Het valt niet mee

Er staat een huishoudtrap over de toiletpot in mijn wc bij de voordeur. Mijn trouwe trap van 4 treden aan de ene kant en twee staanders aan de andere vult dit kleinste kamertje in mijn huis al dagen. Alleen voor slangmensen zal het nog een pretje zijn daar hun behoefte te doen. Ik verplaatste mijn trap eerder deze week daar naartoe en dat leek mij toen logisch. Dit ging eraan vooraf.

Maandag ijzelde het, dus de vroege ochtendafspraak met mijn dauwtrappende vriend had ik opgeschort. In die ochtend zou, na een periode van iglo’s en sneeuwpoppen bouwen, schaatsplezier en –ongevallen, de dooi inzetten. Telefonisch sprak ik tegen enen met hem af. Even later ging ik, voor ik de deur achter mij dicht sloeg, naar dat toilet. Eenmaal gedaan wat ons allen nederig houdt, zou Godfried Bomans gezegd hebben, trok ik door. Op dat moment voltrok zich een wonder. Het begon binnen te sneeuwen, terwijl buiten de zon doorkwam. Ik voelde de ijskristallen op mijn gezicht en ik zag ze dwarrelend door de lucht. Prachtig. Daarenboven spoot er water met een enorme kracht langs de waterleidingbuizen mijn toilet in. Ik wist zo snel niets anders te bedenken dan de hoofdkraan dicht te draaien en mijn afspraak met mijn vriend na te komen. Mijn aan- of afwezigheid zou op de ernst van het probleem in mijn huis niet van invloed zijn, schatte ik in, en hij zou met zijn lunch wachten totdat ik gearriveerd was.

In de auto bedacht ik hoe fijn het was, dat het wondertje zich voltrokken had nadat ik mijn behoefte gedaan had. Voorlopig had ik dat toilet nu niet meer nodig.

Na een gezellig samenzijn, want dat is het altijd met hem, bedacht ik de waterleidingbuizen te omwikkelen met plastic met daaromheen uit een oud laken geknipte repen stof. Met de trap, een plastic tasje en de repen blauw laken, dat leek mij het mooist, zocht ik naar de lekkage(s). Echter, er was maar één lek en dat bleek tussen de kraan van het reservoir en het reservoir te zitten. Het water, dat langs de leiding stroomde, kwam alleen daar vandaan. Nadat ik die kraan dicht gedraaid had, had ik verder overal in mijn huis weer water. De volgende ochtend verwachtte ik bezoek, dus ik liet de trap maar in het toilet staan, dan zou er niet per ongeluk iemand gebruik van maken; en ik heb een tweede toilet in mijn badkamer.

Heel de dag kwam ik er niet aan toe om het lek in mijn toilet te repareren, en nu zit ik weer dit stukje te schrijven, terwijl die trap geduldig over de pot in de wc bij mijn voordeur blijft staan.

Kortom, zonder kabouters valt het echt niet mee om mij te zijn, maar – tot uw geruststelling – zelf ondervind ik daar geen last van.

Geen Valentijn

Er zijn verschrikkelijke misstanden in de wereld”, had de fiere, moderne dame gezegd, om eraan toe te voegen, dat je alleen je eigen Licht kunt aansteken en laten stralen naar alles en iedereen. Daardoor zou men uiteindelijk de wereld een beetje beter achter laten dan men die ooit had aangetroffen. Om te besluiten met: “Daarmee brengen we hopelijk ook het collectief bewustzijn op een wat hogere frequentie.

Dat allemaal gezegd hebbende zweeg mijn vriend. Ik kreeg een geweldige behoefte aan een glas cognac, dat de telefoon zou gaan of dat ik gewoon door de grond zou zakken, maar om cognac dorst ik niet te vragen, de telefoon bleef zwijgen en er bleek alweer geen sinkhole onder zijn huis. Nou ja, dan moest het maar…

Het lijkt mij altijd wel handig je eigen licht aan te steken”, probeerde ik.

Licht, Gerardus, met een kapitaal”, sprak hij dromerig.

Het lijkt mij altijd wel handig je eigen Licht aan te steken”, probeerde ik nog eens.

En dan?

Dan”, ‘ja duuuhhhh, weet ik veel’, ging snel door mij heen, “geef je ultieme betekenis aan je leven”, gokte ik.

Kan ik ook ultieme betekenis aan mijn leven geven, door mijn Licht niet aan te steken?” vroeg mijn vriend.

Daarom is deze vriend mijn vriend. Ik deins met alle golven mee. Ik geniet van de wind en de dynamiek. Ik heb lol. Hij denkt na, zonder dat het hem moeite kost. Meestal, net als nu, heeft hij slechts één vraag nodig om mij met beide voeten, nee, tot aan mijn middel terug te brengen op aarde.

Dat denk ik niet”, riposteerde ik, “we kunnen niet om onszelf heen, hè? Ook al kruip je met je hoofd onder de dekens, dan nog is dàt jouw licht, Licht, sorry.

Mijn vriend had deze fiere, moderne dame ontmoet via een datingsite. Hij vond haar profielschets leuk, nodigde haar uit voor een eerste date, en vond haar steeds boeiender worden.

Welk Licht steekt zij aan?”, vroeg ik hem op goed geluk.

Mijn vriend dacht na en er verscheen een glimlach rondom zijn gezicht. De glimlach werd breder en breder en hij moest vreselijk lachen. Dit ken ik van hem. Nu zou er een vilein inzicht volgen. Eenmaal uitgelachen keek mijn vriend mij met zijn twinkelogen ernstig aan, en zei: “Man, daarom ben ik zo blij met jou als vriend. Jij weet vragen te stellen waardoor ik alle plezier in mijn leven terugkrijg.

Hij vervolgde: “Zij zal voor haar leerlingen een helder Licht zijn, maar het was een regenachtige periode toen ik haar uitnodigde. De horeca was vanwege coronabeperkingen gesloten. Daar had ze het over als reden om nog even niet voor een eerste keer met elkaar af te spreken. ‘Maar er is geen haast bij, toch?’ schreef zij op de website. Ik vond dat OK, want zoveel haast had ik ook niet. Drie weken later nodigde ik haar nog eens uit. Maar toen had ze een afspraak gemaakt met een andere vent. Hoe dat verliep, moest ik maar even afwachten. Dat heb ik gedaan.

