Mijn complimenten voor het Britse parlement, en veel Zwitsers begrijpen mij

Groot-Brittannië
Ik snap alle denigrerende opmerkingen van Nederlandse politici en zogenaamde opiniemakers over het Britse parlement niet. Mij lijkt een en ander een uitstekende weerspiegeling van hoe democratie zou behoren te werken, met hier en daar een (ernstige) verkeerde strategische inschatting. Het blijft ook in Groot-Brittannië mensenwerk.

In juni 2016 werd een referendum gehouden. Iets meer Britten bleken de machtsverhoudingen tussen hun landen en de Europese Unie te scheef te vinden om in de Europese Unie te blijven. Vervolgens werd van uittreding wet gemaakt. De conservatieve regering heeft 31 maanden achter gesloten deuren met de vertegenwoordigers van de Europese Unie onderhandeld over een uittredingsakkoord op hoofdlijnen. Zowel de andere Britse partijen, als de Britten en de burgers van de Europese Unie mochten al die tijd niets weten omtrent het inhoudelijke verloop van die onderhandelingen. Slechts 2 maanden voor uittreding kwam de regering met slechts één optie, die met verve verdedigd werd door premier Theresa May. ‘Slikken of stikken’ was de bewuste keuze die zij en de Europese Unie het Britse parlement voorlegden.

Dat er een geweldige weerstand bestaat tegen dat ene akkoord in een verdeeld land over de mening of het juist is de Europese Unie te verlaten en een op dat vlak even verdeeld parlement, bewijst alleen maar dat het Britse parlement een mooie afspiegeling is van het volksgevoel. Echter, ‘slikken of stikken’ werd niet geapprecieerd. Het was niet de bedoeling om alleen het stemrecht in te leveren, maar verder wel met handen en voeten aan de EU-regels gebonden te blijven. Een substantieel deel van het Britse parlement schrikt zelfs niet terug voor de optie de EU zonder overeenkomst te verlaten. Het parlement eiste een andere benadering van zowel de Britse regering als de Europese Unie. En dat allemaal in – voor wat ik ervan zag – keurig verlopende discussies vanaf de plek waar de parlementariërs zitten. Men staat op, neemt pas het woord als het woord gegeven wordt en luistert naar het antwoord op een vraag. Naarstig wordt nog gezocht naar piketpaaltjes, zoals het verwerpen van een no deal. Zelfs wordt de Britse regering buiten spel gezet om het parlementaire draagvlak voor allerlei opties, inclusief ‘blijven’ en ‘zonder akkoord vertrekken’, te onderzoeken. Wanneer de Britse conservatieve regering daar nou mee begonnen was, 33 maanden geleden, had ze misschien een principieel andere strategie gekozen dan haar huidige ramkoers. De komende maanden zal het parlement, in blessuretijd, nog zoeken naar alternatieven die een (minimale) meerderheid behalen, om een no deal Brexit op 31 oktober aanstaande te voorkomen.

Zwitserland
De Europese Unie is ook in onderhandeling met de Zwitserse Volkspartij. Daar eist de EU (ook) dat de strenge regels voor internationale arbeiders versoepeld worden. Een deel van het EU-recht zou in Zwitserland toegepast moeten worden en de Zwitserse regering zou arbitrage door het Europees Hof van Justitie moeten erkennen. “Opheffen van de soevereiniteit van Zwitserland”, zou ik dit samenvatten.

Onacceptabel, zeggen linkse partijen in Zwitserland, want daarmee komt er een neerwaartse druk op lonen en andere arbeidsvoorwaarden. Rechtse partijen wijzen erop dat de Zwitsers met hun unieke vergaande vorm van directe democratie geen macht kunnen afstaan omdat die met dit eisenpakket bij de bevolking wordt weggehaald.

De topman van farmaciegigant Roche verklaarde onlangs in een interview dat het bedrijfsleven toegang tot de EU nodig heeft. Een parlementslid van de Socialistische partij zegt in reactie daarop dat dat precies het probleem is met Europa: “Het is een unie van de bedrijven en het kapitaal. Wij zijn er om te waken voor de belangen van de arbeiders. De Zwitserse èn de Europese.

