Familiegeheimen

Ik houd niet van familiegeheimen. Ze beginnen misschien onschuldig, maar groeien vaak uit tot een ingewikkeld vehikel voor de kinderen, die ermee opgroeien. Gisteren werd ik er weer met zo een geconfronteerd. Ik keek als ‘vaste gast’ van het Utrechtse filmhuis ’t Hooght naar “Verlies niet de moed”. Jan van den Brink, de nieuwe programmeur, stelde zich voor en Hella de Jonge leidde haar film in met een uitleg van de schilderijenwand die achter haar geprojecteerd werd.

Kinderen hebben volgens mij het recht, hoe beschamend of bezwarend ook, hun ouders te kennen.

Een doos blijkt de sleutel voor het oplossen van een heleboel van haar vragen. Vragen, die tot in haar 60ste levensjaar niet alleen onopgelost bleven, maar ook (onopgemerkt) aan haar bleven knagen. Ogenschijnlijk simpele vragen, zoals waarom in de huiskamer altijd een portret hing van een in onmin gevallen tante. Hoe haar ouders het indertijd in hun hoofd haalden haar en haar broer als kinderen rond etenstijd maar zonder eten alleen thuis te laten. Waarom ze plots, toen op haar openbare middelbare school een antisemitische leerkracht bleek rond te lopen, naar een Joods lyceum moest, terwijl ze niets van de Joodse tradities wist? Of waarom zij zich altijd teveel heeft gevoeld als ze met haar ouders was?

De Jonge wist ternauwernood de doos, waarvan zij het bestaan niet had vermoed, te verkrijgen. Anders had haar vader die ‘rotdoos’ weggegooid. De doos bleek gevuld met spullen uit de Tweede Wereldoorlog inclusief een familie-album. Zij besloot een film over de inhoud van de doos te maken en van de gesprekken die daaruit voortvloeiden.

In het kort kwam de voorgeschiedenis van haar ouders erop neer dat zij als Joodse burgers in de Tweede Wereldoorlog de keus hadden om zelfmoord te plegen, hun familie, dierbaren en iedereen in de steek te laten door op goed geluk te vluchten of zich als makke schapen te laten slachten. Zij kozen voor het tweede en wisten toen niet dat zij hun verdere leven een immens schuldgevoel mee zouden dragen. Te groot, te vernietigend, te zwaar.

Op het einde van de filmmakerij confronteerde De Jonge haar vader ermee dat hij een camera nodig heeft om openheid van een hoop zaken te geven. Haar vader, een ooit gevierd schrijver* van onder meer de KRO-serie “Het schaap met de vijf poten”, zegt daarop dat niet hij een camera nodig heeft, maar zij om hem eindelijk eens te confronteren met zijn verleden en hem de vragen te stellen die zij voor hem heeft.

In het geval van De Jonge zijn met het blootleggen van het immense schuldgevoel de familieverhoudingen hersteld.

Als gezegd, ik houd niet van familiegeheimen en denk dat iedere ouder er goed aan doet haar of zijn kinderen, uiterlijk zodra die als volwassenen hun eigen zelfstandige koers gaan ‘varen’, eens uit de doeken te doen hoe zij de andere ouder ontmoet hebben, wat daar allemaal aan vooraf ging en wat er naderhand allemaal aan belangwekkends gebeurd is. Kinderen hebben volgens mij het recht, hoe beschamend of bezwarend ook, hun ouders te kennen.

Bronnen: “Verlies niet de moed” van Hella de Jonge inclusief haar inleiding en de vragen en antwoorden achteraf (in goed Nederlands aangeduid als ‘Q&A’) op 25 april 2017. Klik hier voor de website van ‘Verlies niet de moed’.

____________
* “Ik hoor de laatste tijd steeds vaker van krantenjongens, die begonnen zijn als miljonair” Klik hier voor een overzicht van het werk van de vader van De Jonge.

Een hoop mensen met hoop

In Nederland zijn officieel kerk en staat gescheiden, net als de uitvoerende, rechtsprekende en de wetgevende macht. We zouden meer met elkaar en de buitenwereld in harmonie zijn, wanneer we ook officieus kerk en staat gescheiden wisten te houden, net als de drie genoemde machten van de trias politica.

En we gaan het hier niet hebben over de onterecht als zondebok opgeworpen moslims of de polen die ‘onze’ werkgelegenheid bedreigen. We gaan nog verder, want we gaan het hier hebben over de nieuwe oudtestamentische religie “Het Gouden Kalf” van de economische groei, waarvan velen denken dat die uitkomst zal bieden, en de markt, die alles voor ons goed zal maken.

Immers, nu we 60 jaar na het Verdrag van Rome de balans van de Europese Unie kunnen opmaken, zien we – naast nog veel meer en ook veel goeds – ook
voortdurende besnoeiingen op publieke gelden,
het uithollen van het democratisch gehalte van nationale parlementen,
heimelijke handelsverdragen,
hekken,
een militair geënt buitenlandbeleid met gedwongen migratie en vernielingen als gevolg,
muren,
prikkeldraad,
systematische aanvallen op de rechten van burgers in het bijzonder van etnische minderheden, migranten, vrouwen en werkenden (je zult maar een zojuist ingeburgerde Nederlands-Irakese schoonmaakster zijn…),
toenemende privé-schulden en beperkte overheidsschulden,
politieke beslissingen die tegen de sociale meerderheid ingaan,
heimelijke verdragen en
verlies van volkssoevereiniteit.
Volgens de Europese religie biedt alleen een neoliberale Unie uitkomst als die gesteund wordt op ‘Fort Europa’ en de ‘Wet van de markt’. CETA, TiSA en TTIP staan als voorlopige finishing touch-hoogmis in de steigers.

De hogepriesters van deze godsdienst, die profijt hebben van de status quo en hun rijkdom in rap tempo zien toenemen, sporen degenen die moeten leven van inkomen uit werk aan geduld en vertrouwen te hebben. Ze zullen de als benoemde zondebokken of werkgelegenheidsbedreigende vreemdelingen aanpakken wanneer wij hen alle macht geven. Alsof daar de problemen vandaan komen, wat zij niet komen. Het probleem ligt bij de politiek die rijken rijker maakt en armen armer*. De hogepriesters daarentegen beloven de vreemdelingen aan te pakken, ook wanneer zij zich beschaafder gedragen dan wie hier geboren is en getogen; de minste verdachtmaking zoals accent, hoofddoek of huidskleur is genoeg voor hun ondoordachte nationalistische no nonsense-ideeën. Dat er een belang voor de hogepriesters is werk schaars te houden en rechten en plichten met het flexwerken in een verschrikkelijke onbalans te brengen (en te houden) vertellen zij er niet bij: “Je moet het kort houden, want het volk wil snel voetbal kijken of een ander politiek inhoudsloos vermaak op televisie zien.” In dat laatste hebben ze – vrees ik – gelijk, maar niet in wat zij zeggen dat er geen alternatief is voor hun religieuze politiek, die Het Gouden Kalf aanbidt, en dat ‘iedereen dat begrijpt’. Voor het verband tussen hun gedrag en de opkomst van partijen met standpunten die indruisen tegen alle op vrede en vredig samenleven gerichte VN-verdragen zijn zij blind. Of daarin zijn zij niet geïnteresseerd zolang de wet van de markt zijn werk maar kan doen en zij daar goed garen bij spinnen. Er moet vooral meer geld naar Agressie (door hen aangeduid met ‘Defensie’; bescherming waartegen?)