Mooie boel”, was het enige dat ik bedacht om tegen mijn vriend te zeggen. Origineler ben ik nu eenmaal niet.

Hij vervolgde: “Die vent was voor haar niet interessant geweest, dus zij liet mij weten alsnog op mijn uitnodiging in te willen gaan.

Dus het was niet de smoes geweest, die mensen op datingsites altijd horen: ‘je hebt een leuk profiel, maar ik ben in contact met iemand anders en ik wil geen dingen door elkaar heen laten lopen?’

Nee, en we ontmoetten elkaar en alles was eigenlijk heel leuk aan haar. Ze las me even de les over hoe ik mijzelf in de weg zou zitten, maar wat verwacht je van een spiritueel docent? Ik weet van die dingen niet zoveel. We namen na een flinke wandeling afscheid, nadat we over en weer gezegd hadden tevredengesteld te zijn. Het was in alle opzichten een persoonlijke, open, prettige communicatie geweest. Wat ze echt van mij dacht, wist ik natuurlijk niet, maar ik vond haar fier en modern. Ik wilde het wel een kans geven.

Zij liet me een dag later weten daar hetzelfde in te staan, maar weer kwam dat zinnetje: ‘Er is geen haast bij, nu gevolgd door een :-)’. En weer tuinde ik daar met beide ogen in. Want na een week weinig serieuze uitwisseling liet ze weten dat er voor ons niet meer dan vriendschap in zat en toen ik daarmee instemde, omdat me dat ook leuk leek, liet ze weten dat ze helemaal geen contact meer met me wilde.

Daarna zweeg hij, nog steeds met die pretoogjes van hem en die glimlach rond zijn mond.

Toch lijkt het mij dat je er geen last van hebt”, zei ik.

Jij vroeg toch welk Licht zij aanstak? Dit!

Wat bedoel je?

Het Licht dat zij aansteekt, is als het er voor haar zelf op aankomt steeds net zo lang de tijd nemen totdat alles uitgedoofd is, dan houdt ze daarna alles bij het oude, bekend en vertrouwd, hoe het altijd was.

De ‘Cyclus van Van Bavel’

‘Bas van Bavel’, onthoud die naam! Hij heeft, hoe kan het ook anders, de ‘Cyclus van Van Bavel’ het licht doen zien: de veel verklarende terugkoppelingscyclus in marktsamenlevingen (meervoud!).

Hij redeneert na uitgebreid historisch sociaal en economisch onderzoek aldus: elke marktsamenleving beschikt natuurlijk over een markteconomie. Die begint doorgaans met een fase van economische groei, toenemende vrijheid in de samenleving en groeiende factormarkten. Naar mate de factormarkten groeien, slaat op een zeker moment de economische groei om en begint de fase van economische stagnatie, toenemende polarisatie in de samenleving en verstoring van het marktevenwicht ten gunste van marktelites, die de politiek en zelfs de rechtspraak gaan gijzelen. Uiteindelijk wordt die ontwikkeling gevolgd door de laatste fase, die van absolute of relatieve economische achteruitgang, waarna deze cyclus zich – meestal elders op de wereld – herhaalt. Waar de marktsamenleving eens opbloeide, stagneerde en teloor ging, breekt dan een feodaal tijdperk aan, waarin een kleine groep superrijken steeds meer machtsmiddelen moet inzetten om haar positie te behouden en te beschermen tegen het volk.

Op factormarkten worden de ‘productiefactoren’ verhandeld

Zo gaat het in marktsamenlevingen volgens het onderzoek van Van Bavel al eeuwen; in het Irak van de 8ste tot de 13de eeuw, in het Engeland tussen de 16de en het eind van de 18de eeuw, in de Lage Landen van de late middeleeuwen tot en met de gouden eeuw, in de Noord-Italiaanse stadstaten rondom de renaissance, in de Verenigde Staten van Amerika 50 jaar tussen het begin en halverwege 19de eeuw en ten slotte in het hele Westen vanaf halfverwege de 20ste eeuw.

Het vernieuwende van de onderzoeksresultaten van Van Bavel zit hem in de gedetailleerde analyse van deze cyclus van marktsamenlevingen en hun markteconomieën, en in de bewijsvoering dat deze cyclus zich al meerdere malen in de geschiedenis op dezelfde manier herhaald heeft.  

Onze huidige Westerse marksamenleving zit zo bezien in de fase van ‘economische stagnatie, toenemende polarisatie en verstoring van het marktevenwicht’.

O, die factormarkten? Eerst zijn er productiemarkten, die iedereen kent: ‘de markt van productie en verkoop op basis van vraag en aanbod’. Op factormarkten worden de ‘productiefactoren’ verhandeld; de diensten en middelen om goederen te kùnnen produceren en te kùnnen verkopen: de markten waarin met name arbeid, grond en kapitaal verhandeld worden.

Kom op, jullie kunnen het!

De regelgeving op productiemarkten mag genoegzaam bekend verondersteld worden (BTW, Kamer van Koophandel, Keuringsdienst van Waren, kleineondernemersregeling, …). Die van de factormarkten zal velen onbekend zijn, want daar is vaak weinig transparant ‘maatwerk’ van toepassing en bevoordeling van de machtigste bedrijven en meest gefortuneerde mensen onder hen, terwijl Van Bavel aantoont – en ons daarmee waarschuwt! – dat juist de regelgeving bij de handel op factormarkten telkens weer een veel grotere impact op de samenhang van een samenleving heeft dan de regels bij productmarkten. Ook dat heeft hij in zijn onderzoek opgedist.

Voor mij verklaren deze onderzoeksresultaten veel van mijn zorgen over de politiek in Nederland en de Europese Unie.

Volgens de website van Universiteit Utrecht is hij hoogleraar ‘Onderzoekinstituut voor Geschiedenis en Kunstgeschiedenis – Economische en Sociale Geschiedenis’. In zijn onderzoek richt hij zich vooral op pre-industrieel Noordwest-Europa. Hij heeft dus dat boek geschreven over bovenstaande bevindingen. Het lijkt mij iets dat we allemaal ter harte zouden kunnen nemen om te begrijpen wat in onze wereld de onderliggende oorzaken zijn van de loop der dingen.

