omdat zij er alles aan doen om illegale kap te voorkomen.
En u, want u gebruikt alleen gecertificeerd hout.

Greenpeace roept nationale overheden binnen de EU echter op om de bewijzen voor de in bosbeheerplannen opgegeven volumes te gaan controleren, omdat waarschijnlijk tweederde van de houtkap illegaal uitgevoerd wordt.

Tweederde… Geld gaat voor alles, denk ik dan berustend en een beetje boos.

Bron: “Greenpeace: import van hout uit Amazone boordevol fraude” door Inter Press Service via DeWereldMorgen op 20 maart 2018.

Hoe je tot een keuze komt (en ik aan het komen ben)

Hoe ik mijn keus op 21 maart a.s. bepaal? Laat ik maar bij het eind beginnen: ik ben er nog niet uit. Maar wat ik doe, is een stip zetten aan de horizon met de best wat lange vraag:

“In wat voor wereld wil ik dat de kinderen van de kinderen van de kinderen van de kinderen van mijn kinderen leven?”

Vervolgens kijk ik wat er nù gedaan kan worden om dàt te bereiken, bijvoorbeeld: ‘Wat ga ik voor mijn kinds kinderen op 21 maart stemmen?

Dat ik wil gaan stemmen staat daarom vast. Wanneer ik niet ga stemmen gaat mijn stem naar de winnaar(s) in De Bilt en dat zal ik hoogstwaarschijnlijk geen goede zaak vinden. Vorige keer wonnen D66, VVD, Beter De Bilt en CDA. Ik zal ook niet blanco gaan stemmen, want er is volgens mij genoeg te kiezen, maar waarop uiteindelijk mijn keus valt, weet ik nog niet.

Nee, ik wens onze kinds kinderen een wereldvrede toe, zo één waar velen rond kerst over zingen. De PSP doet al sinds 1990 niet meer mee, terwijl die politieke partij nog steeds mijn voorkeur zou hebben; die was opgericht om pacifisme te bereiken; een wereldbeschouwing die duurzame vrede nastreeft en tegen geweld en oorlog is. Een vies woord volgens sommigen, maar sinds ik tijdens mijn militaire dienstplicht anderhalf jaar bij onze pantserinfanterie werkte is dàt mijn ideaal.

Bij gebrek aan PSP stem ik dus al bijna 3 decennia ‘strategisch’, want alle partijen hangen ons kapitalisme aan: alles moet wijken – tot en met de inkomsten voor uitkeringsgerechtigden, het minimumloon en voor velen hun inkomenszekerheid – voor het oprekken van ònze economische groei. Daarbij maakt het niets uit of bedrijven hier belastingen betalen, werkelijk vaste banen scheppen tegen respectvolle arbeidsvoorwaarden voor werknemers of wat voor troep ze produceren. Of het nou akelige financieel verpakte wangedrochten zijn, vleesproducten, ziekmakend voedsel (suiker, zout) of wapens, ze hoeven steeds minder belasting te betalen over hun winsten, voor zover ze die opgeven. Ons kapitalisme brengt wereldvrede volgens mij verder buiten bereik, omdat het ten koste gaat van mens en milieu; het buit arbeiders en de aarde uit, het brengt gelukkig voor velen hier welvaart en wakkert daarbij helaas hebzucht, een egocentrische onverschilligheid voor wat er in de wereld gaande is en oppervlakkigheid aan, verspilt grondstoffen, maakt de goegemeente tot schuldenaar en geeft feitelijk enkelen steeds meer geld en macht over èlk maatschappelijk debat. Kijk in Nederland naar de ‘discussie’ over de dividendbelasting.

Ik stem dus strategisch, waarbij ik geen partij meer ken die een stip aan de horizon zet, laat staan de mijne. Alle partijen willen iets binnen onze kapitalistische wereldorde verbeteren, zonder de schadelijke machtsstructuur aan te pakken. De Partij voor de Dieren (PvdD) – de partij van duurzaamheid, mededogen, persoonlijke verantwoordelijkheid en persoonlijke vrijheid – komt mij hierin nog het meest tegemoet door voor een ‘plan B’ te kiezen, tegen de extremen van ons kapitalisme.

Echter, in mijn gemeente doet de PvdD niet mee. Resteren GroenLinks, PvdA en SP, omdat zij drieën het verst gaan in hun kritiek op wat we allemaal normaal zijn gaan vinden, althans vergeleken met de andere De Biltse partijen.
Van geen van deze zou ik lid worden omdat ik zwaarwegende bezwaren heb tegen elk van deze partijen, maar één van deze drie gaat het wel worden. Welke, weet ik waarschijnlijk pas in het stemhokje, dat ik dus zeker zal gaan bezoeken. Immers, zonder de stem van degenen, die de politiek zo’n beetje hetzelfde als ik inschatten, wordt het niks volgens mij.

Waarom ik ook dit keer ‘tegen’ ben

Waarom ik tegen de nieuwe bevoegdheden in de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) ga stemmen; de “sleepwet”, waarover tijdens de komende gemeenteraadsverkiezingen ons laatste referendum wordt gehouden:
Eigenlijk gaat het mij maar om twee punten en een onderliggend gevoel.

Het eerste punt is dat een verdere verruiming van de Wiv nadien kan plaatsvinden door een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). Als de AIVD in de toekomst bijvoorbeeld ook uiterlijke kenmerken uit verzameld DNA wil afleiden, hoeft de regering daarvoor alleen een AMvB af te kondigen, waarover onze Tweede Kamer niet stemt.