Gelukkig voor bezorgde mensen zoals ik dat er op 22 april aanstaande in Madrid een conferentie gehouden wordt met als titel van haar manifest:

“Bruggen, geen muren”

Het manifest is getekend door een hoop hoopvolle activisten, leden van politieke partijen, onderzoekers, sociale bewegingen en vakbonden. Hier in Nederland zullen we er via onze media weinig over horen, vermoed ik.

Klik hier voor de website van de conferentie, of hier voor het hele manifest in het Nederlands**.

Bronnen: “Noam Chomsky, Yanis Varoufakis en vele anderen: “Wij willen geen Europa van muren, maar van bruggen”, vertaling van het manifest voor de grote Europese conferentie om krachten te bundelen voor een ander Europa, via de website van DeWereldMorgen en “Vermogen of verdienste? Economie column” door Dirk Bezemer in De Groene Amsterdammer; beide op 19 april 2017.
______________________
* De Gini-coëfficiënt voor besteedbare inkomens, die gemeten wordt op een schaal tussen de uitersten 0 (iedereen verdient evenveel) en 1 (één persoon krijgt al het inkomen), is hier met een waarde van 0,28 relatief laag, en bovendien stabiel. Zo zien we onze samenleving graag: rijk, maar rechtvaardig. In Nederland reageren we vooral met ontsteltenis over de boze buitenwereld en tevredenheid over eigen land. Beleid ten aanzien van ongelijkheid wordt door de VVD weggezet als onnodig. Halbe Zijlstra verklaarde onlangs dat hij wel klaar is met nivelleren.
Toch worden in Nederland rijken rijker en armen armer. Er is dus een reden te geloven dat de ongelijkheid in Nederland juist uitzonderlijk groot is. Dan hebben we het over vermogens, welteverstaan, niet over inkomens. De Gini-coëfficiënt voor vermogen is volgens ons Centraal Planbureau 0,90 – hoger dan in de Verenigde Staten van Amerika, en stijgend!
Alman Metten van de Universiteit van Amsterdam becijferde dat het vermogen van Nederlandse miljonairs (2 % van alle huishoudens) 25 maal zo groot is als het vermogen van de onderste helft van de huishoudens; 3 jaar geleden was dat nog 14 maal zo groot.

** ‘Comité Ander Europa’ is een samenwerking van Nederlandse en Vlaamse linkse activisten met diverse achtergronden, maar verenigd rond dezelfde overtuiging en bekommernis: de Europese Unie (EU) is niet het Europa dat we willen, integendeel, het is een ondemocratische politieke structuur, die grotendeels aan de controle van burgers en zelfs van nationale parlementen ontsnapt, en die haar illegitieme macht aanwendt om een neoliberale agenda door te drukken. De EU behartigt de belangen van de grote bedrijven, niet het algemeen belang; ze vertegenwoordigt de wereld van het kapitaal, niet die van de arbeid. De EU wil dat een half miljard mensen zich schikken naar de “wetten van de markt”, terwijl wij een Europa willen waar de economie zich schikt naar democratisch vastgelegde wetten.

Realisme in een krankjorume wereld

Teveel betalen, dat wil toch niemand?” vertelt ons een spotje van SNSBank. Hoe zit het met te weinig betalen? Kan dat ook?

Het antwoord is volmondig ‘Ja’. We kunnen ook te weinig betalen waardoor datgene, waarvan we gebruik maken, het niet redt. Dat is zo ongeveer de toestand van de wereld en ook de toestand van ons land waar bij elke publieke ingreep nagenoeg alleen nog naar de betaalbaarheid gekeken wordt. Logisch? Lees dan vooral even verder!

Belastingontwijking is uitgegroeid tot ‘een normaal onderdeel van zaken doen’ wereldwijd. Door het ontwijken van vennootschapsbelasting verliezen de Verenigde Staten van Amerika alleen al $ 135.000.000.000 aan belastinginkomsten per jaar. Door vergelijkbare trucs verliezen ontwikkelingslanden naar schatting $ 100.000.000.000 per jaar. Met dat geld kunnen de levens van miljoenen kinderen in die landen gered worden en kunnen 124.000.000 kinderen voor het eerst naar school” zegt belastingexpert Esmé Berkhout van Oxfam Novib. Met dat geld, dat de Amerikaanse schatkist misloopt, zou heel wat gedaan kunnen worden aan duurzame energie-opwekking, gezondheidszorg, infrastructuur, milieu, onderwijs, openbaar vervoer en wat al niet meer dat nu teveel bekostigd wordt door afdrachten van burgers aan inkomstenbelasting.

Zakken op ranglijsten van ‘beste’ economieën: ik verwacht niet dat D66, CDA, GL en VVD dat aandurven of dat sowieso willen.

Natuurlijk wordt ook Nederland door Amerikaanse bedrijven op grote schaal gebruikt om belastingen te ontwijken. Zo maken veel Amerikaanse bedrijven gebruik van een zogenoemde ‘CV/BV structuur’. Daarnaast worden achter gesloten deuren allerlei afspraken gemaakt met grootbedrijven, die het voor hen aantrekkelijk maken, fiscaal en anderzins, om zich hier te vestigen. En wij maar discussiëren over hoe we van alles betaalbaar moeten houden.

Aan dovemans oren* richt dezelfde Berkhout de boodschap: “De VS moeten samenwerken met regeringen over de hele wereld om de destructieve race naar de bodem om de tarieven op vennootschapsbelasting maar te blijven verlagen, te stoppen zodat ook grote bedrijven eerlijk belasting betalen.
Hoezo ‘met regeringen’? Dat klinkt wereldvreemd of zo u wilt ‘idealistisch’. Want wanneer er al één land is dat de broodnodige aanpak van diefstal van gemeenschapsgelden, nog voordat het geld in de schatkist terecht komt, binnen en buiten de Europese Unie blokkeert is het Nederland met haar VVD-, PvdA-, CDA- en D66-bewindvoerders. De lieden die nu, met GL in plaats van PvdA, bezig zijn CETA en TiSA er doorheen te jassen. Ze vinden namelijk dat een nog gemakkelijker toegang tot de Europese handelsmarkten van deze mondiaal actieve Canadese en Amerikaanse belastingdieven, milieuvervuilers en uitbuiters de wereld van ons beter zal maken. En om een mij bevreemdende reden vinden deze politieke partijen het oké dat de financiële belangen van deze reuzen met CETA beschermd gaan worden tegen onze nationale overheden en die van andere Europese Unie-landen.

