Het zal je maar overkomen…

Damasak, Damasak in Nigeria. Het zegt u waarschijnlijk niets. We horen er ook nooit iets over, maar november 2014 werden meer dan 500 kinderen door Boko Haram ontvoerd uit de stad Damasak in Borno, Nigeria. Voor de Nigeriaanse regering is hun ontvoering niet meer dan een levensgebeurtenis. Dat kan een mens overkomen, dus ook een kind. Zelfs de internationale pers had er geen aandacht voor.

Hoewel het onduidelijk is hoeveel mensen door Boko Haram ontvoerd zijn, heeft Amnesty International sinds het begin van 2014 minstens 41 gevallen van massa-ontvoering in Nigeria gedocumenteerd. Veruit de meeste vonden plaats zonder internationale aandacht te trekken. Veel ontvoerden krijgen te maken met misbruik zoals gedwongen zelfmoordmissies, mishandeling, uithuwelijking en verkrachting. In een recent VN-rapport is geverifieerd dat 90 kinderen, in de meeste gevallen meisjes, zijn ingezet voor zelfmoordaanslagen in Kameroen, Niger, Nigeria en Tsjaad. Ook werden 217 gevallen van seksueel geweld tegen kinderen, gepleegd tussen 2013 en 2016, bevestigd. Er wordt echter geschat dat duizenden Nigeriaanse meisjes en vrouwen slachtoffer van misbruik door leden van Boko Haram zijn.

In april 2014 werden 276 meisjes door Boko Haram ontvoerd uit hun school in Chibok in hetzelfde Nigeriaanse Borno, als waarin de stad Damasak ligt. Die actie leidde wel tot internationale verontwaardiging en woede. Onlangs zijn 80 van die schoolmeisjes door Boko Haram vrijgelaten. In totaal zijn daarmee 161 van die 276 meisjes ontsnapt of vrijgelaten. Niet- (of non-)gouvernementele mensenrechtenorganisaties uitten onlangs ook voor deze vrijgelaten meisjes hun bezorgdheid. Hen wacht een loodzware toekomst. 

Kort na de laatste groep van 80 vrijgelaten meisjes publiceerde de regering van Nigeria de namen van de meisjes in diverse media, inclusief Twitter. Dit alleen al is een kwalijke schending van de privacy van de meisjes. En dat terwijl hun familieleden niet van hun vrijlating op de hoogte gesteld werden. 

Ook zijn er zorgen over de wettelijke status van de meisjes. Bij een eerdere overeenkomst tussen Boko Haram en de Nigeriaanse regering in oktober 2016 werden 21 meisjes vrijgelaten. Deze meisjes mochten tot op heden echter niet terug naar hun dorp of familie en worden elders, maar niet meer door Boko Haram gevangen gehouden.

En wanneer ze wel terug zouden mogen naar hun dorpen en families; wat staat hen dan te wachten? Vast geen adequate psychologische hulp en steun en ook geen ondersteuning aan de gemeenschappen waarin zij thuis horen om hun leven weer op te pakken en te herintegreren in de gemeenschap. 

Het zal je maar overkomen, en kon je er – voordat je geboren werd – maar iets over zeggen of je als man of als vrouw ter wereld gaat komen en in wat voor ‘rechtstaat’ waar op de wereld. De duizenden hier bedoelde meisjes en vrouwen in Nigeria, en een veelvoud daarvan in heel veel andere regio’s in de wereld, hebben ‘gewoon’ domme pech. En ook wij kijken daarvan weg; richting boezems van OG3NE wel te verstaan.

Bron: “Bevrijde Nigeriaanse meisjes wacht loodzware toekomst” door Tharanga Yakupitiyage/Inter Press Service via de website van De Wereld Morgen op 11 mei 2017.

Familiegeheimen

Ik houd niet van familiegeheimen. Ze beginnen misschien onschuldig, maar groeien vaak uit tot een ingewikkeld vehikel voor de kinderen, die ermee opgroeien. Gisteren werd ik er weer met zo een geconfronteerd. Ik keek als ‘vaste gast’ van het Utrechtse filmhuis ’t Hooght naar “Verlies niet de moed”. Jan van den Brink, de nieuwe programmeur, stelde zich voor en Hella de Jonge leidde haar film in met een uitleg van de schilderijenwand die achter haar geprojecteerd werd.