Het tweede punt waarom ik tegen de nieuwe bevoegdheden binnen de Wiv ga stemmen is dat de huidige Wiv al overtreden wordt aangaande het aftappen van dataverkeer en het eventueel via inbraak verzamelen en opslaan van DNA-profielen door onze eigen overheid; onze Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) in het bijzonder. Overigens zit ik ook niet te wachten op zo’n bij wet gelegitimeerde inbraak door de AIVD, en volgens mij niemand. Met een overheid die zich nu al niet aan haar eigen wetten houdt, zou ik het dom vinden haar wettelijke bevoegdheden te verruimen, want dan doet ze wellicht straks alles buiten- en binnenwettelijk naar eigen goeddunken. De nieuwe bevoegdheden in de Wiv dienen slechts het huidige – onwettig – gedrag van de AIVD sinds 2015 met terugwerkende kracht te legaliseren. Ik zou het hek op de dam houden.

Mijn onderliggend gevoel is dat ik vanuit een mijns inziens ‘gezond wantrouwen’ in mijn leven sta. We moeten daarom volgens mij ons ‘zijn, hebben en houden’ niet aan een overheid toevertrouwen. Onze privacy aan haar blootgeven, schept volgens mij juist minder, in plaats van meer veiligheid. Het delen van afgetapte data en DNA-profielen met andere landen zit mij ook niet lekker. Bovendien, als het Witte Huis in de Verenigde Staten van Amerika gehackt kan worden, kan de AIVD dat ook.
Het opsporen van die enkele bijzonder gevaarlijke crimineel – die vrijwel altijd al in beeld was bij justitie en/of politie – is wat mij betreft de risico’s, die aan de nieuwe bevoegdheden van Wiv kleven, niet waard.
Laten we het maar lekker houden bij de databank die het Nederlands Forensisch Instituut beheert, met alleen de bewaarde profielen van veroordeelde Nederlanders en met de bevoegdheid om het DNA-profiel van verdachten te analyseren.

Bron: “De DNA-verzameldienst; Het referendum over de sleepwet” door Saskia Naafs en Emiel Woutersen via De Groene Amsterdammer op 28 februari 2018.

Waarom iedereen treuzelt met effectief klimaatbeleid

Wat een grappige titel van de bron voor dit stukje: ‘Voor een prikkie naar de Filistijnen’. Daar zou ik het bij kunnen laten, maar deze zin vraagt toch wat toelichting. Daar gaat-i:

Op het kantoor van actiegroep Transport & Environment blijken nog 6 olifantenpakken te liggen. Dat vertelt Bill Hemmings van die actiegroep. Het zijn restanten van een campagne op de klimaattop COP21 in Parijs. De luchtvaartsector was daar de elephant in the room; dat onwelgevallige onderwerp waar niemand zijn vingers aan wil branden. Regeringsleiders jubelden, zoals bijna altijd na een top, over ‘een doorbraak’. Deze top zou het einde van het fossiele tijdperk gaan inluiden, maar de olifant in de kamer bleef onbesproken, net als de op stookolie vooruit gedreven scheepvaart. Alleen de Europese Unie besloot om het vliegverkeer op te nemen in haar klimaatdoelen waarvoor hulde; de rest van de wereld blijft vol hoop afwachten of de sector zelf nog bijtijds met oplossingen komt.

De Nederlandse regering van CDA, CU, D66 en VVD ziet de tomeloze groei van Schiphol ook niet als een ecologisch probleem, maar juist als een economische kans. Het idee dat ‘Nederland achteruit vliegt als Schiphol stilstaat’, zoals de baas van het vliegveld het onlangs verwoordde, is diepgeworteld in onze polder. Dat hebben we ervan als we op zulke partijen stemmen.

Er zijn echter geen gemakkelijke oplossingen. Stiekem, gelooft Hemmings, zijn politici dankbaar dat er organisaties als International Civil Aviation Organization bestaan, de organisatie die inmiddels onder de vlag van de Verenigde Naties hangt en daar de taak heeft om de burgerluchtvaart in goede banen te leiden. Door haar bestaan kunnen politici de heikele kwesties rondom de toenemende burgerluchtvaart en de opwarming van de aarde en klimaatverandering op zo’n ICAO afschuiven en hoeven ze zelf geen moeilijke beslissingen te nemen. Nou ja, ‘moeilijk’ in de zin van het tonen van leiderschap bij het aanpakken van iets wat al decennia geleden hoognodig was en waarvan we steeds vaker zien – vandaag kijkend naar Groenland of de Noordpool – dat er direct iets gedaan moet worden omdat het al te laat is.

Daar komt bij dat de Europese Unie een traumaatje heeft opgelopen van een gestrande poging om wél serieuze actie te ondernemen: al het vliegverkeer had vanaf 2012 onder het emissiehandelssysteem (ETS) moeten vallen, wat zou betekenen dat luchtvaartmaatschappijen rechten moeten kopen voor hun CO2-uitstoot in het Europese luchtruim. Dat goedbedoelde maar falende plan om uitstoot van CO2 te verminderen. Maar zelfs dat plan stuitte op hevige weerstand uit het buitenland. China dreigde met een handelsoorlog en het Congres in de Verenigde Staten van Amerika nam hautain een wet aan die Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen verbood om emissierechten te betalen. Toen dan ook nog de luchtvaartlobby – met KLM en Schiphol voorop – de druk opvoerde, koos Brussel uiteindelijk ervoor enkel het vliegverkeer binnen Europa onder het ETS te laten vallen (al merkt de reiziger daar met de huidige koolstofprijs weinig van).