Ook idealiste en beleidsmedewerker ‘Eerlijke belastingen’ Maaike Vanmeerhaeghe zegt aan dovemans oren*: “Overheden moeten de fiscale concurrentiestrijd dringend stoppen. In plaats daarvan moeten ze samenwerken en multinationals verplichten hun eerlijke deel van de belastingen te betalen. Oxfam Novib roept de Europese landen op om een leidersrol op te nemen en op het internationale toneel te pleiten voor fiscale transparantie en harmonisatie.

Nee, dan de realiteit. Merel van Vroonhoven, topvrouw en voorzitter van de Raad van Bestuur bij de Autoriteit Financiële Markten, toezichthouder op onze financiële wereld, bepleitte vandaag aan dovemans oren* een ‘hogere prioriteit op de publieke agenda’ voor het gebruik van data en de razendsnelle technologische ontwikkelingen in de financiële sector. Reden:
Het aantal ‘informele maatregelen’, zoals waarschuwingsbrieven of gesprekken, liep van 575 in 2015 op tot 650 in 2016,
het aantal ‘formele maatregelen’, zoals een last onder dwangsom of een openbare waarschuwing, verdubbelde van 52 tot 100 in dezelfde jaren en
het aantal boetes aan bedrijven liep in dezelfde jaren terug van 17 naar 15.
Dus… Wat was de kop boven het artikel waarin ik dit allemaal las?
Zie hieronder de laatstgenoemde bron voor het juiste antwoord.

Bronnen: “Top 50 Amerikaanse bedrijven stallen 1,6 biljoen dollar in belastingparadijzen” door Oxfam Novib via haar website op 11 april 2017, “Top 50 bedrijven VS stallen 1,6 biljoen dollar in belastingparadijzen” door de redactie van DeWereldMorgen via haar website op 12 april 2017 en “AFM legde vorig jaar minder boetes op” door de Algemene Persdienst Nederland via NU.nl op 13 april 2017.
_________________
* Waarom richtten zij hun boodschappen volgens mij aan dovemans oren?
B.V. Nederland is afgelopen jaar onder bezielende VVD- en PvdA-leiding met zeer goede cijfers geslaagd voor het examen om het grootbedrijven naar de zin te maken ten koste van burgers die hun bescherming door de overheid tegen grootbedrijven zagen afnemen, net als hun toegang tot de gezondheidszorg, hun inkomen, hun uitkeringen en hun werk. Ook al vervallen steeds meer Nederlandse huishoudens in armoede en worden er steeds meer mensen afhankelijk van voedselbanken. Op basis van de gemeten criteria is Nederland 1ste van Europa en 4de van de wereld geworden.
Indien het nieuwe kabinet grootbedrijven eerlijke vennootschapsbelastingen zou gaan rekenen en hun afdrachten dan ook nog gaat controleren – wat nu haast nooit gebeurd (je moet er iets voor laten om zo hoog te eindigen) – zou de B.V. Nederland wel eens kunnen zakken op de ranglijsten van ‘beste economieën’. Ik verwacht niet dat D66, CDA, GL en VVD dat aandurven of dat sowieso willen. Wellicht zal het GL ‘een brug te ver’ zijn, waarna CU haar plaats inneemt. Dan is het allemaal zo voor de bakker en kan de weg naar het putje voortgezet worden. Het volk, onwetend over het feit dat zij het leeuwendeel van de belastinginkomsten voor de staat via inkomstenbelastingen aan het verzamelen is, mort niet, dus wat zou het? Vandaar dus dat deze idealistische Esmé Berkhout, Maaike Vanmeerhaeghe en Merel van Vroonhoven hun boodschappen volgens mij aan dovemans oren richtten.

Goed zo, grote broer!

De Australische premier Turnbull zegt dat de Amerikaanse aanval op de Syrische luchtmachtbasis ‘proportioneel’ is. De Britse regering steunt de Amerikaanse aanval: “Het is een passende reactie op de barbaarse chemische aanval.” De Duitse bondskanselier Merkel zegt dat de aanval ‘begrijpelijk’ is. Premier Netanyahu van Israël is ‘blij’ met het optreden van de Amerikanen in het buurland: “Het is goed dat de [Amerikaanse; GjH] president een krachtig signaal heeft afgegeven dat het gebruik van chemische wapens niet wordt getolereerd.” Alsof Jan Peter Balkenende nog premier is, heeft de Nederlandse regering bij monde van PvdA-minister Koenders ‘begrip voor de aanval’, het is ‘duidelijk een waarschuwing aan het regime van president Assad’, maar Balkenende, nee uh, Koenders wil niet spreken van ‘politieke steun van Nederland’. De Poolse regering stelt: “De Verenigde Staten garanderen wereldvrede en dan moet er soms worden ingegrepen.” De Syrische rebellen willen aanvallen op alle Syrische luchtmachtbases. De Turkse regering vindt de [Amerikaanse; GjH] aanval een ‘passende actie’ [geen ‘reactie’; GjH] en stelt ‘dat het Syrische regime moet worden gestraft in de “internationale arena”.’

Het doet mij denken aan het goedpraten van straf door ouders van ooit: Als je het niet gedaan hebt, was het een straf voor al die keren dat je straf verdiende maar niet kreeg.

In elk geval: Als de niet in toom te houden grote broer ingrijpt, is het ‘welgedaan’, zegt het zoveelste artikel uit de handelsbijbel. We zouden eens ruzie met de grote broer krijgen…

In de regels van de Verenigde Naties (VN) is zo’n aanval daarentegen alleen toegestaan als het uit zelfverdediging gebeurt of wanneer de VN-Veiligheidsraad het goedkeurt. Geen van beide is het geval. Zelfs zo’n gifgasaanval in de Syrische provincie Idlib is volgens de VN-regels geen geldige reden voor een raketaanval. Sterker nog, volgens de VN-regels pleegde de VS hiermee ‘agressie’ en dat wordt (of ‘werd’, ik kan het allemaal niet bijhouden) na de WOII ook wel de supreme crime above all crimes; het ernstigst denkbare misdrijf, genoemd.

De VN is opgericht om het tomeloos geweld tegen onschuldige burgers, dat in de Tweede Wereldoorlog (WOII) gebruikt is, in te tomen. Das war einmal. Vandaag geldt dat wie ook maar een beetje afhankelijk is van de VS – Frankrijk, Israël, Nederland, Polen, Syrische rebellen, Turkije, het Verenigd Koninkrijk – keurt de aanval van de VS goed of juicht hem zelfs toe.

Het is net als bij de nooit gevonden massavernietigingswapens.

Zolang landen, die in de VN vertegenwoordigd zijn, zelf VN-verdragen schenden zoals de VS nu gedaan heeft, of toejuichen dat andere landen VN-verdragen schenden, scheppen al(!) deze landen een precedent voor andere landen om hetzelfde te doen. Wat alle familieleden van ‘grote broer’ en grote broer zelf wel hadden mogen doen is bijvoorbeeld het instellen van economische sancties zodra onomstotelijk bewezen zou zijn dat Syrië de doden van die gifaanval op zijn geweten heeft. Nu is het: “Goed zo, grote broer” op de korte termijn en mondiale militaire chaos op de lange.