Kinderen hebben volgens mij het recht, hoe beschamend of bezwarend ook, hun ouders te kennen.

Een doos blijkt de sleutel voor het oplossen van een heleboel van haar vragen. Vragen, die tot in haar 60ste levensjaar niet alleen onopgelost bleven, maar ook (onopgemerkt) aan haar bleven knagen. Ogenschijnlijk simpele vragen, zoals waarom in de huiskamer altijd een portret hing van een in onmin gevallen tante. Hoe haar ouders het indertijd in hun hoofd haalden haar en haar broer als kinderen rond etenstijd maar zonder eten alleen thuis te laten. Waarom ze plots, toen op haar openbare middelbare school een antisemitische leerkracht bleek rond te lopen, naar een Joods lyceum moest, terwijl ze niets van de Joodse tradities wist? Of waarom zij zich altijd teveel heeft gevoeld als ze met haar ouders was?

De Jonge wist ternauwernood de doos, waarvan zij het bestaan niet had vermoed, te verkrijgen. Anders had haar vader die ‘rotdoos’ weggegooid. De doos bleek gevuld met spullen uit de Tweede Wereldoorlog inclusief een familie-album. Zij besloot een film over de inhoud van de doos te maken en van de gesprekken die daaruit voortvloeiden.

In het kort kwam de voorgeschiedenis van haar ouders erop neer dat zij als Joodse burgers in de Tweede Wereldoorlog de keus hadden om zelfmoord te plegen, hun familie, dierbaren en iedereen in de steek te laten door op goed geluk te vluchten of zich als makke schapen te laten slachten. Zij kozen voor het tweede en wisten toen niet dat zij hun verdere leven een immens schuldgevoel mee zouden dragen. Te groot, te vernietigend, te zwaar.

Op het einde van de filmmakerij confronteerde De Jonge haar vader ermee dat hij een camera nodig heeft om openheid van een hoop zaken te geven. Haar vader, een ooit gevierd schrijver* van onder meer de KRO-serie “Het schaap met de vijf poten”, zegt daarop dat niet hij een camera nodig heeft, maar zij om hem eindelijk eens te confronteren met zijn verleden en hem de vragen te stellen die zij voor hem heeft.

In het geval van De Jonge zijn met het blootleggen van het immense schuldgevoel de familieverhoudingen hersteld.

Als gezegd, ik houd niet van familiegeheimen en denk dat iedere ouder er goed aan doet haar of zijn kinderen, uiterlijk zodra die als volwassenen hun eigen zelfstandige koers gaan ‘varen’, eens uit de doeken te doen hoe zij de andere ouder ontmoet hebben, wat daar allemaal aan vooraf ging en wat er naderhand allemaal aan belangwekkends gebeurd is. Kinderen hebben volgens mij het recht, hoe beschamend of bezwarend ook, hun ouders te kennen.

Bronnen: “Verlies niet de moed” van Hella de Jonge inclusief haar inleiding en de vragen en antwoorden achteraf (in goed Nederlands aangeduid als ‘Q&A’) op 25 april 2017. Klik hier voor de website van ‘Verlies niet de moed’.

____________
* “Ik hoor de laatste tijd steeds vaker van krantenjongens, die begonnen zijn als miljonair” Klik hier voor een overzicht van het werk van de vader van De Jonge.

Selectieve verontwaardiging

Tevoren waren pamfletten door vliegtuigen gedropt. Wa’ad Ahmad al-Tai was een van de velen die ze had gelezen. Hij had ook geluisterd naar de radioberichten van het Irakese leger: in zijn wijk, in het oosten van Mosoel (Oost-Mosul), moesten de mensen voor hun veiligheid in hun huizen blijven. Samen met het gezin van een van zijn broers ging hij met zijn gezin schuilen bij een andere broer. Ze gingen er vanuit dat ze in de kelders van zijn huis van 2 verdiepingen het veiligst zouden zijn. “We zaten met 3 gezinnen – 18 mensen – samen in 1 kleine kamer. Toen het huis naast ons werd gebombardeerd stortte ook ons huis volledig in net boven de kamer waar wij zaten. Mijn zoon Yusef van 9, mijn dochter Shahad van 3 overleefden de aanval niet, evenals mijn broer Mahmoud, zijn vrouw Manaya en hun 9-jarige zoon Aws. Ook mijn nicht Hanan kwam om het leven, haar 5 maanden oude baby, die op haar schoot lag, overleefde godzijdank.