Zo blijven topconferenties en regeringen gevangen in de houdgreep van de luchtvaartsector, die zo kenmerkend is voor alle klimaatbeleid. De consument kan van alles opgelegd worden, maar bronnen van klimaatverandering en opwarming van de aarde aanpakken? Iedere natie treuzelt, omdat niemand te ver voor de troepen uit wil lopen. Niet de leefbaarheid van de aarde, maar nationale economische groei blijft de heilige graal. Dus hebben we het nog niet gehad over de productie van duurzame apparaten, waardoor ons grondstoffengebruik geminimaliseerd zou worden. Of snelheidsbeperkingen op snelwegen om de uitstoot van auto’s te verminderen. Aan banden leggen van transport via auto- en vaarwegen, of het rendabel maken meer energie via zonnecellen op te wekken dan alleen voor eigen gebruik. Of de vleesconsumtie…

Nou ik stop maar snel en zet snel mijn computer uit om wat minder stroom te gebruiken; vooralsnog worden immers nog steeds kolencentrales, olie, uranium en lang niet alleen water, wind en zon gebuikt om elektriciteit op te wekken. Maar niet na nog even te wijzen op de grappige en toepasselijke titel van mijn bron!

Bron: “Voor een prikkie naar de Filistijnen, De toekomst van het vliegen” door Jaap Tielbeke via De Groene Amsterdammer op 21 februari 2018.

Alweer ‘fake news’ doorgeprikt

In april 2017 liet de president van de Verenigde Staten van Amerika (VS), Donald Trump, ter vergelding van een Syrische aanval met het uiterst giftige, kleur- en reukloze Sarin-gas tegen haar eigen bevolking een aanval met 59 kruisraketten uitvoeren op een Syrische luchtmachtbasis. Natuurlijk moest de grootste en zwaarste bom waarover de VS beschikten ook gebruikt worden.

Tot mijn ergernis kreeg Trump applaus en bijval van nagenoeg alle Westers-georiënteerde regeringen, inclusief die van Nederland. Mijn ergernis bestond er uit dat de Verenigde Naties (VN) nog aan het onderzoeken was of de berichten over die chemische aanval juist waren, welke middelen precies gebruikt waren en wie daarvoor verantwoordelijk was en ik ergerde me er aan dat ‘begrepen’ en toegejuicht werd dat een lid van de VN op eigen houtje voor rechter en beul speelt. Welke andere reden dan de meest gevaarlijke president op aarde te paaien kunnen Westerse regeringen hebben (gehad) voor hun bijval? En welke buitenrechtelijke onbeschofte wereld oogsten zij daarmee op de lange termijn?

Afgelopen vrijdag deelde Jim Mattis, de defensieminister (defensie ?) onder Trump, mee: “De VS beschikt over geen bewijzen die de berichten van hulporganisaties en anderen bevestigen dat de Syrische regering het dodelijke chemische Sarin tegen haar eigen bevolking heeft gebruikt.
Hij was niet duidelijk of hij enkel over het dodelijke incident in het plaatsje Khan Sheikhun sprak, waarbij 86 mensen zouden zijn omgekomen. Wel duidelijk is dat zo’n kruisraket $ 832.000 per stuk kost. Er is dus voor minstens $ 49.000.000 munitie afgeschoten louter op basis van een gerucht. De Raytheon Company, de Amerikaanse producent van kernwapens, heeft er dus een mooie cent aan verdiend (wat weer goed was voor het Amerikaanse bbp).

Irak was in 2003 al door toedoen van de VS met steun van andere landen, waaronder ‘politieke steun’ van Nederland, op basis van leugens en oorlogspropaganda in een eindeloze spiraal van geweld terecht gekomen.

Gelukkig maar dat bij de tientallen recente luchtaanvallen boven Irak en Syrië nog geen enkele dode is gevallen, voor wie het wil geloven.

Bron: “Pentagon: “Geen bewijs van Syrische gifgasaanval”” door Ludo De Brabander via DeWereldMorgen op 14 februari 2018.

Oordeel alleen met een gezond wantrouwen in de eigen gelederen

We praten over nepnieuws alsof er ‘objectief feitelijk nieuws’ bestaat. Dat laatste lijkt mij een arrogant-bedroevende overschatting van onze kennis over ‘de’ werkelijkheid. Vertel zelf maar eens een verhaal zonder positie te kiezen. Het lukt u niet!

In 1984 liep ik vanuit de Utrechtse universiteit stage bij het openbaar lichaam Rijnmond; de stadsprovincie in oprichting die nooit een zelfstandige provincie geworden is. Een van de projecten was de Tweede Maasvlakte. Op onze kamer, die ik met 3 andere medewerkers deelde, stond anderhalve meter aan rapporten daarover. Mijn stagebegeleider deed er schamper over, zoals hij zich vaak geringschattend uitliet over technocratische regels. Ik vroeg hem waarom hij neerbuigend deed over deze onderzoeksrapporten en wierp hem tegen dat het toch belangrijk is dat alle risico’s, tegens en voors geïnventariseerd worden?
Hij antwoordde dat het bij beleidsmakers en bestuurders ontbreekt aan visie op maatschappij, mens en natuur; het ontbreekt bij hen zelfs op al die vlakken aan basale kennis. Daarom onderzoeken ze van alles en nog wat, brengen die onderzoeken terug tot een half A4-tje en nemen op basis van emoties beslissingen. Hij vervolgde te vertellen dat nagenoeg heel deze anderhalve meter aan rapporten ongelezen de papierversnipperaar ingaat. Zelfs van de conclusies wordt hooguit slechts een regel gebruikt bij beslissingen.