Een bestuurder van de rechts-conservatieve Zwitserse Volkspartij (SVP) zegt “dat het bedrijfsleven zich juist zo succesvol kon ontwikkelen in Zwitserland, doordat [ons; GjH] land geen regels hoeft te accepteren van anderen.

Een EU-ultimatum, een einde aan de gelijkschakeling van de Zwitserse aandelenbeurs, werd al meerdere malen uitgesteld. De Europese Unie stelt tegelijkertijd, net als in de kwestie met Groot-Brittannië, dat er niet meer verder onderhandeld kan worden. Het is ook ‘slikken of stikken’ voor de Zwitsers, waar de oppositie dus zowel van links als van rechts komt.

Zwitserland en Groot-Brittanië zijn appels en peren. Maar als fruit niet zo verschillend, want beide zijn momenteel met de EU in handels-onderhandeling. Vanuit Zwitserland klinkt begrip voor de Britten, die ook hun ervaringen hebben met EU-onderhandelaars. Het sterkt veel Zwitsers in de overtuiging Brussel buiten de deur te houden. “Vroeger wilde 40% van de Zwitserse bevolking toetreden tot de EU. Nu is dat nog maar 10%“, zegt een SVP-politicus.

Maar als er een akkoord komt, mag de Zwitserse bevolking zich er – vanwege de directe democratie – nog in een referendum bindend over uitspreken. Iets wat de Nederlandse regering nog nooit heeft aangedurft.

Bron: “Zwitsers verzuchten over gesprekken met EU: ‘We moeten gehoorzamen en stil zijn’” door de Buitenlandredactie van NOS op 30 maart 2019.

Terzijde: precies dat ‘opheffen van soevereiniteit‘ was voor mij in 2016 hèt motief om tegen de Associatie-overeenkomst tussen de EU en Oekraïene te stemmen. Die overeenkomst ontneemt de Oekraïners hun soevereiniteit.

De meest geciteerde levende academicus ter wereld

Noam Chomsky (1928 – heden) is de meest geciteerde levende academicus ter wereld. Hij is bekend als scherpzinnig analist van het politieke bestel, het buitenlands beleid en de massamedia van de Verenigde Staten van Amerika. Nog steeds is hij een moreel baken van gezond verstand, die de beweerde mythes van mainstream media en machthebbers doorprikt.

Zijn grootste verdienste is wel dat hij aanzet tot kritisch nadenken over de media, over de politiek en over de wereld; niet alleen in de VS, maar overal ter wereld. Ook al zijn andere landen minder machtig dan de VS; dezelfde mechanismen werken ook daar en zelfs hier te lande: media met eenzijdige berichtgeving, politici die niet worden aangesproken op de onloochenbare tegenstellingen tussen hun beslissingen en uitspraken, een bevolking die grotendeels wordt gedesinformeerd of helemaal niet wordt geïnformeerd over de werkelijke gang van zaken. Chomsky lezen en beluisteren, nu meer op sociale media, maar ook nog steeds in zijn artikelen, boeken en lezingen is inspirerend. Hij is niet de man met een of andere kant en klare oplossing; hij is de man die analyse en inzicht biedt. Hij zegt: “Mensen moeten doorgronden wat er echt gebeurt en waarom, alvorens in actie te schieten. Dat zie ik als mijn taak.

Wie met ons is, kan overal mee wegkomen;
wie tegen ons is, zal het voelen.