Vooringenomenheid ondermijnt het morele gezag dat van elke beschuldiging kan uitgaan.

Zo zijn honderden burgers volgens Amnesty International (AI) omgekomen, aldus Amnesty’s senior crisis onderzoekster Donatella Rovera: op bevel van het Irakese leger ter plaatse waren ze in hun huizen gebleven in plaats van naar meer veilige delen van de stad te vluchten. Volgens Rovera/AI is dit ‘een flagrante schending van het internationaal humanitair recht’. “In sommige gevallen kunnen het oorlogsmisdaden zijn.

Dat we hierover niets in kranten of via de tv vernemen schijnt te maken te hebben met de coalitie die actie onderneemt om IS te verdrijven. Onze media waren er als de kippen bij toen het Syrische leger en de Russische luchtmacht in Aleppo exact dezelfde oorlogsmisdaden begingen. Dagelijks werden we toen wel op de hoogte gehouden van het beulswerk. Nu gaat het om door de Verenigde Staten van Amerika gecoördineerde oorlogsmisdaden met onder meer Belgische en Nederlandse vliegtuigen en dan blijft het stil.

Rusland reageerde indertijd op de terechte aantijgingen overigens met dezelfde argumenten die nu in Mosoel door de Westerse coalitie worden aangewend:
het gaat om foutieve communicatie,
het gaat om terroristen die burgers als levend schild gebruiken,
het gaat om vergissingen,

Zo’n ‘vergissing’ is dan ‘met mortieren schieten op bewoonde stadsdelen’. Amnesty International is er echter – volgens mij ‘gelukkig’ – duidelijk over: elke coalitie is volledig verantwoordelijk voor de gevolgen van de eigen beslissingen.

Vooringenomenheid is overigens niet onschuldig. Het ondermijnt het morele gezag dat van elke beschuldiging kan uitgaan en staat de ene of de andere partij zelfs toe door te gaan met zijn misdaden.

Bronnen: “VS-coalitie met België vermoorden burgers in Mosoel” door Lode Vanoost op de website van ‘De wereld morgen’ en “Irak: burgers in hun huizen gedood door luchtaanvallen terwijl hen opgedragen werd om niet te vluchten”, persbericht van Amnesty International; beide op 28 maart 2017 en “Anti-IS-coalitie groeit” door ANP op 25 september 2014.

De start van Mind

Van ‘Volksgezondheid, Welzijn en Sport’-minister Edith Schippers (VVD) kan ik me herinneren dat ze blij was laarzen aangetrokken te hebben met een lage hak en dat ze het initiatief “Mind” toejuichte. Verder was de lancering van ‘wijzijnmind.nl’ op de publieksdag van het Fonds Psychische Gezondheid een zeer geslaagde dag.

Met zo’n 1.400 mensen werd ik in Utrecht geconfronteerd met allerlei aspecten aan de ‘stemmingsstoornis depressie’ en ‘psychische gevolgen van seksueel misbruik in de tienerjaren’. In het middag-keuze-programma koos ik voor verdere verdieping in de ‘persoonlijkheidsstoornis borderline’ en het ‘cliëntenperspectief over de kracht van het delen van ervaringen’. Daardoor miste ik de verdieping over het ‘meeleefgezin’, de ‘Mind young academy’ en ‘zelfregulatie’. Mind, Mind blue, Ming Young; het moet anno 2016 natuurlijk allemaal wel in het Engels.

‘Mind’ met zijn vertakkingen, probeert een koepel te zijn voor cliënten en mensen uit het netwerk van cliënten binnen de psychische gezondheidszorg. Een plaats op internet waar mensen relevante informatie kunnen vinden en elkaar virtueel kunnen ontmoeten en een plaats in uiteindelijk elke Nederlandse regio waar mensen elkaar in de ogen kunnen kijken bij hun ontmoetingen.

Voor meer informatie over dit initiatief kunt u hier klikken. En dat is zeker de moeite waard; dat ben ik dan wel weer met Schippers eens.