Als je de logica van genoemde landen doortrekt, zou Iran kunnen zeggen: Wij vinden het vreselijk dat Nederland abortus en euthanasie toestaat en gaan daarom op humanitaire gronden die arme Nederlanders met onze munitie tegen mensenrechtenschendingen beschermen. Ik heb het niet van mijzelf.

Terwijl de discussies in de VN-Veiligheidsraad nog in volle gang waren, heeft de VS zijn aanval op eigen houtje uitgevoerd. Een essentieel onderdeel van de politieke discussies binnen de VN is evenwel ‘het onderzoek naar de gifaanval dat moet bepalen wat er precies gebeurd is, welk soort chemische wapens zijn gebruikt en wie er voor verantwoordelijk is’. Het is weer als de nooit gevonden massavernietigingswapens, die het doorslaggevende argument waren voor de oorlog tegen Irak in 2003 met dezelfde reacties. Niets geleerd, dus.

Donald Trump heeft ook nog eens nagelaten om de goedkeuring te vragen van het VS-Congres zoals de Amerikaanse grondwet dat verlangt, maar onze zelfgenoegzame Westerse Wereld zal het allemaal een zorg zijn:
Goed zo, grote broer, het was ‘proportioneel’, ‘een passende reactie’, ‘begrijpelijk’, ‘een krachtig signaal’, ‘duidelijk een waarschuwing’ die zo’n 86 mensen van wie bijna 1/3 kinderen het leven kostte. Ga zo door, grote broer, al gaat het buiten elk binnenlands en internationaal recht om.
Dat jullie bombardement mogelijk bewijs vernietigd heeft dat de VN nodig heeft voor haar onderzoeken, geeft ook niet. Al gooi je er een zootje kernbommen op, van ons zul je geen kwaad woord horen. Wij hebben namelijk handelsbelangen, die belangrijker zijn dan welke wet ook.
En verder weten we ook van voren niet dat we van achteren leven.

Bronnen: “Rusland: Amerikaanse aanval schaadt relatie flink” door de Buitenlandredactie van de Nederlandse Omroepstichting (NOS) en Reuters en “Amerikaanse aanval mocht niet volgens regels Verenigde Naties”door de Buitenlandredactie van de NOS en AFP, beide via de website van de NOS en
“VS wacht VN-onderzoek niet af en trekt ten oorlog” door Ludo De Brabander Vrede via de website van De Wereld Morgen; alle drie op 7 april 2017.

Wilt u een gratis krantje?

Vandaag werd mij een gratis Volkskrant aangeboden. Ik had er geen belangstelling voor. Reden? ‘Te oppervlakkig.’ “Trouw dan, die graaft dieper?” ‘Nee. Dank u.’ “NRC?” ‘Ook te oppervlakkig. Het is, vind ik, in Nederland allemaal wat oppervlakkig, op De Groene Amsterdammer na’. “Dat is toch een weekblad?”

Neem Giro555
Nou is er op de ‘samenwerkende hulporganisaties’, die achter Giro555 schuilgaan, zóveel te vertellen dat ik er mijn geld niet aan zal geven, maar daarover gaat dit stukje niet. Dit gaat over wat ik lees op hun website:
De ramp Hongerrampen in Zuid-Soedan, Noordoost-Nigeria, Somalië en Jemen eisen razendsnel steeds meer onschuldige levens. Steeds meer mensen uit deze landen hebben niks te eten. Samen kunnen we miljoenen mensen redden van de hongerdood door NU noodhulp te bieden. Dit kan niet wachten. Red levens. Geef voor eten.
En: “Wat is er aan de hand? Een dodelijke combinatie van geweld, armoede en extreme droogte veroorzaakt honger in Zuid-Soedan, Noordoost-Nigeria, Somalië, Jemen en omringende landen. Juist de levens van kinderen, zieken en de allerarmsten zijn hierdoor in gevaar.” Met een voorbeeld over de situatie ‘nu’ in Zuid-Soedan.

Dat is ongeveer het niveau van De Volkskrant, de NRC en Trouw: ‘Wat erg, hè?’ Wat we niet lezen is dat de term ‘hongerrampen’ de rol van onze Westerse Wereld verhult. Toch spelen Westerse bedrijven, instellingen en landen sinds de jaren ’80 vaak een beslissende rol in de nu-dreigende hongerdood van ruim 20.000.000 mensen in Afrika, dat geen issue was tijdens onze verkiezingscampagnes. Terwijl, aldus het “Global Report on Food Crises 2017”, in 2016 wereldwijd 108.000.000 mensen onvoldoende toegang tot voedsel hadden (ook niets over gehoord tijdens onze verkiezingscampagnes).

De hedendaagse privatiseringen van land werden mogelijk gemaakt door de expliciete eisen en onbedoelde gevolgen van de herstelprogramma’s van het IMF en de Wereldbank die geïmplementeerd werden in het globale zuiden in de jaren 1980.

In Somalië ging het wankele evenwicht tussen nieuwe, nomadische en traditionele economie verloren door de interventies vanaf de jaren ’80 van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Met het telen van exportgewassen, bestemd dus voor de buitenlandse markten, kon volgens het IMF grof geld verdiend worden. Twee van de effecten van deze IMF-dwang waren dat veel Somalische boeren ontheemd raakten en dat gronden, die traditioneel gemeenschappelijk beheerd werden, werden geprivatiseerd. Het resultaat was armoede, een stijgende afhankelijkheid van buitenlandse markten, conflicten over eigendomsrechten en een groeiende groep ontheemden. Gevolg: een burgeroorlog vanaf begin jaren ’90 en de opeenvolgende Somalische hongersnoden inclusief die van nu. Hebben IMF of wij er iets van geleerd? We weten er helemaal niets van!

Tussen 2006 en 2011 legden buitenlandse bedrijven en landen wereldwijd beslag op meer dan 200.000.000 hectare land, waarvan het merendeel zich op het Afrikaanse continent bevond; landgrabbing. In Zuid-Soedan heeft door het leasen of verkopen van land aan buitenlandse bedrijven de plaatselijke bevolking geen toegang meer tot landbouw- en graasgrond. Gevolg: ontheemding, één van de voornaamste katalysatoren voor de etnische spanningen daar. In haar boek “Expulsions” stelt sociologe Saskia Sassen: “De hedendaagse privatiseringen van land werden mogelijk gemaakt door de expliciete eisen en onbedoelde gevolgen van de herstelprogramma’s van het IMF en de Wereldbank die geïmplementeerd werden in het globale zuiden in de jaren 1980.

