Mensenlevens worden minder waard

Terwijl wij ons het hele jaar druk maakten over de Nederlandse coronamaatregels, óók belangrijk, woedden in 2021 (deels nieuwe) conflicten in Afghanistan, Burkina Faso, Ethiopië, Israël, Jemen, Libië, Myanmar en de bezette Palestijnse Gebieden. Stuk voor stuk – heel anders dan dat in Oekraïne – immer aan de aandacht ontsnapt. De strijdende partijen maakten zich schuldig aan het schenden van internationaal overeengekomen mensenrechten en van het oorlogsrecht, waarbij de desastreuze effecten op gewone mensen zoals u en ik slechts een neveneffect werd. Miljoenen mensen raakten ontheemd, duizenden werden gedood en honderden werden slachtoffer van seksueel geweld. Economieën en gezondheids-zorgsystemen, die al kwetsbaar waren, kwamen aan de rand van de afgrond te staan of tuimelden daarin. Geen nieuws. En feitelijk is het ook geen nieuws, want deze ellende duurt al decennia voort, evenlang als dat er in onze media nagenoeg geen aandacht aan wordt geschonken.

Mensenlevens worden ongemerkt minder waard

Het wereldwijde falen in de aanpak van deze conflicten zette ook in 2021 de trend voort van meer instabiliteit en verwoesting. De ineffectiviteit van het internationale optreden in deze crises was het meest zichtbaar in de machteloosheid van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. De VN greep niet in bij de gruweldaden in Myanmar, de mensenrechtenschendingen in Afghanistan of de oorlogsmisdaden in Syrië. Deze passiviteit, de voortdurende terughoudendheid van betrokken instellingen en het feit dat machtige staten geen verantwoording afleggen over hun daden of andere landen een hand boven het hoofd houden, hielpen in 2022 de weg vrij te maken voor de Russische invasie in Oekraïne; een nieuwe flagrante schending van het internationaal recht voor het komende jaarovericht. Mensenlevens worden ongemerkt minder en minder waard en nieuwe (atoom-)wapens worden getest.

De beloftes van farmaceutische multinationals en rijke landen om de coronapandemie op een voor iedereen in de wereld eerlijke manier aan te pakken, bleken in 2021 vals. We zagen dat jaar ook een groeiende, wereldwijde trend om kritische en onafhankelijke stemmen het zwijgen op te leggen. Media, mensenrechtenverdedigers, ngo’s en oppositieleiders werden het slachtoffer van onwettige detentie, foltering en gedwongen verdwijning; in veel gevallen achter het rookgordijn van de coronapandemie. Minstens 67 landen namen in 2021 nieuwe wetten aan om de vrijheid van meningsuiting, vereniging en vergadering in te perken. Zo bevalen de autoriteiten in China internetserviceproviders om de toegang te blokkeren tot websites die ‘de nationale veiligheid’ volgens het regime in gevaar brengen, en werder apps waarop werd gediscussieerd over controversiële onderwerpen als Hongkong en Xinjiang geblokkeerd. In Rusland zette de overheid gezichtsherkenning in om vreedzame demonstranten massaal op te pakken. En zo werden in de Verenigde Staten van Amerika meer dan 80 wetsvoorstellen ingediend om de vrijheid van vergadering te beperken.

2021: een gitzwart jaar voor de mensenrechten

In een prachtig voorbeeld van samenwerking onthulde het Pegasus Project – een samenwerking van meer dan 80 journalisten, met technische ondersteuning van Amnesty International – dat de spyware van de Israëlische NSO-Groep was gebruikt tegen activisten, journalisten en staatshoofden in Azerbeidzjan, België, Hongarije, Marokko, Rwanda en Saoedi-Arabië.

In Cuba, Eswatini (Swaziland), Iran, Myanmar, Niger, Senegal, Zuid-Sudan en Sudan nam de overheid haar toevlucht tot het platleggen of verstoren van internet. Hierdoor konden mensen geen informatie over hun onderdrukking delen via internet of zich digitaal organiseren om zich daartegen te verzetten.

Het tastbare en aanhoudende verzet van volksbewegingen in de hele wereld is een baken van hoop

Demonstranten in Colombia gingen in 2021 de straat op tegen belastingverhoging in een tijd dat mensen met moeite hun gezinnen konden onderhouden als gevolg van de pandemie. Indiase boeren protesteerden tegen nieuwe wetten, die hun broodwinning in gevaar zouden brengen. In Rusland hield de oppositie bijeenkomsten, ondanks het gevaar te worden opgepakt en vervolgd. Inheemse en jonge activisten over de hele wereld protesteerden omdat leiders falen bij de aanpak van de klimaatcrisis. Maatschappelijke organisaties, waaronder Amnesty International, lobbyden voor de erkenning van het recht op een duurzaam, gezond en schoon leefmilieu. Ngo’s voerden innovatieve juridische procedures tegen multinationals als C&A, Nike en Patagonia vanwege hun medeplichtigheid aan dwangarbeid in de regio Xinjiang in China.

Wanneer overheden en hun regeringen de wereld niet vooruit helpen, hebben burgers uiteraard geen andere keus dan zich tegen hun regering te verzetten. We zouden ons allemaal moeten verzetten tegen elke poging om ons te bedriegen en ons het zwijgen op te leggen. We zouden een wereldwijde solidariteit moeten cultiveren en daarop voortbouwen, zelfs als onze leiders dat nalaten. Wat mij betreft te beginnen met weten wat er nog meer in de wereld gebeurt dan wat de mainstreammedia ons voorhouden. Vandaar dit stukje.

Bron: “Gitzwart jaar voor de mensenrechten, maar wereldwijd blijven mensen zich verzetten tegen onrecht” door Amnesty International Vlaanderen via DeWereldMorgen op 30 maart 2022.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s