Ik niet

Israël is een mooi land en vanuit Maartensdijk worden er door mensen, die ik ken, wel reizen naar toe gemaakt. Die kennissen komen terug met enthousiaste verhalen over de indruk, die dat bijbelse, heilige land op hen gemaakt heeft. Zij beperken zich hooguit tot één zin, zoals “Je voelt je wel soms bedreigd door al die militairen met geweren in de aanslag”, aan het Israëlisch beleid dat zij ervaren hebben.
Het uitmoorden van Joden in de Tweede Wereldoorlog heeft de Westerse opinie lang monddood gemaakt om zich tegen Israëlisch beleid te keren.
Israël wordt door Nederland, de Europese Unie en een hoop andere landen financieel en politiek gesteund ongeacht wat het uitvreet.

Vreemd eigenlijk, dat een braaf land als Nederland voor de EU en de Verenigde Staten van Amerika nauwelijks meetelt, terwijl Israël, dat de hele wereld schoffeert, altijd kan rekenen op onvoorwaardelijke steun. ‘Een brutaal mens heeft de halve wereld’, zal ik hier als uitleg maar schrijven.

Een voorbeeld van dat schofferen: “Ahmad Manasra”.
Op 12 oktober 2015 bevond deze toentertijd 13 jarige Palestijnse jongen zich met zijn neef Hasan Manasra in Oost-Jeruzalem. Dat is een gedeelte van Jeruzalem dat door de Verenigde Naties en wat genoemd wordt ‘de internationale gemeenschap’ niet wordt erkend als deel van de staat Israël. Op een locatie, die was onteigend van Palestijnse eigenaars en toegewezen aan Joodse kolonisten, raakten Ahmad en Hasan betrokken bij een gevecht met een Israëlische tiener en een Israëlische man.

Deze methodiek om bekentenissen af te dwingen van kinderen is volgens Brad Parker “wijdverbreid en systematisch”.

Hasan werd onmiddellijk door de Israëlische politie ter plaatse doodgeschoten. Ahmad vluchtte en werd daarbij door een auto overreden. Een Israëlische voorbijganger filmde hoe Ahmad zwaargewond op grond lag, terwijl omstaande Israëli’s obsceniteiten naar hem schreeuwden.

Israël onderwierp Ahmad aan de rechtspraak van een militaire rechtbank. Dit is een overduidelijke overtreding van de Conventies van Genève (1949), die verbieden om zelfs burgers in bezette gebieden te berechten volgens de wetgeving van het bezettende land. Laat staan burgers in niet als ‘bezette gebieden’ erkende locaties.

Daarnaast wachtte de rechtbank 3 maanden tot hij 14 was geworden om hem strafrechterlijk te vervolgen volgens het volwassenen recht. Daarbij overtreedt Israël een basisprincipe van de rechtspraak, te weten dat een verdachte moet worden berecht op basis van de geldende wetgeving op de dag van de feiten.

Een maand na zijn aanhouding – hij was toen nog 13 jaar oud – werd een video-opname naar de media gelekt waarin te zien is hoe Ahmad wordt aangevraagd. De video toont de laatste 10 minuten van een ondervraging die wellicht uren of dagen heeft geduurd. Daarin is te horen hoe de wenende jongen een bekentenis mompelt. Brad Parker, advocaat en lid van de organisatie ‘Defense of Children International – Palestina’, verklaarde dat deze ondervraging gezien de jonge leeftijd van de betrokkene “neerkomt op foltering”. Deze methodiek om bekentenissen af te dwingen van kinderen is volgens hem “wijdverbreid en systematisch”. Later trok Ahmad zijn bekentenis in.

In mei 2016 werd Ahmad veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf.
Op 7 november 2016 werd de straf in beroep herleid tot 12 jaar gevangenisstraf.
Volgens Lea Tsemel, zijn Israëlische advocate, was de straf die werd uitgesproken “verrassend, onevenwichtig en problematisch”.

Voor Nederland, de EU en de rest van ‘de internationale gemeenschap’ is dit voorbeeld hooguit ‘een uitzondering’. Het land kan blijven rekenen op financiële en politieke steun.

Ik vraag mij af of er één mens op de wereld is, die gelooft dat Ahmad van zijn straf een beter mens wordt. Ik ben op basis van wat ik ervan weet die ene mens in elk geval niet; Israël mag een indrukwekkend en mooi land zijn, er wonen mensen (noem ze met Friedrich Nietzsche en later de nazi’s ‘übermenschen’) die een regelrecht gevaar zijn voor andere mensen, te weten de ‘untermenschen’.