Daar kunnen ook de eisen aan toegevoegd worden van de wereldhandelsorganisatie WTO in de jaren 1990 en 2000 om import- en exportbarrières op te heffen in naam van ‘vrijhandel’. Nu hongerend Somalië exporteerde in 2015 nog miljoenen geiten en schapen richting Arabisch schiereiland. Ethiopië, dat kreunt onder de honger, exporteert nog steeds voedsel. Voedsel is zelfs na goud het 2de exportproduct van hongerend Ethiopië.

Biedt ‘ontwikkelingshulp’ een oplossing? Het Department for International Development van Groot-Brittannië sluisde ₤ 600.000.000 (€ 705.053.000), bestemd voor ontwikkelingshulp, door naar de ‘New Alliance for Food Security and Nutrition’. Deze alliantie is de laatste in een reeks initiatieven dat is opgezet door een handvol multinationals en financieel en invloedrijke G8-landen. Al deze initiatieven resulteren erin dat multinationals toegang krijgen tot grondstoffen in ontwikkelingslanden en daar een beleid doorvoeren waarbij hun ‘actieterrein’ vergroot wordt. In plaats van een oplossing te verschaffen voor het voedselprobleem, draagt de pro-corporate approach van initiatieven als de ‘New Alliance’ bij tot de verspreiding van armoede en honger door hun focussen op de exportmarkt, landgrabbing, de privatisering van zaden en precair en slecht betaald werk. En wat horen of lezen wij hier over? Voor wie hier is dit eigenlijk wèl een issue?

En al deze mislukte initiatieven worden genomen door Westerse bedrijven, instellingen en landen in plaats van het voor de lokale bevolking efficiënter maken van de regionaal traditionele voedselvoorziening. Wij, die via onze entertainment-media niets over ‘onze’ miskleunen te weten krijgen, worden domweg gevraagd Giro555 te spekken. ‘Wat erg, hè?’ ‘Nee, hoor, houd die  Volkskrant maar’, en we hebben het nu nog niet eens gehad over waar onze ‘betaalbare etenswaren’ vandaan komen en over de verbranding van alle stookolie, die bijdraagt aan klimaatverandering, om zaden en voedsel tussen mondiaal verspreide Westerse bedrijven te transporteren of het verschil in ecologische voetafdruk van de landen en streken met een hongerende bevolking en die van Westerse landen, waardoor oogsten mislukken.

Bronnen: “Global Report on Food Crises 2017” van het Food Security Information Network, maart 2017, “De ramp” en “Wat is er aan de hand?” via de website https:/ /giro555.nl/de-ramp-3/ van Giro555 en “Wat je niet leest over de hongersnood in Afrikaanse landen” door Thomas Decreus via de website van De Wereld Morden; beide op 6 april 2017.

Een feestje over de ‘liefde’

Het is alweer even geleden dat Apollodorus het verhaal vertelde dat hij van Aristodemus hoorde over een symposium, een drinkgelag of feestmaal. Het werd indertijd ter ere van de tragedieschrijver Agathon gehouden. Socrates is bij die gelegenheid te laat gekomen, doordat hij in gedachten verzonken ergens in de stad tijdens gesprekken alle besef van tijd was kwijtgeraakt. Nadat ze klaar zijn met eten, herinnert Eryximachus iedereen aan Phaedrus‘ suggestie dat iedere aanwezige op zijn beurt een spreekbeurt zou geven: een verhaal ter ere van de god van de liefde.

Phaedrus steekt van wal en vertelt dat Liefde (Eros) een van de oudste goden is. Deze god bevordert volgens hem het best de deugd van mensen.

Pausanias volgt hem als spreker op. Hij maakt een onderscheid tussen ‘Gewone Liefde’, die draait om begeren, en ‘Hemelse Liefde’, die plaatsvindt tussen een man en een jongen. In het geval van de Hemelse Liefde verleent de geliefde, de jongen dus, seksueel genot aan de oudere man in ruil voor een intellectuele en morele opvoeding.

Eryximachus, de geneesheer, wijst erop dat ‘goede liefde’ aanzet tot matigheid (wijsheid) en orde. Ook zegt hij dat liefde zich niet beperkt tot relaties tussen mensen, maar net zo goed gevonden kan worden in geneeskunde, muziek en tal van andere zaken.

Aristophanes is de volgende spreker. Hij vertelt een mythe over hoe we als mensen eens als èèn tweeslachtig wezen op aarde rondliepen. Alle mensen waren ‘bolmensen’. Wegens de arrogantie en overmoed van onze voorouders werden ze bij wijze van straf door Zeus in tweeën verdeeld. Geslachtsdelen plaatste Zeus daarna van achter naar voren, zodat we in plaats van bolmensen mannen en vrouwen werden. Sindsdien zwerven mensen als gehalveerd bolmens over de aarde. Op straffe van Zeus voortdurend zoekend naar onze wederhelft, waar we ons mee willen verenigen om weer heel te zijn.

Agathon volgt Aristophanes op en geeft een retorisch uitgewerkte speech ten beste waarin Liefde voorgesteld wordt als gevoelig, jong, mooi en wijs. Hij schurkt aan tegen de opvatting van Phaedrus: Liefde is volgens hem verantwoordelijk voor de aanwezigheid van alle deugden in ons.

Socrates, die zich dus later bij dit gezelschap voegde, stelt een en ander op zijn eigen wijze in vragen [het Socratisch gesprek; GjH]. Hij vindt dat Agathons’ redevoering niet over de Liefde ging, maar over de objecten van de liefde.
Socrates vertelt vervolgens het verhaal van de wijze vrouw Diotima. Volgens haar was Liefde helemaal geen god, maar eerder een geest die bemiddelt tussen mensen en het object van hun begeren. Liefde zelf is noch mooi, noch wijs. Liefde is eerder het verlangen naar schoonheid en wijsheid. Liefde kan zich volgens Socrates op twee manieren uitdrukken: door de lichamelijke aspecten van seks, voortplanting en zwangerschap of door het delen en voortbrengen van ideeën.
De grootste wijsheid van al, vertrouwt Socrates de anderen toe, is ‘Kennis van de Vorm van Schoonheid’. Dat is dat we allen volgens hem zouden moeten nastreven.
Socrates beëindigt zijn toespraak met het inzicht dat het hoogste doel van de liefde ‘de liefde voor wijsheid’ is. Als het echt om de liefde zou gaan, zou iedereen volgens Socrates filosoof worden.

Aan het eind van Socrates’ toespraak komt een dronken Alcibiades naar voren, die op de grond valt. Hij prijst Socrates luidruchtig om zijn wijsheid. Ondanks Alcibiades’ pogingen om ook Socrates te laten proeven van zinnelijke geneugten, slaagt hij daar niet in. Socrates is helemaal niet geïnteresseerd in zinnelijk genot.

Het feest eindigt in chaos en een drinkpartij, waarbij Aristodemus in slaap valt. Als hij de volgende morgen wakker wordt, ziet hij hoe Socrates nog steeds energiek zit te discussiëren met Agathon en Aristophanes. Als uiteindelijk iedereen in slaap is gevallen, staat Socrates op en begint aan zijn nieuwe dag. Hij wandelt naar het Lykeion, een van de drie grote gymnasia buiten de stadsmuren van het oude Athene. Socrates brengt de rest van de dag door op zijn gewone manier, zonder te gaan slapen voor het donker wordt.