In 1957 publiceerde hij zijn doctoraatsthesis “Syntactic Structures”, waarin hij zocht naar een gemeenschappelijke basisstructuur van alle talen. Het werd het begin van zijn wetenschappelijke faam. Als jonggehuwde twintiger was Chomsky een overtuigd links zionist, maar aanvankelijk hield hij zich ver van de politiek. Hun verblijf in een kibboets in Israël (1958-1959, nog voor de bezetting van geheel Palestina) bleek een ontnuchterende ervaring en minder dan een jaar later keerde hij met zijn vrouw terug naar de VS. Het contrast tussen de beweerde socialistische idealen van het zionisme en de discriminerende, vernederende manier waarop het Palestijnse personeel werd uitgebuit, stootte hen tegen de borst. Zijn eerste politieke essay “The Responsibility of Intellectuals” schreef hij op 39-jarige leeftijd, wat hem onmiddellijk banvloeken van intelligentsia en media opleverde. In 1969 verscheen van zijn hand “Peace in the Middle East?”, een verzameling essays die wat betreft de werkelijke drijfveren van het beleid van de VS nog steeds actueel is; wat Israël en de VS het ‘vredesproces’ noemen, is in werkelijkheid de bestendiging van de bezetting, de repressie van het verzet tegen die bezetting en de uitbreiding van de koloniale nederzettingen.

In 1983 schreef hij zijn voornaamste boek over Palestina “The Fateful Triangle – The United States, Israel and the Palestinians”. Daarin beschrijft hij het zogenaamde vredesproces aan de hand van officiële overheidsdocumenten en publicaties van de Amerikaanse massamedia in een zeer gedetailleerd en lijvig relaas. Hij vergelijkt de voorstellen die de Palestijnen doen, met het antwoord dat Israël en de VS daarop geven en hij toont de systematische verdraaiing aan die de Palestijnse voorstellen in de massamedia krijgen. Het is een actueel, onmisbaar historisch naslagwerk over het Midden-Oosten. De VS zijn namelijk nooit bemiddelaars in het Midden-Oosten geweest. Hun doelstelling is al evenmin het verwezenlijken van een éénstaat- of tweestatenoplossing. Wat Israël en de VS willen, is de derde optie; die van het status quo van apartheid, bezetting, blokkade en kolonisatie en last but not least de controle over de rest van het Midden-Oosten. Er is volgens Chomsky in dit alles geen sprake van een tweeslachtige morele standaard. Integendeel, dit is ‘consistent beleid’: wie met ons is, kan overal mee wegkomen; wie tegen ons is, zal het voelen.

Dit is de gevaarlijkste organisatie op aarde.

Of het betrokken land democratisch is, structureel mensenrechten schendt – zoals Bahrein, Qatar, Saoedi-Arabië en de Verenigde Emiraten – of niet, is daarbij van geen enkel belang. Chomsky wijst er op dat de machthebbers in Washington geen principiële tegenstanders zijn van democratie. Democratie stelt hen echter voor een praktisch probleem, te weten dat democratisch verkozen leiders de neiging hebben de belangen van de eigen bevolking een hogere prioriteit te geven dan de economische/ militaire/ politieke belangen van de VS, zoals toegang tot grondstoffen en spotgoedkope arbeid. “Het kleinste kind dat een beetje om zich heen kijkt kan de schijnheiligheid van de beweerde principes doorprikken. Intellectuelen, commentatoren en politici kunnen dat niet. Die hebben te lang gestudeerd om dat te kunnen. Principes zijn echter universeel. Wie ze selectief inzet, past geen principes toe.

Chomsky ziet in het buitenlands beleid van Donald Trump vooral continuïteit met alle voorafgaand beleid. Het gaat nog steeds om hetzelfde: controle over de oliestaten, geopolitieke belangen, onvoorwaardelijke steun voor Israël en militaire dominantie. Waar Trump het verschil maakt, is slechts de stijl en de retoriek. Barack Obama deed inhoudelijk precies hetzelfde, maar zei het met veel mooiere woorden. Obama zou bijvoorbeeld nooit Jeruzalem als hoofdstad van Israël hebben erkend, maar tekende wel even grote defensietoelagen en wapencontracten voor Israël. Trump is daarom voor de massamedia en de traditionele machthebbers vervelend, omdat hij het Amerikaanse beleid te openlijk en ongenuanceerd verdedigt. De mainstream media, die hem nu verguizen, hebben hem gemaakt. Tijdens de voorverkiezingen kreeg Trump meer zendtijd dan alle andere Republikeinse en Democratische kandidaten samen – gratis – want Trump garandeerde kijkcijfers met zijn belachelijke uitspraken en idiote maniertjes. Een groot verschil met Trumps voorgangers zit hem ook nog in de hardnekkigheid waarmee het traditionele beleid nu wordt voortgezet. De Republikeinse entourage rond Trump is zo radicaal fanatiek dat een kernoorlog volgens Chomsky weer tot de mogelijkheden hoort. De huidige Republikeinse Partij is een gevaar voor de mensheid, ook vanwege haar rabiate verwerping van enig degelijk klimaatbeleid. “Dit is de gevaarlijkste organisatie op aarde.