Voor degenen, die aan de touwtjes (kunnen) trekken, lijkt me dit overigens verplichte literatuur. Juist zij zouden moeten nagaan hoe de fase van achteruitgang in de toekomst te voorkomen. Juist zij kunnen het verstoorde marktevenwicht ten gunste van marktelites herstellen. Juist zij kunnen het gegijzel van de politiek stoppen. Juist zij kunnen ervoor zorgen terug in de fase van economische groei voor de hele bevolking terecht te komen, in plaats van de speurtgroei voor een kleine elite voort te zetten op weg naar een feodaal tijdperk. Juist zij kunnen de Cyclus van Van Bavel doorbreken. Kom op, jullie kunnen het!

Bronnen: “De onzichtbare hand. Hoe markteconomieën opkomen en neergaan” een boekrecensie door Paul Verhaeghe via DeWereldMorgen en via Liberales op respectievelijk 8 februari en 15 januari 2021, ‘Bas van Bavel’ via Wikipedia op 11 febuari 2021 en ‘medewerker Bas van Bavel’ via uu op 12 februari 2021.

Gegevens van het boek: “De onzichtbare hand. Hoe markteconomieën opkomen en neergaan” (2018) Prof. dr. Bas van Bavel, Prometheus, Amsterdam, 485 pp, ISBN 978 90 446 3436 5. Koop het bij de lokale boekhandel, zou ik zeggen.

Begrip voor een misvatting

Hoewel ik enkele mensen ken, die zicht denken te hebben op het schimmige stelletje hotemetoten, dat met een onzichtbare hand hun wereldmacht vorm geeft ten koste van ons, heb ik niets met dit soort denken. Integendeel, ik zou het wereldbeeld van degenen, die – buiten elke logica en verifiëring van feiten om – denken aan te kunnen tonen dat een strijd tussen goed en kwaad gaande is, best ambiëren. Dat wereldbeeld is een stuk overzichtelijker dan dat van mij.

Ik vind dat je je bij èlke machthebber moet afvragen: “In wiens belang handelt hij of zij?”. Nee, omdat ik geen enkele machthebber vertrouw, ben ik meer voor een maatschappij waarin de macht te maken heeft met een echte tegenmacht, zoals Johan Thorbecke het bedoeld heeft; niet zoals bij ons waar bij een kabinetsformatie gestreefd wordt zowel in de Eerste als in de Tweede Kamer een meerderheid te hebben, zodat elk voorgenomen besluit bij bespreking al een gelopen race is ongeacht politieke amendementen, debatten en vragenuurtjes.

Welzeker zou ik het bijzonder op prijs stellen wanneer het mensdom onder te verdelen was in goede en kwade mensen, in idealisten en dommeriken, in weldoeners (zo je wilt ‘Gutmenschen’) en profiteurs, in zorgenden en slachtoffers, maar helaas gaat zo’n onderverdeling volgens mij altijd mank. Oké, voor Fred van der Spek, Jezus Christus, Mahatma Gandi, Noam Chomski, Rabindranath Tagore en nog zo wat maak ik vooralsnog een uitzondering. Echter, geen goed mens dat zich nooit eens vergaloppeerd heeft, geen idealist die voor de goede zaak niet zijn kinderen, man, vriend(in) of vrouw tekort gedaan heeft, geen weldoener zonder een zwart randje, geen kwaaie pier zonder een klein hartje en geen dommerik zonder ook wijze inzichten, geen profiteur, die zijn voordeel alleen voor zichzelf houdt, en geen zorgende zonder slachtofferervaring.

Toch begrijp ik maar al te goed, of denk ik al te goed te begrijpen, dat steeds meer mensen argwaan zijn gaan koesteren tegen een duister gezelschap dat zich niet aan ons laat zien en – zoals indertijd het verborgen depot met massavernietigingswapens in Irak – juist daarom zo gevaarlijk is.

40 jaar barbaars, oorlogszuchtig neoliberalisme

Ik zie de oorzaak van deze angstgedachten in een decennia lang heersende politiek, die zegt geen politiek te zijn. Die zich niet voorstelt als een ideaal met uitgangspunten en uitwerkingen daarvan, maar die zich presenteert als een visieloos redelijk alternatief voor alle andere en eerdere politiek. De gevolgen van deze politiek zijn voor iedereen tastbaar in uitgeklede secondaire arbeidsvoorwaarden, verminderd besteedbaar inkomen, opgevoerde druk op uitkeringsgerechtigden, gestagneerde lonen, verruimd ontslagrecht, afgenomen uitkeringen, grenzeloze rijkdom voor wie geld met bonussen, bedrijfsfusies en investeringen verdient, verminderde welvaart en verminderd welzijn voor mensen met minder geld. Ik heb het over de onzichtbare hand van de vrije markteconomie zonder politieke bemoeienis; het zelfregulerende effect van een markt waar iedereen met elkaar concurreert en slechts eigenbelang nastreeft en zodoende collectief welvaart creëert, zoals de Schotse econoom en filosoof Adam Smith dat bedacht had. Zijn invloed op ons denken is groot. Zo groot dat in 45 jaar tijd de ‘vrijwaring van gebrek en vrees’, dat binnen de politiek hier en daar uitgangspunt was, plaatsgemaakt heeft een wijd verbreid onbenoemd (!) ideaal na te streven, te weten de ‘vrijheid voor ieder individu om zoveel mogelijk rijkdom te vergaren’ zoals de Oostenrijks econoom en politiek filosoof Friedrich von Hayek zich dat in een ideale samenleving voorstelde.

Wat ik mis in de standpunten van het CDA, de CU, D66, GL, het FvD, de PVV, de PvdA, de SGP en de VVD is een stevig politiek offensief gebaseerd op een uitgesproken ongeloof in die onzichtbare hand, die door vrije marktwerking zonder overheidsbemoeienis aan iedereen ten goede zou komen, inclusief de roep om een krachtige overheid met de kennis en macht om toe te zien op maatschappelijke processen, en die investeert in nutsvoorzieningen en ze zonder commercieel belang aanstuurt, èn ook nog eens een menswaardig bestaan voor ieder mens nastreeft (en daarom onder veel meer grootaandeelhouders, grootbanken en grootbedrijven weer de baas wordt).