Kortom niet feiten, maar verhalen vormen de drijfveer van elk maatschappelijk debat.

En of we het nu over Halbe Zijlstra hebben die erbij was toen Poetin zijn expansiedrift toelichtte; het is niet nieuw, het is niet oud, het is nooit anders geweest. Helaas kunnen we bestuurders, waarvan bekend is geworden dat zij eens anderen bedrogen, niet serieus nemen; ze zouden een voorbeeldig leven moeten leiden al denkt onze minister-president daar anders over. Kom er maar eens om. Zouden we de afscheidsspeech van de heer Zijlstra serieus nemen, dan roept dat de vraag op hoe hij het ambt van minister dan heeft kunnen aanvaarden. Tegelijkertijd doen regeringen de laatste decennia hun best alle uitkeringsgerechtigden door overheidsdienaren te laten wantrouwen, want zoals de waard is ….

We zouden ons bovendien moeten afvragen of het vertellen van een halve waarheid minder erg is dan het vertellen van leugens. Maar wanneer we ‘halve waarheden vertellen’ ook als reden tot ontslag van ministers en staatssecretarissen zouden opvoeren, welke enkelingen mogen er dan nog wèl besturen? Ook Alexander Pechtold, Arie Slob en Sybrand Buma geloven in de verhalen die ze vertellen, ook op die aspecten die strijdig zijn met de werkelijkheid van velen zoals het belang dat we hebben de dividendbelasting voor buitenlandse investeerders ten koste van ‘onze’ schatkist te verlagen. Overigens, u en ik geloven net zo goed in onze respectievelijke verhalen!

Hoe doen we dat: eerst stellen we de kenmerken van een groep vast: aandeelhouders, arbeidsongeschikten, flexwerkers, harde werkers (hetgeen een aanduiding is voor werkenden die daarvoor betaald worden), immigranten, jongeren, kinderen, mantelzorgers, ondernemers, ouderen, Russen, schuldenaren, starters op de arbeidsmarkt, studenten, vakbonden, verstandelijk beperkten. Vervolgens maken we een wij-zij-verhaal: arbeidsongeschikten kosten de samenleving zoveel euro, pensioengerechtigden kunnen langer doorwerken. Gaat het over mensen die deel uitmaken of ooit uitmaakten van andere culturen dan de Nederlandse dan worden de verhalen al snel gelardeerd met bijvoorbeeld ‘gewelddadigheid’ die toe te schrijven is aan brutaliteit, geloofsovertuigingen en ideologieën. Daartegenover wordt dan ‘onze eigen culturele en ideologische achtergrond’ als ‘geweldloos’ en ‘verlicht’ afgeschilderd. Allemaal halve waarheden als het al geen pertinente leugens zijn.

Omwille van ‘ons’ politiek-ideologische verhaal hadden we weinig aandacht voor de slachtoffers van Saddam Hoessein’s moordpartijen zolang Westerse landen hem zijn chemische wapens leverden. Zijn gruweldaden werden pas uitvoerig als genocide bestempeld toen hij plots onze vijand werd na zijn inval in Koeweit. Niet omwille van onze objectiviteit en ‘verlichtheid’ maar vanwege ‘ons’ politiek-ideologisch verhaal kregen we bijna niets te horen over de destructie van erfgoed in Irak door Westerse troepen, maar toen Daesh (ISIL, ISIS of IS) ten tonele verscheen en in Syrië heel wat erfgoed verwoestte, werd dat weer wel breed uitgemeten als een toonbeeld van hun waanzin.

Ik wil er maar mee zeggen: stop de hypocrisie en stel u met gezond wantrouwen ook in de eigen gelederen goed op de hoogte voor u tot een oordeel komt.

‘Eén van de meeste elementaire morele principes is dat van ‘universaliteit’:
de standaarden die we voor anderen hanteren moeten we ook voor onszelf hanteren – of zelfs strengere. Het is echter opmerkelijk in de Westerse intellectuele cultuur dat dit principe zo vaak genegeerd wordt en, indien het soms wordt vermeld, met wantrouwen wordt veroordeeld. Dit is nog beschamender wanneer men graag met de eigen Christelijke vroomheid te koop loopt en dus vermoedelijk op zijn minst al eens gehoord heeft hoe hypocrieten in de evangeliën omschreven worden.’
Naar Noam Chomsky in “Failed States: The Abuse of Power and the Assault on Democracy”(2006), waarin Chomsky bespreekt dat de Verenigde Staten een ‘mislukte staat’ worden en zo een gevaar gaan vormen voor de Amerikanen en de wereld.

Bron: “Niet feiten maar verhalen vormen de drijfveer van maatschappelijke debat” door Jonas Slaats via DeWereldMorgen op 6 februari 2018.

Wachten op trickle-down

Het gaat goed met de economie. Dat zal fijn zijn. Ik ken ook mènsen met wie het materieel goed gaat. De vraag als we iets uit het nieuws vernemen is daarentegen niet wat het nieuws is, maar wat daarvan de betekenis is. Zo ook met berichten over consumentenvertrouwen en dat het goed gaat met de economie en huizenverkoop.