Bron: “Noam Chomsky zet je aan tot kritisch nadenken” door Lode Vanoost via DeWereldMorgen op 15 maart 2019.

Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst

Wie kent de uitspraak in de titel van dit stukje niet? In de crèche, in de dans- en muziekklas, op school, aan het sportveld, zelfs in het kinderziekenhuis kom je hem tegen. Niet gehinderd door ons gebrek aan kennis denken veel Nederlanders dat het een typisch Nederlands spreekwoord is. Ik schreef hem toe aan Golda Meir, die van 1969 tot 1974, premier van Israël was. Inmiddels weet ik dat dit een pijnlijke vergissing was.

Weinigen zullen weten dat de uitspraak een geestelijke vader heeft van geheel niet-onbesproken gedrag. Letterlijk zei deze ijzervreter: “Alleen wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Mijn lessen zullen hard zijn. Zwakheid zal eruit geslagen worden. Een agressief actieve, dominerende, harde jeugd, daar ben ik op uit!”. Was getekend, Adolf Hitler.

Maar goed, dezer dagen worden we dankzij de Zweedse Greta Thunberg geconfronteerd met een geheel nieuwe, pijnklijke, want ons onwelgevallige inhoud van dit gezegde voor degenen die de 40-jarige leeftijd gepasseerd zijn. Klik hier voor haar laatste ons-confronterende actie in het openbaar tot nu toe. En wanneer u de 25-jarige leeftijd allang gepasseerd bent en zich durft te laten confronteren met een nog pijnlijker zelfinzicht, klik dan hier voor de motieven een nationale noodtoestand uit te roepen.

Bronnen: “Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst” door Daily Pam via Humanistische alliantie op 12 juni 2014, “Greta Thunberg bij Youth for Climate in Brussel: ‘Ik zou de waarheid zeggen over de ernst van de situatie’” door Helenka Spanjer en Elena Parton en “Klimaat: Afkondiging van ‘nationale noodtoestand’?” door Pol Dhuyvetter, beide via DeWereldMorgen op 22 februari 2019.

Onbaatzuchtige toewijding

Ik heb armoede meegemaakt. Op de Lagere school werd bijvoorbeeld gevraagd om onze ouders geld te vragen zodat Bep, dat ene meisje waarmee ik vanwege haar kapotte jas nooit mee speelde, mee kon met het jaarlijkse schoolreisje. Ik speelde bij vriendjes waar de stoelen kapot waren, waar het stonk, waar ik alleen mocht doortrekken als ik gepoept had. Nee, niet om door water te besparen onze ‘voetafdruk’ zo klein mogelijk te houden; dat was toen nog niet.

Ik heb vooruitgang meegemaakt. Achter elke voordeur kwam een bankstel, een televisie en een wasmachine, voor elk huis kwam een auto. Op vakantie gaan werd iets voor iedereen. Volksbuurten werden opgeknapt. Het ene Nederlandse kabinet na het andere viel over de grootte van het begrotingstekort, maar ik kreeg van diezelfde overheid wel net te weinig geld om toch nog rond te komen wanneer ik even geen werk had; er was even mee te leven.