Het ‘Symposium’, waarin dit alles beschreven is, is een dialoog geschreven na 385 v.Chr. door de Griekse filosoof Plato. Het verschaft inzichten over de manier van leven van de Atheense intellectuele kringen uit die tijd en wellicht een antwoord op uw vraag wat liefde is.

Bronnen: “Symposium” via Wikipedia.org, Tros Nieuwsshow Radio 1, “Symposium” via Scheltema.nl en “Iedereen was er” via Bol.com; alle vier op 7 november 2015.

De strekking van dit blog verscheen eerder als blog 247 op een voorloper van deze website.

Een keerzijde van ons verstand

Wanneer leiders naar kennis streven, maar hun ethische opvattingen vergeten, raken allen die hen volgen verstrikt in verwarring. Hoe kan ik zeggen dat dit het geval is?

Veel kennis wordt toegepast voor het exploiteren van wat in de natuur is. Maar alles wat in de natuur is wordt erdoor verstoord.
Veel kennis wordt toegepast om winst te maken, maar de mensen moeten zich dan het schompus werken met weinig rechten en veel plichten en hebben steeds meer geld nodig om al die winsten voor enkelingen bij elkaar te schrapen.
Veel kennis wordt gebruikt om verzet van mensen te breken en om vreemde mensen te beletten naar hier of naar daar te komen, maar de levens van deze weerbarstige en wanhopige mensen worden er nog meer door verstoord dan ze al zijn.

Mensen eren hetgeen binnen het bereik van hun kennis ligt, maar beseffen niet hoe afhankelijk ze zijn van wat er buiten ligt.

Naarmate de kennis steeds knapper, veelzijdiger en ingenieuzer wordt, worden de mensen er alom door verstoord en geschaad. Dan proberen zij verwoed te begrijpen wat zij niet weten, maar doen geen poging te begrijpen wat ze al wel weten. Ze veroordelen de misvattingen van anderen, maar veroordelen de hunne niet. Daaruit ontstaat nog meer verwarring.

Als de zon en de maan hun licht verloren, de bergen en rivieren verloren hun levenskracht en de vier seizoenen kwamen tot stilstand, dan zou geen insect en geen plant zijn ware aard behouden. Toch is dat de toestand die wordt voortgebracht door mensen die geobsedeerd zijn door kennis. Eerlijkheid en eenvoud worden over het hoofd gezien en rusteloosheid oogst bewondering. Het kalme, moeiteloze handelen wordt vergeten en er weerklinken luide woordenwisselingen. Zo is de aard van de honger naar kennis. Het kabaal ervan stort de wereld in een chaos.

(…)

Mensen eren hetgeen binnen het bereik van hun kennis ligt, maar beseffen niet hoe afhankelijk ze zijn van wat er buiten ligt.

Dit is geen reactie op iets dat vandaag de dag speelt. Tsoeang-tse schreef woorden van gelijke strekking* 2.500 jaar geleden in de “Tao Te Tsjing”. Ik kwam bovenstaande fragmenten tegen in het boek “Teh van Knorretje”. In dat boek worden aspecten aan het Taoïsme luchtig uitgelegd aan de hand van de oorspronkelijke verhalen van Winnie de Poeh en de personages die in die 2 boeken opgevoerd worden.

Bron: “Teh van Knorretje” (1992) door Benjamin Hoff in het Nederlands vertaald door Hilde Bervoets, Uitgeverij Sirius en Siderius te Den Haag, ISBN 906441100X.

______________________________________
* In plaats van ‘ethische opvattingen’ schreef Tsoeang-tse ‘De weg’ en in plaats van mijn 2de alinea schreef hij:
Veel kennis wordt toegepast voor het maken van bogen, kruisbogen, pijlen en katapulten, maar de vogels in de lucht worden erdoor verstoord en gewond.
Veel kennis wordt gebruikt voor het maken van haken, netten en dergelijke, maar de vissen in het water worden erdoor verstoord en gewond.
Veel kennis wordt aangewend voor het maken en plaatsen van vallen, netten en klemmen, maar de schepselen van de grond worden erdoor verstoord en gewond.

Bezinning in de marge

Het is tijd voor bezinning. Het is altijd tijd voor bezinning en een aimabel-ogende man bood mij stof om in de marge van de Stuitende Taferelen* in de wereldpolitiek tot een kern door te dringen.

De aimabel-ogende man ontmoette ik een tijd geleden in Amsterdam en onlangs raakten we verzeild in een mailwisseling over onjuiste geschiedschrijving. Hij stelde in zijn laatste mail van deze week: “Mensen hebben recht op hun eigen mening, niet op hun eigen waarheid.”

Dat was even slikken voor mij, omdat ik ertoe neig alles te zien als interpretatie. Hoe aimabel is deze ogende man? Is er één waarheid en zouden we die kunnen kennen? “De wetenschap leert en toont ons enkel het uiterlijke of de vorm en de schijn van de ‘dingen’; het ‘innere’ kan men niet kennen” denk ik ingegeven door Duitse filosoof Immanuel Kant (1724 – 1804).

Wij zijn gedoemd vrij te zijn
Jean-Paul Sartre

Ik denk er niet aan te kunnen ontkomen in mijn eigen waarheid en mijn eigen werkelijkheid te verkeren; een waarheid met als bouwelementen:
– mijn levensgeschiedenis voor zover die mij gevormd heeft,
– voor mijn vorming relevante gedachten, inzichten en waarnemingen,
– de invloed die mijn omgeving op mij gehad heeft en
– mijn interpretatie van de situatie waarin ik in het hier en nu verkeer.
Naar mijn idee geldt dit voor ieder mens. Ik dacht dat dit een algemene aanname was, maar de aimabel-ogende man denkt hier dus anders over. Hij schreef mij deze week dat wat hem betreft pas als alle kennis boven water komt, er tijd is voor interpretaties. Zijn stelling roept bij mij de vraag op hoe hij dan juist kan doen, want volgens mij zal nooit zal alle kennis bekend, laat staan ontsloten zijn.

Gelukkig wist de Engelse jurist, filosoof en sociaal hervormer Jeremy Bentham (1748 – 1832) wel raad met zulke vragen. Hij vond een maximum aan genot en een minimum aan leed en verdriet nastrevenswaardig. Zo stelde hij dat de juistheid van een handeling wordt bepaald door de gevolgen ervan: leverde een handeling in totaal voor de mensheid meer, langduriger en intenser genot op en minder leed of verdriet dan was de handeling juist geweest. Kom er maar eens om bij de huidige wereldleiders.