Het Nibud, het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting, waarschuwt vandaag: de koopkracht van de meeste Nederlanders neemt dit jaar amper toe ook al gaat het veel beter met de economie. Producten en diensten gaan duurder worden. Wie een baan heeft, gaat er op vooruit al naar gelang het inkomen dat daaruit gegenereerd wordt, mensen met een aanvullend pensioen zien hun koopkracht dalen en voor degenen met een bijstanduitkering verandert er vrijwel niets. Degenen die niet van overheden afhankelijk zijn hoeven zich nog steeds geen zorgen te maken.

In Nederland werden we met elkaar in een jaar $ 53.000.000.000 rijker. Nederland kent inmiddels 10 miljardairs, die samen een vermogen hebben van $ 31.600.000.000. Echter, deze toename van welvaart is volgens Oxfam Novib geen teken van een bloeiende economie, maar juist een symptoom van een falend economisch systeem: de mensen die onze kleren en telefoons maken en ons voedsel verbouwen, worden gebruikt (misbruikt?) om een stabiele toevoer van goedkope producten te garanderen en de winsten te vergroten van grote bedrijven en miljardairs.

Het vermogen van alle miljardairs wereldwijd steeg met $ 762.000.000.000. Met dat geld zou 7x een einde gemaakt kunnen worden aan alle extreme armoede in de wereld. Maar goed, wij wachten al 40 jaar op het trickle-down effect, waardoor het voor iedereen beter wordt als we aandeelhouders, grootbedrijven en de allerrijksten financieel ten koste van de gemeenschappelijke schatkist bevoordelen en de armsten prikkelen gewoon meer inkomen zelf te genereren. Onze ‘verzorgingsstaat voor iedereen’ is in die 4 decennia verworden tot een ‘ruziënde afrekenstaat’; en al die tijd hoefden degenen die niet van overheden afhankelijk zijn zich als enigen géén materiële zorgen te maken; integendeel.

Bij ons is het allemaal nauwelijks nieuws; cijfers over armoede, honger, langdurige armoede, lonen, secondaire arbeidsvoorwaarden, slavernij, sociale zekerheid, de toereikendheid van de gezondheidszorg en het onderwijs, voedselbanken, zorgkosten, maar in Griekenland ligt dat nu anders. Daar weten ze er alles van. Daar was het dagenlang frontpaginanieuws dat PvdA-er, en toenmalig minister van Financiën en voorzitter van de Eurogroep Jeroen Dijsselbloem onlangs op de Nederlandse televisie bekende dat de zogenaamde ‘reddingsprogramma’s voor Griekenland’ in werkelijkheid de Duitse, Franse en Nederlandse banken heeft gered. Een bekentenis, die zou moeten lijden tot een complete herziening van het EU-beleid ten aanzien van de Griekse bevolking en hun land, een herziening van het hele trojkabeleid, maar in de media en politiek kreeg de nu doorgeprikte zorgvuldig geframede leugen ‘de (als ‘lui’ gekwalificeerde) Grieken tegemoet te komen’ geen aandacht. Het gaat dan ook al een tijd niet meer om de Grieken of hun land, maar om elk verzet tegen de neoliberale wensen van de Europese Unie te frustreren. Wie in het zadel zit, moet daar blijven: aandeelhouders, grootbedrijven en de allerrijksten moeten, te beginnen in Griekenland, zo snel als mogelijk alle gemeenschapsbezit kunnen exploiteren. Naar verluid onderzoekt KPNG in Amstelveen welke overheidsdiensten binnen de Europese Unie nog meer vermarkt kunnen worden. Al loopt Griekenland leeg, al kost het doden, koste wat kost wordt over de rug van de Grieken Eurosceptische partijen in andere landen voorgehouden hoe misdadig de EU zal optreden als zij aan de macht komen. In een 8-delige serie over Europese beschaving heb ik hierover van 11 tot 19 december vorig jaar een en ander in detail besproken.

Het leven voor de gewone Griek is materieel even bedroevend gebleven als het was: niet leven maar overleven. Voordat Syriza en Alexis Tsipras in januari 2015 de verkiezingen wonnen, kon het regeringsbeleid samengevat worden als snijden in alle overheidsuitgaven zonder terug te betalen. Sindsdien is daar dat terugbetalen en allerlei afgedwongen overheidsbeleid bijgekomen (wanneer jullie het niet mogelijk maken Nederlandse melk op de Griekse markt als ‘verse melk’ te verkopen, krijgen jullie de volgend tranche niet).

De enige buffer, die de Grieken nog helpt te overleven, is de familie. Veel Grieken hebben de steden verlaten en zijn met hun kinderen terug in de dorpen gaan wonen bij de grootouders, wanneer de mogelijkheid om te vertrekken naar Australië, België, Canada, Duitsland, Nederland, Nieuw-Zeeland, de Verenigde Staten van Amerika of door zelfmoord te plegen geen optie was. In dorpen is het leven wat goedkoper en kunnen ze samen overleven met het pensioen van oma en opa. Die zien echter hun spaargeld verdwijnen en steeds weer moet de regering van de trojka verder besparen op de pensioenen. 1 op de 3 Grieken leeft nu onder de armoedegrens van € 700 per maand.

En terwijl de Griekse failed state voor wie kijkt steeds beter zichtbaar wordt, blijven degenen die aan de touwtjes trekken maar wachten op het trickle-down effect.