Ik heb meegemaakt dat we allemaal ondernemer moesten worden. Juist wanneer onze overheid zich zou beperken tot haar kerntaken en een flink deel van haar dienstverlening zou commercialiseren, zou dat iedereen ten goede komen, was het idee. De op winst beluste banken, bejaardenhuizen, buurtvoorzieningen, energiebedrijven, hulpverleners, ondersteuners, scholen, spoorwegen, waterbedrijven, ziekenhuizen en zorgverzekeraars zouden gaan strijden om prijs en kwaliteit. Wanneer de overheid hen alle vrijheid gaf om te ondernemen, zou iedereen daarvan profijt hebben. Waar even geen rekening mee werd gehouden, is dat aandeelhouders er met de buit vandoor zouden gaan, dat bedrijven bedrijven zijn in plaats van een nutsvoorziening en dat sommige bedrijven te invloedrijk werden dat hun eventuele faillissement desastreuze gevolgen voor iedereen zou hebben.

We hebben het geweten, want dat allemaal was niet alleen een Nederlandse aangelegenheid. Ik maak mee dat mensen regionaal, nationaal en internationaal tegen elkaar opgezet worden, dat verknipte persoonlijkheden, net als Adolf Hitler in 1933, democratisch aan de macht gekomen zijn en ‘hun’ democratieën, net als Hitler indertijd, als een dictator besturen; dat argumenten niet meer tellen en dat opposities het nakijken hebben als ze al niet vernietigd worden. Dat publieke diensten in zoveel landen zwaar ondergefinancierd of geprivatiseerd zijn, dat – bijvoorbeeld – over heel de wereld 262.000.000 kinderen niet naar school kunnen; dat 10.000 mensen jaarlijks sterven omdat ze geen toegang hebben tot betaalbare gezondheidszorg. Vrouwen en meisjes zijn de grootste slachtoffers, maar ook ik kijk wel uit mijn ‘eigen risico’ aan te spreken.

Ik maakte onlangs nog mee dat er mondiaal tussen 2017 en 2018 om de 2 dagen een nieuwe miljardair bijkwam. En ik maak mee dat multinationals en superrijken lager belast worden dan in voorgaande decennia. Zo daalde het hoogste tarief van de inkomstenbelasting in rijke landen van 62% in 1970 tot 38% in 2013. Het gemiddelde tarief in armere landen is 28%. Het gemiddelde tarief voor de vennootschapsbelasting daalde in rijke landen van 49% in 1981 naar 26% in 2015. Slechts 4 cent van elke dollar aan belastinginkomsten, die in 2015 wereldwijd werd geïnd, kwam nog voort uit belastingen op vermogen, zoals eigendom of erfenissen. Ik maakte vorig jaar mee dat het vermogen van miljardairs met 12% toenam, een gemiddelde van $ 2.500.000.000 per dag, en dat het vermogen van de 3.800.000.000 mensen, die de armste helft van de wereldbevolking uitmaken, in datzelfde jaar 2018 met 11% afnam.

Ik weet nu dat de armste burgers het meest te lijden hebben wanneer publieke diensten worden verwaarloosd; met name vrouwen en meisjes. Arme meisjes worden het eerst van school gehaald als er onvoldoende geld beschikbaar is en vooral vrouwen en meisjes zorgen voor zieke familieleden als de gezondheidszorg faalt. De economische waarde van de onbetaalde zorg die vrouwen en meisjes wereldwijd uitoefenen, komt uit op $ 10.000.000.000 per jaar; 43 keer de omzet van Apple.

Toch fijn dat vrouwen en meisjes zorgtaken wel onbaatzuchtig op zich nemen, is het niet?

Bron: “Vermogen miljardairs in 2018 toegenomen met 2,5 miljard dollar per dag” door Oxfam – Solidariteit, via DeWereldMorgen op 21 januari 2019.

Rep en roer in de UK

De bal ligt bij Groot-Brittannië”, wordt in de hoofdkwartieren van de Europese Unie voor microfoons gezegd, maar is dat wel zo? Was de Britse prime minister in december al niet langs geweest om een politiek haalbaardere deal te sluiten? En werd zij toen niet met alle egards ontvangen om vervolgens op een muur van ontoegevendheid te stuiten? Hoezo ligt de bal nu bij Groot-Brittannië?

