Alles draait om relationaliteit, dus om presentie

Relationaliteit (afhankelijkheid in samenhang met de achtergrond, omgeving en omstandigheden, waarin die afhankelijkheid bestaat of ervaren wordt) is ongetwijfeld de kern van hoe we als mens tot bestaan komen, wat een goed leven uitmaakt of wat de wereld bijeenhoudt. En omgekeerd: of het nu over populisme of over eenzaamheid gaat, over goede zorg voor kwetsbaren of over internationale betrekkingen, steeds weer draait het om relationaliteit of het pijnlijke gebrek eraan. In onze levens draait het steeds om de vraag: ga jij wat met mij aan, kan ik wat voor je betekenen, zullen we samen optrekken?

Hoe essentieel en kostbaar ook, werkelijk relationeel denken en werken zit ernstig in de verdrukking. Eigenlijk in vrijwel alle maatschappelijke domeinen en sectoren, van het onderwijs tot het openbaar bestuur, van de woningbouw tot de zorg, en van het leven in onze buurten tot de verhoudingen op de werkvloer. Wat daar gebeurt, wordt veelal gekenmerkt door een logica, die we bureaucratisch, marktconform, prestatie- en productgericht of strategisch zouden kunnen noemen, al dan niet overgoten met een sausje vriendelijkheid dat lichtelijk geurt naar relationaliteit.

In 2001 kwam, als vrucht van de eerste 10 jaar van het hoogleraarschap van Andries Baart, “Een theorie van de presentie” (2001, uitgeverij Boom) uit. Helemaal gewijd aan relationeel werken. En presentie beoefenen is door en door relationeel te werk gaan. Hij vertelt hier in 23 minuten meer over zijn boeiende inzichten. En wanneer u meer over Presentie/Relationaliteit wilt lezen, kunt u hier op zijn website terecht. Of dat boek aanschaffen, natuurlijk. Of lees een van zijn andere uitgaven over Presentie/Relationaliteit. Hier is een overzicht van zijn 196 publicaties over dit onderwerp.

Nieuws (en geen nieuws)

De Amerikaanse regering start een grote campagne om het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag te ‘isoleren’. Dat las ik eergisteren hier. Echter, dat kunnen we naar mijn idee nauwelijks nieuws noemen, want al sinds de ’60-er jaren heeft de Verenigde Staten van Amerika een militair aanvalsplan klaarliggen om Den Haag aan te vallen, mocht haar voorloper, het Internationaal Gerechtshof (ICJ), een Amerikaan gaan vervolgen. Daarover vertelde mijn vader mij, toen ik er zelf nog niet aan toe was om een krant te lezen. Wij woonden toen in Den Haag.

Het meest belangwekkende nieuws is daarentegen de gecontinueerde diplomatieke en mediastilte over deze Amerikaanse campagne. Nieuws is wel de dreiging, die uit zou gaan van China, omdat marktwerking nu eenmaal dat land ten goede komt en het daarmee economisch de VS inhaalt. Diplomatieke verontwaardiging volgt op de overtredingen van het internationaal recht door China. Nieuws is de vermeende* dreiging van Rusland. Diplomatieke en mediaverontwaardiging volgen op de overtredingen van het internationaal recht door Rusland. Diplomatieke en mediaverontwaardiging blijven daarentegen uit wanneer onze bondgenoten andere landen bedreigen, kapot boykotten, genocide plegen, een zittende president ontvoeren en gevangen zetten of een oorlog ontketenen. Schendingen van het internationaal recht door ‘ons’ worden gelegitimeerd door onze media en door onze politieke leiders. Wanneer Amerika Iran aanvalt, spreken onze media slechts over de consequenties daarvan op de literprijs fossiele brandstof aan de Nederlandse benzinepompen.

We kunnen ons westers gedrag duiden als ‘selectieve verontwaardiging gebaseerd op een eenzijdig en subjectief werkelijkheidsbeeld’. Het akelige daarvan lijkt me dat we dermate in onze eigen leugens verstrikt zijn geraakt dat we geen enkel zicht houden op de waarheid. Op datgene wat er werkelijk in de wereld gaande is.

Onder de paraplu van een Amerika, dat al sinds ik de media volg louter en alleen opkomt voor de economische en sociale belangen van een Amerikaanse elite, willen we nog wel eens blaffen, maar het globale Zuiden trekt daar haar schouders over op. En in mijn beleving terecht; wij verdienen allang geen enkele geloofwaardigheid.

* ‘Vermeend’, omdat de Russische dreiging een mythe is. “Rusland heeft niet de intentie om Europa binnen te vallen.” Deze werkelijkheid komt van generaal Alexus Grynkewich, de Amerikaanse Supreme Allied Commander Europe. Die zegt dat Rusland de slagkracht van de NAVO kent en geen plannen heeft in die richting. De Europese NAVO, dus zonder de VS, heeft nu al een overmacht inzake budgetten, troepensterkte en wapensystemen. Een voorbeeld: de Europese NAVO heeft meer dan dubbel zoveel gevechtsvliegtuigen als Rusland en meer dan dubbel zoveel pantservoertuigen. Datzelfde geldt voor bijna alle belangrijke wapensystemen. Lees daar eventueel hier verder over. En dan hebben we het nog niet gehad over de capaciteit van de VS.