Bronnen: “Grieken nog steeds uitgeperst ten bate van dezelfde banken” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen en “82 procent van welvaartstoename naar rijkste 1 procent” en “Koopkracht blijft achter door stijgende prijzen, zegt Nibud”, beide door de Economieredactie van NOS op 22 januari 2018.

Internationaal recht

Hebben we internationaal recht, of worden alleen schurkenstaten met een willekeur à la Donald Trump verplicht zich aan het internationaal recht te houden?

“Niets dat Ahed Tamimi heeft gedaan, kan de aanhoudende detentie van een 16-jarig meisje rechtvaardigen. De Israëlische autoriteiten moeten haar onverwijld vrijlaten.

“Door het vastleggen van de ongewapende tienermeisje-aanval op twee gewapende soldaten die beschermende kleding dragen, laat het beeldmateriaal van dit incident zien dat zij geen werkelijke dreiging vormde en dat haar straf overduidelijk onevenredig is.

“Ahed Tamimi’s daaropvolgende arrestatie en militaire proces onthult de discriminerende behandeling door de Israëlische autoriteiten van Palestijnse kinderen die durven op te komen tegen voortdurende, vaak brutale, repressie door bezettende troepen.

“Israël is duidelijk, schaamteloos zijn verplichtingen uit hoofde van het internationale recht aan het negeren om kinderen te beschermen tegen al te harde strafrechtelijke straffen.”

Of, zoals Magdalena Mughrabi, adjunct-directeur van Amnesty International in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, zei:

“Nothing that Ahed Tamimi has done can justify the continuing detention of a 16-year-old girl. The Israeli authorities must release her without delay.

“In capturing an unarmed teenage girl’s assault on two armed soldiers wearing protective gear, the footage of this incident shows that she posed no actual threat and that her punishment is blatantly disproportionate.

“Ahed Tamimi’s ensuing arrest and military trial exposes the Israeli authorities’ discriminatory treatment of Palestinian children who dare to stand up to ongoing, often brutal, repression by occupying forces.

“Israel is clearly, brazenly flouting its obligations under international law to protect children from overly harsh criminal punishments.”

Waar staan wij?
U?
Ik?

Bron: “Israel should release 16-year-old Palestinian activist, Ahed Tamimi” via Amnesty International UK op 15 januari 2018.

Een stuiptrekkende vakbond

Vandaag was ik bij het ‘FNV-offensief’, de in goed Nederlands Kick off van de Federatie Nederlandse Vakbeweging; weliswaar 30 jaar te laat, maar toch. Ik ervoer het als stuiptrekkingen van een vakbond-van-weleer. Een dagvoorzitter die blij is met de eerste die ‘actie’ scandeerde, nog blijer wanneer zo’n beetje iedereen ‘actie, actie, actie’ riep, waarbij de ‘actie’ beperkt bleef tot het ‘actie’ roepen. Wat een armetierige vertoning.

De voorzitter van de FNV had voor mij een weinig inspirerend verhaal. Ik koester al geruime tijd argwaan tegen deze vakbond, al ben ik er tot enkele jaren geleden wel altijd lid van geweest. In plaats van enige zelfkritiek deed hij net alsof ze daar bij de FNV na jaren intern gedoe onlangs eens een krant gingen lezen en toen vreselijk schrokken hoe arbeidsomstandigheden, arbeidsvoorwaarden en lonen voor werknemers intussen achteruit gehold waren. Hij probeerde stoer te doen met een herhaald ‘Dit pikken we niet’, waar ik liever niet dergelijke straattaal gehoord had. En zowel in de plenaire bijeenkomst als bij zijn nieuwjaarsspeech benadrukte hij dat de FNV maandelijks 4 à 5.000 nieuwe leden inschrijft. Over waarom ze ooit weggelopen waren geen woord. Bovendien, als succes teveel geëtaleerd wordt, krijg ik het idee dat het falen overschreeuwd wordt. Dat zal wel met mijn jeugd te maken hebben. Of met levenswijsheid. Toen ik in dat overvolle Tivoli/Vredenburg rondkeek, kreeg ik het vermoeden dat het aandeel laagstbetaalden wel erg groot was. Ik heb met die mensen te doen en realiseer me, vanuit de mensonwaardige behandeling van de flexwerkers bij een distributiecentrum van de HEMA, waar ik ook even toe behoorde: “Wat kunnen ze anders dan ‘actie, actie, actie’ roepen?

Nee, dan Hans Hoek. Dat bestuurslid mocht de FNV-analyse uitleggen. Hij deed dat zonder papiertje waarvan hij voorlas “O ja, hier ben ik. Dit pikken we niet.” Hoek stelde kort en bondig dat we niet moeten praten over marktwerking zonder daarbij de rol van de politiek te benoemen:
Onze politici maakte payrolling, uitzenden en ZZP-werk in plaats van vaste banen mogelijk.
Onze politici stonden toe dat prijsverschillen ontstonden tussen flex en vast, doordat flexwerkers niet onder een collectieve arbeidsovereenkomst hoefden te vallen, flexwerkers hoefden niet verzekerd te worden, voor flexwerkers hoefden werkgevers geen pensioen af te dragen en flexwerkers ontvangen geen ontslagvergoeding. Stuk voor stuk besluiten die in de Tweede en Eerste Kamer genomen zijn.
Verder subsidieerde onze politici de MKB-aftrek, de startersafstrek en de zelfstandigenafstrek. Zo werd iedereen in Nederland, die nog geen ZZP-er was geworden, flexwerker.