Ik was overigens wel blij voor de Britten dat the deal met de Europese Unie eergisteren door het Britse parlement van tafel geveegd werd. Dat ruim een tweederde meerderheid tegen the deal was, zegt op zijn minst dat ik niet alleen sta in mijn blijdschap. Ik volgde een en ander rechtstreeks via de BBC, die dezelfde pulp levert als de Nederlandse TV; 95% betweterige duiding en 5% nieuws. Maar terug naar dit politieke scharnierpunt in de moderne Europese geschiedenis: als Brit zou ik voor lief nemen dat de Brexit nu echt een Brexit wordt.

Met de Griekse schuldencrisis, toen Syriza in 2015 aan de macht gekomen was, gunde ik de Grieken ook uit liefde een verlaten van de Europese Unie, het liefst nog met terugwerkende kracht tot 2009. Dan was Griekenland failliet gegaan en waren een stel Noord-Europese banken, die medeplichtig waren aan de Griekse schuldentragedie, ‘omgevallen’. En ik vind dat de geschiedenis mij gelijk heeft gegeven. Sterker nog, ik vind het maar niets met mijn land in een unie te leven, die als cadeautje aan Jeroen Dijsselbloem bij de Griekse regering afgedwongen heeft de datum van verse melk op te rekken tot 7 dagen, zodat Nederlandse boeren hun melk in Griekenland kunnen verkopen alsof het verse melk is en waardoor Griekse boeren failliet gingen. Om maar een tipje van de onrecht-sluier op te lichten van het vele onprofijtelijke onrecht dat de Grieken door de EU in mijn ogen is aangedaan.

Ik mag van harte hopen dat Groot-Brittannië na een eerste mogelijk chaotische periode over 5 jaar spekkoper blijkt.

Het idee van een samenwerkende Europese Unie spreekt mij overigens bijzonder aan, maar deze unie misbruikt zonder parlementaire controle overal binnen en buiten de Unie haar macht om met name het (groot-)bedrijfsleven te spekken, is als het op handelen aankomt absoluut niet democratisch, schendt structureel mensenrechten binnen en buiten de EU en bekommert zich ook niet of nauwelijks om gewone brave ingezetenen. Toen de financiële crisis hier onlangs op zijn hoogtepunt was, heeft de afgesproken beperking van het begrotingsoverschot ons veel schade berokkent omdat de Nederlandse overheid van de EU niet mocht investeren. Om maar weer een voorbeeldje van beschamend EU-beleid te noemen. De EU produceert zoveel beleid om boos van te worden dat zelfs D66 het nodig vond ons het referendum af te pakken.

Overal in Europa worden anti-EU-geluiden steeds luider en wat wil je? Binnen afzienbare tijd wordt CETA ons door de strot gedrukt, waardoor Amerikaanse multinationals via Canada als het nodig is ook onze schatkist kunnen plunderen om gegarandeerd rendabel te worden. Immers, voor nieuw nationaal beleid, zoals verhoging van (minimum) lonen, beperken van milieuschade, veiliger werken, kunnen multinationals compensatie bij nationale overheden afdwingen. Na een anti-rook campagne kan een overheid onder CETA een miljardenclaim opgelegd worden (Philip Morris in Australië). En dat terwijl het bedrijfsleven slechts 7% bijdraagt aan het vullen van diezelfde Nederlandse schatkist, omdat de winsten nou net gemaakt worden in landen waar de belastingdruk het laagst is. Tegelijk is voor ons de BTW omhoog gegaan. In het Verenigd Koninkrijk schijnt 20% van de werkende bevolking tot de armen gerekend te worden; de working poor. Door sinds Margareth Thatcher in Groot-Brittannië onrust te zaaien, kan binnenkort de verwachtte storm geoogst worden, want zelfs spreekwoordelijk maken katten-in-het-nauw nu eenmaal rare sprongen.

De bal ligt bij de Britten”, roepen ze in Brussel in koor, terwijl ze daar achter de hand fluisteren: “Waar ze ook mee komen; wij doen geen water bij de wijn; alleen voor de bühne geven wij een krimp.” Volgens mij zit daarachter dat met de Brexit een zo afschrikwekkend mogelijk voorbeeld gesteld moet worden wat er gebeurd bij het verlaten van de EU; bij the deal was het vooralsnog nauwelijks verandering met verlies van medezeggenschap, nu met no deal wordt het verwarring op korte termijn omdat alle douane-passages (mensen, geld en goederen) opnieuw ingesteld moeten worden. Dat laatste is mijns inziens de politieke macht in Groot-Brittanië wel te verwijten, want 31 maanden voorbereiden om 2 maanden voor uittreding met slechts één optie te komen, is haar strategie geweest.