Kortom, ik heb best een beetje begrip voor mensen die denken aan samenzweringen en ‘samenzwevingen’, zoals dat nu genoemd wordt. Het verschil tussen hen en mij is, dat ik het beter vind je energie en tijd te steken in een snijdende politieke analyse van 40 jaar barbaars, oorlogszuchtig neoliberalisme met zijn onzichtbare hand die letterlijk over lijken gaat en het in de economie aanwezige geld uit de zakken van de armsten troggelt ter verrijking van de rijksten.

Wat mij betreft krijgt de ambtenarenrechter het druk

Pasgeleden bracht ik een vriendin en een vriend van A naar B, zal ik maar zeggen, al was het eerder van A naar A‘; een reis van anderhalf uur. We kwamen aan de praat over het boek ‘Fantoomgroei’ en de grote lijnen van de ontwikkelingen binnen onze overheid gedurende mijn leven. Eén van hen opperde dat ik net zo goed mijn overheid ben. Ik reageerde tot schrik van ons alle drie dat als hij daarin gelijk zou hebben, ik hen in B (of A‘ dus) zou afzetten, en dat ik daarna zelfmoord zou plegen. Jazeker, ik zou nog niet verder kunnen leven met een fractie van het bezwaarde geweten dat ik zou hebben, wanneer ik onze overheid in persoon was.

Daarom doet het mij goed dat ik vanmorgen las dat 80 gedupeerden van de kinderopvangtoeslag-affaire aangifte hebben gedaan tegen onze demissionair premier Mark Rutte. Volgens de advocaat van deze gedupeerden heeft hij zich in deze affaire schuldig gemaakt aan 3 ambtsmisdrijven. Ik vind deze aangifte een goede zaak, want laten we maar eens kijken naar de wet wanneer we het over het handelen van deze premier hebben.

Hij vindt dat we zelf verantwoordelijk zijn voor ons winnen of verliezen op een maatschappelijke speelveld onder doorgeslagen kapitalisme met grootaandeelhouders, grootbanken & grootbedrijven aan de ene kant, en huishoudens waar het geld uit arbeid verdiend moet worden aan de andere zijde. Hij vindt dat de overheid geen rol hoeft te spelen bij het beschermen van de zwakkeren. Zijn geloof in ‘eigen verantwoordelijkheid’ vind ik binnen ons maatschappelijk krachtenveld niet alleen misplaatst, maar zodra hij daar als politicus handen en voeten aan geeft ook misdadig. Vanuit zijn geloof moest bepaalde belasting op dividend verlaagd worden en het laagste BTW-tarief verhoogd en is ook de laatste 10 jaren verder bezuinigd op elk theoretisch teveel, inclusief het theoretisch teveel aan kennis en macht bij de overheid en aan ziekenhuisbedden. Het zou allemaal veel ‘efficiënter’ kunnen als we de markt zonder overheidsbemoeienis zijn werk laten doen.

Er was een tijd in mijn leven dat ‘spreiding van kennis, macht en inkomen’ de PvdA 52 kamerzetels opleverde. Dit was gebaseerd op het ideaal ‘om burgers te vrijwaren van gebrek en vrees’ à la Franklin Rooseveld & Joop den Uyl.

Politici, de sterksten en de zwaksten

Onze huidige premier, die zegt geen idealen te hebben, kiest voor een heel ander politieke opvatting, te weten ‘de vrijheid voor ieder individu zoveel mogelijk rijkdom te vergaren’ à la de Oostenrijks econoom en politiek filosoof Friedrich von Hayek.

In dit tijdsgewricht blijkt een politiek, die ontkent politiek te zijn, te kunnen rekenen op het grootste draagvlak onder de bevolking. Daar kan onze premier misschien niets aan doen, maar het speelt hem wel in de kaart.

Laat de heer Rutte zich dan maar eens voor de rechter verantwoorden voor datgene wat een groep behoeftige mensen stelselmatig (!) onder zijn leiding door onze overheid aangedaan is. Overigens waren Eric Wiebes, Lodewijk Asscher, Menno Snel, Tamara van Ark en Wopke Hoekstra al eerder in deze affaire tot mijn vreugde voor de rechter gedaagd.

Ik ben geen jurist en ik weet niet of de gedupeerden een punt hebben, maar ik juich toe dat politiek bedrijven niet langer een risicoloos beroep is, waarbij je kunt zeggen “Ik schaam me…” en overgaat tot de orde van de dag om met meer van hetzelfde plus een gift van ons belastinggeld de veroorzaakte problemen op te lossen.

Precies daarom spreekt ook het idee van Noam Chomsky & Vijay Prashad mij aan om een internationaal tribunaal op te richten over ‘misdaden tegen de mensheid tijdens de covid-pandemie’. Zij richten daarbij eerst hun pijlen op de regering van de Braziliaanse president Jair Bolsonaro, maar ook op de neoliberale regeringen in Groot-Brittannië, India, de Verenigde Staten van Amerika en ‘elders’. Deze regeringen stellen immers maar wat graag alles in het werk om het winstgevende bedrijven en miljardairs naar hun zin te maken. Zelfs wanneer de gevaren van covid-19 daarvoor gebagatelliseerd moesten worden, hebben de neoliberale voormannen van deze regeringen dat gedaan. Dat had onnodige doden, ernstig zieken en een hoop nabestaanden tot gevolg.

Waar gehakt wordt vallen spaanders, uiteraard, maar wanneer politici ergens ter wereld kiezen voor commercie, grootaandeelhouders, grootbanken, grootbedrijven en zelfs voor handel in instellingen, die voor het algemeen belang opgericht zijn, waardoor de zwaksten in de samenleving willens en wetens in het nauw gedreven worden, lijkt mij het recht de enige strohalm, die ‘het ethisch onrechtmatige en inhumane vergroten van menselijk lijden’ wellicht nog kan intomen.

Ik zou het anders ook niet weten.

Bronnen: “Tachtig slachtoffers toeslagenaffaire doen aangifte tegen Rutte” door de economieredactie van NOS op 3 februari 2021, de pagina’s 122 & 140 van “Fantoomgroei” (2020) door Sander Heijne & Hendrik Noten, tweede druk van Uitgeverij Atlas Contact en “Chomsky en Prashad roepen op tot tribunaal voor misdaden tegen de mensheid door regeringen tijdens COVID-pandemie” door Noam Chomsky & Vijay Prashad, via de vertaaldesk van DeWereldMorgen op 2 februari 2021.