Ofwel, het ondernemersrisico werd zonder tegenprestatie van werkgevers door de politiek van werkgevers bij de werknemers verlegd: Is er geen werk, dan hoeft de flexwerker niet te komen. Is er wel werk, dan is de flexwerker verplicht wel te komen. Is er even geen werk, dan wordt de flexwerker dat ‘even’ niet doorbetaald.

Zie het voor je: 5 schilders werken aan de buitengevel van een mooi duur pand. De eerste is een flexwerker, de tweede heeft een tijdelijk contract, de derde is een uitzendkracht, de vierde is in vaste dienst en de vijfde is een ZZP-er. Ze krijgen alle vijf hetzelfde nettoloon. Deze schilders zullen vriendelijk voor elkaar zijn, maar werken slechts ogenschijnlijk samen: doordat hun werkgevers heel verschillende winsten overhouden van hun arbeid, hebben alleen de echt goed ondernemende ZZP-er en de flexwerker een grote kans op werkbehoud. Tot een van die twee kiespijn krijgt, natuurlijk.

Hoek stelde voor nu als uitgangspunt te kiezen:
1. Flex is prima voor piek en ziek (werkgevers)
2. Flex is prima voor vrij en blij (werknemers)
En het is prima dat werknemers het ondernemersrisico overnemen, maar alleen als dat beloond wordt:

Ad. 1. Beprijs flexwerk
Ad. 2. Beloon het risico dat werknemers nemen

Het ZZP-minimumtarief noemde Hoek een goede eerste stap.
Minimale pensioenafdrachten en AOV-plichten, verplichtingen aangaande de algemene oudersdom voorziening, zijn volgens hem de essentiële eerstvolgende stappen die nu gezet moeten worden. En het minimumloon voor flexwerkers moet van hem (en de FNV) omhoog: bij elk nul-urencontract, oproepcontract of tijdelijk contract en bij elke proeftijd moet het minimumloon naar € 15,= per uur.

Een FNV-voorzitter die pleit voor beter materieel voor defensie, dat ministerie dat nauwelijks nog iets met ‘verdediging’ te maken heeft maar met schendingen van humanitaire rechten op de Middellandse Zee en agressie in het kielzog van de Verenigde Staten van Amerika, diskwalificeert zich voor mij, maar…
Het is waar dat de materiële zekerheden sinds 1992 in Nederland voor veruit de meeste mensen in loondienst en voor de mensen die afhankelijk zijn van een uitkering systematisch zijn afgebouwd, lijkt me.
Het is waar dat de kwaliteit van werk sindsdien eveneens afgenomen is, lijkt me.
Het is waar dat ons uur-inkomen steeds lager wordt door bijvoorbeeld het verlagen van pensioenafdrachten en het afschaffen van seniorendagen, lijkt me.
Het is waar dat, terwijl buitenlandse aandeelhouders minder dividendbelasting hoeven te betalen, de publieke voorzieningen onverkort van ònze arbeidsinkomsten gefinancierd moeten worden, lijkt me.
Maar om hier nu allemaal nu pas mee te komen, aan de vooravond dat CETA ondertekend gaat worden, is wel super-last-minutwerk.

Nee, CDA, D66, Shell, VNO-NCW en VVD, alle vertegenwoordigers aan de onderhandelingstafel om het kabinetsbeleid te bepalen, zijn altijd wel eerlijk geweest over hun wensen ruim baan te geven aan het grote geld en de overheid te verzwakken waar ze maar verzwakt kan worden. Voor hen is een Nederlandse driekleur in de Tweede Kamer afdoend, ondernemerschap en concurrentie op de werkvloer een zegen zoals een vangnet voor kwetsbaren hen een vloek is en het enige dat echt telt is voor hen het vooruitzicht op banen waar ze na hun politieke stage als minister of staatssecretaris ver boven de Balkenendenorm uitbetaald gaan worden.
Nagenoeg alle Nederlandse politieke partijen ijveren nog steeds voor economische groei ook nu die groei al decennia niets oplevert voor mensen aan ‘de onderkant’ van de samenleving, integendeel, dat grotere bruto binnenlands product wordt bereikt door hen aan hun lot over te laten. Vrijwel alle linkse organisaties hebben er net zo goed een aandeel in gehad dat het zover als nu gekomen is, inclusief de FNV die in een dodelijke omhelzing met de PvdA verkeerde. Maar toch, dat verhaal van Hoek was voor mij de moeite waard.

Duurzaamheid; Compleet gestoord, maar wel goed bedoeld

Stapsgewijs heeft mijn strijkbout het begeven. Eerst een haperende functie, toen een kapotte knop en vervolgens vertikte het apparaat al zijn werk. Onlangs kocht ik vervanger.
Hoe lang heeft de vorige het gedaan?” vroeg het vrolijke jonkie.
7 jaar”, antwoordde ik.
Oh, dat is best lang.
Dat is beschamend kort, jij kùnt dat haast niet weten, maar hoewel alle bedrijven de mond vol hebben van duurzaamheid, werden zo’n 40 jaar geleden dit soort apparaten gemaakt opdat ze niet vervangen hoefde te worden en nu opdat ze het zo snel mogelijk na afloop van de garantietermijn begeven. Ik heb nog een radio, versterker, en zo die ik in mijn studententijd gekocht heb. Mijn kinderen zijn al aan hun derde of vierde toe!
Met mijn nieuwe aankoop liep ik de zaak uit een verbouwereerd jonkie achterlatend. Ik dacht clichématig: “Vroeger ging een fiets een heel huwelijk mee, en nu nog steeds.