Ik wens de Britten het beste. Ik mag van harte hopen dat Groot-Brittannië, na een eerste mogelijk chaotische periode over 5 jaar spekkoper blijkt; dat met name de armste Britten er weer bovenop komen. Jammer alleen dat wij van z’n lang zal ze leven de kans niet zullen krijgen om de Britten eventueel naar de EU-uitgang te volgen. Zo democratisch is Nederland ook weer niet sinds het door CDA, CU, D66, PvdA en VVD bestuurde Nederland, even met gedoogsteun van de PVV, is omgetoverd tot een democratie zonder medezeggenschap van het volk. En een echte BV is geworden met een bevolking die óf rijk is óf schulden heeft.

Brexit

Het lijkt mij voor de Britten zo gek nog niet dat ze ontslagen worden van meedoen aan CETA, TiSA, TTIP en zo meer. Ik ben van mening dat we over ingrijpende politieke veranderingen beter maar zelf bij monde van de door ons verkozen regering en Tweede Kamer kunnen beslissen. In plaats van, zoals nu, na een formeel debat de regering haar handtekening te laten zetten onder wat de invloedrijke jongens en meisjes binnen de Europese Unie met andere sterke jongens, en wellicht ook meisjes, volstrekt ontransparant in achterkamertjes zijn overeengekomen. Zelfs het door ons gekozen Europarlement staat in die verdragen uiteindelijk geheel buiten spel.

Ik begrijp de weerzin tegen de huidige Brexit-overeenkomst ook goed. Geen weldenkend mens daar wil na de Brexit toch nog aan de leiband van de Europese Unie blijven lopen? Als een paard in de dressuur geen invloed, maar wel moeten volgen.

In Nederland komen we met alle Brexit-nieuws niet veel verder dan hoeveel het de Nederlandse schatkist gaat kosten wanneer er geen overeenkomst met Groot-Brittannië komt. Voor mij ook al zo onsmakelijk al was het alleen al omdat niet vermeld wordt hoeveel de voorliggende overeenkomst de Nederlandse schatkist kost; stemmingmakerij dus. Onze premier heeft vandaag over zijn onderhoud met premier Theresa May laten weten dat het een goed gesprek geweest is; nuttig zelfs. Daar mogen we het niet alleen mee doen, maar daar doen we het waarschijnlijk ook mee.

Nu lijkt mij de politieke realiteit, hoe gezellig de schijn ons ook wordt voorgehouden: Het is voor het eerst dat een lidstaat de Europese Unie verlaat en de stemming binnen de EU is zonder meer cynisch te noemen. Voor de EU is dit de kans om te laten zien hoe slecht mensen het gaan krijgen als hun land de EU verlaat; jammer voor de Britten, maar helaas. Een voorbeeld moet gesteld worden.

Toch zou ik er voor gaan om onder dat Damoclesiaanse zwaard vandaan te komen van: het afschaffen van heffingen op de handel in goederen inclusief maatregelen die investeringen ten koste van de schatkist beschermen en een door ondertekenaars niet meer te beëindigen wereldwijde liberalisering van de dienstensector, waaronder de banken- en transportsector.

Gele Hesjes

Ik neem wel eens deel aan een demonstratie. Dat zie ik als ‘burgerparticipatie’; bijdragen aan de beleidsmatige inrichting van onze samenleving. Bij die demonstraties, en andere confrontaties, ga ik altijd uit van geweldloosheid. De laatste jaren beperk ik dat meer en meer tot geweldloosheid tegenover al wat leeft, want demonstreren zie ik meer en meer als een ritueel dansje. Daar roepen er een paar “Actie, actie, actie”, waarbij de actie beperkt blijft tot het actie-roepen, het komt in het nieuws en iedereen gaat over tot de orde van de dag. Wat heeft de grootste demonstratie in Nederland opgeleverd? Niets, zelfs een petitie, die in 1983 door 3.700.000 mensen werd ondertekend, deed ook onze toenmalige regering geen krimp geven.

