Relationaliteit (afhankelijkheid in samenhang met de achtergrond, omgeving en omstandigheden, waarin die afhankelijkheid bestaat of ervaren wordt) is ongetwijfeld de kern van hoe we als mens tot bestaan komen, wat een goed leven uitmaakt of wat de wereld bijeenhoudt. En omgekeerd: of het nu over populisme of over eenzaamheid gaat, over goede zorg voor kwetsbaren of over internationale betrekkingen, steeds weer draait het om relationaliteit of het pijnlijke gebrek eraan. In onze levens draait het steeds om de vraag: ga jij wat met mij aan, kan ik wat voor je betekenen, zullen we samen optrekken?
Hoe essentieel en kostbaar ook, werkelijk relationeel denken en werken zit ernstig in de verdrukking. Eigenlijk in vrijwel alle maatschappelijke domeinen en sectoren, van het onderwijs tot het openbaar bestuur, van de woningbouw tot de zorg, en van het leven in onze buurten tot de verhoudingen op de werkvloer. Wat daar gebeurt, wordt veelal gekenmerkt door een logica, die we bureaucratisch, marktconform, prestatie- en productgericht of strategisch zouden kunnen noemen, al dan niet overgoten met een sausje vriendelijkheid dat lichtelijk geurt naar relationaliteit.
In 2001 kwam, als vrucht van de eerste 10 jaar van het hoogleraarschap van Andries Baart, “Een theorie van de presentie” (2001, uitgeverij Boom) uit. Helemaal gewijd aan relationeel werken. En presentie beoefenen is door en door relationeel te werk gaan. Hij vertelt hier in 23 minuten meer over zijn boeiende inzichten. En wanneer je meer over presentie/relationaliteit wilt lezen, kun je hier op zijn website terecht. Of dat boek aanschaffen, natuurlijk.