Bron: “Bezetter Israël veroordeelt Palestijnse jongen van 14 tot 12 jaar” door Lode Vanoost in De Wereld Morgen via http://www.dewereldmorgen.be op 8 november 2016 en wikipedia op 16 november 2016.

Nederland ontwikkelingsland

De politiek gaat bij ons weer even tot discussies leiden. Hebben we 3½ jaar politiek beleefd als amusement waarvan we weliswaar iets kunnen vinden, maar waar niets aan te doen valt, de politici zoeken zo langzamerhand de burger weer op. Immers er moet (overdrachtelijk) gevochten worden om de kiezersgunst. Degenen die in 15 maart 2017 de moeite gaan nemen om hun stem uit te brengen moeten verleid worden door
1.    stoere taal die niets te maken heeft met afgesloten internationale verdragen zoals de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (1948), het Verdrag betreffende de status van vluchtelingen (1954), het Verdrag betreffende de status van staatlozen (1954), het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (1966), het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten (1966), het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie (1966), het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen (1979), het Verdrag inzake de rechten van het Kind (1989) of het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (2006),
2.    harde maatregels tegen vermeend onrecht ook al is dat niet in lijn met het eerste artikel van onze grondwet, met wat een overheid vermag of de fundamenten van onze rechtsstaat,
3.    goede ideeën waar politici kennelijk een tijdlang niet opgekomen zijn waaronder het terugdraaien van eerdere wetgeving en
4.    meelevende retoriek.

Wanneer een politicus met een plan komt, wordt zijn of haar integriteit en persoonlijkheid in een kwaad daglicht gesteld in plaats van het gesprek aan te gaan wat voor wie juist zou zijn. We kopiëren de Amerikaanse omgangsvormen, kun je zeggen.

En ondertussen komen steeds meer mensen – ook in Nederland – in de problemen. Nederland telt volgens de meest recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek 421.000 kinderen in gezinnen met een laag inkomen. Dat is 1 op de 8 kinderen. Van hen groeien 131.000 kinderen op in een gezin waarin het inkomen langdurig laag blijft. Dat is 1 op de 25 kinderen. Ze lopen het risico dat ze onvoldoende eten en kleding krijgen, sociaal buitengesloten worden en een toekomst waarin zij altijd een laag inkomen zullen hebben. Armoede is dus het toekomstperspectief voor 4% van onze bevolking.

We zouden een politieke debat moeten voeren over wat er mis is in de politiek waardoor echte misstanden soms het resultaat zijn van ons overheidsbeleid.

Geen kind verdient het om aan de zijlijn te staan”, reageert Jetta Klijnsma; onze PvdA-staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het kabinet trekt jaarlijks € 100.000.000 extra uit voor de bestrijding van armoede onder kinderen, bleek op Prinsjesdag. “Zo kunnen die kinderen ook mee op schoolreisje en kunnen ze meedoen met sport en muziekles”, voegt Klijnsma toe. Geen woord erover dat dit niets nieuws is en dat het gevoerde beleid klaarblijkelijk dit gevolg heeft. Maar ja, ze reageert tenminste nog.

Ik vind het beschamend dat in een land met veel geld, zoals Nederland, kinderrechtenorganisaties als ‘Defence for Children’ en ‘Save the Children’ zich genoodzaakt voelen een oproep aan onze regering te doen voor concrete maatregelen om armoede van honderdduizenden Nederlandse kinderen te bestrijden. In plaats van extra geld ‘beschikbaar’ te stellen, zouden we het politieke debat moeten voeren over wat er mis is in de politiek waardoor dit de praktijk van ons overheidsbeleid is. Kom er maar eens om op TV of in een zaaltje…

Bron: “Concrete maatregelen nodig tegen armoede bij kinderen in Nederland” door het Algemeen Nederlands persbureau via http://www.nu.nl/binnenland, en https://mensenrechten.nl/internationale-verdragen; beide op 11 oktober 2016.

Niet te missen films

Vorige week zag ik dat er in Utrecht 2 films draaiden die vanwege de regisseur mijn interesse hebben: “Café Society” van Woody Allen en “Julieta” van Pedro Almodóvar. Dit weekend bezocht ik ze beide.