De mond vol van duurzaamheid en elke 11 maanden vervangen we onze gsm. Tegelijk neemt het aantal gorilla’s op de aarde af en is er nog maar één Indonesische neushoorn. Raar om dit in één alinea te schrijven? Helemaal niet!

In haar breedste betekenis staat ‘biodiversiteit’, de verscheidenheid aan planten en dieren op onze planeet, synoniem voor ‘leven op aarde’. Echter, de snelheid waarmee dier- en plantesoorten uitsterven is heel groot. Dat heeft te maken met biodiversiteitsverlies. En doordat de 31 mineralen, die nodig zijn om een gsm te produceren, waarvan vele uit natuurgebieden gehaald worden waar gorilla’s leven, hebben vermeerdering van het aantal gsm’s en vermindering van het aantal gorilla’s direct met elkaar te maken. Dit gaat over ons productie- en koopgedrag. Geen enkele aankoop is onschuldig.

De Belgische FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu is vanwege bovenstaande begonnen met een #BeBiodiversity-campagne. Zo doen we dat tegenwoordig en voordat #metoo uitgedoofd is kan de volgende #hype de lucht in. De verantwoordelijkheid wordt door de FOD Volksgezondheid zo laag gelegd en wel bij degenen die dat haast niet of helemaal niet kunnen dragen. Zoals het bevreemdend is voor marsmannetjes dat in onze steden gewone en fairtrade-winkels zijn, moeten ‘we’ van de FOD Volksgezondheid ons aankoopgedrag veranderen. Prijsvechters bieden spotgoedkope vliegreizen aan en ‘we’ moeten ‘nee’ zeggen want vliegen is slecht voor het milieu; bevordert klimaatopwarming. De voedselindustrie biedt spotgoedkope importproducten aan en ‘we’ moeten ‘nee’ zeggen want de stookolie waarmee gestolen voedsel uit ontwikkelingslanden hierheen getransporteerd wordt is slecht voor het milieu; bevordert klimaatopwarming. Dit jaar richt de FOD Volksgezondheid zich op de consument, en volgend jaar – nadat CETA van kracht geworden is – op de bedrijfskant. Dan gaat de FOD Volksgezondheid vriendelijk vragen of de heren ietsje minder rommel willen maken. En elke heel klein beetje minder toename van rotzooi zal gevierd worden alsof we de aarde op de multinationals heroverd hebben.

De 5 grootste biodiversiteitsbedreigingen zijn:
invasieve soorten die een bedreiging vormen voor het voortbestaan van inheemse soorten,
klimaatverandering,
overexploitatie,
vernietiging van habitats en
verontreiniging.

Om een beeld te geven enkele statistieken:
In België worden 101 dieren, micro-organismen en planten geteld, die door menselijk handelen in een nieuw gebied terechtkomen (zoals ‘België’ of ‘Nederland’) en die door verspreiding en vestiging schade kunnen veroorzaken en de biodiversiteit van inheemse soorten bedreigen.
Tussen 1990 en 2010 zijn wereldwijd minstens 3.500.000 hectaren natuurlijke bossen omgevormd tot palmolieplantages. Ongeveer 20 % van de palmolieproductie wordt gebruikt door de cosmetica-industrie.
Illegale exploitatie van bedreigde bossen vormt een markt die tussen de € 50 en 150.000.000.000 geschat wordt. Na drugshandel is het de grootste misdaadmarkt ter wereld.
40 % van de cacao komt van Ivoorkust, waar de bossen sinds 1960 80 % van hun oppervlakte kwijt zijn geraakt. En,
meer dan 90.000 containerschepen varen over de oceanen en zeeën en storten samen evenveel kankerverwekkende verontreinigde stoffen uit als 4.500.000.000.000 auto’s in een jaar.

Ofwel ‘we’ moeten meer fietsen en wandelen of met het openbaar vervoer, en als u dat dan doet dan resteert de vervuiling van nog maar 4.499.999.999.999 auto’s per jaar.

Om de idiotie van deze campagne te verduidelijken een ander voorbeeld.
‘Let ook op micro-plastic’, waarschuwt de FOD Volksgezondheid ‘ons’. Dat zijn kleine plastic bolletjes die zitten in douchegel, tandpasta, shampoos en andere verzorgingsproducten. Die micro-plastics spoelen het riool in en verdwijnen – uiteindelijk – in de zee, waar zeedieren ze binnen krijgen. Die worden daar ziek van, worden opgegeten door andere zeedieren en die worden enzovoort. Veel mensen zijn hier niet van op de hoogte en vanaf deze campagne dus wel. Maar hoezo zouden ‘wij’ daarop moeten letten?
Een streng gehandhaafd verbod op productie en import van micro-plastics in douchegel, tandpasta, shampoo en andere verzorgingsproducten is volgens mij het enig werkende remedie, net als een afgedwongen beperking van koopvaardij en vliegverkeer en nog zo’n 197 adequate maatregels waaronder de productie van apparaten die weer een mensenleven lang meegaan.

Maar in Midden-Nederland gaan we vrolijk een vliegveld uitbreiden. Echter, op het hoogst volume:

Burger, weest ù zich dan bewust en dat ù ùw gedrag aanpast want het is echt slecht gesteld met de aarde, de gorilla’s, het milieu en die ene neushoorn.

Bron: “Wat een gsm en een gorilla met elkaar te maken hebben én met ons koopgedrag” door Helenka Spanjer via DeWereldMorgen op 18 december 2017.