Open brief van Dori & Sivan Tal

Wij, ouders van een jongen, die zijn militaire dienstplicht moet vervullen, hebben besloten onze verantwoordelijkheid op ons te nemen en onze zoon niet naar het Israëlische leger te sturen. Wij hebben onze weigering verantwoord in onderstaande brief aan de militaire overheid:

Wij, Dori en Sivan Tal, ondertekenaars van deze brief, weigeren op grond van gewetensbezwaren onze zoon Yair Tal naar het Israëlische leger te sturen om zijn dienstplicht te vervullen.

Doorgaans wordt beweerd dat dienstweigering een politieke beslissing is. Wij zijn het daarmee eens. Logischerwijze is de beslissing om wel te dienen in het Israëlische leger ook een politieke beslissing.

Daarnaast hoor je vaak dat 18 jaar te jong is om zo’n belangrijke politieke beslissing te nemen. Daarom nemen wij de verantwoordelijkheid voor de politieke beslissingen van onze jonge zoon en zeggen wij: “NEEN!

Wij zijn ervan overtuigd dat de militaire operaties van het Israëlische leger in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever oorlogsmisdaden zijn en misdaden tegen de mensheid. Ze brengen de lokale bevolking veel schade toe, zijn een overduidelijke schending van de mensenrechten en respecteren geen enkele morele norm.

Bovendien ondergraven ze de kans op coëxistentie tussen Israëli’s en Palestijnen in de toekomst. Bovenop de schade aan de Palestijnse bevolking, zijn die operaties schadelijk voor de soldaten – althans voor de soldaten die hun hart niet sluiten voor het lijden van anderen en gedwongen zijn anderen onrechtvaardig te bejegenen en te doen lijden.

Zelfs de andere activiteiten van het Israëlische leger, die niet rechtstreeks te maken hebben met de bezetting van Palestijnse grond en de controle van de Palestijnse bevolking, maken deel uit van de strijd tegen de krachten die zich verzetten tegen de Israëlische bezetting.

In het huidige politieke klimaat, met een eerste minister die zich voor de rechtbank moet verantwoorden en wiens optreden enkel ingegeven is door eigenbelang, vrezen velen dat de Israëlische strijdkrachten worden ingezet voor nutteloze militaire operaties, die alleen maar bedoeld zijn om regionale conflicten te doen escaleren en aan beide kanten levens eisen.

In die omstandigheden willen wij niet dat onze zoon als pion gebruikt wordt door een systeem dat het conflict en de risico’s doet toenemen voor politiek gewin.

Aangezien de beslissing om al dan niet in het Israëlische leger te dienen van politieke aard is, is kennis van de achtergrond, de historische feiten, de politieke realiteit en de verschillende opvattingen over dit onderwerp van cruciaal belang om een politiek standpunt te ontwikkelen en op basis daarvan een beslissing te nemen.

Jammer genoeg beantwoordt de officiële opleiding, die onze zoon net als alle tieners in het Israëlische onderwijssysteem ontvangen heeft, aan geen enkel criterium van verantwoorde burgereducatie. In feite werd onze zoon vanaf het begin aangemoedigd om gewillig zijn dienstplicht te vervullen.

Op school leren de kinderen niet de echte waarheid over de geschiedenis van hun land, maar krijgen zij een vertekend verhaal opgedrongen dat een denkbeeldige realiteit schildert van een vreedzame staat die wordt bedreigd door boosdoeners die uit zijn op vernietiging.

Ondertussen maakt diezelfde staat zich schuldig aan etnische zuivering om zich grond toe te eigenen. De staat vervolgt op een antidemocratische en onmenselijke manier iedereen die zich verzet tegen de bezetting en stelt alles in het werk om de oorspronkelijke bevolking – het Palestijnse volk – uit te sluiten en te verjagen.

Onze zoon zal niet meewerken aan de veroveringen van de extreemrechtse regering, die in ons land aan de macht is. Wij willen niet dat hij sterft voor het bezetten van grond en het berokkenen van leed aan anderen. Daarvoor je leven te geven is weerzinwekkend.

Yair is niet religieus en hij heeft ook geen enkele mentale aandoening of andere kenmerken, die hem hadden kunnen vrijstellen van het vervullen van zijn dienstplicht. Hij is zowel mentaal als fysiek gezond en wij willen dat zo houden.

We hebben hem 18 jaar lang met veel liefde omringd, beschermd en ondersteund en hem de universele waarden, waarin wij geloven, bijgebracht. De Israëlische dienstplicht staat haaks op die waarden.

Yair is niet het eigendom van de staat en de staat heeft niet het morele recht om hem met dwang in te lijven in een organisatie die voortdurend de internationale verdragen over mensenrechten met voeten treedt.

Het is onze morele plicht ons tegen die militaire dienstplicht te verzetten. Dat is onze verantwoordelijkheid als ouders. Daarnaast erkennen wij de “Gewetenscommissie” van het Israëlische leger niet als de autoriteit, die in deze gewetens- en moraliteitskwesties oordeelt over een al dan niet vervulling van de dienstplicht. Ons geweten is zuiver en wij hebben de goedkeuring van het Israëlisch leger niet nodig.

In Israël hebben ouders met één kind of ouders, die al een kind verloren hebben, het recht om de inlijving in gevechtseenheden te weigeren. Het Israëlisch leger erkent dat recht, maar wij eisen dat recht op voor al onze kinderen. Wij “geven ons eerste kind niet gratis”. Op basis van bovengenoemde redenen eisen wij het recht en de plicht op om alle kinderen – van de oudste tot de jongste – te beschermen.

Wij zijn niet enkel verantwoordelijk voor onze zoon als hij over de schreef gaat, maar ook voor wat hij doet in een militaire context. Wij zouden onze verantwoordelijkheid dragen wanneer onze zoon als burger een misdrijf zou begaan, zoals diefstal of het gebruik van fysiek geweld.