Wat een verschillen en welk een overeenkomsten. Beide films gaan over ‘het gewone leven’, over familiegeheimen, over gebeurtenissen die ons allemaal zouden kunnen overkomen en – waarschijnlijk op een of andere manier – misschien wel overkomen zijn. Hoe om te gaan met een onbeantwoorde liefde. Helpt het een ander te trouwen? Hoe om te gaan met schaamte? Doen alsof er niets beschamends is gebeurd? Ben je werkelijk in staat om je reactie te kiezen? Wat kiezen we en wat overkomt ons?

Voor een oppervlakkige gezellige avond zou ik ‘Café Society’ adviseren. Ik vond het een echte Woody Allen-film. Een kijkspel met heerlijk druk gepraat. Contacten die geen contacten zijn, net als wij dagelijks meemaken. Wonderlijke en toch geloofwaardige wendingen. En uiteindelijk – haast zonder het te benadrukken – geeft Allen aan ons als kijkers mee dat we stuk voor stuk niet alleen zijn met onze onverteerbare gevoelens. Misschien maakt Café Society sentimenten los, waarvan we al niet meer wisten dat we ze vakkundig ooit weggestopt hadden. Het gewone leven met als hoofdvraag: “Wie zou ik nou toch eigenlijk zijn?” Of om het dichterbij te brengen zonder de clou weg te geven: wanneer u, lezer, in Elburg geboren en getogen zou zijn, zou u dan dezelfde ‘u’ zijn als wanneer u heel uw leven in Groningen of Amsterdam had doorgebracht?

‘Julieta’ heeft naar mijn idee het hoge niveau van Almodóvars ‘Hable con Ella’, ‘Tie Me Up! Tie Me Down’ en van zijn ‘Volver’

Met ‘Julieta’ voegt Pedro Almodóvar volgens mij een nieuw genre toe aan zijn prachtige, maar buitenissige oeuvre. Julieta is een gewoon mens zonder de theatrale grenzenloosheid in veel van zijn eerdere films. Dit keer is de hoofdrolspeelster niet iemand die in coma ligt, geen overledene, geen transseksueel en geen drugsverslaafde non. De emoties van Julieta zijn alleen zichtbaar in haar lichaamstaal; klein gehouden en zo overtuigend dat het benauwend voelt. Hoe – bovendien – een haast onbenullig toeval onze levensloop drastisch kan veranderen, wanneer we daardoor weer gaan voelen wat er te voelen valt. Hoe ‘hoop’ ons energie geeft en de moed om door te gaan. Natuurlijk zijn er buitenissige elementen in ‘Julieta’, maar nu slechts als garnering; het gaat Almodóvar er met deze film volgens mij om ‘herkenbaar te tonen hoe iemand kan omgaan met wat ondraaglijk is’ en wat de gevolgen zijn van hoe Julieta dat doet. Het gewone leven; Almodóvar brengt het overtuigend en dat voelt ongemakkelijk.

‘Julieta’ heeft naar mijn idee het hoge niveau van Almodóvars ‘Hable con Ella’ (2002), wat ik beschouw als een superieure film-uitwerking van al onze liefdesrelaties. Van ‘Tie Me Up! Tie Me Down’ (1989), wat de weg van een gewone man naar een beroemde vrouw laat zien; een weg die absoluut not done is maar waar ik toch sympathie opbreng als ik me in die man verplaats. En van zijn ‘Volver’ (2006), wat het onmogelijke en toch geloofwaardige verhaal vertelt van overdraagbare lotgevallen die grootmoeder, moeder en dochter overkomen. “Wij zijn niet gelukkig met de keuze van onze mannen”, zegt de grootmoeder al als ze in Volver de helft nog niet weet… Ook de familieverhalen in ‘Julieta’ zitten zo in elkaar dat bepaalde gebeurtenissen lijken te kleven aan opeenvolgende generaties binnen een en dezelfde familie. Mij spreekt deze invalshoek aan.

Nee, niet voor een ontspannen avond, maar wel voor als u open staat voor nieuwe overdenksels, zou ik u ‘Julieta’ aanraden. Als levensles zouden de 40-plussers onder u, omdat die inmiddels kunnen terugkijken op hun leven, deze film volgens mij echt niet mogen missen. En ‘Café Society’s’ humor met een boodschap ook niet.