Het petekind van Bentham, de Engels filosoof en econoom John Stuart Mill (1806 – 1873) was het wel met zijn peetoom eens. Hij onderscheidde daarbij hogere (intellectuele) en lagere (platvloerse) vormen van genot. Toch is mijn probleem met Bentham en Stuart Mill is dat alleen achteraf uitgerekend kan worden of een handeling juist is geweest. Gevolgen kun je nu eenmaal niet allemaal van tevoren overzien.

De Brits filosoof-ethicus Bernard Williams (1929 – 2003) was een vernietiger van denksystemen en viel alle “ismen” aan met gelijke kracht, ook het utilisme van Bentham en Stuart Mill. Williams argumenteerde dat er een cruciaal moreel onderscheid bestaat tussen een moord die ik pleeg of een moord die iemand anders pleegt omwille van iets wat ik gedaan heb. Hij stelt zodoende dat men de juistheid van een handeling niet puur kan berekenen aan de hand van gevolgen voor de mensheid en introduceert ‘verantwoordelijkheid’ en ‘bevoegdheid’.

De Amerikaans filosoof Robert Nozick (1938 – 2002) redeneert in dit verband over de juistheid van een handeling vanuit een heel andere invalshoek. Hij toonde aan dat een maximum aan genot en een minimum aan leed en verdriet helemaal niet is wat mensen willen: “Mensen willen hun leven leven.” Dat spreekt mij aan.

De Franse filosoof en schrijver Jean-Paul Sartre (1905 – 1980) stelde dat men keuzes moet maken en voor de gemaakte keuzes verantwoordelijkheid moet dragen. Hij stelde: “Wij zijn gedoemd vrij te zijn”. Feitelijk zegt hij, net als de pre-socratici en de eerste Griekse sofisten zoals Protagoras van Abdera (± 490 – 420), dat “de mens de maat van alle dingen is”; voor de volledigheid: “van de dingen die zijn wat ze zijn en van de dingen die niet zijn wat ze niet zijn.

Toch blijken er problemen met een universele moraal, en als we het erover hebben of we in ‘interpretaties van de werkelijkheid’ zouden leven, of ons pas een interpretatie zouden mogen veroorloven als we alle kennis boven tafel hebben, spreken we over een universele moraal. Problemen met een universele moraal zijn
– dat traditionele waarden ondergeschikt worden aan een wereldwijd denken en
– dat de moraliteiten binnen verschillende culturen nogal eens met elkaar botsen.
Bovendien hebben we inmiddels weet over de ellende die het denken heeft veroorzaakt van de fascistische dictator Benito Mussolini (1883 – 1945), de bolsjewistische dictator en autocraat Jozef Stalin (1878 – 1953), de extreem-racistische nationaalsocialistische provocateur, populist en latere dictator Adolf Hitler (1889 – 1945) en de communist en dictator Mao Zedong (1893 – 1976) om er maar een paar te noemen; er zijn er nog veel, veel meer. “Wees maar voorzichtig met een alomvattende moraal”, hebben zij hun nabestaanden naar mijn hoop geleerd.

Toch handel ik voortdurend door te doen en door na te laten. Hoe bepaal ik de juistheid van mijn handelingen?
Ik heb daarop wel een antwoord: ik weet waarheen ik de mensheid zou willen leiden: wereldvrede. Mijn doen en laten beoordeel ik langs de meetlat in hoeverre mijn handel en wandel op mijn bescheiden plaats tussen de wereldbevolking bijdraagt aan wereldvrede. Ik sluit me daarom vooralsnog wederom aan bij Immanuel Kant, die stelde
– dat de intentie van een handeling belangrijker is dan het gevolg ervan,
– dat we de mens altijd óók als doel op zich en nooit allèèn als middel tot een doel mogen gebruiken, en
– dat wij alles wat wij doen als algemene regel zouden moeten kunnen èn willen laten gelden.
Het is bijvoorbeeld volgens Kant niet goed om te stelen, want de algemene regel ‘Stelen mag’, zou resulteren in een chaotische wereld waarin wij zelf niet zouden willen leven.

Ik kan er wel mee uit de voeten en voor mij is het ondoenlijk pas tot een besluit te komen wanneer ik (nagenoeg) de gehele waarheid ken.

Bronnen: “Filosofie voor het echte Leven” (2015) door de Vrije Academie en Brandstof en College “Hoe doe ik het goed?” door Lammert Kamphuis van de Vrije Academie op 17 december 2015 en https://nl.wikipedia.org op 22 december 2015 en 27 januari 2017.

De kern van dit blog verscheen als blog 266 eerder op de voorloper van deze website, die ‘uit de internet-lucht’ gehaald is.
______________
* De Werkgroep Socialisten in de PvdA gaf tussen 1991 en 1994 een blad uit met de titel ‘Stuitende taferelen’ als woordspeling op het in 1987 verschenen PvdA-rapport ‘Schuivende Panelen’.

Over zon en regen

Binnen een week is het zover. Dan wordt Donald Trump officieel wereldleider. Zo heeft de bevolking van de Verenigde Staten van Amerika bepaald, geholpen door hun kieswet. Eindelijk wordt deze 45ste Amerikaanse president geen traditionele president, die het fundamentele leidende principe van het Amerikaans presidentschap trouw zal uitvoeren: in standhouden van de economische en militaire overmacht over de rest van de wereld en het vrijwaren van de overmacht van grote bedrijven op de economie in eigen land. Eindelijk een ‘ongeleid projectiel’.

Van een Bernie Sanders had ik een goede invloed op de wereld en de burgers van de Verenigde Staten van Amerika verwacht, en ik ben er nog steeds niet rouwig om dat Hillary Clinton niet als Amerikaans president verkozen is. Met haar op die plek zou het op een andere manier ernstig fout gegaan zijn in de wereld, is mijn inschatting. Haar kijk op de wereld, het bekende beleid dat ooit door Ronald Reagan als 40ste Amerikaanse president ingezet werd, heeft genoeg slachtoffers gemaakt. Ook in Europese landen holt dat beleid al 4 decennia onze samenlevingen sociaal uit, waarbij overheden hun belangrijkste plicht verzaken: kwetsbaren beschermen tegen degenen met macht.

De jaren ’30 en ’40 hebben op Europese bodem de maatschappelijke wetten, die nu procesmatig dominant worden, blootgelegd. Dus, zou ik tot een minderheid behoren èn in de Verenigde Staten van Amerika wonen, dan werd het nu tijd om naar een buitenland te emigreren. Ook al zou ik tot een minderheid behoren die kwantitatief een meerderheid vormt.

Op orde volgt chaos en op chaos volgt orde. Misschien heeft de wereld een Trumpiaanse president nodig om de bevolking weer politiek bewust te krijgen en zich een beetje inzicht te verschaffen op de misdrijven die overal op de wereld in hun en onze politieke naam gepleegd worden. Tussen de jaren ’50 en ’80 bleek ook dat na complete chaos eventjes 3 ordelijke decennia aanbraken.

Na regen komt zonneschijn en na zonneschijn… juist.