Die verantwoordelijkheid wordt er niet minder op wanneer hij dergelijke dingen zou doen in uniform. Dat de dagelijkse misdaden van het Israëlische leger door de politiek gesteund worden, rechtvaardigt of verontschuldigt ze niet, integendeel.

Het is onze verantwoordelijkheid als ouders om te zeggen: “stop!” Militaire dienstplicht bij het Israëlische leger: “niet zolang wij het voor het zeggen hebben!

Verantwoording: “Israëlische ouders weigeren hun zoon voor zijn dienstplicht naar het bezettingsleger te sturen; Open brief – Savin Tal, Dori Tal”. Voor DeWereldMorgen vertaald door Marina Mommerency en door De WereldMorgen gepubliceerd op 1 februari 2021. Deze open brief geeft mijn kritiek uitstekend weer op de Israëlische rol in en om het voormalige Mandaatgebied Palestina, waar de Staat Israël gevestigd is. Ik heb deze brief op enkele punten geredigeerd.

Geen tijd te verliezen

Er was een tijd dat ik geloof had in het dialectisch proces; een redeneervorm die naar waarheid probeert te zoeken door gebruik te maken van tegenstellingen. In de klassieke oudheid was het nog meer dan nu een argumentatievorm. Het woord dialectiek gaat dan ook terug op het Oudgriekse ‘dialegesthai’, dat ‘converseren’ betekent. “Zeno van Elea heeft door gebruik te maken van tegenstellingen geargumenteerd tegen de realiteit van beweging en verandering”, zegt Aristoteles waarderend over hem in zijn ‘Fysika’, maar in zeer brede kring wordt Aristoteles zelf beschouwd als de meester of stichter van de dialectiek, temeer omdat het begrip dialectiek al snel bijna geheel samenviel met dat van de formele logica in die tijd, die van Aristoteles afkomstig is.

Echter, Dass war einmal. In dit tijdgewricht worden mensen met opvattingen, die voor machthebbers bedreigend zijn, niet met argumenten bestreden. Door een geraffineerde omgang met media, zo analyseerde Yanis Varoufakis op 6 januari jl., wordt de achterban van deze mensen aan het twijfelen gebracht, waardoor de angel van hun ideeën onschadelijk wordt gemaakt zonder die ideeën ter discussie te stellen.

Dat vraagt om uitleg, dus ik geef 4 voorbeelden:

1. Om hem vanuit Groot-Brittannië uitgeleverd te krijgen, omdat hij oorlogsmisdaden in Afghanistan en Irak aan het licht had gebracht, werd Julian Assange beschuldigd van verkrachting, hetgeen een linkse feminist als Assange in het hart raakt, maar niet gebeurd is. En toen later zijn aanhangers konden bewijzen dat gelekte e-mails authentiek waren en dat ze de diepe corruptie binnen de Amerikaanse Democratische Partij aantoonden, werden zij overstemd door het verhaal dat de publicatie van de e-mails door WikiLeaks een politieke inmenging was, omdat de betrokken e-mailaccounts vermoedelijk door Rusland waren gehackt om de verkiezingsuitslag te beïnvloeden.

2. Voorafgaand aan de Griekse schuldenkwestie, die in 2015 speelde, probeerde de populaire linkse Griekse regering zich te verzetten tegen de strenge leningsvoorwaarden, die door Europese en internationale financiële instellingen werden opgelegd. Dat vragen de leningsvoorwaarden te versoepelen werd door de Eurogroep onder leiding van de zich sociaal-democraat noemende Jeroen Dijsselbloem in samenwerking met de Europese Centrale Bank en het Europarlement niet getolereerd en er werden eenzijdig voorwaarden opgelegd met welk doel? Met de bedoeling het socialistische alternatief in Griekenland te vernietigen. 

3. Om zijn linkse plannen voor Groot-Brittannië onschadelijk te maken werd Jeremy Corbyn van antisemitisme beschuldigd. Nadat Corbyn zich genoodzaakt gevoeld had af te treden, bleek ook daar niets van waar te zijn.

4. In het distributiecentrum van de HEMA in Utrecht worden de targets zo hoog gesteld dat tegen een ieder, die commentaar heeft, gezegd kan worden: “Ja, sorry, jij haalt hier je targets niet, dus zoek maar een andere baan.

Er valt geen tijd te verliezen

Varoufakis beschrijft hoe linkse andersdenkenden, die de verhalen van het Westerse establishment uitdagen of verstoren, uiteindelijk niet alleen worden onderworpen aan een karaktermoord, zoals altijd al het geval was, maar tegenwoordig ook worden gemanipuleerd om zelf aan hun karaktermoord deel te nemen.

We moeten manieren vinden om de oorlogsmisdadigers aan te pakken, die ons er valselijk toe hebben aangezet om te eisen dat Julian Assange, die slechts hun misdaden aan het licht heeft gebracht, degene werd die opgesloten moest worden. We moeten duidelijk maken dat zij, die bereid zijn om antiracisten als antisemieten weg te zetten, de èchte racisten zijn (dat deed Sir Keir Starmer, de opvolger van Jeremy Corbyn). En we moeten als ware oorlogshaviken al degenen ontmaskeren, die de linkse anti-oorlogsbeweging ervan beschuldigen dictators te verontschuldigen wanneer we proberen te voorkomen dat Westerse staten nog meer illegale oorlogen voeren met verwoestende gevolgen voor de betrokken bevolkingen.

In plaats van opstanden te organiseren om opstanden te organiseren, zoals sommige Nederlanders de ’s nachts wegens covid-19-maatregel uitgestorven straten blijken te zien als plek om omgehinderd hun destructieve, doelloze spel te spelen, moeten we ons niet laten afleiden en ons denken en onze strategieën veranderen en verfijnen. Er valt geen tijd te verliezen.

Bronnen: het trefwoord “Dialectiek” via Wikipedia en “Links mag zich niet langer laten manipuleren tot deelname aan zijn eigen karaktermoord” door Jonathan Cook via de vertaaldesk van DeWereldMorgen op respectievelijk 26 en 25 januari 2021.

In de laatstgenoemde bron is onderaan een link te vinden naar het hele verhaal van Yanis Varoufakis.

Wachten op de VS of zelf doen wat gedaan zou moeten worden?