De digitale euro

Betalen met de digitale euro is op 10 juli jl. een stap dichterbij gekomen. Een flinke meerderheid van het Europees Parlement stemde die dag voor het starten van de volgende fase in het wetgevingsproces daaromtrent. De digitale versie van de euro wordt ontwikkeld door de Europese Centrale Bank (ECB). Bij de digitale euro kan digitaal betaald worden zonder internet en zonder tussenkomst van een bank. We betalen voor de digitale euro’s, die bijvoorbeeld op een kaart gezet worden. Met die kaart betalen we totdat de digitale portemonnee aangevuld moet worden om er nog mee te betalen; een soort digitaal cashgeld, omdat we bij fysiek geld ook geen sporen nalaten hoeveel we hadden of waar we het gespendeerd hebben.

Ik vind dat een welkome ontwikkeling, omdat zelfs mijn (zeer betrouwbare) bank dan geen inzicht heeft waaraan ik mijn geld uitgeef en omdat het betalen niet langer via internet verloopt. Bovendien maakt het ons weer wat onafhankelijker van de Verenigde Staten van Amerika, terwijl we evenmin afhankelijk worden van een ander buiten Europees land. Uiteraard zullen onze banken er alles aan doen om dit nieuwe systeem ‘ene spaak in het wiel te steken’ (nepnieuws publiceren, reclame maken voor hun WERO-alternatief, stemmingmakerij kweken). We gaan meemaken hoe dit digitale euro-verhaal verder gaat…

Lees er hier verder over, en zeker ook hier!

Wat is er aan de hand?

Ik lees het nieuwe VredesMagazine (3de kwartaal 2026) en realiseer me vanwege de inhoud dat wij, als Nederlandse bevolking, ons geen mening kunnen vormen over de informatie die onze media ons domweg onthouden (en die ik wel in dit magazine lees), of ons slechts mondjesmaat en conform het vigerend beleid gekleurd verstrekt. En dat is helaas aan de orde van de dag.

Ik vind het wel knap om met 8 landelijke kranten en twee handen vol Nederlandse televisiezenders een heel volk om de tuin te leiden, terwijl die mensen bijna allemaal het idee overeind houden redelijk tot goed geïnformeerd te worden (en beter dan in China, Rusland of een ander niet-westers buitenland). Kortom, de ernst van het eenzijdig voorgelicht worden niet inzien.

Echter, het vraagt van de doorsnee burger, die zich wèl terdege wil laten informeren, naast haar of zijn dagelijkse beslommeringen uiterst veel initiatief, zoekwerk en vergelijk om er achter te komen wat er werkelijk in de wereld gaande is, terwijl precies dat volgens mij het werk van ons journaille is. …zou moeten zijn.

Het post-neoliberale tijdperk

Het kan uiteraard wensdenken zijn, maar vandaag, na 50 jaar, stuit het neoliberalisme op een aantal cruciale uitdagingen, waarvoor de vrije markt meer deel van het probleem dan het antwoord is. Marktliberalisering heeft geleid tot het ontstaan van gigabedrijven met een marktmacht, die hen reuzenhoge monopoliewinsten oplevert (Amazon, Alphabet, Apple, Meta en Microsoft om enkele van de meest bekende te noemen). Geld dat nagenoeg geheel onttrokken wordt aan het maatschappelijk betalingsverkeer. Monopoliemacht van bedrijven en verzwakkende tegenmacht van consumenten en vakbonden in plaats van ‘trickle down’ leidt met vrije kapitaalmobiliteit en de bijbehorende (legale) fiscale optimalisatie tot een concentratie van inkomens in het hoogste deciel, die de inkomensongelijkheid terug naar de 19de eeuw katapulteert. Deregulering, liberalisering en privatisering hebben de duurzaamheid van de vrije markteconomie niet onmiddellijk bevorderd en de wereldeconomie als één grote handelsmarkt blijkt niet de beste manier om bijvoorbeeld duurzame geopolitieke verhoudingen met China te bereiken.

Deze kritieken hebben weliswaar een linkse oorsprong, maar worden ook ter rechterzijde gedeeld. En net als in het verleden, worden hieruit diametrale tegengestelde conclusies getrokken met betrekking tot de beleidsprioriteiten. Daar waar (radicaal-) rechts uit het marktfalen de conclusie trekt dat (internationaal) beleid enkel draait om de macht van de sterkste, bijgevolg politieke betrekkingen herleidt tot brute machtspolitiek en markten die worden gestuurd in functie van oligarchische rentextractie, is een meer links geïnspireerd antwoord op het falen van het neoliberalisme ‘build and balance’, om de termen van de Amerikaanse econome Jennifer Harris te gebruiken.

Verder lezen kan hier.