Racisme

“Wat kijk jij vrolijk”, was zijn openingszin. We raakten aan de praat. Ik was blij verrast weer eens met het uitdrukkelijk ‘jij’ aangesproken te worden. Dat was lang geleden. En het gebeurt me niet vaak dat iemand zo straight ingaat op wat hij van mij denkt te zien.

Wij wisselden onze leeftijden uit. Dat kwam ter sprake omdat hij dacht even oud als ik te zijn, terwijl ik hem 20 jaar jonger schatte. Hij bleek 10 jaar jonger.

Wat hem dwars zat was racisme. Hij traint al meer dan 33 jaar voetbaljeugd. Vanuit die ervaring vroeg hij mij: “Waarom zijn kinderen helemaal niet racistisch, maar worden mensen dat haast allemaal wel als zij de puberteit bereiken?” Als ervaringsdeskundige kon ik hem over racisme wel iets vertellen; immers, ik ben ook racistisch al probeer ik daar weerstand tegen te bieden. Wanneer ik iemand tegenkom, scan ik razendsnel: man of vrouw? En bijzondere kenmerken neem ik ook direct op: leeftijd, postuur, uitstraling. Ik herken me in die zin in Don Tillman, de hoofdpersoon in de roman “Het Rosie Project” van Graeme Simsion, die bij iedere kennismaking BMI, geslacht en leeftijd schat. Uiteraard zijn gezicht, haardracht, huidskleur, kleding, lichaamslengte, mobiliteit en uitstraling ook van die opvallende kenmerken, wanneer iemand in die opzichten geen grijze muis is.

Het zou mij niets verwonderen wanneer iedereen dat doet.

Het is zoals het is, dat we geneigd zijn elkaar te bestrijden op basis van verschillende ethiek, normen, rituelen, tradities, uiterlijke kenmerken, waarden en wetten, en niet zoals het ethisch beter verantwoord zou zijn. Ook al zijn mensen voor ethisch handelen volgens mij intelligent genoeg.

Racisme. In de Nederlandse media worden mensen vaak benoemd en gediskwalificeerd alsof zij ingezetenen zijn van hun land van herkomst of dat van hun ouders of grootouders (Marokkanen) of alsof zij vertegenwoordigers zijn van een religie (Moslims). Die framing ergert mij. En met de steeds herhaalde standpunten over de zwartheid van de knechten van Sint Nicolaas juist achter ons, meestal zonder op sociale media een oor te hebben voor andere opvattingen, dacht ik natuurlijk de afgelopen tijd ook wel na over racisme. Mengde me zelfs even in de pietendiscussie op Facebook.
Vanuit de biologie meende ik hem wel iets over racisme te kunnen zeggen:
Ik denk dat kinderen fluïde zijn in hun gedrag. Zolang iemand afhankelijk is van anderen, is het voor de overleving van belang om meegaand te zijn en geen weerstanden in stand te houden of op te bouwen. Daarom kan er zo intens van kinderen gehouden worden, denk ik.
Eenmaal op de leeftijd van en in staat tot voortplanting wordt een ander evolutionair mechanisme in werking gezet, te weten het ontwikkelen van sympathie voor de individuen van sommige groepen mensen, terwijl andere groepen mensen ‘vreemden’ blijven.

Ik geloof niet dat er een andere diersoort is, die zich zo kwaadaardig tegen zijn soortgenoten gedraagt als mensen. We weten van enkele huidige conflictgebieden en van genociden in de laatste eeuw, maar dat mensen al sinds mensenheugenis percentages van de gehele mensheid aan hun erbarmelijk lot overlieten, uitbuitten of uitroeiden is, hoewel minder bekend, wel de geschiedenis van de mensheid. Wat racisme betreft is er niets nieuws onder de zon. Helaas.

Ik verklaar dergelijke misdragingen van mensen tegen mensen vanuit een ‘rationeel overlevingsprincipe’ dat met de op Charles Darwins’ veronderstelde evolutieleer samenhangt: de instandhouding van de soort gaat boven de instandhouding van de individu. Hoewel mensen biologisch allemaal tot dezelfde soort behoren, gedragen mensen zich rationeel als soortgroepen. Wij zijn sterk geneigd in ‘wij’ en ‘zij’ te denken. In een wereld waarin ‘de natuur’ en ‘de elementen’ het grootste overlevingsgevaar vormden zou dat onpraktisch zijn. Maar mensen hebben het meest met mensen te winnen en van mensen te duchten. Primair zullen mensen voor hun overleving waarschijnlijk meer gediend zijn geweest met een ongebreidelde menging van herkomsten, ideeën en rassen dan het denken in ubermenschen en untermenschen. Echter, de praktijk is dat eerder op aarde rondlopende mensensoorten, zoals de homo erectus, homo heidelbergensis, homo neanderthalensis en nog zo een stuk of elf, verdwenen zijn. Het is niet denkbeeldig dat de huidige mensensoort, homo sapiens, daarin een hand gehad heeft. Zoals de evolutie zich tot nu toe voltrokken heeft tot de dag van vandaag zullen de evolutionaire mechanismen nog tienduizenden jaren blijven werken. Het is zoals het is, dat we geneigd zijn elkaar te bestrijden op basis van verschillende ethiek, normen, rituelen, tradities, uiterlijke kenmerken, waarden en wetten, en niet zoals het ethisch beter verantwoord zou zijn te handelen zoals vastgelegd in een stuk of 15 verdragen van de Verenigde Naties. Ook al zijn mensen voor ethisch handelen volgens mij intelligent genoeg.
Hij was niet blij met mijn verhaal. Ik ook niet.

Over wat te doen tegen racisme verschilden we van mening. Hij bepleitte een maatschappelijke stage, zodat mensen uit verschillende bevolkingsgroepen meer met elkaar in contact zouden komen. Vanuit mijn militaire diensttijd heb ik zo’n hoopvolle ervaring allang laten varen. Alleen voor werkgevers is een maatschappelijke stage interessant: nòg goedkopere arbeid zonder tegenprestatie of verplichtingen. Ik geloof dat racisme het best bestreden wordt door onze perspectieven beter te verdelen; verdeel allereerst betaald werk en inkomens (koopkracht) beter, zodat we allemaal gelijkere kansen op een goede kwaliteit van leven krijgen. Pas dan hebben mensen minder van elkaar te duchten dan nu het geval is.
En stop ermee de ogen te sluiten voor wat mensen buiten ‘ons’ gezichtsveld aan vreselijks elkaar aandoen.
Stop met vooroordelen tegen hele bevolkingsgroepen te blijven rondbazuinen.
Besef wat we heel goed weten: dat elk mens uniek is en in essentie hetzelfde nastreeft.

Hoewel dat misschien al wel wat veel gevraagd is, was er nog een opmerkelijk verschil tussen hem en mij. Hij had het over Nederland; ik heb het over een mondiale kwestie die wat mij betreft heel snel om actie vraagt en ik vind zo’n verdeling van rijkdom snel nodig zodat ieder nu levend mens op aarde perspectief krijgt op een goed leven.