Binnen en vooral buiten de Verenigde Staten van Amerika zijn veel mensen hoopvol gesteld nu de republikeinse en 45ste president Donald Trump gisteren plaats gemaakt heeft voor de 46ste: de democraat Joe Biden. Nu ben ik niet van plan die hoop te slopen, maar ik zou wel graag de puntjes op de i’s zetten. Wáár zouden we volgens mij op moeten hopen? Alweer biedt Noam Chomsky, dit keer in samenwerking met Vijay Prashad, mij daarbij woorden:

  1. In januari 2020 is de ‘Doomsday Clock’ op 100 seconden voor 12 uur gezet. Dat is akelig dichtbij het moment van totale vernietiging: de grote mogendheden bezitten samen bijna 13.500 nucleaire wapens (meer dan 90% daarvan is in handen van Rusland en de VS). Daaronder heeft de VS op onderzeeërs ook W76-2, een ‘klein type kernbommen’, altijd klaar voor gebruik. Bestaande verdragen, die toezien op nucleaire wapencontroles, worden heden ten dage versnipperd. En het buitenlandbeleid van Westerse democratieën wordt ook nog eens geolied door grootschalige handel in wapens. De verwoesting, die al deze wapens kunnen aanrichten, zou onze planeet zonder meer onbewoonbaar voor ons maken en de Science and Security Board van het Bulletin of the Atomic Scientists heeft de klok daarom zo scherp op nagenoeg 12 uur gezet.
  2. In 2018 bleek dat halfweg deze eeuw de meeste atollen door de stijgende zeespiegel onbewoonbaar worden en dat alle koraalriffen in de wereld verdwenen zullen zijn. Daarbij worden ook nog eens door ons toedoen een miljoen dier- en plantensoorten met uitsterven bedreigd, waardoor ecosystemen uit evenwicht raken. Neem daar de catastrofale droogte, natuurbranden, overstromingen en stormen bij en het wordt duidelijk dat we niet langer clichés kunnen hanteren als de kanarie in de kolenmijn wanneer we over de klimaatproblematiek spreken. Ook daar dreigt voor ons een acuut gevaar.
  3. De publieke functies van de staat in Westerse democratieën zijn helemaal uitgehold en overgedragen aan woekeraars. Ondertussen hebben overheden zichzelf tandeloos gemaakt en hebben privé- en wetenschappelijke instellingen de civiele samenleving vercommercialiseerd. Hierdoor is het haast onmogelijk om in deze delen van de wereld nog sociale verandering teweeg te brengen. Het resultaat is een arbeidersklasse, die politiek geen been heeft om op te staan, en een schrijnende sociale ongelijkheid. Dankzij die zwakte bepalen miljardairs haast ongezien het beleid in de Westerse democratieën; er is voor wie geen macht heeft en wie niet rijk is een uitzichtloze situatie ontstaan. Stijgende hongercijfers en het nut van voedselbanken tonen aan dat ‘strijd om te overleven’ voor miljarden mensen het enige toekomstperspectief is. Dat is uitermate verontrustend en wat mij nòg meer schrik aanjaagt, is dat er in mainstreammedia geen enkele aandacht voor is, terwijl we dit allemaal zouden kùnnen weten.
  4. Met uitzondering van China en nog wat landen heeft het overgrote deel van de wereld te maken met een op hol geslagen virus, dat de gezondheid van mensen ernstig kan bedreigen. Regeringen in welvarende landen hebben het afgelopen jaar op dit vlak hun incompetentie aangetoond. Zij schoven op cynische wijze de wetenschappelijke protocollen van de VN-Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en andere wetenschappelijke organisaties terzijde en toonden daarmee aan dat ze egocentrisch en egoïstisch financiële korte termijnbelangen dienden en maling hebben aan de zwaksten in hun samenlevingen. Ook voeren zij nog eens een beleid van “vaccin-nationalisme”, waarbij ze potentiële vaccins hamsteren in plaats van een vaccin voor iedereen te doen ontwikkelen. Hun handelen is bij het criminele af en getuigt van vijandschap jegens andere volkeren.

Wat de mensheid nu nodig heeft, en wat hoop op een beter leven geeft, zijn:

Ontwapening (ad. 1),

Dat grote mogendheden zich eindelijk eens gaan scharen achter de aanpak van ‘gemeenschappelijke maar verschillende verantwoordelijkheden’ die op de VN-Conferentie voor Leefmilieu en Ontwikkeling van 1992 in Rio de Janeiro werd vastgelegd (ad. 2),

Dat landen niet langer worden beoordeeld op hun grondwet, die al te vaak een papieren werkelijkheid vertegenwoordigt, maar op hun (jaarlijkse) begroting (ad. 3),

Alsnog ondertekening van de Declaration on the Establishment of a New International Economic Order (1974) en

Mogelijk maken en nauwgezet erop toezien dat testen op covid-19, contactonderzoek en isolatie uitgevoerd worden, en als dat niet volstaat een tijdelijke lockdown opleggen. Waar de volksgezondheid in het geding is wetgeving over intellectuele eigendommen opheffen en universele vaccins tegen covid-19 doen ontwikkelen waar, zoals afgesproken in de WHO maar niet nagekomen, iedereen toegang toe heeft (ad. 4).

Mondiale problemen vereisen mondiale samenwerking (ad. 1, 2, 3, & 4).

Los van het uitsterven door klimaatrampen en nucleaire verwoesting mogen actuele fundamentele vraagstukken over de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen niet langer voor ons uit geschoven worden. Een robuust internationalisme is nodig om onmiddellijke en voldoende aandacht te schenken aan de gevaren voor onze totale uitroeiing: door een kernoorlog, door de klimaatcatastrofe, door sociale instorting en door ziekte. Doorgaan op de ingeslagen wegen is roekeloos.

Het machtsevenwicht om een klassenstrijd te voeren op het internationale toneel is sinds het vallen van de muur in Berlijn op 9 november 1989 verdwenen. Om overheden tot noodzakelijke verandering te dwingen is linksom of rechtsom een politieke dynamiek nodig, in het bijzonder in de Westerse landen en in de grotere staten in de ontwikkelende wereld zoals Brazilië, India, Indonesië en Zuid-Afrika. Deze uitdagingen mogen dan overweldigend zijn, ze kunnen ook niet uitgesteld worden. Het zou van domheid en wegkijken getuigen als we dit aan de kersverse president van de VS overlaten. In Nederland kunnen we in maart kiezen wie met welke opvattingen ons vertegenwoordigen in de Tweede Kamer. Ik ben benieuwd.