Wat dat betreft heb ik begrip voor de Franse ‘Gele Hesjes’, die werkelijk tot actie overgaan. Hoe moet de ‘hardwerkende burger’ na de afgelopen decennia anders gehoord worden? Volgens mij kan dat alleen nog door er op straat een zootje van te maken? We hebben regeringen, die dagelijks nagenoeg alleen met lobbyisten van grootbedrijven en grootbanken praten, en hun oren daar alleen naar laten hangen. We hebben een volstrekt inadequaat Europarlement, terwijl de Europese Unie bijzonder veel invloed op regeringen van haar lidstaten, op miljoenen mensenlevens heeft.

Wat zijn de gevolgen voor ons in Nederland alleen al?
* De inkomensgroei in Nederland stagneert nu al 40 jaar.
* De bijdrage van het grootbedrijf aan de schatkist is in 20 jaar bijna gehalveerd, van 17% van de belastinginkomsten in 2000 naar 7,2% in 2018.
* De arbeidsinkomensquote is sinds eind jaren zeventig met 20% gedaald.
* De loonontwikkeling blijft al jaren achter bij de arbeidsproductiviteit.
* Het grootbedrijf zit op historisch ongekende kasreserves en investeert nauwelijks; verliest zich daarentegen meer en meer in spilzieke fusies en overnames.
* De salariskloof tussen bedrijfstop en werkvloer is nog nooit zo groot geweest als nu.
* De investeringen van het Nederlandse bedrijfsleven in onderzoek & ontwikkeling behoren tot de laagste van de Europese Unie.
* Bedrijven als Akzo, Heineken, Philips, Shell en Unilever hebben in 30 jaar tijd hun personeelsbestand in Nederland met 75% verkleind door hun productie naar lagelonenlanden te verplaatsen (ook al zo’n in mijn ogen beschamende term: met een ‘lagelonenland’ wordt een land bedoeld waar mensen veel minder dan in Nederland betaald krijgen voor hun arbeid; waarom zouden de grote jongens voor de producten, die zij hier afzetten, het milieu mogen vervuilen waar op de wereld de milieuregels zwak zijn of niet gehandhaafd worden en de productie daar laten plaatsvinden waar mensen slecht voor hun werk betaald krijgen en minder rechten hebben dan wij?).

Ik begrijp de onvrede onder velen maar al te goed, begrijp dat mensen gaan stemmen op ultrarechtse partijen want de linkse hangen de Trickle-down economie-theorie net zo goed aan als de grote conservatieve en rechtse partijen. Een theorie die neerkomt op: Heb geduld mensen, want wat goed is voor de grootbedrijven is na verloop van tijd goed voor iedereen. Ik deel die onvrede en word eveneens ongeduldig, maar ik zal nooit mijn heil zoeken in populisten of rechtse partijen. Ik vestig mijn ijdele hoop nog steeds op een in Nederland nog niet bestaande (niet meer bestaande) socialistische en pacifistische politieke partij met woordvoerders als Bernie Sanders, Jeremy Corbyn of Yanis Varoufakis, voor zover die zich werkelijk afkeren van lippendiensten aan grootbedrijven.

Daarnaast verbaas ik me er over hoe gekleurd en op de hand van overheden, het establishment, de Nederlandse mainstreammedia over de opstand van de Gele Hesjes verslag doen. In elk geval lees ik via internet, bijvoorbeeld via DeWereldMorgen heel andere verhalen dan de verhalen die wij voorgeschoteld krijgen. Ik was er niet bij, maar vraag we af wat we allemaal niet te weten krijgen.

Bronnen: “Komitee Kruisraketten Nee” via wikipedia op 6 december 2018 en “Rutte-3 geeft de burger (alweer) een klap in het gezicht” door Ewald Engelen via FollowTheMoney op 16 oktober 2018.