Bron: “Chomsky en Prashad: naast Covid-19 zijn er drie bedreigingen voor het leven op aarde die we moeten aanpakken in 2021” door Noam Chomsky, Vijay Prashad via Jules De Moor van de vertaaldesk van DeWereldMorgen op 18 januari 2021.

Over een strijkstok en toeval

Voor mijn huis staat een indrukwekkend beeld van Ganesha, die vanuit mijn tuin bij mij naar binnen kijkt. In het pantheon van het hindoeïsme is hij de bijzondere en bovennatuurlijke gestalte met het olifantenhoofd. Hij zou de beschermheilige van reizigers zijn, de god van kennis en wijsheid en hij zou hindernissen wegnemen. Afgezien van sympathie voor de vele feestdagen heb ik niets met het hindoeïsme.

Op mijn boekenkast kijkt een zittend beeldje van Sergamon Borgani vriendelijk mijn woonkamer in. Ìn diezelfde boekenkast staan twee stenen boekensteunen met afbeeldingen van vrolijke, dikke Borgani’s. En onder mijn televisie staat een beeld van het hoofd van Borgani op ware grootte. Deze Borgani zou volgens overleveringen rond 500 voor Chr. ‘complete en volledige verlichting’ bereikt hebben. Hij wordt daarom in het Sanskriet herinnerd als Gotama Boeddha. Het lijkt mij een religie met mooie kanten, dat boeddhisme, maar het roept ook teveel weerstand bij mij op om me erdoor te laten grijpen.

En dan hangt er ook nog een ‘mati’ in mijn woonkamer, op zo’n manier dat hij heel de kamer overziet. Dat ‘blauwe oog’ zou bescherming bieden tegen het boze oog. Dat laatste is een vloek, die hoofdpijn of algemene “pech” zou veroorzaken bij wie die vloek heeft ontvangen. Ook dat lijkt mij maar een raar verhaal.

Nee, ik doe met enige regelmaat aan ‘sazen op basis van soto-zen’, wat niets anders inhoudt dan 3x 25 minuten stil zitten en wat mij dan een vakantie in mijn hoofd oplevert. Tegenover dat hoofd van Borgani saas ik, met waxinelichtjes aan weerszijden van dat hoofd en een brandend stokje wierook, en bij aanvang en afsluiten van elke sessie buig ik dankbaar voor die Boeddha. Dat dan allemaal weer wel. Verder aan mijn lijf en in mijn leven geen polonaise.

Elders op deze blogpagina motiveer ik waarom ik mijn religieuze zienswijze schaar onder het ‘agnostisch theïsme’: er gebeurt in het dagelijks leven veel waar geen verklaring voor lijkt te zijn, maar ik zal mij nooit achter een godsdienst, ideologie, inspirator of overtuiging van een ander verschuilen. Ik neem persoonlijke verantwoordelijkheid voor alles wat ik doe en nalaat*.

Maar toch, hè… Vanmorgen bleek het mechaniek van mijn strijkstok defect. Ik kon dus niet op mijn cello spelen. Ik berichtte degene, met wie ik later vandaag muziek zou maken, dat ik dat pas weer kan doen wanneer mijn strijkstok gemaakt is. Hij kwam toch op het afgesproken tijdstip met nota bene twee strijkstokken, die ik kon lenen. Was dit de kracht van een van de Boeddha’s? Van Ganesha? Van mati? Of was dit toeval (ik heb dan wel bijzonder vaak dergelijk geluk)?

* Zie ‘Over mij’ voor meer daarover.

Zijn wij goede voorouders?

In meer of mindere mate zijn veel mensen geïnteresseerd in de geschiedenis van het dorp of de stad waar zij wonen of van de regio waar zij tijdens een vakantie verblijven, en bij veel mensen boezemt de vondst van Neanderthaler-botten en bewaard gebleven lichamen van inmiddels duistere tijden hen (en mij) ontzag in. Toen ik me bijna 10 jaar geleden in Maartensdijk vestigde heb ik ook al snel “Maartensdijk; Geschiedenis en architectuur” (2000) door Michiel Kruidenier en Joost van der Spek gelezen. Daardoor denk ik een en ander te begrijpen van wat er in mijn woonomgeving te zien is. En op deze blogsite heb ik zelfs onlangs nog een verhaal geschreven naar aanleiding van de vondst van 10.000 jaar oude voetstap-afdrukken in de huidige staat Nieuw Mexico in de Verenigde Staten van Amerika. Dat was op 21 oktober jl..

Wij zijn hoe dan ook de erfgenamen van schenkingen uit het verleden. Denk maar aan de immense nalatenschap van onze voorouders: zij deden in de tijd dat die voetstap-afdrukken gemaakt werden al hun eerste wetenschappelijke ontdekkingen, onze voorouders leerden gebruiksvoorwerpen en vuur te maken, legden waterwegen aan, ontgonnen land, ontwikkelden ideeën over recht en onrecht, vonden een taal uit met abstracte begrippen, het schrift en de boekdrukkunst, waardoor reeds voor onze geboorte onze inzichten en kennis ongeëvenaarde proporties aannamen. Zij schiepen de grote kunstwerken waarvan sommige aan ons overgeleverd zijn, ze stichtten nogal eens de steden waar wij nu nog altijd wonen en zij strooiden de eerste zaden uit, eerst in Mesopotamië en later overal waar zij woonden.

Dit roept de vraag op hoe onze nakomelingen over 10.000 jaar mogelijk zullen terugkijken op ons doen en laten in wat wij nu de 20ste en 21ste eeuw noemen. Zijn wij goede voorouders?

(Inspiratie-)bron: “De vooruitkijkende Samaritaan; over de tirannie van het nu” door Roman Krznaric in De Groene Amsterdammer van 6 januari 2021.

Het verhaal van 10.000 geleden is gemakkelijk te vinden door hiernaast in de categoriewolk op “Proza en/of poëzie” te klikken. Het is dan het eerste verhaal dat verschijnt en heeft de titel: “Een wandeltocht van even geleden”.